De EU in 2017
Wilt u weten wat de Europese Unie heeft bereikt in 2017, het jaar waarin het zestigjarig jubileum van de Verdragen van Rome is gevierd? In het Algemeen Verslag leest u hoe de EU aan haar tien prioriteiten heeft gewerkt en hoe ze bijvoorbeeld de economie en de werkgelegenheid heeft bevorderd en handelsovereenkomsten met Canada en Japan heeft gesloten. Ook wordt erin beschreven hoe de EU de migratie-uitdagingen aanpakt en hoe ze samenwerkt op het gebied van defensie en veiligheid. Het debat over de toekomst van Europa, waarbij al tienduizenden burgers betrokken zijn, komt eveneens aan de orde, net als de grote stap die is gezet om de sociale rechten veilig te stellen en te verbeteren.
Voorwoord
Voorzitter van de Europese Commissie
Jean-Claude Juncker
2017 was een belangrijk jaar voor de Europese Unie. Het was het jaar waarin wij de zestigste verjaardag van de Verdragen van Rome vierden. Het was een jaar om na te denken over hoeveel er in de afgelopen zestig jaar is veranderd: onze Unie is nu groter, sterker en diverser dan in 1957.
2017 was ook het jaar waarin we nogmaals hebben verklaard waar we gezamenlijk voor staan. De waarden en idealen waarop onze Unie is gebouwd, blijven het kloppende hart van het Europa van vandaag. Vrijheid, democratie, gelijkheid, eerbiediging van de menselijke waardigheid en de rechtsstaat: dat is wat ons verenigt en beschermt.
We hebben de afgelopen paar jaar veel bereikt. We zijn bezig alle tien prioriteiten te verwezenlijken die door de Commissie zijn vastgesteld en door het Europees Parlement en de lidstaten zijn goedgekeurd. Zo vervullen we de taak die de Europese burgers ons en het Parlement hebben toevertrouwd bij de Europese verkiezingen in 2014. Dit verslag geeft een overzicht van de vooruitgang die we in 2017 hebben geboekt.
Volgens de Onderzoeksdienst van het Europees Parlement heeft deze Commissie, drie jaar na haar aantreden, 80 % van de aangekondigde initiatieven ingediend. Op sommige prioritaire terreinen, zoals de digitale eengemaakte markt, ligt dit cijfer zelfs op 94 %, wat betekent dat vrijwel alle initiatieven die oorspronkelijk waren aangekondigd, inmiddels zijn gepresenteerd.
Al voor het vijfde jaar beleven we een periode van economisch herstel, waar elke lidstaat van profiteert. In 2016 en 2017 groeide onze economie sneller dan die van de Verenigde Staten en Japan. De werkgelegenheid bevindt zich op recordhoogte, de werkloosheid op het laagste peil in negen jaar. Het investeringsplan voor Europa heeft al meer dan 256 miljard euro aan nieuwe investeringen gegenereerd en meer dan 300 000 nieuwe banen gecreëerd. Ik ben zeer verheugd dat het Europees Parlement en de lidstaten zijn overeengekomen het Europees Fonds voor strategische investeringen te verlengen tot 2020 en het investeringsstreefcijfer uit te breiden tot ten minste 500 miljard euro.
Ik heb beloofd dat we groot zouden zijn bij grote zaken en klein bij kleine zaken. We hebben daarom de hoeveelheid nieuwe wetgeving drastisch teruggedrongen: van meer dan 100 belangrijke initiatieven per jaar bij de vorige Commissies tot slechts 21 in 2017. We hebben ons geconcentreerd op concrete maatregelen die het leven van de mensen verbeteren, zoals de afschaffing van de roamingkosten, zodat mensen niet langer extra hoeven te betalen om te sms’en, te bellen of internet te gebruiken als zij binnen de EU reizen.
We zijn beter opgewassen tegen nieuwe migratie- en veiligheidsproblemen dankzij de nieuwe Europese grens- en kustwacht die patrouilleert in Griekenland, Italië, Bulgarije en Spanje. We proberen de diepere oorzaken van migratie aan te pakken en mensen te helpen een betere toekomst op te bouwen in hun eigen land. Tegelijkertijd blijft solidariteit een essentieel onderdeel van het migratiebeleid van de EU. Europa zal wie echt bescherming nodig heeft, nooit de rug toekeren.
In mei 2018 wordt de eerste EU-wetgeving inzake cyberbeveiliging ingevoerd om onze netwerken te beschermen en onze informatiesystemen veilig te houden. Europa stimuleert wereldwijde actie en geeft de wereld het goede voorbeeld bij de uitvoering van de Klimaatovereenkomst van Parijs.
We hebben ook beloften ingelost die voor velen al bij het begin van ons mandaat ondenkbaar waren. Niet minder dan 25 lidstaten hebben zich opgegeven voor permanente gestructureerde samenwerking op het gebied van defensie en veiligheid — een stap voorwaarts om Europa veel sterker en veiliger te maken. Toen ik dit in 2014 als pas gekozen voorzitter voorstelde, klonk dat voor velen slechts als een sprookje. Maar het is nu realiteit en toont aan wat met eenheid en ambitie kan worden bereikt.
Hetzelfde geldt voor onze zestigjarige belofte van sociale rechtvaardigheid en vooruitgang. In november hebben de staatshoofden en regeringsleiders van de EU deelgenomen aan een sociale top in Göteborg om het te hebben over gemeenschappelijke uitdagingen, en om een schat aan ervaringen uit te wisselen. Op die top hebben wij de Europese pijler van sociale rechten afgekondigd om onze belofte gestand te doen om te strijden voor gelijkheid en betere levens- en arbeidsomstandigheden.
Wij hadden ook de moed te handelen naar onze overtuigingen wanneer het ging om vrije en eerlijke handel. Dankzij de economische partnerschapsovereenkomst met Japan kan onze totale uitvoer naar dat land met meer dan een derde toenemen en kunnen ondernemingen in de EU 1 miljard euro aan douanerechten besparen. Onze handelsovereenkomst met Canada zal bedrijven in de EU jaarlijks bijna 600 miljoen euro besparen. Met ons voorstel inzake doorlichting van investeringen en de modernisering van onze handelsbeschermingsinstrumenten hebben we echter ook laten zien dat we geen naïeve voorstanders zijn van vrije handel.
Dit alles wijst erop dat de Europese Unie in 2017 weer echt de wind in de zeilen had, waardoor we aan vertrouwen en trots hebben gewonnen. Dat bleek ook duidelijk toen we eer betuigden aan degenen die zich hun hele leven hebben ingezet voor onze gedeelde waarden en de vrede. In juli vond in het Europees Parlement in Straatsburg de allereerste Europese afscheidsceremonie plaats, voor Helmut Kohl, Ereburger van Europa.
In mijn ogen kunnen we echter Helmut Kohl, Simone Veil en alle andere grote Europeanen die het pad hebben geëffend voor het Europa van vandaag, het beste eer betuigen door onze kinderen een betere Unie na te laten, net zoals onze ouders en grootouders dat voor ons hebben gedaan.
Het was in die geest dat we in maart het Witboek over de toekomst van Europa hebben gepubliceerd. Het idee was de aanzet te geven tot een open en eerlijk debat over onze toekomst door te schetsen hoe de Unie tussen nu en 2025 zal evolueren, afhankelijk van de keuzes die we vandaag maken. We hebben dit debat gevoerd met mensen in 27 lidstaten via meer dan 300 burgerdialogen en miljoenen mensen bereikt via sociale media. De boodschap was duidelijk dat Europa zijn toekomst in eigen handen moet nemen, zich moet concentreren op de belangrijkste dingen en die moet realiseren voor zijn burgers.
Met dit voor ogen heb ik in september, tijdens mijn Staat van de Unie-toespraak, mijn visie gegeven op een sterkere, democratischere en hechtere Unie. Ik wil een Unie van gelijken; een Unie die zich richt op de zaken die het belangrijkst zijn; een Unie die hoop, stabiliteit, rechtvaardigheid en kansen biedt voor iedereen.
Die toekomst kan niet abstract blijven. We moeten er vandaag aan beginnen te bouwen. Daarom heb ik ook een duidelijke routekaart opgesteld om de koers aan te geven tot de bijeenkomst van de 27 Europese leiders op de speciale top in het Roemeense Sibiu, op 9 mei 2019, waar we het fundament zullen leggen voor onze gezamenlijke toekomst na de brexit.
De eerste stappen hebben we al gezet door in december belangrijke voorstellen te doen om onze Economische en Monetaire Unie te versterken en een economie te creëren die veiligheid en kansen biedt voor iedereen. Van een nieuw Europees Monetair Fonds en een specifiek begrotingsonderdeel voor de eurozone tot een nieuwe Europese minister van Economische Zaken en Financiën, onze voorstellen zijn een middel om een doel te bereiken: zorgen voor werkgelegenheid, groei en investeringen.
Op weg naar Sibiu moeten we ervoor zorgen dat Europa verenigd blijft. Dit jaar heeft aangetoond dat Europa meer is dan enkel een eengemaakte markt, meer dan een eenheidsmunt, meer dan een aantal instellingen en verdragen. Europa is een Unie van mensen en gemeenschappelijke culturen. Het is dat rijke mozaïek van culturen en hun erfgoed dat we in 2018 vieren in het kader van het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed, waarvoor in december in Milaan het startsein werd gegeven.
Dit is het Europa waarvoor we in 2018 zullen blijven vechten.
Jean-Claude Juncker
HOOFDSTUK 1
Een nieuwe impuls voor banen, groei en investeringen
„Als voorzitter van de Commissie zal ik de hoogste prioriteit geven aan het versterken van het concurrentievermogen van Europa en het stimuleren van de investeringen die voor banen moeten zorgen.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/Rawpixel
Tegen de achtergrond van al met al positieve economische ontwikkelingen bleef het stimuleren van groei en werkgelegenheid de kernprioriteit voor de EU in 2017. Om de economische en financiële crisis volledig achter ons te laten, bestond de uitdaging erin de EU veerkrachtiger en concurrerender te maken en er tegelijkertijd voor te zorgen dat nieuwe kansen werden gecreëerd voor degenen die het zwaarst door de crisis waren getroffen. Daarom moest het juiste evenwicht worden gevonden tussen houdbare overheidsfinanciën enerzijds en een begrotingskoers die het herstel kan helpen versterken, anderzijds.
De inspanningen bleven erop gericht de duidelijk toenemende werkgelegenheid te ondersteunen. Dit leidde in november tot een voor seizoensinvloeden gecorrigeerd werkloosheidspercentage van 8,7 % in de eurozone, het laagste peil sinds januari 2009.
Via het Europees Fonds voor strategische investeringen (de eerste pijler van het investeringsplan voor Europa) werd al meer dan 256 miljard euro beschikbaar gesteld voor nieuwe investeringen in de hele EU, wat meer dan 300 000 extra banen heeft opgeleverd. Op basis van de projecten die in 2015 en 2016 zijn goedgekeurd, zal het Fonds tussen nu en 2020 voor 700 000 nieuwe banen zorgen en het bruto binnenlands product van de EU met 0,7 % verhogen. Gezien het succes van het Fonds heeft Jean-Claude Juncker, de voorzitter van de Europese Commissie, voorgesteld het uit te breiden.
In december is afgesproken de doelstelling van het Europees Fonds voor strategische investeringen te verhogen tot ten minste 500 miljard euro tijdens een nieuwe looptijd tot eind 2020. Dit is heel wat meer dan de oorspronkelijke doelstelling van 315 miljard euro aan nieuwe investeringen. In november hebben het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie de Europese pijler van sociale rechten afgekondigd, die als kompas zal dienen voor het sociaal beleid en het werkgelegenheidsbeleid, en als referentiekader voor het meten van de prestaties van de lidstaten.
Het hele jaar door heeft de EU nationale inspanningen op gebieden als steun aan kleine en middelgrote ondernemingen, onderwijs, onderzoek en innovatie, regionaal beleid, vervoer, werkgelegenheid, milieu, landbouw en visserij ondersteund om de economie van de EU verder te stimuleren.
Het investeringsplan voor Europa
In 2015 heeft de Europese Commissie, samen met de Europese Investeringsbank, het investeringsplan voor Europa opgezet. Dit omvat het Europees Fonds voor strategische investeringen, dat bij de oprichting ervan beschikte over 21 miljard euro aan EU-middelen en dat voornamelijk particuliere investeringen moet aantrekken. Volgens de vooruitzichten zullen er tussen nu en 2020 dankzij de in 2015 en 2016 goedgekeurde investeringen 700 000 extra banen worden gecreëerd en zal het bruto binnenlands product van de EU met 0,7 % toenemen. Zelfs in sectoren en regio’s die tien jaar geleden hard werden getroffen door de crisis, zorgt strategisch investeren dus voor meer banen en groei in de hele Europese Unie. Naar aanleiding van het beginselakkoord dat het Europees Parlement en de lidstaten in september hebben bereikt, stemde het Parlement in december voor de vaststelling van een verordening tot uitbreiding en versterking van het Europees Fonds voor strategische investeringen. Het tijdschema van het nieuwe en verbeterde Europees Fonds voor strategische investeringen 2.0 is verlengd van medio 2018 tot eind 2020 en de investeringsdoelstelling ervan is verhoogd van 315 miljard euro tot ten minste 500 miljard euro.
WAT IS ER NIEUW AAN HET EUROPEES FONDS VOOR STRATEGISCHE INVESTERINGEN 2.0?

In 2017 was het Fonds nog steeds goed op weg om tegen medio 2018 te zorgen voor minstens 315 miljard euro aan extra investeringen in de reële economie. Het Fonds was actief in alle 28 lidstaten en zou eind 2017 al investeringen voor in totaal ongeveer 256 miljard euro hebben gegenereerd.
Aan het eind van het jaar waren in het kader van het Fonds 357 infrastructuur- en innovatieprojecten goedgekeurd met een totale financiering van 39,2 miljard euro. Daarnaast waren 347 financieringsovereenkomsten voor kleine en middelgrote ondernemingen goedgekeurd, samen goed voor 11,9 miljard euro. Ongeveer 539 000 van dergelijke ondernemingen zullen hier naar verwachting baat bij hebben.
Bovendien werd via de Europese investeringsadvieshub de adviserende steun voor projectontwikkeling en -voorbereiding versterkt en kregen projecten die op zoek waren naar financiering, de nodige zichtbaarheid op het Europees investeringsprojectenportaal.
NIEUWE SECTOREN DIE IN AANMERKING KOMEN VOOR STEUN UIT HET EUROPEES FONDS VOOR STRATEGISCHE INVESTERINGEN 2.0

Er werden ook concrete maatregelen genomen om het ondernemingsklimaat te verbeteren en de eengemaakte markt verder te versterken. Op EU-niveau ging het onder meer om initiatieven zoals de strategie voor de eengemaakte markt, de kapitaalmarktenunie, de digitale eengemaakte markt, de energie-unie en het actieplan voor de circulaire economie. In het kader van het Europees Semester heeft de Commissie ook bijzondere aandacht besteed aan het in kaart brengen van de problemen waar investeerders in de lidstaten mee te maken hebben, en aan de prioritaire hervormingen om deze te verhelpen. Dit komt duidelijk tot uitdrukking in de landspecifieke aanbevelingen voor 27 lidstaten die de Raad op 11 juli 2017 heeft goedgekeurd.
Gezien het succes van het investeringsplan en na het voorstel van september 2016 om de looptijd en financiering ervan uit te breiden, zijn het Parlement en de Raad in december overeengekomen de doelstelling van het Europees Fonds voor strategische investeringen te verhogen tot ten minste 500 miljard euro en de looptijd te verlengen tot eind 2020.
Dankzij de succesvolle afronding van de onderhandelingen over een herziening van het Financieel Reglement eind 2017 zijn programma’s en fondsen beter op elkaar afgestemd, met eenvoudigere regels voor het combineren van de Europese structuur- en investeringsfondsen en het Europees Fonds voor strategische investeringen. Dit maakt het tevens mogelijk subsidies en financiële instrumenten te combineren in het kader van de financieringsfaciliteit voor Europese verbindingen.
Het investeringsplan in de reële economie
Het Europees Fonds voor strategische investeringen ondersteunt investeringen in strategisch belangrijke sectoren voor de economie van de EU, zoals energie, vervoer, digitale technologieën, onderzoek, ontwikkeling en innovatie, milieu en hulpbronnenefficiëntie, sociale infrastructuur en kleine ondernemingen. Daaronder vallen ook investeringen in sociaal ondernemerschap, sociale gevolgen en sociale innovatie. Zo heeft de Europese Investeringsbank via het Fonds 14 centra voor eerstelijnszorg in Ierland en de bouw van een nieuwe campus voor de Nova School of Business and Economics in Portugal gefinancierd. Bovendien heeft het Fonds, in het kader van de doelstelling voor kleine en middelgrote ondernemingen, 10 miljoen euro geïnvesteerd in een regeling voor prestatiebeloningen in Finland die de integratie van vluchtelingen en migranten op de arbeidsmarkt bevordert.
Economisch en begrotingsbeleid
Het economisch beleid in de EU wordt gecoördineerd door middel van een jaarlijkse cyclus die bekendstaat als het Europees Semester. Deze wordt aan het eind van elk jaar gelanceerd, samen met onder meer de bekendmaking van de jaarlijkse groeianalyse en een voorstel voor een aanbeveling over het economisch beleid van de eurozone.
VOORUITGANG BIJ DE BESTRIJDING VAN DE WERKLOOSHEID IN DE EU

In februari zijn de landverslagen voor 2017 gepubliceerd. Daarin worden de economische en sociale uitdagingen in alle EU-lidstaten, behalve Griekenland, geanalyseerd. De analyse omvat ook een beoordeling van de macro-economische onevenwichtigheden en een verslag over de nationale maatregelen ter uitvoering van het Verdrag inzake stabiliteit, coördinatie en bestuur in de Economische en Monetaire Unie, op grond waarvan de nationale begrotingen van 22 van de 25 ondertekenende lidstaten die hebben aanvaard om daardoor gebonden te zijn, in evenwicht moeten zijn of een overschot moeten vertonen. De verslagen vormden de basis voor besprekingen met de lidstaten over hun beleidskeuzes voorafgaande aan hun nationale hervormingsprogramma’s en hun begrotingsplannen op middellange termijn. Op basis van deze verslagen heeft de Commissie in het late voorjaar haar voorstellen voor landspecifieke aanbevelingen geformuleerd en aan de Raad voorgelegd.
Aan de hand van deze aanbevelingen stelt de Raad richtsnoeren op voor de lidstaten over manieren om de werkgelegenheid en de groei te stimuleren. De aanbevelingen bouwen voort op de bevinding dat de lidstaten vorderingen hebben gemaakt bij de uitvoering van de afzonderlijke beleidsrichtsnoeren die ze in 2016 hebben gekregen omtrent de „heilzame driehoek”: meer investeringen, structurele hervormingen en een gezond begrotingsbeleid. Bovendien bedroeg de werkloosheid in de EU als geheel in november 7,3 % — de laagste waarde sinds oktober 2008 (tijdens het mandaat van de Commissie-Juncker zijn bijna 9 miljoen banen gecreëerd). Volgens gegevens van 21 december waren in de EU op dat moment 236 miljoen mensen aan het werk, meer dan ooit tevoren. De lidstaten werd verzocht de kansen te benutten van het economisch herstel, dat zijn vijfde jaar heeft ingezet.
De prioriteiten zijn overal in de EU verschillend, maar er is veel belang gehecht aan inspanningen over de hele linie voor meer inclusieve, robuuste en duurzame groei. Daarbij is onder andere bijzondere aandacht besteed aan de sociale prioriteiten en uitdagingen in de lidstaten. In november hebben de voorzitters van het Europees Parlement, de Raad van de Europese Unie en de Europese Commissie de Europese pijler van sociale rechten afgekondigd, die, uitgaande van twintig beginselen, zal dienen als kompas voor de beleidsvorming en als referentiekader voor het meten van de prestaties van de lidstaten op het vlak van werkgelegenheid en sociale zaken.
Op begrotingsvlak is in de aanbevelingen van de Commissie aan de Raad in mei bevestigd dat het stabiliteits- en groeipact slim en flexibel wordt toegepast. Bij de beoordeling van de begrotingsplannen van de lidstaten op middellange termijn is rekening gehouden met specifieke uitgaven in verband met structurele hervormingen en ongewone gebeurtenissen waarop de overheid geen vat heeft, zoals de vluchtelingencrisis en terrorismebestrijding. Op basis van de aanbevelingen van de Commissie heeft de Raad de buitensporigtekortprocedure afgesloten voor Kroatië en Portugal (juni), voor Griekenland (september) en voor het Verenigd Koninkrijk (december). In 2017 zijn dus nieuwe vorderingen gemaakt op dat gebied, waardoor nog slechts 2 lidstaten met een buitensporig tekort kampen, tegenover 24 in 2011.
Specifiek voor de eurozone pleitte de Commissie in november voor een vrijwel neutraal begrotingsbeleid en een evenwichtige beleidsmix. Dit behelst een beleid dat duurzame en inclusieve groei ondersteunt en de veerkracht, het evenwichtsherstel en de convergentie verbetert. Bovendien beval de Commissie aan om aanzienlijke vooruitgang te boeken bij het voltooien van de eengemaakte markt, met name wat betreft diensten, zoals financiële, energie- en vervoersdiensten en diensten op het vlak van digitale handel. Gezien de gunstige conjunctuur dienen alle lidstaten prioriteit te geven aan hervormingen die de productiviteit en het groeipotentieel vergroten, het institutionele kader en het ondernemingsklimaat verbeteren, knelpunten voor investeringen wegwerken, hoogwaardige banen scheppen en ongelijkheid terugdringen.
De Commissie beval ook aan dat lidstaten met tekorten op de lopende rekening of een hoge buitenlandse schuld moeten proberen de loonkosten per eenheid in de hand te houden. Lidstaten met een groot overschot op de lopende rekening dienen loongroei te stimuleren en voorrang te verlenen aan maatregelen die investeringen bevorderen, de binnenlandse vraag ondersteunen en het herstel van het evenwicht in de eurozone stimuleren.
De Commissie beoordeelde eveneens of de ontwerpbegrotingsplannen voor 2018 van de lidstaten van de eurozone in overeenstemming waren met het stabiliteits- en groeipact.
Wat het toezicht op mogelijke macro-economische onevenwichtigheden betreft, concludeerde de Commissie dat twaalf lidstaten (Bulgarije, Duitsland, Ierland, Spanje, Frankrijk, Kroatië, Italië, Cyprus, Nederland, Portugal, Slovenië en Zweden) in 2018 diepgaand zullen worden geëvalueerd om na te gaan of deze al dan niet buitensporige onevenwichtigheden nog steeds bestaan. Het gaat om de lidstaten waar in de vorige ronde van de procedure onevenwichtigheden zijn geconstateerd. De Commissie zal de resultaten van die diepgaande evaluaties begin 2018 presenteren in haar jaarlijkse landverslagen. De economische expansie zorgt er mede voor dat de bestaande onevenwichtigheden worden gecorrigeerd, aangezien zij de huidige daling in de binnen- en buitenlandse schuld ondersteunt, een aantal aanhoudende problemen in de financiële sector verlicht en de situatie op de arbeidsmarkt verbetert. Landen met een netto buitenlandse schuld hebben verdere inspanningen geleverd om de externe onevenwichtigheden aan te pakken, en de arbeidsmarkten en groeiomstandigheden zijn in het algemeen verder verbeterd. Er is vastgehouden aan een beperkter aantal categorieën bij de aanpak van de onevenwichtigheden, met de nadruk op werkgelegenheid en sociale overwegingen.
In juni heeft het Europees Begrotingscomité zijn eerste advies uitgebracht over de algehele koers van het begrotingsbeleid in de eurozone. Het comité is onafhankelijk en bestaat uit specialisten die benoemd worden na overleg met de lidstaten, de nationale begrotingsraden en de Europese Centrale Bank.
Het comité was van oordeel dat een neutraal begrotingsbeleid voor de eurozone in haar geheel passend zou zijn in 2018, en dat dit zou kunnen worden uitgevoerd door middel van gedifferentieerde nationale begrotingsmaatregelen binnen de parameters van het stabiliteits- en groeipact. Het comité was ook van oordeel dat regeringen een herschikking van de overheidsuitgaven zouden moeten nastreven om de investeringsuitgaven te verhogen, die ernstig waren ingeperkt door de opeenvolgende consolidatie-inspanningen in de nasleep van de financiële en economische crisis.
In november heeft het Europees Begrotingscomité zijn eerste jaarverslag gepubliceerd. Het bevat een onafhankelijke beoordeling van de wijze waarop het begrotingskader van de EU is uitgevoerd, en van de geschiktheid van de huidige begrotingskoers in de eurozone en op nationaal niveau. In het jaarverslag is vooral gekeken naar 2016 (de laatste volledige toezichtscyclus); de conclusie luidt dat er bij de uitvoering van het stabiliteits- en groeipact, in een zeer moeilijke economische context, sprake was van enkele onvolkomenheden, maar niet van grove fouten. Het begrotingsbeleid heeft het herstel in de eurozone als geheel in zekere mate ondersteund. Vanuit het perspectief van de eurozone echter was het begrotingsbeleid in sommige lidstaten restrictiever en in andere minder streng dan nodig. Op basis van zijn beoordeling heeft het comité ook een aantal voorstellen gedaan om het stabiliteits- en groeipact te verbeteren.
In 2017 is de Europese Centrale Bank haar hoofddoelstelling blijven nastreven, namelijk de prijzen stabiel en de koers van de euro op peil houden. Stabiele prijzen zijn van essentieel belang voor de economische groei en het scheppen van banen, en daarvoor zorgen is de belangrijkste bijdrage die het monetaire beleid kan leveren op dat gebied. De Europese Centrale Bank en het Europees stabiliteitsmechanisme hebben ook deelgenomen aan de regelmatige controlebezoeken in de lidstaten in het kader van postprogrammasteun.
De kapitaalmarktenunie voltooien
De kapitaalmarktenunie is een kernprioriteit van het investeringsplan voor Europa en omvat een combinatie van regelgevende en niet-regelgevende hervormingen waardoor spaargeld en investeringen elkaar vlotter moeten kunnen vinden. De bedoeling is het financiële stelsel van de EU te versterken door alternatieve financieringsbronnen aan te bieden en meer kansen te creëren voor kleine en institutionele beleggers. Voor met name kleine en middelgrote ondernemingen en start-ups zal de kapitaalmarktenunie meer financieringsmogelijkheden bieden, zoals betere toegang tot risicokapitaal en de kapitaalmarkten. Er wordt sterk de nadruk gelegd op duurzame financiering, nu de financiële sector duurzaamheidsbewuste investeerders begint te helpen bij het vinden van geschikte projecten en ondernemingen.
WIE HEEFT VOORDEEL BIJ DE KAPITAALMARKTENUNIE?

Ongeveer twee derde van de 33 maatregelen van het project inzake de kapitaalmarktenunie is gerealiseerd. Daaronder viel een grondige herziening van de regels voor beleggingsondernemingen. Kleinere beleggingsondernemingen zullen profiteren van eenvoudigere vereisten die meer in overeenstemming zijn met hun risicoprofiel. Tegelijkertijd moeten grotere ondernemingen die vergelijkbare risico’s lopen als banken, op dezelfde manier worden gereguleerd en gecontroleerd als banken. Dit zal het voor alle beleggingsondernemingen gemakkelijker maken om spaargeld van consumenten en beleggers enerzijds en ondernemingen anderzijds bij elkaar te brengen. De nieuwe regels zullen voor goed functionerende kapitaalmarkten en financiële stabiliteit zorgen.
Nieuwe maatregelen in de toekomst omvatten: een pan-Europees persoonlijk pensioenproduct om mensen te helpen hun pensioen te financieren en meer spaargeld in de kapitaalmarkten te injecteren; verdere inspanningen voor een sterker toezichtskader voor geïntegreerde kapitaalmarkten; een herziening van de regels voor de categorisering van kleine en middelgrote ondernemingen; het potentieel van de fintechsector benutten; een heroriëntering van investeringen ter ondersteuning van de overgang naar een koolstofarme, zuinigere en meer circulaire economie.
De EU als handelspartner
Zoals in de in mei 2017 gepubliceerde discussienota over het benutten van de mondialisering is aangegeven, zet de EU zich in voor een open, op regels gebaseerd en fair multilateraal handelsstelsel dat de basis legt voor onze welvaart en van essentieel belang is om ervoor te zorgen dat handel wereldwijd een positieve kracht wordt. In zijn jaarlijkse de Staat van de Unie-toespraak heeft Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, een nieuw kader voor de screening van buitenlandse investeringen voorgesteld, dat moet zorgen voor meer transparantie en samenwerking tussen de lidstaten. De EU heeft ook nieuwe uitvoermarkten aangeboord door met een aantal partners handelsbesprekingen te starten. Met name twee handelsovereenkomsten zullen een impuls geven aan de werkgelegenheid, groei en investeringen. De EU en Japan hebben de onderhandelingen over een economische partnerschapsovereenkomst afgerond, en de EU en Canada zijn gestart met de voorlopige toepassing van hun Brede Economische en Handelsovereenkomst. Zie hoofdstuk 6 voor meer informatie over ontwikkelingen in het handelsbeleid in 2017.
Eerlijke mededinging bevorderen voor meer groei en investeringen
Het mededingingsbeleid van de EU en de handhaving ervan tonen aan dat alle ondernemingen welkom zijn om te investeren in en zaken te doen op de eengemaakte markt, zolang dat volgens de regels gebeurt. Het hele jaar door is de EU de mededingingsregels blijven handhaven in het belang van bedrijven en burgers.
In maart zijn nieuwe regels en instrumenten voorgesteld waarmee de mededingingsautoriteiten van de lidstaten de antitrustregels van de EU nog doeltreffender kunnen handhaven. In mei zijn vereenvoudigde regels goedgekeurd, zodat voorafgaande kennisgeving in het kader van de staatssteunregels niet langer nodig is voor bepaalde vormen van overheidssteun voor havens, luchthavens, cultuur en de ultraperifere gebieden in de EU. Dankzij de nieuwe regels kunnen overheden gemakkelijker investeren in het scheppen van banen en groei, maar blijft de mededinging behouden.
Gedurende het jaar heeft de Commissie 338 fusiebesluiten vastgesteld, 4 antitrustbesluiten, 7 kartelbesluiten en 263 staatssteunbesluiten, wat aanzienlijke voordelen heeft opgeleverd voor de EU-consument en de groei heeft gestimuleerd. Zij heeft voor in totaal 4,398 miljard euro aan boetes opgelegd aan bedrijven die de EU-mededingingsregels bleken te overtreden, en de betrokken lidstaten opgedragen naar schatting 618,6 miljoen euro aan onrechtmatige en onverenigbare steun terug te vorderen van begunstigde ondernemingen.
Om de economische activiteit binnen de EU te stimuleren, zijn invoerrechten voor grondstoffen, halffabricaten en onderdelen opgeschort voor een totaalbedrag van meer dan 1,2 miljard euro. Met deze maatregel werd ook beoogd het concurrentievermogen van de verwerkende industrie in de EU te verbeteren en het bedrijfsleven de mogelijkheid te bieden werkgelegenheid te behouden of te creëren en zijn structuren te moderniseren.
Frans Timmermans, eerste vicevoorzitter van de Commissie, op de Stakeholdersconferentie over de circulaire economie, Brussel, 9 maart 2017.
Duurzame groei om banen te scheppen en het milieu te beschermen
De overgang naar een meer circulaire economie met efficiënter gebruik van hulpbronnen, zoals energie, en minder afval, biedt grote kansen voor mensen en bedrijven in de hele Europese Unie.
De EU heeft vorderingen gemaakt met de uitvoering van het pakket circulaire economie uit 2015. Als bijdrage om de cirkel van ontwerp, productie, consumptie en afvalbeheer rond te maken, hebben de Commissie en de Europese Investeringsbank samen een ondersteuningsplatform voor financiering op het gebied van de circulaire economie opgericht, dat investeringen in innovatieve, circulaire oplossingen moet stimuleren. De Commissie formuleerde in het pakket ook richtsnoeren voor de lidstaten voor het creëren van energie uit afval, en voorstellen om de beperking van het gebruik van bepaalde gevaarlijke stoffen in elektrische en elektronische apparatuur in de wetgeving op te nemen. Verwacht wordt dat dankzij de maatregelen het ontstaan van meer dan 3 000 ton gevaarlijk afval per jaar in de EU zal worden voorkomen en dat kan worden bespaard op energie en grondstoffen. In de gezondheidssector alleen al kan naar schatting 170 miljoen euro worden bespaard door de aan- en verkoop van gebruikte medische apparatuur door ziekenhuizen toe te staan.
De hoeksteen van het pakket is de voorlopige overeenkomst die het Parlement en de Raad hebben bereikt over wetgevingsvoorstellen inzake afval, waarin ambitieuze maar realistische doelstellingen worden gesteld voor afvalbeperking en recyclage tot 2035.
Verdere ondersteuning van de EU-lidstaten
In mei is het steunprogramma voor structurele hervormingen opgezet, dat beschikt over een budget van 142,8 miljoen euro voor de periode 2017-2020. Op verzoek van de lidstaten financiert het programma technische ondersteuning op maat om hen te helpen met hun hervormingsplannen op belangrijke gebieden. De Commissie verstrekt via het programma gerichte steun waarmee de lidstaten beter uitgerust worden om hervormingen die ze noodzakelijk achten om hun economieën concurrerender en investeringsvriendelijker te maken, te ontwerpen en uit te voeren. Deze technische steun omvat hervormingen op het gebied van bestuur en overheidsdiensten, beheer van overheidsfinanciën, ondernemingsklimaat, arbeidsmarkten, onderwijs, gezondheid en sociale voorzieningen, de financiële sector en toegang tot financiering. De steun is beschikbaar voor alle EU-lidstaten, is vraaggestuurd en heeft geen medefinanciering nodig.
Het programma wordt uitgevoerd door de Ondersteuningsdienst voor structurele hervormingen, in samenwerking met andere bevoegde diensten van de Commissie. Tot dusver heeft de dienst met 15 lidstaten afgesproken om meer dan 150 projecten uit te voeren. In het kader van de cyclus voor 2018 heeft de dienst meer dan 400 steunverzoeken van meer dan 20 lidstaten ontvangen, met als gevolg een substantieel grotere vraag dan het voor dit jaar vastgestelde programmabudget van 30,5 miljoen euro.
INVESTERINGEN IN EU-LIDSTATEN

De EU is postprogrammasteun blijven verlenen aan Ierland, Spanje, Cyprus, Portugal en Roemenië. Gedurende het jaar is opnieuw forse vooruitgang geboekt bij de uitvoering van het Griekse programma, dat was opgezet om de voorwaarden te scheppen voor een herstel van het vertrouwen en om de basis te leggen voor duurzaam economisch herstel in Griekenland. De tweede evaluatie werd in juli afgerond, waardoor de derde financieringstranche van het Europees stabiliteitsmechanisme, voor een bedrag van 8,5 miljard euro, kon worden betaald. De derde evaluatie was in december gaande en aan het begin van die maand werd op technisch niveau overeenstemming bereikt.
Griekenland is via het investeringsplan voor Europa ook economische steun blijven ontvangen.
Daarnaast heeft de Ondersteuningsdienst voor structurele hervormingen speciale opdrachten aanvaard om de respons op de vluchtelingencrisis in Griekenland te helpen coördineren en het EU-hulpprogramma voor de Turks-Cypriotische gemeenschap uit te voeren.
Regionaal beleid
Het regionale beleid en het beleid inzake stadsontwikkeling van de EU blijven investeren in banen en groei via allerlei projecten van verschillende omvang, en in infrastructuur, zoals breedband en vervoersnetwerken, die het bedrijfsleven ondersteunt. Bovendien zijn tal van initiatieven en strategieën uitgevoerd om groei en innovatie op grotere schaal te stimuleren, zoals een nieuwe reeks maatregelen om de EU-regio’s meer te helpen investeren op gebieden waarop ze een concurrentievoordeel hebben („slimme specialisatie”). Dankzij twee nieuwe proefprojecten in 2017 zullen regio’s kunnen samenwerken met deskundigenteams van de Commissie om hun innovatiecapaciteit te vergroten, belemmeringen voor investeringen weg te nemen en zich voor te bereiden op industriële en maatschappelijke veranderingen. Met deze projecten zullen „financierbare” interregionale projecten worden vastgesteld en opgeschaald die waardeketens binnen de EU kunnen creëren in prioritaire sectoren.
In het kader van de stedelijke agenda voor de EU en om steden te helpen hun mening kenbaar te maken wanneer beleid wordt ontwikkeld dat hen aangaat, zijn twaalf nieuwe thematische partnerschappen opgezet over onderwerpen zoals de circulaire economie, digitale transitie, banen en vaardigheden, en stedelijke mobiliteit. Om te zorgen voor meer investeringen op deze gebieden, heeft de Europese Commissie samen met de Europese Investeringsbank een nieuwe dienst opgezet, „Urban Investment Support”. Deze geeft steden financieel en technisch advies op maat tijdens de belangrijkste fasen van de voorbereiding en uitvoering van geïntegreerde stadsprojecten. Voor drie partnerschappen zijn de actieplannen reeds bekend; de andere volgen in 2018.
Commissaris Corina Crețu bezoekt Biopark Charleroi Brussels South, België, 24 maart 2017.
Het cohesiebeleid van de EU is erop gericht de ontwikkelingskloof tussen de EU-lidstaten en -regio’s te overbruggen en de ongelijkheden weg te werken. De Commissie heeft een initiatief genomen om de minder ontwikkelde regio’s te helpen de achterstand in te lopen. De bedoeling is een analyse te maken van wat de groei in deze regio’s afremt, en ook aanbevelingen te formuleren en bijstand te verlenen om hun groeipotentieel te ontsluiten. Het initiatief wordt getest in telkens twee regio’s in Polen en Roemenië. Op basis van de resultaten van de proefprojecten zal het model worden toegepast in andere regio’s die voor dezelfde uitdagingen staan.
Dragica Sekulić, minister van Economische Zaken van Montenegro, commissaris Johannes Hahn en Aleksandar Andrija Pejović, minister voor Europese Aangelegenheden van Montenegro, bezoeken de bouwplaats van het onderstation van de trans-Balkanelektriciteitscorridor, onderdeel van de agenda voor connectiviteit die zal bijdragen aan een regionale elektriciteitsmarkt, Lastva, Montenegro, 9 juni 2017.
Ook de ultraperifere gebieden van de EU zullen profiteren van een nieuwe, in oktober gelanceerde strategie voor een geprivilegieerd, hernieuwd en versterkt partnerschap dat gebaseerd is op de optimale benutting van hun unieke kwaliteiten.
Onderzoek en innovatie
Uit een beoordeling van de eerste jaren van het EU-kaderprogramma voor onderzoek en innovatie Horizon 2020 blijkt dat het programma de verwachte bijdrage levert aan het creëren van banen en groei, het aanpakken van onze grootste maatschappelijke uitdagingen en het verbeteren van het leven van de burger. In 2017 alleen al is via Horizon 2020 8,62 miljard euro geïnvesteerd. Er is steun verleend aan meer dan 4 900 projecten waarin meer partners uit de EU, de 16 met het programma geassocieerde landen en andere landen uit de hele wereld hebben samengewerkt. In oktober heeft de Commissie het laatste pakket oproepen tot het indienen van voorstellen in het kader van Horizon 2020 gepubliceerd en andere activiteiten opgestart, waardoor ongeveer 30 miljard euro beschikbaar komt voor onderzoekers en innovatoren.
Commissaris Carlos Moedas praat met professor David Lane, oprichter en directeur van het Edinburgh Centre for Robotics, over het autonome onderwatervoertuig Iver tijdens een bezoek aan de Heriot-Watt-universiteit in Edinburgh, Verenigd Koninkrijk, 18 oktober 2017.
Europa verbinden
Via de eerste „blendingoproep” in het kader van de financieringsfaciliteit voor Europese verbindingen in februari is 1,35 miljard euro beschikbaar gesteld voor de financiering van vervoersprojecten. In deze blendingoproep worden subsidies gecombineerd met financiering uit het Europees Fonds voor strategische investeringen, van de Europese Investeringsbank, nationale stimuleringsbanken of investeerders uit de particuliere sector.
Om concurrerende, schone en geconnecteerde mobiliteit te bevorderen, heeft de Commissie overeenstemming bereikt over een lijst van 152 vervoersprojecten die samen 2,7 miljard euro aan EU-middelen zullen ontvangen in het kader van de financieringsfaciliteit voor Europese verbindingen.
Banen en groei in de landbouwsector
De agrofoodsector is goed voor bijna 44 miljoen banen en voert jaarlijks goederen uit ter waarde van meer dan 130 miljard euro. Het gemeenschappelijk landbouwbeleid ondersteunt de sector met een jaarbudget van ongeveer 59 miljard euro, dat wordt verdeeld over verschillende aanvullende instrumenten. In 2017 heeft de Commissie de EU-burgers geraadpleegd over de vereenvoudiging en modernisering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid. Het ging daarbij onder meer om een brede openbare raadpleging, die meer dan 322 000 reacties en meer dan 1 400 beleidsdocumenten opleverde.
Naar aanleiding daarvan is in november de mededeling „De toekomst van voeding en landbouw” goedgekeurd, een uitgebreide toekomstschets voor het gemeenschappelijk landbouwbeleid. De mededeling zal verder als leidraad dienen voor het debat over het toekomstig beleid met het oog op de voorstellen voor het volgende meerjarig financieel kader in 2018, zonder daar evenwel op vooruit te lopen.
Commissaris Phil Hogan (midden) tijdens zijn bezoek aan een irrigatieproject in Pozoblanco, Spanje, 8 juni 2017.
Commissaris Karmenu Vella (midden) ontmoet lokale vissers in de haven van Zadar, Kroatië, 20 maart 2017.
Zorg dragen voor de oceanen
Als onderdeel van haar inspanningen om een wereldwijde oceaanalliantie op te richten voor de aanpak van maritieme uitdagingen, heeft de EU in oktober in Malta de vierde internationale conferentie „Our Ocean” georganiseerd. Duizend actoren die zich op hoog niveau inzetten op dit terrein, hebben toegezegd maatregelen te nemen voor gezonde, productieve oceanen en hebben eerdere verbintenissen geconcretiseerd.
Deelnemers van regeringen, het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld hebben een recordbedrag van 7 miljard euro toegezegd om de kwaliteit van de oceanen te beschermen. Ze hebben ook toegezegd nieuwe beschermde mariene gebieden te creëren van in totaal 2,5 miljoen km2, en voor het eerst heeft ook het bedrijfsleven zich tijdens de conferentie op grote schaal gemobiliseerd voor de bescherming van de oceanen. De EU heeft 550 miljoen euro aan maatregelen aangekondigd op het gebied van bescherming van het mariene milieu, mariene verontreiniging, klimaatverandering, duurzame visserij, maritieme veiligheid en een duurzame blauwe economie.
Kleine en middelgrote ondernemingen aan nieuwe financiering, nieuwe partners en nieuwe markten helpen
Elk jaar ondersteunt de EU meer dan 200 000 bedrijven met verschillende soorten financiering zoals leningen, microfinancieringen, garanties en durfkapitaal. EU-financiering is beschikbaar voor start-ups, ondernemers en ondernemingen van elke grootte en in elke economische sector. Lokale financiële instellingen zoals banken, risico-investeerders en business angels beslissen of een door de EU gedekte financiering wordt verstrekt. Vaak betekent dat dat de EU een even hoge financiële bijdrage levert als lokale financiële instellingen, waardoor bedrijven meer financiële steun krijgen dan anders het geval zou zijn.
Daarnaast verstrekt de EU advies en biedt ze praktische ondersteuning aan bedrijven. In 2017 heeft het Enterprise Europe Network meer dan 3 500 kleine ondernemingen met internationale ambities geholpen financiering en nieuwe partners te vinden en nieuwe markten aan te boren. Het netwerk is actief in zestig landen over de hele wereld. Het brengt deskundigen uit meer dan 600 aangesloten organisaties samen om bedrijven in de EU te helpen te innoveren en internationaal te groeien.
Andrus Ansip, vicevoorzitter van de Commissie, bij de lancering van de Startup Europe Week 2017 in Brussel, 6 februari 2017.
HET EUROPEES SOCIAAL FONDS IN ACTIE

Investeren in mensen
In 2017 is de zestigste verjaardag gevierd van het Europees Sociaal Fonds, dat werknemers helpt een kwalificatie te behalen en hun vaardigheidsniveaus te verhogen. Het Fonds beoogt tussen 2014 en 2020 8 miljoen werknemers in de EU te ondersteunen.
Vier jaar na de oprichting ervan in 2013 zijn meer dan 35 landen lid van de Europese Alliantie voor leerlingplaatsen (waaraan ook leden van de Europese Vrijhandelsassociatie en kandidaat-lidstaten kunnen deelnemen). Ongeveer 230 belanghebbenden, zoals bedrijven en intermediairs, hebben toegezegd meer dan 800 000 plaatsen aan te bieden voor opleiding en een eerste werkervaring. In dit kader is in juni een nieuw European Network of Apprentices (Europees Netwerk voor leerlingen) opgericht om de betrokken jongeren meer inspraak te geven. In oktober heeft de Commissie een voorstel ingediend voor een Europees kader voor hoogwaardige en doeltreffende leerlingplaatsen. De nieuwe actie ErasmusPro ondersteunt de mobiliteit op lange termijn in het kader van leerlingplaatsen, beroepsonderwijs en beroepsopleiding.
In juli heeft de EU de Europese classificatie van vaardigheden, competenties, kwalificaties en beroepen en het EU-instrument voor het opstellen van een vaardigheidsprofiel voor onderdanen van derde landen, waaronder asielzoekers en vluchtelingen, gepresenteerd. Deze twee nieuwe online-instrumenten ondersteunen leer- en arbeidsmobiliteit in de hele EU door te zorgen voor meer transparantie op het punt van vaardigheden en kwalificaties.
Op 20 december heeft de Commissie een voorstel gedaan voor een nieuwe richtlijn om de bestaande verplichtingen om elke werknemer in kennis te stellen van zijn of haar arbeidsvoorwaarden, aan te vullen en te moderniseren. De bedoeling is nieuwe minimumnormen te introduceren, zodat alle werknemers, ook die met atypische contracten, duidelijkere en beter voorspelbare arbeidsvoorwaarden krijgen. Het voorstel zou ongeveer 2 à 3 miljoen méér werknemers met een atypisch contract bescherming moeten bieden.
Digitale vaardigheden bevorderen
De EU ondersteunt initiatieven die burgers meer mogelijkheden bieden om digitale vaardigheden te verwerven. In maart is een project aangekondigd om tijdens de periode 2018-2020 5 000 à 6 000 afgestudeerde studenten een digitale stage aan te bieden. Er wordt geïnvesteerd in projecten voor opleidingen om de vaardigheden van werknemers van kleine en middelgrote ondernemingen te verbeteren, en voor de omscholing van werklozen, zodat ze aan de slag kunnen bij een kleine onderneming.
Mensen bij elkaar brengen
In 2017 heeft de EU met evenementen in heel Europa het dertigjarig bestaan van het Erasmus-programma gevierd. Wat in 1987 begon als een bescheiden mobiliteitsregeling voor studenten uit het hoger onderwijs, is uitgegroeid tot Erasmus+, het EU-programma voor onderwijs, opleiding, jeugdzaken en sport.
Commissaris Tibor Navracsics bij de viering van 30 jaar Eramus-programma in het Europees Parlement, Brussel, 25 januari 2017.
De laatste 30 jaar hebben ongeveer 9 miljoen mensen gebruikgemaakt van een breed scala aan Erasmus-mogelijkheden om hun horizon te verruimen en nieuwe kennis en vaardigheden te verwerven via studie, stages, leerlingplaatsen, uitwisselingsprogramma’s voor jongeren, les- en sportactiviteiten in heel Europa en daarbuiten. In 2017 konden ongeveer 560 000 jongeren en 160 000 personeelsleden van onderwijsinstellingen en jeugdorganisaties deelnemen aan dit programma met een budget van meer dan 2,5 miljard euro. In juni hebben de lidstaten groen licht gegeven voor de uitvoering van het initiatief ErasmusPro, dat de komende 3 jaar tot 50 000 nieuwe leerling- en stageplaatsen in het buitenland zal creëren voor jongeren die beroepsonderwijs of een beroepsopleiding volgen.
Met de hulp van het Parlement en de Raad heeft de Commissie de financiering verhoogd voor het jongerenwerkgelegenheidsinitiatief, het specifieke EU-programma voor financiële steun, en de lidstaten geholpen hun deel van het Europees Sociaal Fonds ten volle te benutten. In totaal zijn sinds januari 2014 meer dan 18 miljoen jongeren geregistreerd voor de jongerengarantieregelingen en gingen 11 miljoen jongeren in op een aanbod voor een baan, een leerlingplaats, een stage of een vervolgopleiding.
Jongeren helpen om ondernemer te worden
Erasmus voor jonge ondernemers helpt Europese aspirant-ondernemers de vaardigheden te verwerven die nodig zijn om in Europa een kleine onderneming op te richten of die succesvol te runnen. Gedurende een periode van één tot zes maanden doen jonge ondernemers kennis en zakelijke ideeën op, en wisselen die uit met een ervaren ondernemer. De jonge ondernemers verwerven de vaardigheden die nodig zijn om een klein bedrijf te runnen, terwijl de ervaren ondernemers een frisse kijk op hun eigen bedrijf krijgen en nieuwe markten leren kennen.
Het programma wordt gefinancierd door de Europese Commissie en loopt in de deelnemende landen met de ondersteuning van de lokale contactpunten die bevoegd zijn voor bedrijfsondersteuning (bv. kamers van koophandel, starterscentra en incubators). Gedurende het jaar hebben meer dan 1 000 aspirant-ondernemers dit mentorprogramma gevolgd.
Het Europees Solidariteitskorps
Sinds de lancering in december 2016 is snel actie ondernomen om het Europees Solidariteitskorps operationeel te maken. In mei 2017 heeft de Commissie een voorstel gedaan voor een budget voor de komende drie jaar en een eigen rechtsgrondslag voor het korps. Eind december hadden meer dan 45 000 personen zich aangemeld en hadden meer dan 2 500 mensen deelgenomen aan solidariteitsacties in heel Europa. Zo zijn in augustus 16 vrijwilligers naar Norcia, Italië, getrokken om mee te werken aan de wederopbouw en aan het herstel van sociale basisvoorzieningen voor de plaatselijke bevolking in deze regio die in 2016 werd getroffen door zware aardbevingen. Bovendien kunnen jongeren sinds medio 2017 ook werken in het kader van het Europees Solidariteitskorps. Naar verwachting zullen tot 6 000 jongeren de komende 2 jaar een aanbod krijgen voor een op solidariteit gerichte baan of stage via projecten die in het kader van het EU-programma voor werkgelegenheid en sociale innovatie worden gefinancierd en door de openbare diensten voor arbeidsvoorziening van Frankrijk en Italië worden gecoördineerd.
De volksgezondheid beschermen en de economie ondersteunen
In juni heeft de Commissie het nieuwe actieplan tegen antimicrobiële resistentie goedgekeurd. De „één gezondheid”-benadering van het actieplan pakt de antimicrobiële resistentie bij mensen en dieren aan. Deze groeiende bedreiging is in de EU verantwoordelijk voor 25 000 doden en 1,5 miljard euro economische schade per jaar. De eerste tweejarige cyclus van het initiatief gezondheidstoestand in de EU werd afgesloten met de publicatie van afzonderlijke landspecifieke gezondheidsverslagen voor elke lidstaat en een begeleidend document van de Commissie waarin deze binnen de bredere EU-agenda worden geplaatst. Voor de uitvoering van dit initiatief is de Commissie een partnerschap aangegaan met de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling en de Europese Waarnemingspost voor gezondheidszorgstelsels en -beleid.
Een resultaatgerichte EU-begroting
De EU-begroting voor 2017 heeft bijgedragen tot het scheppen van banen, voornamelijk voor jongeren, en het stimuleren van strategische investeringen. Er is voortgebouwd op maatregelen van de voorbije jaren en de nadruk ligt nog steeds vooral op de migratieproblematiek. Bijna de helft van de begroting (75 miljard euro) werd toegewezen aan groei, werkgelegenheid en concurrentievermogen, de ondersteuning van onderzoek en innovatie (Horizon 2020), onderwijs, opleiding en jongeren (Erasmus+), kleine en middelgrote ondernemingen (het EU-programma voor het concurrentievermogen van ondernemingen en kleine en middelgrote ondernemingen) en vervoersinfrastructuur (de financieringsfaciliteit voor Europese verbindingen). Ook het Europees Fonds voor strategische investeringen, dat belangrijke investeringsprojecten in de EU heeft gestimuleerd, heeft middelen gekregen uit de EU-begroting. Landbouwers ontvingen ongeveer 43 miljard euro. De EU heeft in totaal bijna 6 miljard euro bijgedragen aan een betere bescherming van haar buitengrenzen en de aanpak van de migratie- en vluchtelingenstromen.
Jyrki Katainen, vicevoorzitter van de Commissie, bij de ondertekening van de eerste leningsovereenkomst die door de faciliteit voor de financiering van natuurlijk kapitaal wordt gesteund, Brussel, 11 april 2017.
In mei heeft de Commissie voorgesteld om voor de periode tot 2020 meer dan 340 miljoen euro vrij te maken voor 100 000 nieuwe plaatsen voor jongeren die aan solidariteitsacties (vrijwilligerswerk, stages of banen) van het Europees Solidariteitskorps willen deelnemen.
In juni is de tussentijdse herziening van het huidige meerjarig financieel kader (2014-2020) goedgekeurd. Het doel van deze herziening was extra financiële middelen beschikbaar te stellen om de migratiestromen en veiligheidsrisico’s aan te pakken, de economische groei, de werkgelegenheid en het concurrentievermogen te bevorderen, en het vermogen van de EU-begroting om in te spelen op onvoorziene omstandigheden, te verhogen.
Commissaris Günther Oettinger bij de lancering van de discussienota van de Commissie over de toekomst van de EU-financiën, Brussel, 28 juni 2017.
De Commissie heeft ook een wetgevingsvoorstel goedgekeurd om de administratieve lasten voor begunstigden van EU-fondsen te verminderen. Op 28 juni heeft de Commissie een discussienota gepubliceerd om een debat op gang te brengen over de toekomst van de EU-financiën.
HOOFDSTUK 2
Een connectieve digitale eengemaakte markt
„We moeten volgens mij de enorme mogelijkheden van de digitale technologie, die geen grenzen kent, nog veel beter gebruiken.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/chombosan
De EU heeft verder gewerkt aan de voltooiing van de digitale eengemaakte markt om belemmeringen op het internet aan te pakken. Ook heeft zij inspanningen geleverd om burgers, overheden en ondernemingen in staat te stellen de mogelijkheden van het internet en andere digitale technologieën ten volle te benutten. Het merendeel van de wetgevingsvoorstellen en beleidsinitiatieven die zijn aangekondigd in de strategie voor een digitale eengemaakte markt van 2015, is ingediend in 2017.
De EU heeft ook de roamingkosten afgeschaft. Dit betekent dat consumenten die binnen de Europese Unie reizen, nu evenveel betalen voor bellen, sms’en en mobiel surfen als thuis.
Vanaf 2018 zullen burgers van vooraf betaalde films, -sport, -muziek en -videospelletjes kunnen genieten als ze op reis zijn in de EU, en zullen middelen van de Europese Unie worden uitgetrokken om wifitoegangspunten te installeren op openbare plaatsen.
De EU heeft boetes opgelegd om de consument te beschermen en te zorgen voor eerlijke concurrentie in de onlineplatformeconomie. Zo moest Google een boete van 2,42 miljard euro betalen wegens misbruik van zijn marktpositie als zoekmachine door zijn eigen prijsvergelijkingsdienst een onrechtmatig voordeel te geven. In zijn Staat van de Unie-toespraak heeft Jean-Claude Juncker, de voorzitter van de Europese Commissie, in september een aantal maatregelen aangekondigd om de EU te beschermen tegen cyberaanvallen. In dezelfde maand heeft de Commissie maatregelen voorgesteld om het vrije verkeer van niet-persoonsgebonden gegevens te verbeteren, en richtsnoeren en beginselen opgesteld om illegale online-inhoud te bestrijden door middel van onlineplatforms.
In september heeft het Estse voorzitterschap een top in Tallinn georganiseerd, waarmee werd bevestigd dat de EU zich bewust is van de behoefte aan krachtige en verenigde digitale beleidsmaatregelen als fundamenten van haar economische toekomst.
De digitale eengemaakte markt voltooien
De Commissie heeft werk gemaakt van alle 43 belangrijke wetgevingsvoorstellen en beleidsinitiatieven die zijn uiteengezet in de strategie voor een digitale eengemaakte markt van mei 2015. Eind 2017 zijn 24 van deze wetgevingsinitiatieven voorgelegd aan het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie.
In de tussentijdse evaluatie van mei 2017 werd de balans opgemaakt van de geboekte vooruitgang en geschetst welke maatregelen er verder nodig zijn op het vlak van onlineplatforms, de data-economie en cyberbeveiliging. Als onderdeel van het pakket maatregelen bij de Staat van de Unie heeft de Commissie in september een voorstel ingediend voor nieuwe regels inzake cyberbeveiliging en het vrije verkeer van niet-persoonsgebonden gegevens in de EU. In september werd tevens een mededeling gepubliceerd over de verantwoordelijkheid van platforms voor de bestrijding van illegale online-inhoud.
In juli 2017 wordt Mariya Gabriel benoemd tot nieuwe commissaris voor Digitale Economie en Samenleving.
In het licht van een veranderende arbeidsmarkt en samenleving hebben de Europese burgers digitale kennis nodig, maar 37 % van de beroepsbevolking beschikt nog steeds niet over digitale basisvaardigheden. In het kader van de coalitie voor digitale vaardigheden en banen zullen 1 miljoen jonge werklozen een opleiding krijgen tussen nu en 2020, en het actieplan inzake e-overheid 2016-2020 zal het leven van burgers en ondernemingen gemakkelijker maken en overheidsinstanties in staat stellen om nieuwe diensten aan te bieden. Nu moet een politiek akkoord met het Parlement en de Raad worden bereikt over alle voorstellen.
Tijdens de digitale top in Tallinn in september zijn besprekingen op hoog niveau gevoerd over de manier waarop de Europese Unie een voorloper kan blijven op het gebied van technologie en haar leidende rol in de sector kan behouden. Er is onder meer gesproken over eerlijke belastingheffing in de digitale economie, de verbetering van de digitale vaardigheden van burgers en de totstandbrenging van een sterke structuur voor cyberbeveiliging in de EU. Daarnaast zijn de lidstaten overeengekomen de digitale eengemaakte markt tussen nu en 2018 te voltooien, te investeren in digitale infrastructuur en het vrije verkeer van gegevens te bevorderen.
Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, Jüri Ratas, premier van Estland, en Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, op de digitale top in Tallinn, Estland, 29 september 2017.
De cyberbeveiliging in de EU versterken
Digitale technologieën bieden nieuwe mogelijkheden voor burgers om zich met elkaar te verbinden. Ze vergemakkelijken het uitwisselen van informatie en vormen de ruggengraat van de Europese economie. Ze hebben echter ook nieuwe risico’s met zich meegebracht. De EU heeft vooruitgang geboekt met het veiliger maken van het internet, en vanaf 2018 zullen burgers en ondernemingen beter worden beschermd. Deze regels zullen ook gelden voor nieuwe spelers die elektronischecommunicatiediensten aanbieden.
De EU moet evenwel nog beter worden gewapend tegen de zorgwekkende toename van cyberaanvallen. Als onderdeel van de Staat van de Unie-toespraak van voorzitter Juncker heeft de Commissie in september een integrale aanpak voorgesteld om de cyberbeveiliging te verbeteren. Hierbij gaat het onder meer om een versterkt EU-Agentschap voor cyberbeveiliging, een blauwdruk voor gecoördineerde maatregelen van de lidstaten bij een cyberaanval en een nieuwe Europese certificeringsregeling voor cyberbeveiliging waardoor wordt gewaarborgd dat producten en diensten in de digitale wereld veilig kunnen worden gebruikt. Voor het eerst wijdt de Commissie ook specifieke aandacht aan cyberdefensie in het kader van haar hernieuwde engagement voor een Europese veiligheids- en defensie-unie.
WEERBAARHEID VAN DE EU TEGEN CYBERAANVALLEN

Het volledige potentieel van de Europese data-economie ontsluiten
Tegen 2020 zullen in de Europese data-economie naar schatting 10,4 miljoen mensen werken. De Commissie heeft nieuwe regels voorgesteld voor het vrije verkeer van niet-persoonsgebonden gegevens. Samen met de bestaande regels voor persoonsgegevens zullen de nieuwe maatregelen de opslag en verwerking van niet-persoonsgebonden gegevens in de gehele Unie mogelijk maken. Dit zal leiden tot een sterker concurrentievermogen van het Europese bedrijfsleven en een gemoderniseerde publieke dienstverlening in een doeltreffende eengemaakte EU-markt voor datadiensten. De afschaffing van gegevenslokalisatiebeperkingen is een belangrijke factor voor de data-economie, en kan de inkomsten uit het internet der dingen vergroten tot 112 miljard euro en het bruto binnenlands product van de EU tussen nu en 2020 verhogen met 4 %.
Aan de hand van investeringen beoogt de EU in de toekomst een toonaangevend centrum voor high performance computing te worden dat in staat is om enorme hoeveelheden data in realtime te analyseren. Daarnaast is zij bezig met de voorbereiding van een vlaggenschipinitiatief voor kwantumtechnologie met een budget van 1 miljard euro, dat in 2018 van start moet gaan.
Zorgen voor eerlijke concurrentie in de platformeconomie
Commissaris Margrethe Vestager tijdens haar Ted Talk in The Town Hall, New York, Verenigde Staten, 20 september 2017.
Onlineplatforms zijn onderworpen aan EU-regels op het gebied van concurrentie en consumentenbescherming. Dit geeft zowel het bedrijfsleven als het grote publiek het nodige vertrouwen. Indien nodig neemt de EU maatregelen om deze regels te handhaven.
In mei 2017 is een besluit aangenomen waarmee een juridisch bindend karakter wordt verleend aan de door Amazon voorgestelde toezeggingen. Hierbij gaat het om voorlopige concurrentiebezwaren ten aanzien van een aantal clausules in de distributieovereenkomsten van het bedrijf met uitgevers van e-books in Europa. In juni heeft de Commissie een boete van 2,42 miljard euro opgelegd aan Google wegens misbruik van zijn marktpositie als zoekmachine door een ander Google-product, namelijk zijn eigen prijsvergelijkingsdienst, een onrechtmatig voordeel te geven.
COMMISSIE HEEFT EEN BOETE OPGELEGD AAN GOOGLE WEGENS MISBRUIK VAN ZIJN MACHTSPOSITIE

Connectiviteit verbeteren
De EU heeft een regeling goedgekeurd om openbare wifihotspots te installeren in 6 000 tot 8 000 gemeenschappen in de hele EU. In het kader van het WiFi4EU-initiatief zal 120 miljoen euro worden uitgetrokken om wifitoegangspunten te installeren op openbare plaatsen zoals parken, pleinen, overheidsgebouwen, bibliotheken, ziekenhuizen en musea.
WiFi4EU maakt deel uit van het ambitieuze pakket maatregelen dat in september 2016 is vastgesteld door de Commissie om tegemoet te komen aan de stijgende vraag van burgers naar connectiviteit en om het concurrentievermogen van de EU te stimuleren. Tot deze maatregelen behoort een actieplan om de aanleg van geavanceerde draadloze 5G-netwerken in de hele EU te bevorderen.
Met de vaststelling door het Parlement en de Raad van een besluit waarmee de frequentieband 700 MHz tegen 2020 beschikbaar moet zijn voor draadlozebreedbanddiensten, is in mei 2017 een belangrijke stap gezet om deze doelstelling te verwezenlijken.
De modernisering van de huidige Europese telecomregels (het voorgestelde Europees wetboek voor elektronische communicatie) biedt een aantrekkelijker regelgevingsklimaat, dat bevorderlijk zal zijn voor investeringen in hoogwaardige infrastructuur in de lidstaten.
De roamingkosten afschaffen
Op 15 juni 2017 zijn de roamingkosten afgeschaft. Dit houdt in dat EU-inwoners die binnen de EU op reis zijn, kunnen bellen, sms’en en surfen voor dezelfde prijs als in hun eigen land.
ROAMINGKOSTEN VOOR REIZIGERS BINNEN DE EU

Einde aan geoblocking
Vanaf 2018 krijgen inwoners van de EU overal in Europa toegang tot online content waarvoor ze in hun thuisland hebben betaald. De in juni 2017 vastgestelde nieuwe regels houden in dat consumenten gebruik kunnen maken van dergelijke online-inhoudsdiensten wanneer zij op reis zijn in een andere lidstaat. Gratis uitzenddiensten, zoals die van publieke zenders, kunnen voordeel hebben bij deze verordening, op voorwaarde dat de aanbieders verifiëren in welk land hun abonnees wonen.
Als onderdeel van de lopende modernisering van het Europees auteursrecht is in juli EU-wetgeving goedgekeurd die voorziet in een betere toegang tot boeken voor miljoenen blinden en andere personen met leesproblemen. De nieuwe EU-regelgeving zal in werking treden in oktober 2018.
In november hebben het Parlement, de Raad en de Commissie een politiek akkoord bereikt over de afschaffing van onterechte geoblocking voor consumenten die in de EU online producten of diensten willen kopen. Met de nieuwe regels wordt de e-commerce gestimuleerd, en daar profiteren zowel consumenten als ondernemingen van.
Leiderschap op het gebied van high performance computing in Europa versterken
De Europese verklaring betreffende high performance computing, die tot doel heeft financiële steun te bieden aan de volgende generatie van infrastructuur voor high performance computing en gegevensondersteuning, is in maart ondertekend door ministers uit zeven landen (Frankrijk, Duitsland, Italië, Luxemburg, Nederland, Portugal en Spanje). België, Bulgarije, Kroatië, Griekenland, Slovenië en Zwitserland hebben zich later in het jaar aangesloten.
Data delen voor beter onderzoek
De nieuwe Europese open wetenschapscloud, die in 2017 is opgezet, zal 1,7 miljoen onderzoekers en 70 miljoen wetenschappers en technologen in de EU een virtuele omgeving bieden om data op te slaan, te delen en te hergebruiken, over grenzen en vakgebieden heen. In het kader van Horizon 2020 wordt meer dan 260 miljoen euro aan financiering uitgetrokken om de cloud tot stand te helpen brengen.
Onderwijs
In 2017 heeft de Commissie een zelfbeoordelingsinstrument gelanceerd om scholen te helpen bij de evaluatie van hun digitale capaciteit. Met dit instrument kunnen scholen ondersteuning krijgen om hun gebruik van technologieën voor onderwijs en leren te ontwikkelen en te verbeteren. In december hadden al 650 scholen uit 14 landen deelgenomen aan het proefproject „Selfie”. In 2018 zal Selfie toegankelijk zijn voor scholen in de hele EU.
E-overheid
In mei is een voorstel ingediend waarmee wordt beoogd mensen en ondernemingen via één digitaal toegangspunt gemakkelijker toegang te verschaffen tot informatie van hoge kwaliteit, online administratieve procedures en ondersteuning. Dankzij deze digitale toegangspoort kunnen ondernemingen jaarlijks meer dan 11 miljard euro besparen en verliezen Europese burgers tot 855 000 uur minder tijd.
Burgers en particuliere ondernemingen kunnen nu informatie opzoeken over ondernemingen die geregistreerd zijn in een EU-lidstaat, IJsland, Liechtenstein of Noorwegen. Het systeem van gekoppelde registers maakt deel uit van het Europees e-justitieportaal, het enige contactpunt voor burgers, ondernemingen en rechtsbeoefenaars in heel Europa, en is een gezamenlijke inspanning van regeringen en de Commissie. Het verschaft burgers toegang tot informatie over ondernemingen in de deelnemende landen en zorgt ervoor dat alle Europese ondernemingsregisters elektronisch met elkaar kunnen communiceren op een veilige en betrouwbare manier. Het uiteindelijke doel bestaat erin het vertrouwen in de eengemaakte markt te versterken door middel van transparantie en actuele informatie en de onnodige lasten voor het bedrijfsleven te verminderen. Sinds de lancering in juni tot het einde van het jaar is het systeem van gekoppelde registers gebruikt voor meer dan 139 000 zoekopdrachten over ondernemingen.
Verder is in juli het systeem voor de elektronische uitwisseling van gegevens betreffende de sociale zekerheid van start gegaan. Dit nieuwe IT-platform verbindt ongeveer 15 000 socialezekerheidsorganen in de EU-lidstaten, IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland en helpt vergissingen en fraude te voorkomen. De nationale socialezekerheidsorganen zullen gebruikmaken van gestandaardiseerde elektronische documenten in hun eigen taal om ervoor te zorgen dat de uitgewisselde gegevens correct en volledig zijn. Het nieuwe instrument zal ook burgers die in verschillende deelnemende landen gewoond en gewerkt hebben, ten goede komen dankzij de gemakkelijkere en snellere berekening van hun socialezekerheidsuitkeringen.
In oktober zijn de lidstaten een gemeenschappelijke aanpak overeengekomen voor de onlinebeschikbaarstelling van hun openbare diensten, ook over grenzen en beleidsterreinen heen. Dit zal leiden tot minder administratieve lasten voor burgers en ondernemingen, bijvoorbeeld bij de aanvraag van certificaten en diensten, en de indiening van belastingaangiften.
Connectiviteit en digitaal ondernemerschap financieren
De Europese structuur- en investeringsfondsen en het cohesiebeleid van de EU leveren een essentiële bijdrage tot het verwezenlijken van de doelstellingen van de digitale eengemaakte markt. In het kader van de toegesneden strategieën voor digitale groei van de lidstaten en de regio’s is meer dan 20 miljard euro uit de Europese structuur- en investeringsfondsen beschikbaar om digitale start-ups te bevorderen. Dit maakt het mogelijk voor kleine en middelgrote ondernemingen om de vruchten te plukken van de digitalisering, voor overheidsdiensten om efficiënter te werken en een snellere en betere dienstverlening aan te bieden aan burgers en ondernemingen, en om betaalbare toegang tot breedbandinternet te verschaffen aan gebieden met een te lage dekkingsgraad. In november 2017 is een netwerk van adviesbureaus voor breedband opgericht om de verspreiding van snelle breedband te vergemakkelijken en de digitale kloof tussen stedelijke en plattelandsgebieden te dichten. Deze adviesbureaus geven op regionaal en nationaal niveau informatie en ondersteuning in verband met de uitrol van breedband. Gedurende het jaar werden verdere inspanningen geleverd om 18 miljoen plattelandsbewoners tussen nu en 2020 te voorzien van breedband.
Andrus Ansip, vicevoorzitter van de Commissie, neemt deel aan het GSM Association Mobile World Congress 2017 in Barcelona, Spanje, 27 februari 2017.
Digitale gezondheid en zorg
In maart zijn de eerste 24 Europese referentienetwerken voor zeldzame en complexe ziekten opgericht, waarin ruim 900 zeer gespecialiseerde gezondheidszorgdiensten van meer dan 300 ziekenhuizen uit 25 EU-lidstaten en Noorwegen met elkaar in contact worden gebracht. In het kader van deze netwerken worden complexe of zeldzame ziekten of aandoeningen aangepakt waarvoor zeer gespecialiseerde behandelingen en een bundeling van kennis en middelen nodig zijn. Onder meer botziekten, kinderkanker en immuunziekten zullen aan bod komen.
Inzicht krijgen in het effect van de digitalisering op de financiële sector
Technologie brengt een omwenteling teweeg in de financiële sector. Als ’s werelds grootste gebruiker van IT-producten en -diensten zal de financiële sector de vruchten plukken van de nieuwe generaties verwerkings-, opslag-, authenticatie- en mobiele technologieën, sociale netwerken, kunstmatige intelligentie en gedistribueerde systemen. Er ontstaan nieuwe bedrijfsmodellen waarmee de Europese eengemaakte markt voor financiële diensten in de praktijk kan worden gebracht. Hierin worden de betrekkingen tussen klanten en leveranciers niet langer beperkt door fysieke afstand of zelfs taalverschillen. In het licht van het EU-beleid inzake financiële diensten werpt dit belangrijke beleids- en regelgevingsvraagstukken op, die aan bod zijn gekomen tijdens een brede openbare raadpleging waarin werd nagegaan of er concrete maatregelen op EU-niveau nodig zijn.
Digitale technologieën in beweging
Tijdens de Digitale Dag in Rome op 23 maart hebben 29 landen (EU-lidstaten en landen van de Europese Economische Ruimte) een intentieverklaring ondertekend om een juridisch kader vast te stellen voor grensoverschrijdende proeven met communicerende geautomatiseerde voertuigen, op basis van geharmoniseerde voorschriften betreffende de toegang tot data, aansprakelijkheid en connectiviteit. Ze kwamen overeen nauwer samen te werken op het gebied van het testen van geautomatiseerd wegvervoer op grensoverschrijdende locaties, en werken nu samen met partners uit de sector om deze overeenkomst in de praktijk te brengen. De Commissie bevordert ook grensoverschrijdende corridors voor geconnecteerd vervoer.
Commissaris Violeta Bulc verwelkomt Tom Enders, CEO van Airbus SE, Brussel, 18 oktober 2017.
In mei zijn voorstellen ingediend om de mobiliteit en het vervoer in de EU te moderniseren. Europa in beweging is een breed scala van initiatieven om het verkeer veiliger te maken, eerlijker rekeningrijden te bevorderen, de CO2-uitstoot, luchtvervuiling en files te verminderen, de administratieve rompslomp voor bedrijven te verlagen, zwartwerk te bestrijden en fatsoenlijke arbeidsvoorwaarden en rusttijden voor werknemers te waarborgen. De Commissie bevordert ook naadloze mobiliteitsoplossingen om reizen gemakkelijker te maken in de hele Europese Unie. Zo zullen weggebruikers dankzij het voorstel om de interoperabiliteit van tolsystemen te vergroten, door de hele EU kunnen rijden zonder zich iets te hoeven aantrekken van uiteenlopende administratieve formaliteiten. Dankzij gemeenschappelijke specificaties voor informatie over openbaar vervoer zullen passagiers hun reis beter kunnen plannen en het beste traject kunnen kiezen, ook als ze een landsgrens over moeten.
Dronetechnologie
In juni is een blauwdruk gepresenteerd om het gebruik van drones op lage hoogte veilig en milieuvriendelijk te maken. Het dronebeheersysteem U-Space heeft in eerste instantie betrekking op hoogten van maximaal 150 meter en zal het pad effenen voor de ontwikkeling van een sterke en dynamische markt voor dronediensten in de EU. Tegen 2019 moet werk zijn gemaakt van de registratie van drones en bestuurders van drones, hun e-identificatie en een systeem om virtuele grenzen af te bakenen rond specifieke locaties (geofencing).
Sterkere cliëntauthenticatie bij elektronische betalingen
In 2017 was een hoger beveiligingsniveau van elektronische betalingen nog steeds een van de hoofddoelstellingen van het digitale beleid van de EU. Hiertoe heeft de Commissie in november een aantal beveiligingseisen ingevoerd voor betalingsverwerkingen en betalingsgerelateerde dienstverlening. Deze gelden voor alle betalingsdienstaanbieders, of het nu gaat om banken of andere betalingsinstellingen.
HOOFDSTUK 3
Een veerkrachtige energie-unie en een toekomstgericht klimaatbeleid
„Ik wil het Europese energiebeleid reorganiseren en omvormen tot een nieuwe Europese energie-unie. […] Het aandeel van hernieuwbare energie op ons continent moet worden uitgebreid. Dat is niet alleen een kwestie van verantwoordelijk klimaatbeleid, maar ook een vereiste voor ons industrieel beleid.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/william87
We kunnen de klimaatverandering niet aanpakken als we niets doen aan onze energieproductie en ons energiegebruik. Willen we van de EU een koolstofarme samenleving maken, dan moeten we onze energiesystemen omvormen. Twee jaar na de lancering van de strategie voor een energie-unie zijn er duidelijke aanwijzingen dat vooruitgang is geboekt bij de modernisering van de EU-economie en de overgang naar een koolstofarme samenleving.
De EU en haar lidstaten zijn nog steeds goed op weg om de doelstellingen van de energie-unie te verwezenlijken, met name de energie- en klimaatdoelstellingen voor 2020 inzake broeikasgasemissies, energie-efficiëntie en hernieuwbare energiebronnen. Dankzij schone energie is het vanaf 2021 mogelijk jaarlijks 900 000 nieuwe banen te scheppen en 177 miljard euro aan investeringen aan te trekken. Met het politiek akkoord over de energieprestaties van gebouwen is het eerste van de acht wetgevingsvoorstellen afgesloten die deel uitmaakten van het pakket Schone energie voor alle Europeanen uit 2016.
In 2017 is de EU een voortrekkersrol blijven spelen bij de bestrijding van de klimaatverandering, onder meer door de internationale gemeenschap aan te sporen de verbintenissen van de Overeenkomst van Parijs na te komen — een overeenkomst die de wereld op weg wil helpen om gevaarlijke klimaatveranderingen te voorkomen.
Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de wetgevingsvoorstellen om de klimaatverbintenissen van de EU uit te voeren en de binnenlandse broeikasgasemissies uiterlijk 2030 met ten minste 40 % te verminderen.
In december zijn politieke akkoorden bereikt over de verordening inzake de verdeling van de inspanningen — ter vermindering van de emissies op het gebied van vervoer, gebouwen, landbouw en afval — en over nieuwe regels voor de verrekening van emissies uit landgebruik, verandering in landgebruik en bosbouw. Dankzij deze akkoorden en de herziening van de EU-regeling voor de emissiehandel na 2020 beschikt het EU-klimaatbeleid 2030 over een geschikt rechtskader.
De Europese Commissie heeft ook haar agenda vastgesteld voor een sociaal rechtvaardige transitie naar schone, concurrerende en geconnecteerde mobiliteit en vervoersmiddelen.
Naar een moderne en ambitieuze energie-unie
De overgang van de Europese Unie naar een koolstofarme samenleving wordt steeds meer werkelijkheid. Dankzij de geboekte vooruitgang in 2017 ligt de EU op schema om de energie-unie uit te voeren en voor banen, groei en investeringen te zorgen. Twee jaar na de lancering van de strategie heeft de Commissie alle belangrijke voorstellen ingediend om de energie-efficiëntie te verhogen, de toonaangevende rol van de EU op het gebied van klimaatactie en hernieuwbare energie te ondersteunen en een eerlijke deal voor de energieconsumenten te waarborgen.
Uit het in november 2017 gepubliceerde derde verslag over de stand van de energie-unie blijkt dat de EU goed op schema ligt om haar klimaat- en energiedoelstellingen voor 2020 te verwezenlijken. Het eindenergieverbruik is al lager dan de doelstelling voor 2020. Bovendien zijn de broeikasgasemissies sinds 1990 met 23 % gedaald, hoewel de economie van de EU met 53 % is gegroeid. Deze trend bewijst dat maatregelen om de emissies te verminderen in de EU hand in hand gaan met economische groei. Energie uit hernieuwbare bronnen is al goed voor meer dan 16 % van de EU-energiemix. Daarmee is de EU goed op weg om haar streefcijfer van 20 % in 2020 te halen. In maart 2017 hadden elf lidstaten hun nationale streefcijfers voor 2020 al gehaald.
In 2017 is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij het in november 2016 gepresenteerde pakket Schone energie voor alle Europeanen en is er een voorlopig akkoord bereikt over het dossier energieprestaties van gebouwen. Nu de Raad van de Europese Unie in december een algemene oriëntatie over zeven van de acht dossiers heeft bereikt en het Europees Parlement naar verwachting begin 2018 een standpunt over alle acht dossiers zal innemen, ligt een politiek akkoord over de overige kwesties binnen handbereik. Consumenten in de hele EU krijgen meer keuze op het gebied van energievoorziening, toegang tot betrouwbare instrumenten om energieprijzen te vergelijken, en de mogelijkheid om hun eigen energie te produceren en te verkopen.
Het in mei opgestarte initiatief Schone energie voor de eilanden van de EU beoogt de eilanden van de EU minder afhankelijk van de invoer van energie te maken door hun eigen hernieuwbare energiebronnen beter te benutten en gebruik te maken van modernere en innovatieve energiesystemen. Ze profiteren zo niet alleen van lagere energiekosten, maar ook van een betere luchtkwaliteit en minder broeikasgasemissies.
Geen enkele regio mag aan haar lot worden overgelaten wanneer wordt afgestapt van een op fossiele brandstoffen gebaseerde economie. In december is een nieuw platform gelanceerd om projecten en langetermijnstrategieën in steenkoolregio’s te helpen ontwikkelen. Doel van het platform is het overgangsproces op gang te brengen en de sociale en milieu-uitdagingen aan te gaan.
Energie-efficiëntie
In maart is een akkoord gesloten over duidelijkere regels voor energie-efficiëntie-etikettering, met inbegrip van een aanpassing van de productcategorieën gezien de vooruitgang die de afgelopen jaren is geboekt. Dankzij ecologisch ontwerp en het herziene energie-efficiëntie-etiket kunnen huishoudens jaarlijks bijna 500 euro besparen.
Naast het politiek akkoord over nieuwe regels ter verbetering van de energieprestaties van gebouwen, is in 2017 een herzien richtsnoer opgesteld over de registratie van energieprestatiecontracten in nationale rekeningen. Hierdoor kunnen scholen, ziekenhuizen en andere openbare gebouwen — die meer dan 10 % van het totale gebouwenbestand in de EU uitmaken — gemakkelijker investeren in maatregelen ter verbetering van de energie-efficiëntie.
Het initiatief Europese plaatselijke bijstand op energiegebied is in mei door de Europese Investeringsbank opgestart. Het verleent regionale autoriteiten bijstand bij de ontwikkeling van projecten op het gebied van energie-efficiëntie en hernieuwbare energie.
Werner Hoyer, president van de Europese Investeringsbank, en Uli Paetzel, voorzitter van de bestuursraad van Emschergenossenschaft, tekenen de overeenkomst voor de lening van €450 miljoen van de EIB voor de grootschalige rehabilitatie van het rivierstelsel van de Emscher, Oberhausen, Duitsland, 13 juli 2017.
In september hebben alle lidstaten de Verklaring van Tallinn over e-energie ondertekend om de samenwerking tussen de lidstaten en de particuliere sector te stimuleren bij de ontwikkeling van een breed opgezette strategie voor de digitalisering van energie.
De EU heeft in november een verslag gepubliceerd waarin de door de lidstaten geboekte vooruitgang op weg naar de nationale energie-efficiëntiestreefcijfers voor 2020 wordt beoordeeld. Een van de belangrijkste conclusies was dat de EU ondanks een stijging van het energieverbruik in 2015 — deels als gevolg van een koudere winter en lagere brandstofprijzen — nog steeds op schema ligt om het energie-efficiëntiestreefcijfer voor 2020 te halen.
Energiezekerheid, solidariteit en vertrouwen
Het verzekeren van de energievoorziening voor de consumenten in de EU is een van de hoekstenen van de energie-unie. Op 1 november — net vóór het begin van het verwarmingsseizoen in de winter — zijn nieuwe regels in werking getreden om de coördinatie tussen de lidstaten te verbeteren en sneller en doeltreffender op crises bij de gastoevoer te kunnen reageren. De lidstaten moeten hun buurlanden bij een ernstige crisis helpen, zodat gezinnen geen kou lijden.
Als onderdeel van een ruimere strategie om gediversifieerde en zekere gasmarkten in de Baltische staten te ontwikkelen, heeft Letland zijn gasmarkt in april geliberaliseerd, zodat de consumenten niet langer afhankelijk zijn van één leverancier.
De vierde ministeriële bijeenkomst op hoog niveau van het Commissie-initiatief Energieconnectiviteit in Centraal- en Zuidoost-Europa vormde een mijlpaal voor de hele regio. De ministers hebben een memorandum van overeenstemming ondertekend, waarin onder meer wordt voorzien in een gezamenlijke benadering van elektriciteitsmarkten, energie-efficiëntie en ontwikkeling van hernieuwbare energie. Er is een akkoord bereikt om uiterlijk eind mei 2018 een antwoord te vinden op de vraag hoe het elektriciteitsnet van de Baltische staten het best met het netwerk van continentaal Europa kan worden gesynchroniseerd.
Nucleaire veiligheid blijft een topprioriteit voor de EU. In mei 2017 heeft de EU haar eerste verslag gepubliceerd over het veilig en verantwoord beheer van radioactief afval en verbruikte splijtstof in de EU. In het verslag wordt een duidelijk beeld geschetst van de huidige situatie, wordt geconcludeerd dat de normen in de EU verbeterd zijn, en wordt de aandacht gevestigd op belangrijke gebieden waar nog meer verbeteringen nodig zijn en waaraan bijzondere aandacht moet worden geschonken. Op internationaal vlak heeft in 2017 onder meer het seminar op hoog niveau tussen de EU en Iran over internationale nucleaire samenwerking plaatsgehad (op 28 februari en 1 maart in Brussel).
Een volledig geïntegreerde interne energiemarkt
Er wordt nog steeds gewerkt aan een eengemaakte markt waar schone energie vrij en veilig kan stromen. Uit het derde verslag over de stand van de energie-unie blijkt nogmaals dat de energietransitie niet mogelijk is zonder de infrastructuur aan de behoeften van het toekomstige energiesysteem aan te passen. Er is al heel wat bereikt, maar er blijven nog een aantal knelpunten, vooral op het gebied van elektriciteit. Daarom heeft de Commissie in november een mededeling aangenomen over het streefcijfer van 15 % elektriciteitsinterconnectie voor 2030. Zij heeft ook de derde lijst van projecten van gemeenschappelijk belang gepubliceerd met 173 Europese projecten. Voor het eerst bevat deze lijst vier projecten op het gebied van grensoverschrijdende kooldioxidenetwerken.
Om de uitvoering van de projecten te ondersteunen heeft de EU 1,7 miljard euro in 96 projecten op het gebied van elektriciteits- en gasinfrastructuur en slimme energienetwerken geïnvesteerd uit hoofde van de financieringsfaciliteit voor Europese verbindingen, die tussen 2014 en 2020 5,35 miljard euro ter beschikking stelt voor energieprojecten. In april heeft de EU via de faciliteit 800 miljoen euro aan financiële middelen vrijgemaakt voor projecten op het gebied van elektriciteits- en gasinfrastructuur en slimme energienetwerken.
De EU werkt nog steeds verder aan de verbinding van elektriciteitsnetwerken en gaspijpleidingen tussen lidstaten, bijvoorbeeld door een noordelijke gascorridor tussen Noorwegen en Polen via Denemarken en de Celtic Interconnector tussen de Franse en Ierse elektriciteitssystemen en aan het opheffen van de barrières voor de vrije toevoer van gas in Midden- en Zuidoost-Europa. De EU zal ook 101,4 miljoen euro investeren in de bouw van de terminal voor vloeibaar aardgas op Krk, Kroatië.
In 2017 heeft de EU voor follow-up gezorgd van het sectoronderzoek staatssteun naar nationale capaciteitsmechanismen. De EU heeft met name onderzocht of deze mechanismen een toereikende elektriciteitsvoorziening waarborgen zonder de concurrentie of de handel op de eengemaakte markt te verstoren. Sommige lidstaten hebben voor capaciteitsmechanismen gezorgd om steeds een toereikend aanbod te waarborgen. De EU werkt nu met de lidstaten samen om te voorkomen dat bestaande en geplande maatregelen in strijd zijn met de regels inzake staatssteun.
Op internationaal vlak heeft de Commissie onder meer een voorstel gedaan voor een mandaat om met Rusland te onderhandelen over de operationele beginselen van het project Nord Stream 2 voor de levering van Russisch gas aan de EU.
Om de interne energiemarkt van de EU beter te doen functioneren en de solidariteit tussen de lidstaten te bevorderen, heeft de Commissie in november gemeenschappelijke regels voorgesteld voor gaspijpleidingen die de interne gasmarkt binnenkomen.
De economie koolstofvrij maken
Gestaag vorderingen maken bij de wereldwijde klimaatactie
Het hele jaar door is de EU de internationale gemeenschap blijven stimuleren maatregelen te nemen om de klimaatverandering tegen te gaan. In juni hebben de Verenigde Staten hun voornemen aangekondigd zich terug te trekken uit de historisch belangrijke wereldwijde klimaatovereenkomst die in 2015 in Parijs, Frankrijk, was gesloten. De EU en de internationale partners hebben zich er daarna opnieuw resoluut toe verbonden de Overeenkomst van Parijs volledig uit te voeren en de stijging van de wereldwijde gemiddelde temperatuur te beperken tot ruim minder dan 2 °C vergeleken met het pre-industriële tijdperk.
Samen met 79 landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan heeft de EU de internationale gemeenschap opgeroepen niet af te zien van ambitieuze maatregelen om de klimaatverandering tegen te gaan. Op een door de EU, Canada en China georganiseerde ministeriële bijeenkomst in september in Montreal, Canada, zijn landen uit de hele wereld samengekomen om vaart te zetten achter de overgang naar een koolstofarme economie wereldwijd.
De EU is internationaal blijven onderhandelen — met name op de conferentie van de VN over klimaatverandering in november in Bonn — om de procedures en richtsnoeren te ontwikkelen die nodig zijn om de Overeenkomst van Parijs in de praktijk te brengen.
Xie Zhenhua, speciaal gezant van China, Catherine McKenna, Canadees minister van Milieubeheer en Klimaatverandering, en commissaris Miguel Arias Cañete bundelen de krachten voor meer wereldwijde klimaatactie, Montreal, Canada, 16 september 2017.
Op de door de Franse president Emmanuel Macron in december in Parijs georganiseerde „One Planet”-top heeft de Commissie haar nieuwe actieplan voor de planeet gepresenteerd, dat onder meer tien transformerende initiatieven voor een moderne economie en een rechtvaardige samenleving omvat.
De Commissie heeft bijvoorbeeld investeringen op drie specifieke gebieden aangekondigd als onderdeel van het EU-plan voor externe investeringen, dat uiterlijk 2020 ten minste 44 miljard euro aan duurzame investeringen voor Afrika en de Europese nabuurschapslanden wil mobiliseren. Verwacht wordt dat deze uitgave uiterlijk 2020 tot 9 miljard euro aan investeringen zal genereren.
De EU blijft zich inzetten voor de collectieve wereldwijde doelstelling om tussen 2020 en 2025 jaarlijks 100 miljard US-dollar uit diverse bronnen te mobiliseren voor de financiering van klimaatactie in de ontwikkelingslanden. Zij zal de financiële middelen voor maatregelen ter aanpassing aan de effecten van de klimaatverandering aanzienlijk blijven verhogen. In 2016 hebben de EU en haar lidstaten samen 20,2 miljard euro bijgedragen aan de financiering van klimaatmaatregelen, een stijging van meer dan 15 % vergeleken met 2015.
WAT VINDEN DE EU-BURGERS VAN KLIMAATVERANDERING EN SCHONE ENERGIE?

De door de EU in Parijs aangegane verbintenissen nakomen
De EU geeft de toon aan bij de internationale inspanningen om fluorkoolwaterstoffen — gevaarlijke gassen die het klimaat doen opwarmen en vaak in verwarmings- en koelapparatuur worden gebruikt — wereldwijd uit te faseren. Door de snelle groei van de emissies van fluorkoolwaterstoffen — die duizenden malen krachtiger zijn dan kooldioxide — terug te dringen, wordt in belangrijke mate bijgedragen tot de verwezenlijking van de temperatuurdoelstelling van de Overeenkomst van Parijs. In oktober 2016 zijn bijna 200 landen in Kigali, Rwanda, overeengekomen hun productie en gebruik van deze gassen geleidelijk te beperken. In november 2017 hebben de EU-lidstaten de overeenkomst in werking doen treden en in januari 2019 zal de overeenkomst van kracht worden. De EU heeft een prijs voor politiek leiderschap ontvangen vanwege haar rol bij de goedkeuring van de overeenkomst.
Op binnenlands vlak is overeenstemming bereikt over alle belangrijke voorstellen om de in het kader van de Overeenkomst van Parijs door de EU aangegane verbintenis na te komen en de broeikasgasemissies in de EU uiterlijk 2030 met ten minste 40 % te verminderen. Het gaat onder meer om de herziening van de EU-regeling voor de emissiehandel, nationale emissiedoelstellingen voor de lidstaten, de integratie van de sector landgebruik in de klimaatwetgeving van de EU en maatregelen om de emissies van de luchtvaart aan te pakken.
Maroš Šefčovič, vicevoorzitter van de Commissie, neemt deel aan een Facebook Live-sessie tijdens de One Planet-top in Parijs, Frankrijk, 11 december 2017.
In november hebben het Parlement en de Raad een voorlopig akkoord bereikt om de EU-regeling voor de emissiehandel voor de periode na 2020 te herzien. Dankzij de hervorming van dit belangrijke instrument van de EU om de broeikasgasemissies kostenefficiënt te verminderen, kan de EU een aanzienlijk deel van haar verbintenis nakomen om de emissies uiterlijk 2030 met minstens 40 % terug te dringen.
De herziening zal de regeling ingrijpend hervormen, zodat de vermindering van de emissies en de afbouw van het huidige overaanbod aan emissierechten op de koolstofmarkt kunnen worden versneld. Bovendien voorziet de herziening in aanvullende garanties om de industrie in de EU — zo nodig — extra tegen het risico van koolstoflekkage te beschermen, en in diverse steunmechanismen om de industrie en de energiesector te helpen de uitdagingen op het gebied van innovatie en investeringen bij de overgang naar een koolstofarme economie aan te gaan.
De EU heeft ook maatregelen genomen om de milieu-integriteit van de regeling voor de emissiehandel te vrijwaren wanneer het EU-recht niet langer in het Verenigd Koninkrijk van toepassing is nadat het land de EU heeft verlaten.
De Internationale Burgerluchtvaartorganisatie heeft een akkoord bereikt over een wereldwijde marktgebaseerde maatregel om de emissies van de internationale luchtvaart op het niveau van 2020 te stabiliseren door middel van verrekening. De EU heeft daarna haar regeling voor de emissiehandel gewijzigd om de geografische reikwijdte ervan tot vluchten binnen Europa te beperken. Hierdoor blijft de bijdrage van de luchtvaartsector aan de klimaatdoelstellingen van de EU gehandhaafd en wordt bijgedragen tot de vlotte uitvoering van die wereldwijde marktgebaseerde maatregel.
Door de EU-regeling voor de emissiehandel aan soortgelijke regelingen te koppelen wordt de markt voor de vermindering van broeikasgasemissies groter, zodat de bestrijding van de klimaatverandering minder kost. De EU en Zwitserland hebben in november een overeenkomst ondertekend om hun regelingen aan elkaar te koppelen. Het is de eerste overeenkomst van dit type voor de EU en tussen twee partijen bij de Overeenkomst van Parijs inzake klimaatverandering. Voorts gaan de EU en China op het vlak van koolstofmarkten nauwer samenwerken in de aanloop naar China’s eigen regeling voor de emissiehandel.
In december is een politiek akkoord bereikt over de verordening inzake de verdeling van de inspanningen, op grond waarvan de emissies op het gebied van vervoer, gebouwen, landbouw en afval worden verminderd overeenkomstig de klimaatdoelstelling van de EU voor 2030. Er is ook een akkoord bereikt over nieuwe regels voor de verrekening van emissies uit landgebruik, verandering in landgebruik en bosbouw. Dankzij de nieuwe regels zullen landbouwgronden en bossen een grotere rol als koolstofputten spelen en zal het productieve en duurzame gebruik ervan worden gestimuleerd, wat de biogebaseerde economie en de klimaatslimme landbouw verder ten goede zal komen.
Naar schone, concurrerende en geconnecteerde mobiliteit
In 2017 heeft de Commissie een reeks voorstellen ingediend om de mobiliteit en het vervoer in de EU te moderniseren. Doel van de voorstellen was de sector bij de overgang naar schone energie en digitalisering bij te staan zonder het concurrentievermogen en de sociale inclusiviteit in het gedrang te brengen.
In mei is het pakket Europa in beweging gepresenteerd. Het beoogt vooral het verkeer veiliger te maken en de strijd aan te binden tegen CO2-emissies, luchtverontreiniging en files.
Het pakket werd in november gevolgd door een ander pakket maatregelen om zowel innovatie op het gebied van nieuwe technologieën en bedrijfsmodellen, als een efficiënter gebruik van alle vervoerswijzen voor goederen te stimuleren. De maatregelen omvatten onder meer een voorstel voor nieuwe CO2-emissiestreefcijfers voor personenauto’s en bestelwagens om de overgang naar emissiearme en emissievrije voertuigen te versnellen. Op grond van het voorstel moet de gemiddelde CO2-uitstoot van nieuwe in de EU verkochte personenauto’s en bestelwagens in 2030 30 % lager zijn dan in 2021.
SCHONE EN DUURZAME MOBILITEIT BEVORDEREN

De Commissie start een aantal initiatieven op ter bevordering van schone, geconnecteerde en concurrerende mobiliteit. Dankzij grootschalige elektromobiliteit in de hele EU zal de vraag naar accu’s aanzienlijk toenemen. De Commissie werkt daarom aan een EU-alliantie voor accu’s tussen de lidstaten en de bedrijfstakken die actief zijn in deze waardeketen. De alliantie zal in februari 2018 tijdens het industrieel forum schone energie worden gelanceerd.
Maroš Šefčovič, vicevoorzitter van de Commissie, laadt een elektrische auto op onder toeziend oog van João Pedro Matos Fernandes, Portugees minister van Milieubeheer, Lissabon, Portugal, 17 juli 2017.
Klimaatactie in verschillende beleidsmaatregelen integreren
Om de EU bij de overgang naar een duurzamere en koolstofarmere toekomst bij te staan, heeft de Commissie een investeringspakket van 222 miljoen euro uit de EU-begroting goedgekeurd in het kader van het LIFE-programma voor het milieu en klimaatactie. Hierdoor zullen extra investeringen worden gemobiliseerd, wat zal leiden tot een totaal van 379 miljoen euro voor 139 nieuwe projecten in 20 lidstaten. De projecten zullen de lidstaten bij de overgang naar een meer circulaire economie bijstaan en de uitvoering van het EU-actieplan voor de natuur ondersteunen. Dankzij de financiering zal het bijvoorbeeld mogelijk zijn het herstellingsvermogen van de monding van de Schelde in België te verbeteren (een van Europa’s drukste waterwegen), het warmte-eilandeffect in steden tegen te gaan en instrumenten te ontwikkelen om stofstormen in woestijnen te voorspellen.
HOOFDSTUK 4
Een diepere en eerlijkere interne markt met een sterkere industriële basis
„Onze interne markt is Europa’s sterkste troef in tijden van toenemende globalisering. Ik wil dan ook dat de volgende Commissie hierop voortbouwt en het potentieel ervan op alle vlakken ten volle benut.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/GlobalStock
De interne markt, ook wel de eengemaakte markt genoemd, is een van de belangrijkste verworvenheden van de EU. Als motor voor economische groei in de EU-lidstaten maakt zij het dagelijks leven van mensen en bedrijven makkelijker. Toch staan belemmeringen een goede werking van de interne markt nog steeds in de weg en is er dus nog onbenut potentieel voor meer groei en banen.
De EU streeft ernaar de eengemaakte markt beter te doen functioneren, in de eerste plaats door ervoor te zorgen dat de bestaande regels correct worden nageleefd, en in de tweede plaats door grensoverschrijdende dienstverlening in bepaalde sectoren makkelijker te maken, en te voorkomen dat goederen aan de grens worden tegengehouden. Dit alles in een systeem waarin eerlijke concurrentie heerst, fraude wordt aangepakt en grensoverschrijdende belastingheffing eenvoudig wordt gehouden.
In 2017 zijn maatregelen genomen ter versterking van Eures, het Europees portaal voor beroepsmobiliteit, dat burgers helpt bij het zoeken naar een baan en bedrijven bij het vinden van de juiste talenten. Aangezien mensen in één lidstaat kunnen werken en bij het socialezekerheidsstelsel van een ander lidstaat kunnen zijn aangesloten, is verder onderhandeld over een voorstel dat daarbij moet zorgen voor rechtvaardigheid en sociale duurzaamheid. Daarnaast zijn er maatregelen genomen om zwartwerk tegen te gaan en gezondheid en veiligheid op het werk verder te verbeteren.
Voor een vlot grensoverschrijdend verkeer van goederen en mensen zijn goede vervoersnetwerken nodig. Het hele jaar lang is gewerkt aan de versterking daarvan, met name in minder goed bediende regio’s. Deze regio’s krijgen ook steun zodat ze hun troeven kunnen uitspelen. Zo kunnen zelfs de verst afgelegen gebieden actief zijn op de eengemaakte markt.
Een vernieuwd EU-industriebeleid
In september kondigde Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, in zijn Staat van de Unie een nieuwe strategie voor het industriebeleid aan die industrieën in de EU moet helpen duurzame groei en werkgelegenheid te blijven realiseren. In die strategie worden alle bestaande en nieuwe initiatieven samengebracht in een allesomvattend industriebeleid en worden de toekomstige taken van alle betrokken partijen toegelicht.
Een vrij verkeer van goederen en diensten dat werkt in de praktijk
Voor de meeste producten die tussen de lidstaten worden verhandeld, gelden geharmoniseerde regels. Dit betekent dat voor iedereen dezelfde productnormen gelden en dat er geen belemmeringen zijn voor de grensoverschrijdende handel. Wanneer er geen gemeenschappelijke regels zijn, geldt het beginsel van wederzijdse erkenning: als een product geschikt is om in één lidstaat te worden verkocht, mag het in alle lidstaten worden verkocht. Dit werkt echter niet altijd in de praktijk, omdat goederen kunnen worden tegengehouden aan de grens, ook al moeten ze vrij kunnen worden verhandeld in alle landen van de eengemaakte markt. Volgens een nieuw voorstel zullen verkopers in een bepaald land met een verklaring van wederzijdse erkenning kunnen bewijzen dat het product voldoet aan alle vereisten in een ander land. Bij dit voorstel hoort ook een voorstel om het markttoezicht te versterken, zodat nationale autoriteiten goederen die op hun grondgebied worden verkocht, beter kunnen controleren.
DIENSTVERLENERS IN STAAT STELLEN SNELLER EN GEMAKKELIJKER TE OPEREREN IN ANDERE EU-LIDSTATEN

De EU blijft focussen op een betere werking van de eengemaakte markt voor mensen en bedrijven. Toch zijn er nog steeds belemmeringen voor de oprichting en de expansie van bedrijven, wat kan leiden tot hogere prijzen en minder keuze voor de consument. Om die trend te keren en meer banen en groei te creëren, moeten de lidstaten het potentieel van de eengemaakte markt voor diensten beter benutten.
In 2017 is een pakket maatregelen voorgesteld dat het voor bedrijven en zelfstandigen makkelijker kan maken om diensten te verlenen aan iedereen in de EU. Het pakket omvat onder andere een nieuwe Europese e-card voor diensten. Dat is een vereenvoudigde elektronische procedure om het voor zakelijke dienstverleners en voor dienstverleners in de bouwsector makkelijker te maken de administratieve formaliteiten te vervullen die nodig zijn om diensten in het buitenland te kunnen verlenen. Een ander voorstel moet ervoor zorgen dat de voorschriften die de lidstaten toepassen voor de reglementering van beroepen, evenredig en gerechtvaardigd zijn.
Overheidsopdrachten en innovatie stimuleren
Om de eengemaakte markt te versterken en in het kader van de continue inspanningen om investeringen in de EU te stimuleren, kwam de Commissie in oktober met het voorstel „Succesvolle overheidsopdrachten in en voor Europa”. Dit schetst een aanpak voor efficiëntere en duurzamere overheidsopdrachten waarbij ten volle gebruik wordt gemaakt van digitale technologieën om procedures te vereenvoudigen en te versnellen.
Om bedrijven, met name kleine en middelgrote ondernemingen en startende bedrijven, aan te zetten tot investeringen in innovatie en creativiteit, stelde de Commissie ook maatregelen voor om ervoor te zorgen dat de intellectuele-eigendomsrechten goed worden beschermd. Zo zal de EU beter toegerust zijn om de „grote vissen” te vangen achter namaak en piraterij, praktijken die bedrijven schade kunnen berokkenen en banen kunnen kosten. De maatregelen zullen ook de gezondheid en veiligheid van de consument beschermen, onder andere op het gebied van geneesmiddelen en speelgoed. Voorts wordt verwacht dat het voorgestelde octrooilicentiestelsel bevorderlijk zal zijn voor de ontwikkeling van technologieën voor interconnectie en connectiviteit (het internet der dingen), van smartphones tot verbonden auto’s.
Financiële diensten: betere producten en meer keuze voor de consument
De EU heeft zich verbonden tot een diepere en eerlijkere eengemaakte markt, onder meer met behulp van digitale middelen. Vertaald naar financiële diensten betekent dit meer concurrentie en meer keuze, zodat consumenten in een andere lidstaat of in hun eigen land goedkopere en betere diensten kunnen aanschaffen, zoals bankrekeningen, autoverzekeringen, geldovermakingen en pensioenen. Ook aanbieders van financiële diensten moeten de vruchten van de hele EU-markt kunnen plukken.
Daarom heeft de Commissie het actieplan inzake financiële diensten voor de consument gelanceerd, waarin is vastgesteld waar er nog werk aan de winkel is om consumenten de beste prijs-kwaliteitverhouding te bieden. Doel van het plan is onder andere dat automobilisten hun no-claimbonus gemakkelijker kunnen meenemen naar het buitenland, dat de tarieven voor grensoverschrijdende transacties in andere valuta’s dan de euro lager worden en dat de wettelijke en regelgevende belemmeringen voor bedrijven met uitbreidingsplannen in het buitenland worden beperkt.
Consumenten in de EU die sparen voor hun pensioen, zullen dankzij plannen van de Commissie voor nieuwe pensioenproducten binnenkort meer keuze hebben. Momenteel is de markt voor persoonlijke pensioenen in de EU versnipperd en onevenwichtig. Een nieuw soort vrijwillig persoonlijk pensioen stelt consumenten in staat hun pensioenspaarpot aan te vullen en tegelijkertijd een goede bescherming als consument te genieten.
NIEUWE SOORTEN PERSOONLIJKE PENSIOENEN IN DE EU

Mensen aan veilig en legaal werk helpen
De eengemaakte markt voor werknemers functioneert het best als mensen ook in andere lidstaten werk kunnen vinden dat hun ligt. Het afgelopen jaar is aanzienlijke vooruitgang geboekt bij de uitbreiding van Eures, het Europees portaal voor beroepsmobiliteit, een gratis dienst voor werkzoekenden, werknemers en werkgevers die op zoek zijn naar een baan of personeel in de hele EU. In de loop van 2018 zal het netwerk worden opengesteld voor meer partners, zoals particuliere arbeidsbemiddelingsdiensten, en zullen meer banen en cv’s op de portaalsite worden bekendgemaakt.
De EU blijft zich ook inzetten voor de bescherming van de gezondheid en veiligheid op het werk. In 2017 is een nieuw wetsvoorstel ingediend dat de beroepsmatige blootstelling aan zeven carcinogene of mutagene agentia, waaronder gebruikte motorolie en trichloorethyleen, moet verminderen. Een voorstel van 2016 in verband met 13 andere stoffen is in oktober door het Europees Parlement goedgekeurd.
De Commissie heeft de lidstaten ook geholpen bij de handhaving van de regels voor het vrije verkeer van werknemers, en tegelijkertijd de regels voor de detachering van werknemers verder herzien en klaargemaakt voor de toekomst. Deze regels beschermen de rechten van werknemers die door hun werkgever worden uitgezonden om tijdelijk in een andere lidstaat aan de slag te gaan. Doel van de herziene regels is het beginsel van hetzelfde loon voor hetzelfde werk op dezelfde plek vast te leggen, te zorgen voor een eerlijkere en sociaal duurzamere eengemaakte markt en bij te dragen tot een gelijk speelveld tussen bedrijven en werknemers. In oktober bereikte de Raad van de Europese Unie overeenstemming over een algemene aanpak voor de herziening van de bestaande richtlijn, en in november zijn het Parlement en de Raad van de Europese Unie onderhandelingen gestart met het oog op een akkoord over dit dossier. Eind 2017 waren de onderhandelingen nog niet afgerond.
GEDETACHEERDE WERKNEMERS IN DE EU

Het Parlement en de Raad zijn blijven werken aan een akkoord over het voorstel van de Commissie van 2016 tot modernisering van de regels voor de coördinatie van de socialezekerheidsstelsels. Doel van het voorstel is ervoor te zorgen dat de regels eerlijk, duidelijk en gemakkelijker uitvoerbaar zijn voor grenswerkers en belastingplichtigen.
Beter nageleefde regels en eenvoudigere procedures
Mensen en bedrijven kunnen hun rechten op de eengemaakte markt slechts volledig uitoefenen als de overeengekomen regels goed zijn afgestemd op het doel en correct worden toegepast in de hele EU. Daartoe is tijdige toegang tot accurate marktinformatie cruciaal, evenals ondersteuning bij problemen. Via de portaalsite Uw Europa vonden burgers en bedrijven in 2017 meer dan 20 miljoen keer praktische informatie over hun rechten op de eengemaakte markt. In de loop van het jaar beantwoordde Uw Europa — Advies meer dan 22 000 vragen over regelgeving inzake de eengemaakte markt en behandelde Solvit meer dan 2 000 concrete gevallen waarbij burgers en bedrijven problemen ondervonden met overheidsdiensten in de EU. Op basis van de ingediende verzoeken informeert Solvit de Commissie ook over gebieden waar de toepassing van het EU-recht voor verbetering vatbaar is.
In mei presenteerde de Commissie een voorstel voor één digitale toegangspoort om de toegang tot hoogwaardige informatie, administratieve onlineprocedures en ondersteunende diensten voor mensen en bedrijven te vergemakkelijken. Elke procedure die momenteel online beschikbaar is voor binnenlandse gebruikers, moet ook toegankelijk worden voor gebruikers uit andere lidstaten en beschikbaar zijn in een andere EU-taal dan de landstaal, zodat mensen uit andere lidstaten er ook gemakkelijker gebruik van kunnen maken.
In bepaalde omstandigheden kunnen met het voorgestelde informatie-instrument voor de eengemaakte markt ook gegevens worden verzameld als er ernstige problemen zijn met de toepassing van wetgeving voor de eengemaakte markt.
In juli keurde de Commissie een mededeling goed over het markttoezicht op online verkochte producten. De snelle ontwikkeling van e-commerce stelt de autoriteiten van de lidstaten voor problemen bij de controle van de veiligheid van producten en van de naleving van de EU-normen. De mededeling moet een antwoord bieden op vragen, en oplossingen voorstellen. Dit zal voor de consument bijdragen tot een verbetering van het markttoezicht op online verkochte producten, en zorgen voor een gelijk speelveld voor bedrijven.
Slimme, sociaal rechtvaardige en concurrerende mobiliteit
Vervoer en mobiliteit zijn cruciaal voor de economie en het concurrentievermogen van de EU. De sector staat echter voor een aantal grote uitdagingen. De bestaande sociale wetgeving wordt in de EU niet consistent toegepast en gehandhaafd: brievenbusmaatschappijen vestigen zich in lidstaten waar ze geen echte activiteiten uitoefenen, maar waar ze wel profiteren van minder strenge voorschriften, en alleen al het wegvervoer is goed voor bijna de helft van de uitstoot van broeikasgassen in de EU. In mei kwam de Commissie met een langetermijnstrategie voor de periode tot 2025 voor een concurrerende, schone en geconnecteerde mobiliteit.
Commissaris Pierre Moscovici bezoekt een autofabriek om EU-financiering te bespreken, Bourgogne-Franche-Comté, Frankrijk, 6 oktober 2017.
Deze strategie is beschreven in de Commissiemededeling „Europa in beweging”. Deze gaat vergezeld van acht wetgevingsvoorstellen die specifiek gericht zijn op wegvervoer. De voorstellen zijn onder andere bedoeld om de werking van de markt voor goederenvervoer te verbeteren, om bij te dragen tot betere sociale en arbeidsvoorwaarden van werknemers en om de toepassing van de nationale wetgeving voor minimumlonen te vereenvoudigen. Meer in het algemeen wil de Commissie een duurzamer wegvervoer bevorderen door middel van tolgelden waarin de externe kosten van luchtverontreiniging zijn meegenomen, en door middel van digitale oplossingen om de administratieve rompslomp te verminderen en verschillende soorten vervoer te integreren. Door het stimuleren van werkgelegenheid, groei en investeringen zullen de voordelen op lange termijn wellicht tot ver buiten de vervoerssector reiken.
In juni keurde de Commissie een pakket initiatieven goed die, in overeenstemming met de luchtvaartstrategie voor Europa, voor verbeteringen in de luchtvaartsector moeten zorgen. Een van die initiatieven is een voorstel om het concurrentievermogen van luchtvaartmaatschappijen in de EU te waarborgen, wat ook de werkgelegenheid en groei in sectoren zoals luchthavens en luchtnavigatiediensten zal stimuleren. Voorts gaf de Commissie een overzicht van praktische maatregelen om de continuïteit van de dienstverlening in het luchtverkeersbeheer bij vakbondsacties te verbeteren. Deze maatregelen moeten onderbrekingen beperken, zonder af te doen aan het recht om te staken.
Daarnaast zijn er ook richtsnoeren over eigendoms- en controlevereisten voor luchtvaartmaatschappijen in de EU opgesteld. Doel is meer inzicht te geven in deze regels en zo buitenlandse investeringen te vergemakkelijken, wat weer gunstig is voor de werkgelegenheid in de luchtvaartsector van de EU. De Commissie drong er bij het Parlement en de Raad ook op aan de voorgestelde maatregelen in het kader van het initiatief van de EU voor een gemeenschappelijk Europees luchtruim goed te keuren. Deze maatregelen zouden de efficiëntie van het luchtverkeersleidingssysteem verbeteren, versnippering verminderen en onderbrekingen in het luchtverkeer beperken.
Het Parlement en de Raad kwamen overeen de veiligheidsvoorschriften voor passagiersschepen in EU-wateren te vereenvoudigen en te verbeteren op basis van inzichten die met ongevallen en technologische ontwikkelingen zijn opgedaan. Een van de verbeteringen is dat bevoegde autoriteiten in noodgevallen onmiddellijk toegang zullen krijgen tot hiervoor relevante gegevens.
Commissaris Elżbieta Bieńkowska met gezagvoerder Yann Lardet in het Airbus Training Centre in Singapore, 10 oktober 2017.
Concurrentie die innovatie stimuleert
Als mededingingsautoriteit op het gebied van controle op bedrijfsfusies moet de Commissie ervoor zorgen dat een fusie burgers in de EU de voordelen van concurrentie, zoals lagere prijzen, meer keuze en meer productinnovatie, niet ontneemt. In 2017 zijn in de agrochemische sector twee belangrijke fusies onder voorwaarden goedgekeurd: de overname van Syngenta door ChemChina en de fusie van Dow en DuPont. Aangezien innovatie in de agrochemische sector cruciaal is, heeft de Commissie gekeken naar de mogelijke gevolgen van de fusies voor innovatie in de toekomst. In het geval van de fusie Dow-DuPont hadden beide bedrijven een aantal soortgelijke projecten voor nieuwe bestrijdingsmiddelen lopen. Een belangrijke voorwaarde voor de goedkeuring van de fusie was de afstoting van DuPonts wereldwijde onderzoeks- en ontwikkelingsorganisatie voor gewasbescherming.
In juni keurde de Commissie 377 miljoen euro aan staatssteun van Duitsland en Frankrijk goed voor het innoverende project Airbus Helicopter X6. De motivering hiervoor was enerzijds dat de financiële markten terughoudend waren om zo’n ambitieus project te financieren dat wellicht pas na lange tijd zou renderen, en anderzijds dat steun voor het project niettemin extra investeringen zou stimuleren.
In oktober concludeerde de Commissie dat Luxemburg Amazon onterecht belastingvoordelen ter waarde van ongeveer 250 miljoen euro had toegekend. Dat is illegaal volgens de EU-staatssteunregels, omdat Amazon daardoor beduidend minder belastingen betaalde dan andere bedrijven. Luxemburg moet de illegale steun nu terugvorderen.
In oktober besloot de Commissie ook Ierland voor het Hof van Justitie van de Europese Unie te dagen omdat het 13 miljard euro aan illegale steun niet heeft teruggevorderd van Apple. In augustus 2016 had de Commissie vastgesteld dat de belastingvoordelen die Apple in Ierland genoot, volgens de EU-regels illegaal waren omdat het bedrijf daardoor beduidend minder belastingen betaalde dan andere bedrijven. Dankzij deze selectieve behandeling betaalde Apple in 2003 namelijk slechts 1 % aan effectieve vennootschapsbelasting over zijn Europese winst. In 2014 was dat zelfs nog maar 0,005 %.
In juni kreeg Google een geldboete van 2,42 miljard euro wegens schending van de EU-antitrustregels door misbruik van zijn machtspositie als zoekmachine (zie ook hoofdstuk 2).
Belastingheffing vereenvoudigen en fraude aanpakken
Met het oog op een goede werking van de eengemaakte markt zijn nieuwe transparantieregels voorgesteld voor intermediairs zoals belastingadviseurs, accountants, banken en advocaten die fiscale planningsregelingen voor hun cliënten opzetten en promoten. Grensoverschrijdende regelingen waarvan bepaalde kenmerken tot inkomstenverlies voor de overheid kunnen leiden, moeten nu automatisch vooraf aan de belastingautoriteiten worden gemeld.
Met 360 miljoen dagelijkse internetgebruikers in de EU heeft de digitale eengemaakte markt een modern en stabiel fiscaal kader nodig. In september presenteerde de Commissie haar nieuwe EU-agenda die ervoor moet zorgen dat de digitale economie op een eerlijke en groeivriendelijke manier wordt belast.
De Commissie kwam ook met een wetgevingsvoorstel voor de invoering van een definitief btw-stelsel voor het handelsverkeer tussen de lidstaten. Het nieuwe stelsel is gebaseerd op het beginsel van belastingheffing in de lidstaat waarvoor de goederen bestemd zijn, waarbij de leverancier de btw van dat land in rekening brengt.
Elk jaar gaat meer dan 150 miljard euro aan btw-inkomsten verloren. De lidstaten lopen daardoor inkomsten mis die bijvoorbeeld zouden kunnen worden gebruikt voor scholen, wegen en gezondheidszorg. Naar schatting 50 miljard euro daarvan — of ongeveer 100 euro per EU-burger per jaar — is toe te schrijven aan grensoverschrijdende btw-fraude.
In november is een wetgevingsvoorstel ter bestrijding van btw-fraude ingediend om de samenwerking tussen belastingautoriteiten en douane- en rechtshandhavingsinstanties te versterken. In december keurde de Raad een besluit goed voor de ondertekening van een overeenkomst tussen de EU en Noorwegen voor administratieve samenwerking, invorderingsbijstand en bestrijding van btw-fraude.
Regio’s in de EU helpen hun troeven uit te spelen
De globalisering heeft enorme voordelen opgeleverd voor de minder ontwikkelde economieën in de wereld en nieuwe kansen geboden voor de burgers van de EU. Terwijl de voordelen op grote schaal voelbaar zijn, zijn de kosten vaak ongelijk verdeeld. De Europese Unie moet veerkrachtiger worden, haar regio’s sterker maken en hen helpen waarde te creëren. Daarom moet worden ingezet op innovatie, digitalisering en een koolstofarmere economie, en moeten vaardigheden worden ontwikkeld. Voorts moeten EU-middelen beschikbaar worden gesteld aan alle regio’s van de EU, zodat ze met het oog op slimme specialisatie via partnerschappen tussen innovatoren kunnen investeren in hun nichegebieden. In 2017 heeft de Commissie twee proefprojecten opgezet om innovatieve methoden voor interregionale samenwerking te testen.
Ultraperifere gebieden in de EU kunnen ook nadeel ondervinden van hun relatieve isolement. Dankzij vereenvoudigde regels kunnen nationale overheden bedrijven gemakkelijker compenseren voor de extra kosten die ze maken met hun activiteiten in ultraperifere gebieden. Daarbij wordt rekening gehouden met specifieke problemen die dergelijke bedrijven ondervinden, zoals de grote afstand en de afhankelijkheid van een beperkt aantal producten.
HOOFDSTUK 5
Een diepere en billijkere Economische en Monetaire Unie
„De komende vijf jaar wil ik de hervorming van onze Economische en Monetaire Unie voortzetten om de stabiliteit van onze eenheidsmunt te vrijwaren en de convergentie te versterken van het economisch, budgettair en arbeidsmarktbeleid van de lidstaten die aan de eenheidsmunt deelnemen.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/instamatics
De EU heeft in 2017 verscheidene mijlpalen bereikt op weg naar een diepere en billijkere Economische en Monetaire Unie, met inbegrip van een uitgebreide bankenunie. Met de voltooiing van dit werk zal de EU beter het hoofd kunnen bieden aan bestaande en nieuwe uitdagingen, om met sterke instellingen en democratische verantwoording te zorgen voor economische en sociale convergentie, sterkere groei en meer werkgelegenheid.
Voortbouwend op het verslag van de vijf voorzitters van juni 2015 heeft de Europese Commissie in het kader van het debat dat in maart 2017 met het Witboek over de toekomst van Europa van start is gegaan, in mei 2017 een discussienota over de verdieping van de Economische en Monetaire Unie gepubliceerd.
In oktober heeft de Commissie aangedrongen op de voltooiing van de bankenunie als integrerend onderdeel van haar visie op een diepere Economische en Monetaire Unie, die voor de burgers en de bedrijfswereld tastbare voordelen oplevert.
In december werd de volgende mijlpaal bereikt, toen de Commissie haar pakket wetgevingsvoorstellen voor de Economische en Monetaire Unie presenteerde. Met een routekaart en verschillende concrete maatregelen heeft de Europese Commissie de toezegging ingelost die voorzitter Jean-Claude Juncker in zijn Staat van de Unie van 2017 heeft gedaan om de Economische en Monetaire Unie van Europa te verdiepen.
De voorstellen omvatten de hervorming van het Europees stabiliteitsmechanisme tot een Europees Monetair Fonds binnen het rechtskader van de EU, om bijstand te verlenen aan lidstaten van de eurozone in financiële nood. Verder schetst de Commissie hoe bepaalde begrotingstaken die essentieel zijn voor de eurozone en de EU als geheel, kunnen worden ontwikkeld om verdere ondersteuning te bieden. Dit zou de lidstaten helpen bij hun structurele hervormingen.
Naar een diepere Economische en Monetaire Unie
2017 vergde volharding en een duidelijke visie van iedereen die werkte aan de ontwikkeling van een sterkere, democratischere en meer verenigde Europese Unie. De Economische en Monetaire Unie is een essentieel onderdeel van het debat, en moet een centrale rol spelen om te komen tot een Unie van gelijken die gericht is op wat mensen echt belangrijk vinden.
Op 1 maart heeft de Commissie een witboek voorgesteld waarin vijf scenario’s worden geschetst van de mogelijke evolutie van de EU tegen 2025 en de voornaamste keuzes die met elk scenario verbonden zijn. Elke keuze zou gevolgen hebben voor de toekomst van de Economische en Monetaire Unie. Willen wij als Unie doorgaan zoals we bezig zijn? Moeten we ons enkel richten op de eengemaakte markt? Moeten we toelaten dat diegenen die er klaar voor zijn, verdergaan en meer samenwerken? Moeten we ervoor kiezen om minder dingen te doen, maar dan efficiënter? Of moeten we proberen om samen veel meer te bereiken?
In mei heeft de Commissie het specifieke debat over de verdieping van de Economische en Monetaire Unie verbreed met de publicatie van haar discussienota over dit onderwerp. De ideeën in die discussienota maken deel uit van de visie op een sterkere, democratischere en meer verenigde EU. In september heeft voorzitter Juncker in zijn Staat van de Unie de ruimere context voorgesteld: een visie die hoop en stabiliteit biedt, en rechtvaardigheid en kansen voor iedereen.
Mario Draghi, president van de Europese Centrale Bank, op het hoofdkantoor van de ECB in Frankfurt, Duitsland, met het nieuwe biljet van €50 dat op 4 april 2017 in omloop wordt gebracht.
In de discussienota wordt onderstreept dat een doeltreffende en stabiele Economische en Monetaire Unie moet steunen op een geïntegreerd en goed functionerend financieel systeem. Voortbouwend op het elan van wat in de afgelopen jaren reeds is verwezenlijkt, moet nu overeenstemming worden bereikt over de manier waarop we moeten voortgaan tot 2025. De voltooiing van de bankenunie, risicodeling en risicobeperking in de banksector en de versterking van de veerkracht van de banken in de EU zijn de volgende noodzakelijke stappen, naast het verstrekken van veelzijdigere en innovatievere financiering aan de reële economie in een echte kapitaalmarktenunie.
Voor de voltooiing van de bankenunie
De bankenunie beschermt de financiële stabiliteit en is van essentieel belang voor de vlotte werking van de eurozone en de EU als geheel. Risicodeling en risicobeperking gaan hand in hand voor de voltooiing ervan. Er is al aanzienlijke vooruitgang geboekt om de banken in de EU veerkrachtiger te maken en zo de risico’s in de banksector te beperken, en verdere stappen worden voorbereid. Sinds de crisis heeft de Commissie meer dan vijftig voorstellen ingediend om de veerkracht van de financiële sector te versterken.
Het moment om de bankenunie te voltooien, is aangebroken. In 2013 hebben de lidstaten overeenstemming bereikt over de totstandbrenging van een achtervang (of veiligheidsnet) voor het Gemeenschappelijk Afwikkelingsfonds, maar vier jaar later is die nog steeds niet operationeel. In zijn Staat van de Unie van 2017 heeft Commissievoorzitter Juncker benadrukt dat dit een prioriteit is. De Commissie stelt voor deze achtervang in het leven te roepen als onderdeel van het toekomstig Europees Monetair Fonds. Daarmee zal een belangrijke stap worden gezet in de richting van de voltooiing van de bankenunie.
Het versterken van de economische en sociale structuren in de lidstaten is ook een van de essentiële elementen voor het succes van de Economische en Monetaire Unie op lange termijn. De andere cruciale elementen waren de verdere versterking van het Europees Semester (het kader voor de coördinatie van economisch en budgettair beleid in de gehele EU) en de koppeling van financiële steun uit de EU-begroting aan structurele hervormingen. Tevens werd voorgesteld een centrale capaciteit tot stand te brengen om bijstand te verlenen aan lidstaten van de eurozone die met macro-economische schokken te kampen hebben.
In de discussienota wordt onderstreept dat de Economische en Monetaire Unie enkel kan worden hervormd wanneer parallel werk wordt gemaakt van meer democratische verantwoording en sterkere instellingen in de eurozone. Om vooruitgang te boeken, moeten meer verantwoordelijkheden en beslissingen in verband met de eurozone worden gedeeld binnen een gemeenschappelijk rechtskader.
In de discussienota wordt het engagement bevestigd voor daadwerkelijke convergentie tussen de rijkere en de armere delen van de EU.
In december heeft de Commissie het wetgevingspakket voor de Economische en Monetaire Unie voorgesteld, met onder meer voorstellen om het Europees stabiliteitsmechanisme te hervormen tot een Europees Monetair Fonds dat binnen het rechtskader van de EU is verankerd. Het Fonds zou de lidstaten van de eurozone in financiële nood blijven bijstaan. Bovendien zou het de gemeenschappelijke achtervang voor het Gemeenschappelijk Afwikkelingsfonds vormen en als „lender of last resort” optreden om de ordelijke afwikkeling van banken in nood te vergemakkelijken. Ook wordt gestreefd naar snellere besluitvorming in spoedeisende gevallen en een directere betrokkenheid bij het beheer van de programma’s voor financiële bijstand. Na verloop van tijd zou het Europees Monetair Fonds ook nieuwe financiële instrumenten kunnen ontwikkelen, bijvoorbeeld ter ondersteuning van een mogelijke stabiliseringsfunctie.
VOLTOOIING VAN DE EUROPESE ECONOMISCHE EN MONETAIRE UNIE

Daarnaast heeft de Commissie de discussie geopend over nieuwe begrotingsinstrumenten voor een stabiele eurozone binnen het kader van de Europese Unie. Daarin schetst zij hoe bepaalde begrotingstaken die essentieel zijn voor de eurozone en de EU als geheel, kunnen worden ontwikkeld binnen het kader van de openbare financiën van de EU. Het gaat om deze taken:
- steun voor structurele hervormingen van de lidstaten via een hervormingsinstrument en technische ondersteuning op verzoek van de lidstaten;
- een specifieke convergentiefaciliteit voor de lidstaten op weg naar toetreding tot de eurozone;
- een achtervang voor de bankenunie via het Europees Monetair Fonds/Europees stabiliteitsmechanisme, waarover medio 2018 een akkoord moet worden bereikt en die uiterlijk in 2019 operationeel moet zijn;
- een stabilisatiefunctie om bij grote asymmetrische schokken in de lidstaten investeringen te beschermen.
De Commissie zal in mei 2018 de nodige initiatieven presenteren in het kader van haar voorstellen voor het meerjarig financieel kader voor de periode na 2020. Voor de periode 2018-2020 heeft de Commissie voorgesteld de technische ondersteuning aan de lidstaten via het steunprogramma voor structurele hervormingen (SRSP) te versterken door de beschikbare middelen tussen nu en 2020 te verdubbelen tot 300 miljoen euro.
64 % VAN DE BURGERS IN DE EUROZONE VINDT DE EURO EEN GOEDE ZAAK

De Commissie heeft een proefproject voorgesteld om het nieuwe hervormingsinstrument te testen. Daartoe heeft zij voorgesteld specifieke wijzigingen in te voeren in de verordening gemeenschappelijke bepalingen betreffende de Europese structuur- en investeringsfondsen, waardoor de lidstaten de mogelijkheid zouden krijgen om de prestatiereserve van de fondsen te gebruiken ter ondersteuning van overeengekomen hervormingen.
De Commissie heeft tevens voorgesteld de inhoud van het Verdrag inzake stabiliteit, coördinatie en bestuur in de Economische en Monetaire Unie te integreren in het EU-recht, rekening houdend met de passende flexibiliteit die in het stabiliteits- en groeipact is ingebouwd.
In het wetgevingspakket voor de Economische en Monetaire Unie wordt bovendien uitgelegd hoe de Commissie de mogelijke functies ziet van een Europees minister van Economische Zaken en Financiën, die een dubbele rol vervult. Als vicevoorzitter van de Commissie en tegelijk voorzitter van de Eurogroep zou de minister bestaande verantwoordelijkheden en beschikbare deskundigheid samenbrengen. Zo zouden de samenhang, efficiëntie, transparantie en democratische verantwoording van de economische beleidsvorming voor de EU en de eurozone worden versterkt, met volledige inachtneming van de nationale bevoegdheden.
Kansen grijpen voor groei en banen
Het Europees Semester 2017 heeft baat gehad bij de nieuwe, gestroomlijnde procedures. Naar aanleiding van de aanbevelingen van de Commissie in mei, die vervolgens door de Raad van de Europese Unie werden aangenomen, heeft de Commissie richtsnoeren gegeven voor alle lidstaten en de eurozone in haar geheel. De voornaamste boodschap luidde dat het nu het moment is om de kansen te grijpen die het economisch herstel biedt om tot een inclusievere, robuustere en duurzamere groei te komen door hervormingen die zorgen voor extra banen, meer convergentie en veerkracht, en een rechtvaardigere samenleving.
Terwijl de prioriteiten in de EU uiteenliepen, bleek uit dit proces dat structurele hervormingen die investeringen een nieuwe impuls geven en de overheidsfinanciën versterken, onontbeerlijk zijn voor een sterk en duurzaam economisch herstel.
Op 22 november werd de cyclus van het Europees Semester 2018 op gang gebracht. De Commissie beveelt verdere structurele hervormingen aan en roept de lidstaten op investeringen een nieuwe impuls te geven om op die manier de expansie te ondersteunen en de productiviteit en de groei op lange termijn te verbeteren. Deze cyclus is de praktische omzetting van het sociaal scorebord, een instrument dat werd ingevoerd voor de tenuitvoerlegging van de Europese pijler van sociale rechten.
Eerlijke mededinging waarborgen en staatssteun controleren
Uit de staatssteunzaken in 2017 is gebleken dat door de stapsgewijze uitvoering van het kader voor de bankenunie de lasten voor de belastingbetalers om banken te redden, geleidelijk kunnen worden verminderd. Door verdere continue verbeteringen, met name het uitbouwen van minimumvereisten voor eigen vermogen en in aanmerking komende passiva, zal de afhankelijkheid van het geld van de belastingbetaler in de toekomst nog verder verminderen.
In 2017 werd met de afwikkeling van de Spaanse Banco Popular voor het eerst het afwikkelingskader van de bankenunie toegepast. Nadat de Gemeenschappelijke Afwikkelingsraad was overgegaan tot de omzetting en de afschrijving van de kapitaalinstrumenten, werd de bank verkocht aan de Santander Group. Aangezien hier geen steun uit de fondsen aan te pas kwam, hoefde de Commissie niet op te treden als staatssteunautoriteit.
Toch blijft de controle van staatssteun in de banksector van belang. Zo blijven bij preventieve herkapitalisatie (waarbij een staat eigen middelen injecteert in een solvabele bank om de financiële stabiliteit te bewaren) de specifieke staatssteunregels voor banken van toepassing. Een voorbeeld daarvan is Banca Monte dei Paschi di Siena, die in 2017 op basis van een ingrijpend herstructureringsplan steun ontving die op grond van de staatssteunregels was goedgekeurd.
Liquidatiesteun in het kader van nationale insolventieprocedures kan onder bepaalde voorwaarden worden toegestaan. Zo heeft Italië in juni de goedkeuring van de Commissie gekregen voor de steun die het had verstrekt aan Banca Popolare di Vicenza en Veneto Banca om ordelijk de markt te verlaten en zo economische hinder in de regio Veneto, „moral hazard” en verstoring van de mededinging in de banksector te voorkomen.
De goedkeuring van de Commissie voor de steun aan deze drie banken was gekoppeld aan de voorwaarde dat de aandeelhouders en de achtergestelde schuldeisers zo veel mogelijk in de lasten delen om zo het bedrag te beperken dat door de belastingbetaler moet worden betaald.
Ten slotte kan uit de beoordeling op grond van de staatssteunregels blijken dat de staat optreedt als een normale marktdeelnemer en daarvoor een vergoeding aan marktvoorwaarden moet ontvangen waarin de risico’s worden weerspiegeld, zodat er dus geen sprake is van staatssteun. Dat was het geval bij de kapitaalinjectie door de Portugese staat in Caixa Geral de Depósitos ter ondersteuning van een verregaande strategie om de bank winstgevend te maken.
De bankenunie
Europese toezichthoudende autoriteiten
In september heeft de Commissie voorstellen bekendgemaakt voor een sterker en beter geïntegreerd EU-toezicht op banken, financiële markten en verzekeringen, en pensioenen. Het is de bedoeling voor een betere uniforme uitvoering van de EU-regels te zorgen en de betrokken markten veerkrachtiger te maken. In de voorstellen wordt rekening gehouden met nieuwe ontwikkelingen op het gebied van financiële technologie en met het toenemende belang van duurzaamheidsoverwegingen.
WAT DE BANKENUNIE GAAT DOEN

De bankenunie moet worden voltooid om haar volledige potentieel te kunnen realiseren en de Economische en Monetaire Unie stabieler en schokbestendiger te maken, en tegelijk de behoefte aan publieke risicodeling te beperken. De kapitaalmarktenunie en de voltooiing van de bankenunie zullen samen een stabiel en geïntegreerd financieel systeem in de EU bevorderen.
Voortbouwend op de aanzienlijke vooruitgang die reeds werd geboekt, heeft de Commissie een ambitieus maar realistisch pad uitgestippeld om op basis van de bestaande toezeggingen van de Raad over alle openstaande kwesties in verband met de bankenunie overeenstemming te bereiken. In de loop van het jaar hebben het Europees Parlement en de Raad overeenstemming bereikt over belangrijke volgende stappen om op basis van de voorstellen van de Commissie van november 2016 de risico’s in de banksector terug te dringen. Zo zullen bijvoorbeeld de banken meer duidelijkheid krijgen over het aanleggen van buffers om verliezen op te vangen, en wordt het gemakkelijker om indien nodig een bank af te wikkelen zonder een beroep te doen op middelen van de belastingbetaler.
Er zijn reeds aanzienlijke vorderingen gemaakt om het volume oninbare leningen in de balans van banken terug te dringen, maar er is nog veel werk voor de boeg. Oninbare leningen leiden tot aantasting van de rentabiliteit van banken en hun vermogen om leningen te verstrekken. Ze veroorzaken ook onzekerheid over de stabiliteit van het bankwezen. Daarom ontplooit de EU een actieplan om de oninbare leningen verder te beperken en om door een reeks maatregelen te voorkomen dat leningen oninbaar worden.
Financiële diensten voor consumenten
Nieuwe financiële technologieën hebben een belangrijke invloed op de financiële sector, zowel voor de consumenten als voor de aanbieders. In maart heeft de Commissie een actieplan inzake financiële diensten voor consumenten bekendgemaakt om de eengemaakte markt voor financiële diensten voor consumenten te versterken. Het actieplan heeft tot doel de consumenten in deze sector beter te beschermen en het potentieel van digitalisering en technologische ontwikkelingen te benutten om in de gehele EU de consumenten betere keuzes en toegang tot financiële diensten te bieden. Er werd tevens een openbare raadpleging over technologische innovatie in financiële diensten georganiseerd, over onder meer de kansen op het gebied van toegang tot financiële diensten, kostenefficiëntie of mededinging, maar ook risico’s in verband met cyberbeveiliging of gegevensbescherming. De raadpleging moest tevens peilen naar mogelijke belemmeringen voor de uitbreiding van een dergelijke innovatie in Europa.
Valdis Dombrovskis, vicevoorzitter van de Commissie, presenteert het actieplan inzake financiële diensten voor de consument, Brussel, 23 maart 2017.
De Europese pijler van sociale rechten
In april heeft de Commissie een uitgebreid sociaal pakket voorgesteld als volgende stap naar een billijkere EU met een sterke sociale dimensie. Aan de basis van dit initiatief lag het voorstel voor een Europese pijler van sociale rechten. Daarin worden twintig fundamentele beginselen en rechten opgesomd om billijke en goed werkende arbeidsmarkten en welvaartstelsels te ondersteunen. Het is opgezet als een kompas voor een hernieuwd proces dat naar betere werk- en levensomstandigheden in de EU leidt.
WAT DE EUROPESE PIJLER VAN SOCIALE RECHTEN BIEDT

DE TWAALF GEBIEDEN VAN HET SOCIAAL SCOREBORD

De pijler wordt aangevuld met een aantal wetgevings- en niet-wetgevingsinitiatieven, met name in verband met de balans tussen werk en privéleven voor ouders en mantelzorgers, arbeidsvoorwaarden, toegang tot sociale bescherming en arbeidstijden.
Met het voorstel van de Commissie van december over transparante en voorspelbare arbeidsvoorwaarden worden de bestaande verplichtingen om elke werknemer in kennis te stellen van zijn of haar arbeidsvoorwaarden aangevuld en gemoderniseerd. Daarnaast wordt met het voorstel beoogd nieuwe minimumnormen te introduceren om te garanderen dat alle werknemers, ook die met atypische contracten, kunnen profiteren van duidelijkere en beter voorspelbare arbeidsvoorwaarden.
Voorts is het sociaal scorebord in het leven geroepen om in alle EU-lidstaten de trends en de prestaties te volgen op twaalf gebieden en om de vooruitgang te beoordelen om voor de EU als geheel tot een sociale AAA-rating te komen. De resultaten van het sociaal scorebord zullen worden verwerkt in het Europees Semester van economische beleidscoördinatie en zullen ertoe bijdragen dat dit toegespitst is op werkgelegenheid en de sociale prestaties. Op 17 november 2017 hebben Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, en Stefan Löfven, premier van Zweden, in Göteborg een sociale top voor eerlijke banen en groei georganiseerd, waarop de Europese pijler van sociale rechten werd afgekondigd.
Evenwicht tussen werk en privéleven
In april heeft de Commissie een voorstel over het evenwicht tussen werk en privéleven ingediend met een aantal nieuwe of strengere minimumnormen voor ouderschaps-, vaderschaps- en zorgverlof. De voorgestelde maatregelen zijn met name bedoeld om mannen beter in staat te stellen verantwoordelijkheden op het gebied van ouderschap en zorg op zich te nemen. Dit zal hun kinderen ten goede komen en de deelname van vrouwen op de arbeidsmarkt bevorderen, waardoor het verschil in arbeidsparticipatie tussen mannen en vrouwen wordt teruggedrongen. Het voorstel geeft ouders van kinderen tot en met twaalf jaar en mantelzorgers eveneens het recht een flexibele werkregeling aan te vragen.
De sociale dimensie van Europa
Na de publicatie in maart van het Witboek over de toekomst van Europa heeft de Commissie in april een discussienota over de sociale dimensie van Europa bekendgemaakt, waarin vragen worden opgeworpen over hoe we onze levensstandaard kunnen behouden, meer en betere banen kunnen scheppen, mensen met de juiste vaardigheden kunnen uitrusten en meer samenhang in onze maatschappij kunnen creëren met het oog op de samenleving en arbeidsmarkt van morgen. De sociale top voor eerlijke banen en groei in Göteborg in november, die werd afgesloten met de afkondiging van de Europese pijler van sociale rechten, vormde een fundamentele bijdrage aan dit debat.
Commissaris Marianne Thyssen (rechts) in gesprek met een exposant, met Alastair Macphail van de Europese Stichting voor opleiding (tweede van rechts) en Oren Lamdan, leerkracht (midden), op de conferentie 2016-2017 over het proces van Turijn „Changing Skills for a Changing World”, Turijn, Italië, 8 juni 2017.
In oktober is een bewustmakingscampagne over energie-efficiëntie en energiearmoede van start gegaan. In het kader daarvan werd een proefproject georganiseerd in vier lidstaten (Tsjechië, Griekenland, Portugal en Roemenië) waarbij communicatiemateriaal werd ontworpen en verspreid en evenementen werden georganiseerd met belangrijke stakeholders en multiplicatoren, zoals gemeenten en consumentenorganisaties. Als dit project een succes wordt, kan dit tot andere lidstaten worden uitgebreid. Aangezien veel huishoudens in de hele EU nog steeds te kampen hebben met de gevolgen van de financiële en economische crisis, vormt deze campagne een prioriteit. Energiearmoede blijft in veel lidstaten een groot probleem, en de huishoudens die het zwaarst worden getroffen, zijn vaak eenoudergezinnen met kinderen ten laste.
Europese sociale dialoog
De EU blijft resultaten boeken voor de nieuwe start voor de sociale dialoog en de gemeenschappelijke verklaring van juni 2016 over de fundamentele rol van de Europese sociale dialoog als belangrijk onderdeel van de vorming van het EU-beleid inzake werkgelegenheid en sociale zaken. De Commissie heeft de vakbonden, de werkgevers en andere sociale partners geraadpleegd over belangrijke initiatieven. In overeenstemming met het beginsel van de Europese pijler van sociale rechten inzake sociale dialoog zullen de sociale partners bij de uitvoeringsfase een belangrijke rol spelen.
Onderwijs en opleiding voor meer potentieel
Doeltreffende onderwijs- en opleidingsstelsels rusten jongeren uit met de kennis, competenties en vaardigheden om zinvol werk te vinden en onafhankelijke, geëngageerde burgers te worden. Ze bieden werknemers tevens de mogelijkheid hun vaardigheden bij te schaven om bij te blijven bij de veranderende werkmethoden en behoeften van de arbeidsmarkt en om de productiviteit en de groei te helpen verbeteren.
Hervormingen van de onderwijs- en opleidingsstelsels zijn een topprioriteit in de meeste lidstaten en nemen ook in het Europees Semester 2017 een prominente plaats in (zie hoofdstuk 1 voor meer informatie over het Europees Semester). Veertien lidstaten hebben een landspecifieke aanbeveling over onderwijs en opleiding ontvangen.
Hervormingen vormden ook de kern van de in mei aangenomen EU-strategie voor hoogwaardig onderwijs voor iedereen, die nieuwe initiatieven omvat voor ontwikkeling van scholen en een hernieuwde agenda voor hoger onderwijs. In november heeft de Raad het voorstel over het volgen van afgestudeerden aangenomen om de lidstaten informatie te helpen verzamelen over wat afgestudeerden doen na hun studie, en de Commissie heeft bij de EU-leiders een voorstel ingediend over de manier waarop kan worden samengewerkt voor een Europese onderwijsruimte door versterking van de Europese identiteit via onderwijs en cultuur. In december hebben de Europese leiders de Europese Commissie opgeroepen om via de uitbreiding van het Erasmus+-programma werk te maken van een betere mobiliteit, twintig Europese universiteiten in te richten tegen 2024, het leren van talen te bevorderen, een Europese studentenkaart te ontwerpen, samen met de lidstaten te werken aan een wederzijdse erkenning van hogeronderwijs- en andere schooldiploma’s, en door middel van het Europees Jaar van het Cultureel Erfgoed cultuur te bevorderen.
Contact met de burgers
Hoogtepunten van de burgerdialogen in 2017
Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, woont een burgerdialoog bij in St. Vith, België, 15 november 2017.
Frans Timmermans, eerste vicevoorzitter van de Commissie, neemt deel aan een burgerdialoog vanuit de studio’s van TV Slovenija, Ljubljana, Slovenië, 4 september 2017.
Federica Mogherini, hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter van de Commissie, en Joseph Muscat, premier van Malta, wonen een burgerdialoog bij in Rome, Italië, 24 maart 2017.
Andrus Ansip, vicevoorzitter van de Commissie, woont een burgerdialoog bij over de digitale eengemaakte markt, Boedapest, Hongarije, 9 november 2017.
Maroš Šefčovič, vicevoorzitter van de Commissie, presenteert de energieunie tijdens een burgerdialoog in Tallinn, Estland, 21 september 2017.
Valdis Dombrovskis, vicevoorzitter van de Commissie, woont een burgerdialoog bij over investeringen en de staat van het economisch en begrotingsbeleid van de EU, Tartu, Estland, 31 oktober 2017.
Jyrki Katainen, vicevoorzitter van de Commissie, woont een burgerdialoog bij over de toekomst van Europa, Kuopio, Finland, 24 november 2017.
HOOFDSTUK 6
Een evenwichtig en vooruitstrevend handelsbeleid om de globalisering in goede banen te leiden
„Ik zal de Europese standaarden op het gebied van veiligheid, gezondheid, sociale bescherming en gegevensbescherming en onze culturele verscheidenheid niet offeren op het altaar van de vrije handel. Met name over de veiligheid van het voedsel dat we eten, en de bescherming van de persoonsgegevens van Europeanen kan voor mij als voorzitter van de Europese Commissie niet worden onderhandeld. Ik zal ook niet aanvaarden dat de jurisdictie van rechtbanken in de lidstaten wordt ingeperkt door speciale regelingen voor geschillen over investeringen. Ook in deze context valt er niet te tornen aan de rechtsstaat en het beginsel van gelijkheid voor de wet.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/ake1150sb
De EU is een van de meest open economieën ter wereld en heeft een ambitieuze agenda op het gebied van handelsbesprekingen. Zij streeft naar open markten en wil een gelijk speelveld creëren voor EU-ondernemingen in de hele wereld. De economie van de EU is afhankelijk van handel: elk miljard euro uitvoer is goed voor 14 000 extra banen in Europa. Openheid gecombineerd met strenge normen blijft de beste manier om de globalisering ten goede te laten komen aan alle EU-burgers.
Nu 31 miljoen arbeidsplaatsen in de EU afhankelijk zijn van de export, vier vijfde van de import in de EU wordt gebruikt als input voor Europese goederen of diensten en 90 % van de wereldwijde groei in de komende decennia naar verwachting buiten de EU zal plaatsvinden, is open handel belangrijker dan ooit voor de Europese Unie.
De EU maakt zich sterk voor een op regels gebaseerd multilateraal handelsstelsel als basis voor haar welvaart en blijft een leidende rol spelen in de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Wanneer anderen de regels voor de wereldhandel schenden of er oneerlijke handelspraktijken op nahouden, verdedigt de EU Europese bedrijven en werknemers.
In 2017 hebben de EU en Japan hun onderhandelingen over een economische partnerschapsovereenkomst afgerond en zijn de EU en Canada begonnen hun Brede Economische en Handelsovereenkomst voorlopig toe te passen. De EU heeft aanzienlijke vooruitgang geboekt bij verschillende bilaterale handelsbesprekingen en is handelsbesprekingen begonnen met Chili. Ook heeft de Europese Commissie voorgesteld handelsbesprekingen aan te knopen met Australië en Nieuw-Zeeland.
Het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie zijn het eens geworden over een voorstel om de handelsbeschermingsinstrumenten te moderniseren, en er is een nieuwe berekeningsmethode voor dumping ingevoerd om deze EU-instrumenten meer slagkracht te verlenen. De Commissie heeft een voorstel gedaan voor een nieuw kader voor het screenen van strategische investeringen van buiten de Europese Unie, en de EU heeft concrete maatregelen genomen tegen onethische praktijken zoals de handel in conflictmineralen.
Een evenwichtig en vooruitstrevend handelsbeleid
De laatste jaren heeft de internationale handel met groeiende uitdagingen te kampen en zijn er niet alleen opnieuw twijfels gerezen over de gevolgen van de globalisering, maar ook vragen over het nut van handelsovereenkomsten en het reële gevaar van de terugkeer van het protectionisme. De Commissie realiseert zich dat er om die uitdagingen het hoofd te bieden, meer dan ooit een doeltreffend en transparant handelsbeleid nodig is dat gebaseerd is op waarden. De fundamentele kenmerken van de strategie „Handel voor iedereen” die in oktober 2015 van start is gegaan, bleven leidend bij de aanpak in 2017: openheid gecombineerd met strenge normen blijft de beste manier om ervoor te zorgen dat alle EU-burgers baat hebben bij de globalisering.
Ter gelegenheid van de Staat van de Unie-toespraak in september door Jean-Claude Juncker, de voorzitter van de Europese Commissie, die werd voorafgegaan door de publicatie van een discussienota over het in goede banen leiden van de mondialisering in mei, hebben vicevoorzitter van de Commissie Jyrki Katainen en Commissielid Cecilia Malmström een pakket initiatieven over verschillende handelskwesties gepresenteerd. Het ging onder andere om een mededeling over het handelsbeleid, om ontwerpmandaten voor de onderhandelingen met Australië en Nieuw-Zeeland en voor een nieuw multilateraal investeringsgerecht, en om een kader voor het screenen van buitenlandse directe investeringen om ervoor te zorgen dat deze een belangrijke bron van groei blijven in de EU, zonder de essentiële belangen van de Unie te schaden. Het pakket omvatte ook een voortgangsverslag over de strategie „Handel voor iedereen”. In november heeft de Commissie een verslag gepubliceerd over de uitvoering van de vrijhandelsovereenkomsten die de EU heeft gesloten.
De Europese Unie bleef een toonaangevende rol spelen in de Wereldhandelsorganisatie, met name tijdens de 11e Ministeriële Conferentie in december in Buenos Aires, Argentinië. Hoewel de Ministeriële Conferentie geen multilaterale resultaten heeft opgeleverd, heeft de EU nogmaals haar sterke engagement jegens de WTO uitgesproken en haar voortdurende steun toegezegd voor het vinden van oplossingen voor belangrijke vraagstukken in het multilaterale wereldhandelsstelsel.
Met haar markttoegangsstrategie streeft de EU naar open markten door overal ter wereld belemmeringen voor markttoegang aan te pakken, maar tegelijkertijd blijft zij zich inzetten voor evenwichtige, op regels gebaseerde en verantwoorde handel.
Een beschermend Europa
De EU maakt zich sterk voor een op regels gebaseerd multilateraal handelsstelsel als basis voor haar welvaart dat handel wereldwijd tot een positieve kracht maakt. In haar handelsbeleid komt zij ook op voor ondernemingen en werknemers in de EU wanneer anderen de regels voor de wereldhandel overtreden of zich met oneerlijke handelspraktijken inlaten.
De EU is een van de actiefste en succesvolste gebruikers van het mechanisme voor geschillenbeslechting van de Wereldhandelsorganisatie. Wanneer diplomatiek ingrijpen niet helpt, aarzelt de EU niet om deze procedures in te zetten om haar rechten op grond van haar WTO-lidmaatschap uit te oefenen en er zo voor te zorgen dat bedrijven, werknemers en landbouwers in de EU hier ten volle van profiteren. Zo is in 2017 onder andere bereikt dat de Wereldhandelsorganisatie het Russische invoerverbod op varkensvlees en varkensvleesproducten uit de EU illegaal heeft verklaard, dat China de beperkingen op de uitvoer van bepaalde kritieke grondstoffen heeft opgeheven en dat Rusland de invoerrechten op verscheidene producten uit de EU heeft verlaagd.
In overeenstemming met de regels van de WTO en de EU-wetgeving heeft de EU 34 maatregelen tegen oneerlijke handelspraktijken genomen ten aanzien van landen buiten de EU, waaronder antidumpingrechten op stalen kabels uit China (een antidumpingrecht is een recht dat door een nationale overheid wordt geheven op buitenlandse invoer waarvan de prijs onder de reële marktwaarde zou liggen). In 2017 heeft de EU elf maatregelen genomen om de Europese staalindustrie te beschermen, die volgens gepubliceerde rapporten weer winstgevend aan het worden is.
Jyrki Katainen, vicevoorzitter van de Commissie, presenteert tijdens een persconferentie de agenda van de Commissie voor een evenwichtig en progressief handelsbeleid, Brussel, 14 september 2017.
De EU komt ook op voor haar industrieën als landen buiten de EU onderzoeken van antidumping- en compenserende rechten instellen op de uitvoer uit de Unie, zoals in de recente procedures ingeleid door Australië (verwerkte tomaten), China (aardappelzetmeel) en de Verenigde Staten (olijven).
In december heeft de EU ermee ingestemd de antidumping- en de antisubsidieverordening te moderniseren om zodoende haar handelsbeschermingsinstrumenten beter af te stemmen op de uitdagingen van de wereldeconomie. Deze zullen in de toekomst effectiever, transparanter en gebruikersvriendelijker worden voor ondernemingen en in sommige gevallen zullen ze de EU de mogelijkheid bieden hogere rechten te heffen op met dumping ingevoerde producten. De EU heeft ook de manier veranderd waarop zij in antidumpingonderzoeken dumpingrechten op invoer uit WTO-landen berekent als prijzen en kosten door overheidsingrijpen worden verstoord.
Exporteurs in de EU krijgen nog steeds overal ter wereld te maken met handelsbelemmeringen. Het jaarverslag van de Commissie over de handels- en investeringsbelemmeringen liet zien dat de handelsbelemmeringen voor EU-exporteurs in 2016 met 10 % waren toegenomen; in totaal hadden zij te maken met 372 belemmeringen in meer dan 50 landen over de hele wereld. Uit het verslag bleek dat 36 nieuwe belemmeringen in 2016 de EU-uitvoer voor een bedrag van 27 miljard euro zouden kunnen raken, maar dat de markttoegangsstrategie van de Commissie erin was geslaagd 20 andere belemmeringen weg te nemen die gevolgen hadden voor uitvoer ter waarde van 4,2 miljard euro.
In september heeft de EU drie belangrijke samenwerkings- en bijstandsprogramma’s op het gebied van intellectuele-eigendomsrechten met China, Latijns-Amerika en Zuidoost-Azië gelanceerd. Het doel is om de illegale handel in goederen die inbreuk maken op de intellectuele-eigendomsrechten van kunstenaars, uitvinders en merken uit de Europese Unie tegen te gaan en de internationale bescherming van die rechten te bevorderen.
De EU heeft ook concrete stappen genomen ter bestrijding van onethische praktijken, zoals de handel in conflictmineralen. Een nieuwe verordening die een einde moet maken aan de handel in natuurlijke hulpbronnen waarmee wapengeweld in oorlogsgebieden wordt aangewakkerd of in stand wordt gehouden, is in april goedgekeurd en twee maanden later van kracht geworden. De verordening legt verplichtingen inzake passende zorgvuldigheid op aan bedrijven die tin, tantaal, wolfraam, of ertsen daarvan, of goud invoeren. Deze metalen en ertsen worden gebruikt bij de vervaardiging van alledaagse producten zoals mobiele telefoons, auto’s en sieraden. In januari 2021 zal tot 95 % van de invoer in de EU onder deze regels vallen.
De EU is ook in het geweer gekomen tegen foltering en de doodstraf door samen met Argentinië en Mongolië in september op de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het startschot te geven voor de Alliantie voor handel zonder foltering. Delegaties uit 58 landen hebben een politieke verklaring ondertekend waarin ze hebben toegezegd maatregelen in te voeren, waaronder wetgeving en efficiënte handhavingssystemen, om de handel in goederen die kunnen worden gebruikt voor de doodstraf en foltering, te beperken of uit te bannen.
Een Europa dat het voortouw neemt
De handelsovereenkomsten die de EU heeft gesloten of waarover zij met landen over de hele wereld onderhandelt, hebben als doel dat handel iedereen ten goede komt. Deze handelsovereenkomsten openen markten en propageren de waarden van de EU, zoals de bescherming van arbeidsrechten en het milieu.
Tegen deze achtergrond heeft de Commissie voorgesteld onderhandelingen te openen om een multilateraal gerecht op te richten voor de beslechting van investeringsgeschillen. Dit zou een belangrijke innovatie zijn op het vlak van mondiale governance.
Economische partnerschapsovereenkomst tussen de EU en Japan
Japan is de op drie na grootste economie ter wereld. In juli hebben de EU en Japan in principe overeenstemming bereikt over de belangrijkste elementen van de economische partnerschapsovereenkomst tussen de EU en Japan en in december maakten ze bekend dat de laatste besprekingen succesvol waren afgerond. De overeenkomst zal handelsbelemmeringen wegnemen en de EU en Japan helpen gezamenlijk vorm te geven aan de regels voor de wereldhandel. De overeenkomst zal de belangrijkste bilaterale overeenkomst zijn die de EU ooit heeft gesloten.
Voor het eerst bevat een EU-handelsovereenkomst een specifieke verplichting in verband met de Klimaatovereenkomst van Parijs, een speciaal hoofdstuk voor kleine ondernemingen over transparantie en een speciale institutionele opzet.
Dankzij de economische partnerschapsovereenkomst wordt de overgrote meerderheid van de door bedrijven uit de EU betaalde rechten, samen goed voor 1 miljard euro per jaar, afgeschaft. De overeenkomst zal de uitvoer een impuls geven en nieuwe kansen creëren voor grote en kleine EU-bedrijven, waarvan ook hun werknemers en consumenten zullen profiteren. Zij zal de Japanse markt openstellen voor de uitvoer van belangrijke EU-landbouwproducten en de mogelijkheden in uiteenlopende sectoren uitbreiden. De waarde van de uitvoer uit de EU zou met maar liefst 20 miljard euro kunnen stijgen. De overeenkomst zal het tevens makkelijker maken voor EU-ondernemingen om diensten te verlenen in Japan op gebieden zoals zeevervoer en telecommunicatie.
De economische partnerschapsovereenkomst stelt de hoogste eisen vast op het gebied van werk, veiligheid en milieu- en consumentenbescherming, vrijwaart de openbare diensten volledig en heeft een hoofdstuk dat speciaal aan duurzame ontwikkeling is gewijd. De EU en Japan hebben ook toegezegd om het vrije verkeer van gegevens tussen de twee economieën te vereenvoudigen.
DE EU EN JAPAN HEBBEN EEN HANDELSOVEREENKOMST GESLOTEN

De Brede Economische en Handelsovereenkomst met Canada
De Brede Economische en Handelsovereenkomst van de EU met Canada wordt sinds 21 september op voorlopige basis toegepast.
De handelsovereenkomst tussen de EU en Canada zal EU-bedrijven meer dan 500 miljoen euro per jaar besparen, het bedrag dat voorheen werd betaald aan douanerechten op goederen naar Canada. Bijna 99 % van deze besparingen begon op dag één van de overeenkomst. EU-bedrijven krijgen ook veel betere toegang tot Canadese overheidsopdrachten op federaal, provinciaal en gemeentelijk niveau.
Alle bedrijven zullen tijd en geld besparen als gevolg van de lagere uitvoerkosten per eenheid, bijvoorbeeld door het vermijden van dubbele toetsingsvereisten, langdurige douaneprocedures en hoge juridische kosten.
De overeenkomst met Canada zal nieuwe mogelijkheden creëren voor landbouwers en voedselproducenten in de EU. De EU stelt haar markt beperkt en gericht open voor bepaalde producten. Daartegenover staat dat Canada zijn eigen markt openstelt in sectoren waar producenten uit de Europese Unie graag hun export willen uitbreiden, bijvoorbeeld op het gebied van kaas, wijn en gedistilleerde dranken, fruit en groenten, en verwerkte producten. De handelsovereenkomst beschermt ook 143 hoogwaardige karakteristieke regionale voedingsmiddelen en dranken uit de EU (bekend als „geografische aanduidingen”) op de Canadese markt, zodat imitatieproducten niet onder dezelfde benaming kunnen worden verkocht. De overeenkomst waarborgt de intellectuele eigendom en brengt de regels van Canada in overeenstemming met de EU-wetgeving voor de bescherming van nieuwe technologieën en het beheer van digitale rechten.
De 500 miljoen consumenten in de EU zullen eveneens profiteren van de overeenkomst, want alleen producten en diensten die volledig aan alle EU-regels voldoen, krijgen toegang tot de markt. Dit betekent dat de overeenkomst niets verandert aan de EU-regelgeving op het gebied van voedselveiligheid, waaronder de regels voor producten die genetisch gemodificeerde organismen bevatten, en het verbod op met hormonen behandeld rundvlees.
De overeenkomst biedt ook meer rechtszekerheid in de diensteneconomie, meer mobiliteit voor werknemers en een kader voor de wederzijdse erkenning van beroepskwalificaties, van architecten tot kraanmachinisten.
Transparante en inclusieve onderhandelingen
Transparantie en betrokkenheid van het publiek bleven in 2017 essentieel om de democratie, het vertrouwen van de burger en de verantwoordingsplicht in het handelsbeleid zeker te stellen. Er moet sprake zijn van transparantie en betrokkenheid vóór, tijdens en na de onderhandelingen, maar ook bij de uitvoering van de overeenkomsten. In 2017 heeft de EU verdere stappen genomen op dit gebied, waardoor zij een leider is geworden wat betreft transparantie in het handelsbeleid.
In september heeft de Commissie haar aanbevelingen gepubliceerd voor het starten van handelsbesprekingen met Australië en Nieuw-Zeeland, en van onderhandelingen over het multilateraal investeringsgerecht. De aanbevelingen zijn automatisch op hetzelfde tijdstip aan het Europees Parlement en de nationale parlementen in alle lidstaten toegezonden als aan de Raad. Dit maakt het gemakkelijker voor de nationale parlementen en de belanghebbenden om hun mening in een zo vroeg mogelijk stadium te kennen te geven aan de regeringen die hen vertegenwoordigen bij de besprekingen in de Raad. De Raad heeft de onderhandelingsrichtsnoeren voor de economische partnerschapsovereenkomst tussen de EU en Japan gepubliceerd.
De Commissie is doorgegaan met het publiceren van verslagen van onderhandelingsronden, standpuntnota’s en voorstellen voor de tekst van handelsovereenkomsten waarover zij aan het onderhandelen was. Zij heeft ook een grote hoeveelheid extra materiaal over de handelsovereenkomsten van de EU met Canada en Japan gepubliceerd om burgers en bedrijven daarover te informeren en hen in staat te stellen er hun voordeel mee te doen.
DE BREDE ECONOMISCHE EN HANDELSOVEREENKOMST TUSSEN DE EU EN CANADA IN EEN NOTENDOP

TRANSPARANTIE IN HANDELSBESPREKINGEN

Gedurende het jaar heeft de Commissie haar eerste uitgebreide jaarverslag gepubliceerd met een evaluatie van de uitvoering van de handelsovereenkomsten van de EU. Daardoor konden andere EU-instellingen, belanghebbenden en het maatschappelijk middenveld toezicht uitoefenen op de wijze waarop de EU de overeenkomsten uitvoert. De Commissie verricht ook regelmatig effectbeoordelingen, duurzaamheidsbeoordelingen en evaluaties van haar handelsbesprekingen en de daaropvolgende overeenkomsten. Daarbij wordt grondig overleg gevoerd met belanghebbenden en worden gedurende het gehele proces regelmatig bijeenkomsten gehouden met het maatschappelijk middenveld.
In december heeft de Commissie de Groep deskundigen inzake de handelsovereenkomsten van de EU opgezet, een adviesorgaan bestaande uit vakbonden, werkgeversorganisaties, consumentenverenigingen en andere niet-gouvernementele organisaties. Deze levert de Commissie verschillende opvattingen over en inzichten in de handel aan.
Andere handelsbesprekingen
Gedurende het jaar is verder gewerkt aan het openstellen van nieuwe markten voor EU-uitvoer door het aantal partners waarmee handelsovereenkomsten zijn gesloten, momenteel 91, te vergroten. De EU heeft nieuwe handelsbesprekingen aangeknoopt en goede vooruitgang geboekt met lopende onderhandelingen. Nu de onderhandelingen over een trans-Atlantische handels- en investeringsovereenkomst met de Verenigde Staten zijn stopgezet, is de aandacht van de EU wat de handel met de Verenigde Staten betreft, vooral gericht op het bepalen van gebieden waarop beide partijen nauwer moeten samenwerken om mondiale uitdagingen beter te kunnen aanpakken. In de tussentijd hebben beide partijen een bilaterale overeenkomst inzake verzekering en herverzekering ondertekend, wat de consumentenbescherming ten goede zal komen en de kosten en de administratieve rompslomp voor verzekeraars en herverzekeraars die actief zijn in de Verenigde Staten, zal verminderen.
Valdis Dombrovskis, vicevoorzitter van de Commissie, woont het EU–Asia-Pacific Forum bij in Hongkong, 1 december 2017.
Zuidelijke en oostelijke buurlanden
Wat de zuidelijke buurlanden betreft, heeft de EU zich vooral gericht op de onderhandelingen over een diepe en brede vrijhandelsovereenkomst met Tunesië, waarmee de basis is gelegd voor verdere vooruitgang in de betrekkingen met Noord-Afrika. In juni hebben de Commissie en het Internationaal Handelscentrum in Genève als aanvulling op de onderhandelingen de Europees-mediterrane handelshelpdesk gelanceerd. Door bedrijven te voorzien van essentiële informatie over markten, douanerechten en invoervereisten, streeft de helpdesk ernaar de economische banden te versterken tussen de EU en negen mediterrane partners alsook tussen de mediterrane landen onderling.
Wat de oostelijke buurlanden betreft, heeft de EU zich geconcentreerd op de uitvoering van haar overeenkomsten over diepe en brede vrijhandelsruimten met Georgië, Moldavië en Oekraïne.
Latijns-Amerika
De EU is doorgegaan met de in 2016 gestarte onderhandelingen over modernisering van de handelsovereenkomst die zij in 2000 met Mexico heeft gesloten. Er vonden vijf onderhandelingsronden plaats, waarbij goede vooruitgang werd geboekt. De nieuwe overeenkomst zal de administratieve lasten en bureaucratische rompslomp verminderen, de groei en het concurrentievermogen stimuleren, aan beide zijden meer keus voor de consument en nieuwe werkgelegenheid opleveren, en tegelijkertijd duurzame ontwikkeling ondersteunen. In overeenstemming met de progressieve handelsagenda van de EU bevat de overeenkomst specifieke anticorruptiebepalingen.
De handelsbesprekingen met de vier oprichtende leden van het handelsblok Mercosur (Argentinië, Brazilië, Paraguay en Uruguay) zijn in 2017 voortgezet. Doel van de besprekingen is twee regionale markten te integreren, de douanerechten te verlagen, veel betere kansen voor het bedrijfsleven in de Mercosur te creëren, de keus voor consumenten uit te breiden, de administratieve lasten en bureaucratische rompslomp te verminderen, de groei en het concurrentievermogen te stimuleren en aan beide zijden nieuwe banen te scheppen.
In november heeft de EU onderhandelingen opgestart met Chili om de vrijhandelsovereenkomst tussen de EU en Chili van 2002 te actualiseren. Als onderdeel van de modernisering van de bestaande overeenkomst zal de EU voorstellen bepalingen op het gebied van gelijkheid van vrouwen en mannen toe te voegen.
Commissaris Cecilia Malmström verwelkomt Aloysio Nunes Ferreira, Braziliaans minister van Buitenlandse Zaken, Brussel, 28 augustus 2017.
Azië en Australazië
Ook de onderhandelingen over handelsovereenkomsten met Indonesië en de Filipijnen zijn voortgezet. De onderhandelingen moeten de handel tussen de EU en de beide landen stimuleren en tot nieuwe directe investeringen leiden. Het doel is tot overeenkomsten te komen die vergelijkbaar zijn met die met Singapore (2014) en Vietnam (2015). Door het jaar heen zijn drie onderhandelingsronden gehouden met Indonesië en twee met de Filipijnen.
In maart hebben de EU en de Associatie van Zuidoost-Aziatische Staten afgesproken nieuwe stappen te zetten om de gesprekken over een vrijhandelsovereenkomst tussen beide regio’s te hervatten.
De EU heeft ook vier onderhandelingsronden gehouden over een investeringsovereenkomst met China, maar heeft de onderhandelingen over een investeringsovereenkomst met Myanmar/Birma opgeschort. De Commissie heeft voorgesteld handelsbesprekingen aan te knopen met Australië en Nieuw-Zeeland.
Landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan
Begin 2017 werd de economische partnerschapsovereenkomst van de EU met diverse landen van de Ontwikkelingsgemeenschap van zuidelijk Afrika van toepassing. In het voorjaar gingen soortgelijke overeenkomsten met Ivoorkust en Ghana van start. In juli is de economische partnerschapsovereenkomst van de EU met landen in oostelijk en zuidelijk Afrika — Madagaskar, Mauritius, de Seychellen en Zimbabwe — verder versterkt door de toevoeging van de Comoren.
HOOFDSTUK 7
Een op wederzijds vertrouwen gebaseerde ruimte van recht en grondrechten
„Ik ben van plan gebruik te maken van de prerogatieven van de Commissie om — binnen ons bevoegdheidsgebied — onze gedeelde waarden, de rechtsstaat en de grondrechten te vrijwaren. Uiteraard zal ik daarbij terdege rekening houden met de diversiteit van de constitutionele en culturele tradities van de 28 lidstaten.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/bowie15
De bestrijding van het terrorisme blijft in 2017 als politieke topprioriteit op de EU-agenda staan. Er is het afgelopen jaar grote vooruitgang geboekt bij de totstandbrenging van een echte en doeltreffende veiligheidsunie. De grondrechten zijn daarbij volledig in acht genomen.
De EU heeft resultaten geboekt met de Europese veiligheidsagenda: reizen en trainingen met een terroristisch oogmerk zijn nu strafbaar, en de financiering van terrorisme wordt harder aangepakt, net als de illegale handel in vuurwapens, drugs en mensen. Ook zijn nieuwe verbeteringen voorgesteld om de lidstaten in staat te stellen gegevens over criminelen efficiënter uit te wisselen.
Er is verder gewerkt aan de uitvoering van nieuwe regels die de persoonsgegevens van EU-burgers binnen en buiten de EU beschermen; deze regels zullen in 2018 van kracht worden. Tegelijkertijd bleef de EU aandringen op internationale normen voor gegevensbescherming, onder meer bij Japan, Zuid-Korea en de Verenigde Staten. De eerste jaarlijkse evaluatie van het EU-VS-privacyschild, dat in betere bescherming van trans-Atlantische gegevensstromen voorziet, was een belangrijke mijlpaal voor de samenwerking op het gebied van gegevensbescherming.
Een aantal vooraanstaande internetbedrijven heeft gereageerd op de EU-gedragscode voor de bestrijding van haatmisdrijven op internet en treedt nu sneller en harder op tegen illegale inhoud op hun platforms.
Twintig lidstaten hebben ingestemd met de oprichting van een Europees Openbaar Ministerie, waarmee de strijd tegen strafbare feiten die de EU-begroting schaden, wordt opgevoerd.
De EU heeft ook actie ondernomen om gendergelijkheid op de werkplek te bevorderen, en het Verdrag van Istanbul inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld ondertekend.
Bestrijding van terrorisme en andere criminaliteit in Europa
Nieuwe regels tegen terrorisme en witwaspraktijken
Op basis van de Europese veiligheidsagenda heeft de Europese Commissie haar inspanningen voortgezet om een echte en doeltreffende veiligheidsunie tot stand te brengen. De EU heeft in 2017 maatregelen genomen om terroristische aanslagen te verhinderen, om het voor de lidstaten gemakkelijker te maken informatie uit te wisselen en om de burgers online te beschermen.
In maart is nieuwe wetgeving vastgesteld waardoor buitenlandse reizen en trainingen met terroristisch oogmerk strafbaar worden gesteld. De nieuwe wetgeving versterkt ook de rechten van slachtoffers van terrorisme en waarborgt dat zij direct na een aanslag en zolang dat nodig is, gespecialiseerde hulp krijgen.
Er is aanzienlijke vooruitgang geboekt met de besprekingen met het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie over verscherping van de EU-regels inzake witwassen, controles op kasstromen en bevriezing en confiscatie van criminele vermogensbestanddelen.
In december hebben het Parlement en de Raad een politiek akkoord bereikt over het voorstel van de Commissie tot wijziging van de vierde antiwitwasrichtlijn. Dit zal leiden tot significant meer transparantie over de uiteindelijke begunstigden van juridische entiteiten en trusts en tot een verbod op anonimiteit voor verschillende financiële producten. Deze maatregelen zullen erg nuttig zijn bij de strijd tegen witwassen en tegen het financieren van terrorisme.
Na een in juni verschenen verslag over de gevolgen voor de interne markt van grensoverschrijdende activiteiten in verband met witwassen en financiering van terrorisme zijn aanbevelingen gedaan aan de lidstaten en de Europese toezichthoudende autoriteiten.
Commissaris Julian King bezoekt het hoofdkwartier van de Belgische Federale Politie, waar hij verscheidene antiterrorisme-oefeningen bijwoont, Brussel, 10 februari 2017.
Terrorismebestrijding online
In juli werd op de G20-top in het Duitse Hamburg, op voorstel van onder anderen Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker, een akkoord bereikt over een actieplan ter bestrijding van terrorisme en ook het gebruik van internet voor terroristische doeleinden. Sinds de start van het EU-internetforum in 2015 zijn concrete stappen ondernomen om een einde te maken aan het misbruik van internet door internationale terroristische groeperingen. Naar schatting is 86 % van de content die door het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving (Europol) aan internetbedrijven is gemeld, verwijderd. In juli heeft het EU-internetforum een eigen actieplan ter bestrijding van terroristische inhoud op internet opgesteld, waarin wordt aangedrongen op onmiddellijke vooruitgang op een groot aantal gebieden en wordt voorzien in een mechanisme voor regelmatige rapportage om de resultaten te meten en te evalueren.
In december heeft de Commissie in het kader van haar programma tot versterking van het maatschappelijk middenveld verdere steun verleend aan maatschappelijke organisaties voor het online verspreiden van positieve tegengeluiden ter bestrijding van de uitingen van gewelddadige extremisten en terroristen. Voor het programma is 6 miljoen euro aan financiering uitgetrokken.
Drugsbestrijding
In 2017 zijn een nieuwe verordening inzake een systeem voor vroegtijdige waarschuwing en een risicobeoordelingsprocedure inzake nieuwe psychoactieve stoffen, en een nieuwe richtlijn voor het opnemen van nieuwe psychoactieve stoffen in de definitie van drugs vastgesteld. In december heeft de Commissie voorgesteld om zeven nieuwe psychoactieve stoffen in de Europese Unie te verbieden, nadat eerder dat jaar al een verbod op negen andere stoffen was uitgevaardigd.
Bestrijding van mensenhandel
De Commissie heeft in december een mededeling goedgekeurd over mensenhandel en een reeks nieuwe prioriteiten voor de komende periode vastgesteld. Deze prioriteiten bepalen op welke gebieden de EU en de lidstaten onmiddellijk maatregelen moeten nemen om de werkwijze van mensenhandelaars te doorkruisen, de rechten van slachtoffers te versterken en de interne en externe inspanningen van de EU voor een gecoördineerde en coherente respons op te voeren.
Strafrecht en civiel recht
Opvoeren van de strijd tegen strafbare feiten die de EU-begroting schaden
Het Parlement en de Raad hebben in juli een nieuwe richtlijn goedgekeurd voor het bestrijden van fraude, corruptie en andere strafbare feiten die de financiële belangen van de Unie schaden, waaronder ernstige grensoverschrijdende btw-fraude. Dit betekende een belangrijke doorbraak op dit gebied. Geschat wordt dat btw-fraude bij de handel binnen de EU circa 50 miljard euro per jaar kost.
Een belangrijke stap voorwaarts was het akkoord dat twintig lidstaten in november sloten om een Europees Openbaar Ministerie in te stellen, dat strafbare feiten die de financiële belangen van de EU schaden, moet onderzoeken en de daders moet vervolgen. Het Europees Openbaar Ministerie zal naar verwachting tegen eind 2020 operationeel zijn.
Efficiëntere uitwisseling van strafregistergegevens
Het in 2012 opgezette Europees Strafregisterinformatiesysteem maakt elektronische uitwisseling mogelijk van informatie over personen die veroordeeld zijn in de lidstaten van de EU. In juni is het eerste verslag over de toepassing van het systeem door de lidstaten gepubliceerd. Met de onderhandelingen over vereenvoudiging van de uitwisseling van strafregisters van niet-EU-burgers is in 2017 vooruitgang geboekt.
Bescherming van kinderen bij scheiding van ouders uit verschillende landen
In juli heeft de Commissie voorgesteld dat de EU toestaat dat enkele lidstaten de toetreding van tien niet-EU-landen tot het Verdrag van Den Haag betreffende de burgerrechtelijke aspecten van internationale ontvoering van kinderen aanvaarden, om zo de internationale bescherming tegen kinderontvoering uit te breiden.
Ondersteuning van het bedrijfsleven in de EU
Het nieuwe Business Registers Interconnection System, dat in juni van start is gegaan, maakt het mogelijk sneller en gemakkelijker informatie te vinden over ondernemingen in de EU. Dat vergemakkelijkt de internationale handel en draagt bij tot het vertrouwen in de interne markt.
Voor bedrijven die in moeilijkheden verkeren, gelden nu betere insolventieregels, omdat in 2017 nieuwe wetgeving over grensoverschrijdende procedures van kracht is geworden. Er is ook vooruitgang geboekt met de onderhandelingen over de voorgestelde regels inzake nationale insolventieprocedures, bedoeld om systemen voor herstructurering op te zetten en ondernemers een tweede kans te geven.
Betere regels inzake corporate governance
De wetgeving inzake aandeelhoudersrechten is in mei uitgebreid met nieuwe bepalingen om de corporate governance te verbeteren, de uitoefening van aandeelhoudersrechten te vergemakkelijken en meer accent te leggen op langetermijninvesteringen. Ook zijn de bestaande voorschriften inzake corporate governance en beloningsbeleid voor beleggingsondernemingen gewijzigd.
Grondrechten en rechtsstelsels
Eerbiediging van de rechtsstaat
De Commissie is zich blijven inzetten voor de naleving en bevordering van de rechtsstaat in de Europese Unie en heeft de lidstaten aangespoord om de onafhankelijkheid, kwaliteit en efficiëntie van de nationale rechtsstelsels te verbeteren. Deze stelsels zijn cruciaal voor het handhaven van de rechtsstaat, voor de uniforme toepassing van het EU-recht en voor een bedrijfs- en investeringsvriendelijk klimaat. Het EU-scorebord voor justitie 2017 laat zien dat verdere vooruitgang is geboekt, maar dat sommige lidstaten nog met problemen kampen.
Koen Lenaerts, president van het Hof van Justitie van de Europese Unie (eerste rij, vierde van rechts), met de rechters van het Hof, Luxemburg, februari 2017.
De Commissie heeft gedurende het jaar de dialoog met Polen in de context van het kader voor de rechtsstaat voortgezet. In juli heeft de Commissie de Poolse regering voor de derde maal een aanbeveling inzake de rechtsstaat gestuurd, waarin zij haar bezorgdheid uit over de voorgenomen hervorming van de rechterlijke macht en de wijzigingen inzake het Constitutioneel Hof. De Commissie heeft in december geconcludeerd dat er duidelijk gevaar bestaat voor een ernstige schending van de rechtsstaat in Polen. Zij heeft voorgesteld dat de Raad een besluit neemt krachtens artikel 7, lid 1, van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Het voorstel ging vergezeld van een vierde aanbeveling inzake de rechtsstaat, waarin duidelijk werd aangegeven welke maatregelen de Poolse autoriteiten kunnen nemen om de situatie te verhelpen. De Commissie heeft Polen voor het Hof van Justitie van de Europese Unie gedaagd wegens schending van het EU-recht door de Poolse wet inzake de organisatie van de gewone rechtbanken.
Betere bescherming van persoonsgegevens
Samen met de lidstaten, de nationale gegevensbeschermingsautoriteiten en andere betrokkenen zijn verdere voorbereidingen getroffen voor de nieuwe regels voor de bescherming van persoonsgegevens die in mei 2018 van kracht worden. Deze nieuwe regels geven mensen meer controle over hun eigen persoonsgegevens en vereenvoudigen de procedures voor het bedrijfsleven. De wijzigingen moeten ervoor zorgen dat de persoonsgegevens van mensen in de EU worden beschermd, waar die gegevens ook terechtkomen, worden verwerkt of worden verzonden, ook als dat buiten de EU is.
In januari heeft de Commissie een strategie vastgesteld om de invoering van internationale normen voor gegevensbescherming te bevorderen, zodat een hoog niveau van bescherming van persoonsgegevens kan worden gewaarborgd. Tegelijkertijd moet het vrije verkeer van gegevens worden vergemakkelijkt, zowel voor commerciële als voor rechtshandhavingsdoeleinden. Adequaatheidsbesluiten behoren tot de belangrijkste onderdelen van deze strategie. Met dergelijke besluiten wordt vastgesteld dat gegevens in een land buiten de EU even goed worden beschermd als in de EU.
Giovanni Buttarelli, Europese Toezichthouder voor gegevensbescherming, tijdens een paneldiscussie over wetgeving inzake nieuwe technologieën, universiteit van Milaan-Bicocca, Italië, 15 mei 2017.
De EU onderzoekt de mogelijkheden om dialogen over de adequaatheid van de gegevensbescherming aan te gaan met haar handelspartners en met landen die op dit gebied een voortrekkersrol spelen in hun regio. Het gaat daarbij vooral om landen in Oost-Azië, Zuidoost-Azië en Latijns-Amerika en om de buurlanden van de EU. In 2017 zijn dialogen begonnen met Japan en Zuid-Korea.
In september 2017 is de eerste jaarlijkse evaluatie uitgevoerd van het EU-VS-privacyschild, dat sinds juli 2016 bestaat. In het evaluatieverslag constateerde de Commissie dat het privacyschild nog steeds een passend beschermingsniveau biedt, maar dat er ruimte is voor verbetering. Zij heeft daarvoor een aantal aanbevelingen gedaan. Bovendien is in februari de raamovereenkomst met de VS in werking getreden, die in gegevensbeschermingsnormen voorziet voor de uitwisseling van gegevens tussen de EU en de Verenigde Staten met het oog op samenwerking op het gebied van rechtshandhaving.
Bescherming van rechten en bestrijding van discriminatie
Bestrijding van haatcriminaliteit en haatuitingen online en offline
Bijna twee jaar na de goedkeuring van de gedragscode van de EU voor de bestrijding van haatmisdrijven op internet treden internetbedrijven sneller en efficiënter op tegen illegale inhoud, in overeenstemming met het EU-recht.
De Commissie heeft in 2017 nauw samengewerkt met de Joodse en moslimgemeenschappen in de EU, en met andere organisaties die zich inzetten tegen racisme, discriminatie en alle andere vormen van onverdraagzaamheid. Zij heeft geluisterd naar de bezorgdheid van de mensen en informatie uitgewisseld over de maatregelen van de EU.
De Commissie heeft in het kader van de Groep op hoog niveau voor de bestrijding van racisme ook gerichte EU-financiering geboden en richtsnoeren opgesteld voor slachtofferhulp en voor scholing van politiefunctionarissen en rechters om haatmisdrijven aan de kaak te kunnen stellen. De nationale autoriteiten hebben op 6 december overeenstemming bereikt over de belangrijkste beginselen voor het registreren van haatmisdrijven. Deze beginselen zijn opgesteld in samenwerking met de Commissie en het Bureau van de Europese Unie voor de grondrechten.
Eerste vicevoorzitter Frans Timmermans woont een burgerdialoog bij op het Libanon Lyceum in Rotterdam, Nederland, 27 juni 2017.
Toepassing van het Handvest van de grondrechten van de EU
In mei 2017 is het verslag over de toepassing van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie in 2016 verschenen. In oktober heeft de Raad naar aanleiding van dat verslag zijn conclusies vastgesteld. Daarin werd opgemerkt dat een aantal rechten sinds het voorgaande jaar beter werden beschermd dankzij de vaststelling van nieuwe rechtsinstrumenten. Deze hadden betrekking op het vermoeden van onschuld, het recht om bij terechtzittingen aanwezig te zijn, rechtsbijstand en procedurele waarborgen voor kinderen. Ook is een groot aantal gegevensbeschermingsregels vastgesteld, die op 25 mei 2018 in de hele EU van kracht worden en burgers zullen helpen meer controle over hun gegevens te krijgen.
Op 7 december heeft de Commissie, om de eerbiediging van het Handvest van de grondrechten te waarborgen, Hongarije voor het Hof van Justitie van de Europese Unie gedaagd naar aanleiding van de wet inzake met buitenlandse middelen gefinancierde ngo’s en de wet inzake het hoger onderwijs.
Bestrijding van discriminatie
In 2017 heeft de EU door middel van een reeks maatregelen ter bevordering van gelijke rechten voor lhbti’s verdere actie ondernomen in de strijd tegen discriminatie. Belangrijke resultaten waren bijvoorbeeld de campagne We All Share the Same Dreams en de goedkeuring van een Handvest voor diversiteit en inclusie voor het personeel van de Commissie.
Bij de tussentijdse evaluatie van het EU-kader voor de nationale strategieën voor integratie van de Roma is getoetst wat de lidstaten hebben gedaan om het leven van deze grootste etnische minderheid in Europa te verbeteren. De evaluatie laat zien dat de situatie van de Roma sinds 2011 langzaam is verbeterd, maar ook dat maar liefst 80 % van de Roma nog steeds het risico loopt om in armoede te vervallen.
Bestrijding van geweld tegen vrouwen
De EU heeft in 2017 maatregelen genomen ter bewustmaking van geweld tegen vrouwen en meisjes in alle lidstaten. De door de EU gefinancierde campagne „NON.NO.NEIN.” moedigt iedereen — mannen en vrouwen — aan om een standpunt in te nemen tegen gendergerelateerd geweld.
HUISELIJK GEWELD IN DE EU

De EU heeft in juni het Verdrag van Istanbul ondertekend. Dit internationale verdrag is de eerste Europese overeenkomst met wettelijk bindende normen om geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld te voorkomen, slachtoffers te beschermen en daders te bestraffen.
Bescherming van de rechten van personen met een handicap
Gedurende het jaar is uit een verslag over de stand van de uitvoering van de Europese strategie inzake handicaps sinds 2010 gebleken dat concrete vooruitgang is geboekt op alle acht prioritaire actieterreinen (toegankelijkheid, participatie, gelijkheid, werkgelegenheid, onderwijs en opleiding, sociale bescherming, gezondheid en externe actie).
Tot de resultaten behoort onder andere een voorstel van de Commissie voor een Europese toegankelijkheidswet. Deze bedrijfsvriendelijke richtlijn verbetert de toegankelijkheid van bepaalde alledaagse producten en diensten, zoals mobiele telefoons, computers, e-books, e-commerce en bankdiensten. In 2017 heeft het Parlement zijn verslag over het voorstel uitgebracht en heeft de Raad een algemene aanpak vastgesteld.
Met de lancering op 19 oktober 2017 in Brussel wordt België de eerste lidstaat die de EU-gehandicaptenkaart in gebruik neemt. Andere lidstaten zullen volgen.
Om het voor personen met een handicap gemakkelijker te maken binnen de Europese Unie te reizen, heeft de EU bij wijze van proef in acht lidstaten (België, Estland, Italië, Cyprus, Malta, Roemenië, Slovenië en Finland) de EU-gehandicaptenkaart ingevoerd. In deze lidstaten biedt de kaart personen met een handicap gelijkwaardige toegang tot bepaalde voordelen op het gebied van cultuur, ontspanning, sport en vervoer. De eerste kaarten zijn in 2017 beschikbaar gesteld.
Burgerschap van de Europese Unie
In het verslag over het EU-burgerschap 2017 worden maatregelen gepresenteerd die waarborgen dat burgers ten volle hun rechten kunnen genieten op het werk, op reis, tijdens hun studie of bij deelname aan verkiezingen.
Bescherming van de consument
Het EU-systeem voor snelle waarschuwingen voor gevaarlijke non-foodproducten, dat zorgt voor snelle uitwisseling van informatie tussen de lidstaten van de EU en andere landen die het systeem gebruiken, wordt nog steeds toegepast om de gezondheid en veiligheid van de consument te beschermen. Het afgelopen jaar zijn 2 201 kennisgevingen over gevaarlijke producten en 3 952 reacties verspreid onder de 31 nationale autoriteiten die van het systeem gebruikmaken.
Op vergelijkbare wijze maakt het systeem voor snelle waarschuwingen voor levensmiddelen en diervoeders het mogelijk dat de EU-lidstaten en andere landen 24 uur per dag informatie uitwisselen en gezamenlijk reageren op bedreigingen voor de voedselveiligheid. Uit het jaarverslag over 2016, dat in maart 2017 is gepubliceerd, blijkt dat de geïntegreerde EU-aanpak op het gebied van voedselveiligheid succes heeft. Deze aanpak wordt verder versterkt op basis van de lessen die zijn getrokken uit de fipronilbesmetting, die in de zomer plaatsvond. Op een ministeriële conferentie die de Commissie op 26 september 2017 heeft georganiseerd, hebben de lidstaten en de Commissie overeenstemming bereikt over een aantal concrete maatregelen ter versterking van het optreden van de EU tegen fraude en andere illegale activiteiten die van invloed zijn op de veiligheid van de voedselketen.
De EU neemt maatregelen om het probleem aan te pakken van producten die in de EU in twee verschillende kwaliteiten worden verkocht. De Commissie heeft in september richtsnoeren gepubliceerd die de nationale autoriteiten helpen beter op te treden tegen zulke oneerlijke praktijken.
AANPAK VAN KWALITEITSVERSCHILLEN BIJ PRODUCTEN

De Commissie heeft 1 miljoen euro beschikbaar gesteld waarmee de lidstaten studies en handhavingsmaatregelen kunnen financieren, en nog eens 1 miljoen euro waarmee het Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek geharmoniseerde tests kan ontwikkelen en uitvoeren. Daarnaast voert de Commissie een constructieve dialoog met de producenten en de belangrijkste belanghebbenden. Producenten en brancheorganisaties hebben bovendien beloofd een gedragscode te zullen opstellen.
Commissaris Vĕra Jourová bezoekt na de presentatie van het jaarverslag 2016 over het snelle waarschuwingssysteem een stand met mogelijk gevaarlijke producten, Brussel, 16 maart 2017.
Als onderdeel van de inspanningen die in 2017 zijn geleverd om de consumentenbelangen te beschermen in verband met het Volkswagen-emissieschandaal, hebben de consumenteninstanties van de EU en de Commissie er gezamenlijk bij Volkswagen op aangedrongen om alle betrokken auto’s snel te repareren en extra maatregelen te nemen om het vertrouwen te herstellen.
In maart heeft de Commissie een actieplan gepresenteerd om consumenten overal in de EU meer keuze en betere toegang tot financiële diensten te bieden. De Commissie werkt ook aan wijziging van de verordening betreffende grensoverschrijdende betalingen, om de kosten van betalingen in andere valuta’s dan de euro te verlagen. Voorts stelt zij regels op voor vergelijkingswebsites die op financiële producten zijn gericht, en voor een transparante prijsstelling voor autoverhuur.
Commissaris Vytenis Andriukaitis op bezoek in een worstenfabriek, Zagreb, Kroatië, 2 februari 2017.
Geringe vorderingen zijn ook belangrijk
In 2017 zijn de herziene regels van kracht geworden die de Europese procedure voor geringe vorderingen sneller, goedkoper en eenvoudiger moeten maken. Onder de regels vallen nu vorderingen tot 5 000 euro (voorheen 2 000 euro), en het hele proces wordt minder omslachtig.
Bescherming van de consument online
E-commerce is steeds belangrijker geworden. De groei van het aantal onlinewinkels en -diensten heeft nieuwe problemen opgeleverd voor de handhaving van de wetgeving op het gebied van consumentenbescherming. In december is een nieuwe verordening vastgesteld die de nationale autoriteiten meer bevoegdheden geeft om illegale onlinepraktijken op de hele interne markt aan te pakken. Er komt een EU-brede coördinatieprocedure waarmee dergelijke praktijken van multinationale handelaren efficiënt en consistent kunnen worden aangepakt. Die procedure zal op 17 januari 2020 van kracht worden.
Vooruitgang is geboekt met de onderhandelingen over twee belangrijke voorstellen inzake contractbepalingen, namelijk over de levering van digitale inhoud en over onlineverkoop van goederen. In oktober is door de Commissie een gewijzigd voorstel ingediend dat moet voorzien in een consistente aanpak van de online- en offlineverkoop van goederen. Daardoor is het toepassingsgebied van het tweede initiatief uitgebreid van de onlineverkoop van goederen tot alle onlineverkopen. De twee voorstellen zorgen voor de bescherming van consumenten die goederen of digitale inhoud kopen.
Geschiktheidscontrole van de consumentenwetgeving
Uit een geschiktheidscontrole van de consumentenwetgeving van de EU is in mei gebleken dat mensen in de EU weliswaar veel rechten hebben, maar dat de consumentenbescherming op de interne markt nog voor verbetering vatbaar is. Dat kan vooral door de al bestaande rechten beter bekend te maken en door ervoor te zorgen dat die rechten daadwerkelijk worden gehandhaafd.
rescEU
Het Solidariteitsfonds van de Europese Unie is een aantal malen ingezet voor het verlenen van bijstand aan Italië, het Verenigd Koninkrijk, Cyprus en Portugal. Deze lidstaten zijn in 2015, 2016 en 2017 door natuurrampen getroffen.
Alleen al in 2017 zijn meer dan 200 mensen in de EU door natuurrampen omgekomen en is meer dan 1 miljoen hectare bosgebied verwoest. Omdat de lidstaten de afgelopen jaren vaker door natuurrampen zijn getroffen, heeft de Commissie in november voorgesteld het mechanisme voor civiele bescherming van de EU uit te breiden met rescEU, een nieuw systeem dat de algehele capaciteit voor rampenbestrijding moet versterken.
Een Frans blusvliegtuig op weg naar bosbranden in Italië — een blijk van Europese solidariteit.
Het is de bedoeling om met dit systeem een eigen reservecapaciteit voor de EU op te zetten en bundeling van de bijstandscapaciteit in het kader van een Europese pool voor civiele bescherming aan te moedigen. Ook wordt gestreefd naar uitbreiding van de investeringen in preventie en paraatheid. Met het voorstel wordt beoogd een zorgvuldig evenwicht tot stand te brengen tussen solidariteit in EU-verband en de verantwoordelijkheid van de lidstaten, en zo bij te dragen tot het doel van „een Europa dat bescherming biedt”.
© iStockphoto.com/bowie15
HOOFDSTUK 8
Naar een nieuw beleid op het gebied van migratie
„De verschrikkelijke recente gebeurtenissen in de Middellandse Zee maken duidelijk dat Europa migratie in alle opzichten beter moet beheren. Dit is in de eerste plaats een humanitaire noodzaak. We moeten beslist nauw samenwerken — in een geest van solidariteit [...].”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
© iStockphoto.com/Joel Carillet
Europa heeft de afgelopen jaren te maken gekregen met een ongekende toestroom van asielzoekers en andere migranten. Sinds het begin van de crisis hebben zo’n 3 miljoen mensen internationale bescherming in de Europese Unie aangevraagd. Velen van hen zijn gevlucht voor oorlog en terreur in Syrië en andere landen. De EU is de eerste hulpverlener. Alleen al in 2016 hebben de EU-lidstaten door middel van asiel en hervestiging meer dan 720 000 vluchtelingen geholpen, meer dan drie keer zo veel als Australië, Canada en de Verenigde Staten samen.
In 2016 zijn veel nieuwe EU-maatregelen ingevoerd om tot een brede oplossing te komen, en in 2017 zijn de inspanningen verder opgevoerd. Daarbij ging het onder meer om het uitvoeren van reddingsoperaties en het redden van levens op zee, het beveiligen van de buitengrenzen van de EU (met name door de hotspotaanpak) en het oprichten van het Europees Grens- en kustwachtagentschap. Er is meer werk gemaakt van herplaatsing en hervestiging van mensen die bescherming nodig hebben. Ook is meer nadruk gelegd op de ontwikkeling van een billijker gemeenschappelijk Europees asielstelsel, betere bescherming van niet-begeleide minderjarigen en de ontwikkeling van nieuwe maatregelen tegen mensensmokkel.
Er zijn kansen ontstaan om nieuwe mogelijkheden voor legale migratie te creëren, en er is actie ondernomen om vluchtelingen en andere migranten te integreren op de arbeidsmarkt. Via het Fonds voor asiel, migratie en integratie en het Fonds voor interne veiligheid heeft de EU ook meer geld gegeven om tot een gemeenschappelijke aanpak te komen van het doeltreffend beheer van migratiestromen.
Het afgelopen jaar is de EU nauwer met de herkomst- en doorgangslanden van migranten gaan samenwerken om te helpen de achterliggende oorzaken van irreguliere migratie aan te pakken en mensensmokkel te bestrijden. De EU heeft deze landen ondersteund bij het verbeteren van hun grensbeheer, migratiebeleid en opvangvoorzieningen. Een groot aantal projecten en programma’s is ondersteund via het EU-noodtrustfonds voor Afrika. Ook heeft de EU haar terugkeeroperaties uitgebreid.
De Europese migratieagenda
De Europese Commissie is in 2017 verdergegaan met de uitvoering van de Europese migratieagenda door maatregelen voor te stellen voor het oplossen van aanhoudende problemen. Ook heeft zij geprobeerd de EU instrumenten aan te reiken waarmee migratie op de middellange en lange termijn beter kan worden beheerd. Deze instrumenten hebben met name betrekking op zaken als irreguliere migratie, grenzen, asiel en legale migratie.
Bescherming voor mensen in nood
Sinds 2015 hebben de Griekse en Italiaanse autoriteiten, mede dankzij het Europees Grens- en kustwachtagentschap en operatie Sophia, ertoe bijgedragen dat er in de Middellandse Zee en de Egeïsche Zee meer dan 620 000 mensenlevens konden worden gered. De EU is de criminele netwerken van mensensmokkelaars rond de Egeïsche Zee en in het centrale Middellandse Zeegebied aan het ontwrichten, met hulp van de Turkse autoriteiten en de NAVO.
In totaal is in 2017 aan 313 050 asielzoekers internationale bescherming verleend.
Gedurende het jaar heeft de Commissie verscheidene voortgangsverslagen uitgebracht over de maatregelen die in het kader van de Europese migratieagenda zijn genomen om de stromen te stabiliseren en de buitengrenzen van de EU beter te beheren. De verslagen gingen vooral over herplaatsing en hervestiging, de uitvoering van de Verklaring EU-Turkije, de operaties van de Europese grens- en kustwacht en het partnerschapskader inzake migratie. Uit de verslagen bleek dat op alle gebieden aanzienlijke vooruitgang is geboekt. Ook werden er vervolgstappen in beschreven.
Verder is de Commissie in april met prioritaire maatregelen voor de bescherming van migrerende kinderen gekomen. Deze maatregelen gaan verder dan de aanvullende waarborgen die zijn voorgesteld in het kader van de hervorming van het gemeenschappelijk Europees asielstelsel. Een van de prioritaire maatregelen behelst de integratie van kinderen in het land van aankomst. Daartoe moet onder meer worden gezorgd voor passende identificatie, goede opvangvoorzieningen en toegang tot onderwijs.
Commissaris Dimitris Avramopoulos op Lesbos, Griekenland, tijdens een bezoek aan het vluchtelingenkamp van Moria, 16 maart 2017.
Herplaatsing en hervestiging
De meeste EU-lidstaten voeren nu herplaatsingen binnen de EU uit om de druk op Griekenland en Italië te verlichten. In november heeft de Commissie haar meest recente voortgangsverslag over de Europese migratieagenda gepresenteerd. In 2017 zijn beduidend meer mensen herplaatst dan in 2016, waaruit blijkt dat herplaatsi20ng werkt als alle partijen hun toezeggingen nakomen. In 2017 alleen werden 22 215 mensen herplaatst. Sinds september 2015 zijn in totaal 33 140 mensen herplaatst (21 704 vanuit Griekenland en 11 436 vanuit Italië), d.w.z. 93 % van alle mensen die voor herplaatsing in aanmerking komen. De belangrijkste doelstelling van de noodregeling, namelijk iedereen die daarvoor in aanmerking komt, herplaatsen vanuit Griekenland en Italië, is dan ook haalbaar. Hoewel de meeste lidstaten actief waren en geregeld toezeggingen deden en tot herplaatsing overgingen, hielden andere lidstaten zich afzijdig. De Commissie heeft in 2017 tegen drie lidstaten (Tsjechië, Hongarije en Polen) inbreukprocedures ingeleid wegens het niet-uitvoeren van de herplaatsingsbesluiten van de Raad van de Europese Unie van 2015. In december heeft de Commissie besloten deze lidstaten voor het Hof van Justitie te dagen.
Sinds juli 2015 zijn hervestigingsregelingen van kracht om kwetsbare mensen die internationale bescherming nodig hebben, een legale en veilige oplossing te bieden. Meer dan 26 000 mensen zijn herplaatst in 21 EU-lidstaten, IJsland, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland. In september heeft de Commissie de lidstaten opgeroepen de komende 2 jaar (tot en met 31 oktober 2019) nog minimaal 50 000 personen die internationale bescherming nodig hebben, te hervestigen vanuit Jordanië, Libanon, Turkije en Afrikaanse landen langs de migratieroute door het Middellandse Zeegebied. Aan het einde van het jaar waren in totaal 39 839 toezeggingen ontvangen.
De Verklaring EU-Turkije
De Verklaring EU-Turkije is concrete resultaten blijven opleveren en zorgt ervoor dat de migratiestromen door het oostelijke Middellandse Zeegebied doeltreffend worden beheerd. Ook in 2017 vonden er gemiddeld 86 overtochten per dag plaats. Het aantal doden is sterk afgenomen. Sinds de verklaring wordt uitgevoerd, is het aantal aankomsten met 97 % afgenomen. Het tempo van de terugkeeroperaties is gestegen: er zijn 2 032 migranten teruggestuurd. Tot deze groep behoorden 228 Syriërs.
De EU en Turkije hebben meer vaart gezet achter de financiële steun in het kader van de faciliteit voor vluchtelingen in Turkije. De 3 miljard euro waarmee de faciliteit is uitgerust, is inmiddels toegewezen en een totaal van 1,85 miljard euro is uitgekeerd. In 2017 zijn bijna 1,2 miljoen vluchtelingen in Turkije ondersteund door het sociale vangnet voor noodgevallen en het aantal ondersteunde Syriërs zal naar verwachting oplopen tot 1,3 miljoen. Wat hervestiging betreft, is de uitvoering van de verklaring goed gevorderd. Eind december waren meer dan 11 700 Syriërs vanuit Turkije hervestigd in 16 lidstaten.
AANKOMSTEN BIJ DE ZEEGRENZEN VAN DE EU

Terugkeer en overname
In maart heeft de Commissie benadrukt dat het EU-beleid inzake terugkeer moet worden versterkt.Daarom stelde zij een vernieuwd actieplan inzake terugkeer vast, evenals een reeks aanbevelingen voor de lidstaten om de procedures doeltreffender te maken. In september werd een herzien handboek voor terugkeer gepresenteerd. Ondersteuning van lidstaten bij de terugkeer van irreguliere migranten — een van de prioriteiten van het Europees Grens- en kustwachtagentschap — heeft positieve resultaten opgeleverd. Het tempo van de door het Agentschap gecoördineerde terugkeeroperaties is verder gestegen; in 2017 werden 350 van deze operaties uitgevoerd.
De bestrijding van migrantensmokkel
Het in mei 2015 vastgestelde EU-actieplan tegen migrantensmokkel is verder uitgevoerd. Het Europees Centrum tegen migrantensmokkel van het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving heeft sinds zijn oprichting in 2016 in meer dan 2 000 gevallen basisondersteuning verleend en in meer dan 90 prioritaire gevallen volledige ondersteuning geboden. In 2017 heeft de Commissie een netwerk van nationale contactpunten opgezet om de strategische samenwerking tussen de lidstaten te bevorderen en informatie en beste praktijken uit te wisselen over de aanpak van migrantensmokkel.
Levens redden op zee en werken volgens de hotspotaanpak
Het Europees Grens- en kustwachtagentschap
INZET VAN HET EUROPEES GRENS- EN KUSTWACHTAGENTSCHAP

Het Europees Grens- en kustwachtagentschap werd in 2017 operationeel. Het Agentschap ondersteunt de lidstaten in de voorste linie met meer dan 1 700 grenswachters en ander personeel. Ook zijn een snel inzetbare pool van deskundigen en een pool van snel inzetbare uitrusting opgezet. Deze kunnen worden gemobiliseerd als er snel moet worden opgetreden aan de grens.
De rol en de activiteiten van het Agentschap zijn ondertussen versterkt en aanzienlijk uitgebreid. Het ondersteunen van de lidstaten bij het terugsturen van irreguliere migranten is nu een van de belangrijkste taken van het Agentschap. Het Agentschap draagt ook bij tot de opsporing en preventie van grensoverschrijdende criminaliteit en de versterking van de samenwerking met niet-EU-landen. Het gaat er nu om de versterkte instrumenten optimaal te benutten.
Hotspots en ondersteuning voor Griekenland en Italië
Ook in 2017 is zowel in Griekenland als in Italië de hotspotaanpak toegepast (waarbij operationele en financiële ondersteuning wordt verleend door de EU en betrokken EU-agentschappen, zoals het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken, het Europees Grens- en kustwachtagentschap en het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving). Gedurende het jaar heeft het Europees Grens- en kustwachtagentschap bij diverse operaties in deze twee lidstaten meer dan 1 000 medewerkers ingezet. Het Europees Ondersteuningsbureau voor asielzaken heeft 153 medewerkers uitgezonden om de Griekse en Italiaanse autoriteiten te helpen bij het nemen van vingerafdrukken, registratiewerkzaamheden en veiligheidsscreenings. Het Agentschap van de Europese Unie voor samenwerking op het gebied van rechtshandhaving heeft ook 24 functionarissen uitgezonden.
Dankzij deze inspanningen zijn de levensomstandigheden in de Griekse hotspots verbeterd. Italië bleef de eerste helft van het jaar echter druk ondervinden van migranten die via de route door het centrale Middellandse Zeegebied de kust bereikten; de betrokken aantallen waren van dezelfde orde van grootte als eerdere jaren. De Commissie had er rekening mee gehouden dat dit zou kunnen gebeuren, en kwam, samen met de Europese Dienst voor extern optreden, snel in actie. In januari publiceerde zij de gezamenlijke mededeling „Migratie langs de centrale Middellandse Zeeroute — Migrantenstromen beheersen en levens redden”.
In verband met een seizoensgebonden piek kwam de Commissie in juli ook nog met een actieplan ter ondersteuning van Italië, dat net als de mededeling van januari was gericht op vijf belangrijke punten: levens redden, (mensen)smokkel in Libië bestrijden (onder meer door middel van een door de EU gecofinancierd project ter waarde van 46,3 miljoen euro), nauwer samenwerken met belangrijke derde landen, de terugkeeroperaties intensiveren en de solidariteit in de EU versterken.
Grensbeheer
Schengen
In het najaar van 2015 besloten meerdere Schengenstaten tot tijdelijke herinvoering van controles aan bepaalde binnengrenzen. Op voorstel van de Commissie heeft de Raad in mei 2016 aanbevolen dat Oostenrijk, Denemarken, Duitsland, Noorwegen en Zweden (die in het bijzonder te maken kregen met de gevolgen van de secundaire bewegingen langs de Westelijke Balkanroute) langs bepaalde delen van hun binnengrenzen tijdelijk controles zouden herinvoeren. Overeenkomstig de Schengenregels werd deze aanbeveling vervolgens driemaal verlengd; dit gebeurde voor het laatst in mei 2017.
De Commissie blijft er beslist op aansturen dat het gebied zonder controles aan de binnengrenzen zo spoedig mogelijk wordt hersteld. In haar aanbeveling van 12 mei 2017 inzake evenredige politiecontroles en politiële samenwerking in het Schengengebied heeft de Commissie de Schengenstaten verzocht prioriteit te geven aan andere maatregelen dan de tijdelijke herinvoering van grenstoezicht, zoals politiecontroles.
In september heeft de Commissie duidelijk gemaakt dat de vijf bovengenoemde Schengenlanden de grenscontroles uiterlijk half november dienden in te trekken. Daarbij heeft de Commissie nog eens gewezen op de regels die moeten worden nageleefd wanneer Schengenstaten het gerechtvaardigd en noodzakelijk achten tijdelijk grenscontroles te herinvoeren. Zes Schengenlanden hebben de Commissie echter meegedeeld het tijdelijke binnengrenstoezicht op basis van verschillende bepalingen in de Schengengrenscode te willen handhaven. Eind 2017 is de Commissie begonnen met de beoordeling van deze kennisgevingen. Ook heeft de Commissie in september voorgesteld de Schengengrenscode bij te werken om de regels inzake de tijdelijke herinvoering van het binnengrenstoezicht aan te passen aan de huidige behoeften. Zij wil hiermee reageren op de evoluerende en aanhoudende ernstige bedreigingen van de openbare orde of de binnenlandse veiligheid, zonder afbreuk te doen aan het beginsel dat de tijdelijke binnengrenscontroles een uitzondering moeten blijven en niet te lang moeten duren.
Betere controle van de EU-buitengrenzen
In april zijn nieuwe EU-regels in werking getreden die ervoor moeten zorgen dat alle reizigers die de EU-buitengrenzen passeren, worden gecontroleerd aan de hand van de relevante databanken, zoals het Schengeninformatiesysteem. Het systeem bevat inmiddels 70 miljoen signaleringen en is in 2016 zo’n 4 miljard keer geraadpleegd. Dit verkleint de kans dat mensen die een gevaar vormen voor de veiligheid, onder wie terugkerende EU-burgers, de grenzen ongemerkt passeren.
In 2016 heeft de Commissie voorgesteld om het Schengeninformatiesysteem doeltreffender te maken. Een aantal verbeteringen moet ertoe leiden dat het systeem de rechtshandhavingsinstanties beter ondersteunt bij de bestrijding van terrorisme, het grensbeheer versterkt en de informatie-uitwisseling tussen de lidstaten bevordert. Ook zal in februari 2018 een geautomatiseerd systeem voor de identificatie van vingerafdrukken worden ingevoerd om de herkenning te vergemakkelijken van criminelen en terroristen die het Schengengebied onder een valse identiteit binnenkomen. De Commissie heeft een Europees systeem voor reisinformatie en -autorisatie voorgesteld op grond waarvan niet-visumplichtige reizigers die naar het Schengengebied komen, vooraf aan een veiligheidscontrole kunnen worden onderworpen. Dankzij het systeem zal het gemakkelijker worden om personen die een risico vormen, al te identificeren voordat zij de grenzen van de Europese Unie bereiken, zonder dat dit gevolgen heeft voor het visumvrij reizen van alle andere reizigers. In juni bepaalde de Raad zijn standpunt over het voorstel. Verder wordt vanaf 2020 het beheer van de buitengrenzen gemoderniseerd met een nieuw inreis-uitreissysteem, dat zowel de persoonsgegevens als de datum, het tijdstip en de plaats van inreis en uitreis van niet-EU-burgers registreert.
HET EUROPEES SYSTEEM VOOR REISINFORMATIE EN -AUTORISATIE

Nieuwe en betere mogelijkheden voor legale migratie
Sinds september onderhandelen het Europees Parlement en de Raad over het voorstel voor een herziene blauwe kaart, die ervoor moet zorgen dat meer hoogopgeleiden uit derde landen naar de EU komen en hier blijven.
In juli 2016 heeft de Commissie een EU-hervestigingskader voorgesteld, dat moet leiden tot een gemeenschappelijk Europees hervestigingsbeleid, op grond waarvan mensen die internationale bescherming nodig hebben, Europa op ordelijke en veilige wijze kunnen bereiken. In november 2017 heeft de Raad zijn standpunt kenbaar gemaakt, waarna in december de onderhandelingen met het Parlement zijn begonnen.
Integratie van onderdanen van niet-EU-landen
In 2017 heeft de Commissie meerdere maatregelen uit het actieplan inzake de integratie van onderdanen van derde landen uitgevoerd. De eerste activiteiten op het gebied van wederzijds leren van het pas opgerichte Europese Integratienetwerk vonden plaats in Duitsland en Zweden.
Ook heeft de Commissie gedurende het jaar meerdere initiatieven genomen om werkgevers en andere economische en sociale partners te mobiliseren. Zo is in mei het initiatief „Employers together for Integration” gestart en volgde in december een verklaring over een Europees Partnerschap voor integratie. In het kader van de nieuwe agenda voor vaardigheden voor Europa heeft de Commissie een meertalig onlinevaardigheidsprofiel voor onderdanen van derde landen ontwikkeld en gepresenteerd. Dit kan worden gebruikt voor vroegtijdige identificatie en opstelling van profielen voor vaardigheden en kwalificaties van asielzoekers, vluchtelingen en andere migranten. Met deze initiatieven proberen de Commissie, werkgevers en andere sociale partners vluchtelingen en legaal verblijvende migranten te ondersteunen bij hun integratie op de arbeidsmarkt.
Het Europees Programma voor werkgelegenheid en sociale innovatie en het Europees Sociaal Fonds zijn het hele jaar maatregelen blijven financieren om de integratie van vluchtelingen en hun familieleden op de arbeidsmarkt te bevorderen. Ook in het kader van het Europees Semester 2017 is meer aandacht geschonken aan de integratieproblemen die migranten en vluchtelingen ondervinden.
Visumbeleid
In december 2017 hebben alle Bulgaarse en Roemeense burgers visumvrije toegang tot Canada gekregen. De Verenigde Staten zijn nu het enige visumvrije niet-EU-land dat niet alle EU-burgers op basis van wederkerigheid toestaat visumvrij te reizen. Zoals de Commissie in december heeft opgemerkt in haar laatste verslag over visumwederkerigheid, blijft zij in gesprek met de Verenigde Staten en de vijf lidstaten waarvoor deze kwestie van belang is (Bulgarije, Kroatië, Cyprus, Polen en Roemenië).
Wat visumliberalisering betreft, is het de burgers van Georgië sinds maart toegestaan om zonder visum naar het Schengengebied te reizen voor een kort verblijf van maximaal negentig dagen, en werd in juni voor de burgers van Oekraïne een regeling voor visumvrij reizen van kracht. In maart trad ook het herziene opschortingsmechanisme in werking. De Commissie heeft hierover in december verslag uitgebracht. Hoewel de voorwaarden voor visumliberalisering nog steeds worden vervuld, heeft de Commissie gewaarschuwd dat de betrokken niet-EU-landen moeten blijven voldoen aan de vereiste benchmarks. Zij moeten bijvoorbeeld meer doen tegen irreguliere migratie, georganiseerde criminaliteit en corruptie.
FINANCIERING UIT HET FONDS VOOR ASIEL, MIGRATIE EN INTEGRATIE EN HET FONDS VOOR INTERNE VEILIGHEID 2014-2020

Financiële ondersteuning voor een doeltreffend migratiebeheer
De EU-fondsen voor binnenlandse zaken zijn belangrijke beleidsinstrumenten voor de huidige uitdagingen op het gebied van migratie. Ook in 2017 is daarom ruime financiële ondersteuning verleend. Het Fonds voor asiel, migratie en integratie (1,4 miljard euro) en het Fonds voor interne veiligheid (692 miljoen euro) bleven ook in 2017 capaciteitsopbouw ondersteunen door humanitaire, materiële en medische assistentie te verlenen en te helpen bij de ontwikkeling van operationele samenwerking. Verder zijn extra middelen beschikbaar gesteld via de nationale programma’s van de lidstaten (634 miljoen euro uit het Fonds voor asiel, migratie en integratie en 168 miljoen euro uit het Fonds voor interne veiligheid).
Bovendien is meer dan 743 miljoen euro ter beschikking gesteld van de lidstaten, zodat gedurende de levenscyclus van deze fondsen snel kan worden voorzien in spoedeisende operationele behoeften. Daarnaast zijn de trustfondsen en andere EU-instrumenten voor extern optreden gebruikt om te helpen bij andere grote problemen in niet-EU-landen.
HOOFDSTUK 9
Een krachtiger optreden op het wereldtoneel
„Europa moet een krachtiger buitenlandbeleid voeren. De crisis in Oekraïne en de zorgwekkende situatie in het Midden-Oosten maken duidelijk hoe belangrijk het is dat Europa in het buitenland één lijn trekt.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
Het buitenlands en veiligheidsbeleid van de EU concentreert zich op internationale vrede en veiligheid, ontwikkelingssamenwerking, mensenrechten en de rechtsstaat, en respons in noodsituaties op humanitair en klimaatgebied.
Internationaal heeft de EU haar instrumenten op diplomatiek, politiek, economisch, humanitair en veiligheidsgebied ingezet om conflicten vreedzaam op te lossen, met name in Libië, Syrië en Oekraïne.
De EU is in 2017 blijven toezien op de uitvoering van het kernakkoord met Iran, waarbij op veel vlakken vooruitgang werd geboekt. Ook werd gestreefd naar een eensgezinde reactie jegens Noord-Korea.
Na de discussienota over de toekomst van Europa’s defensie en de integrale EU-strategie voor het buitenlands en veiligheidsbeleid bouwt de EU het veiligheids- en defensiebeleid voortvarend uit. De Europese Commissie heeft een Europees Defensiefonds gelanceerd om de samenwerking op het gebied van onderzoek en de gezamenlijke ontwikkeling van defensie-uitrusting en -technologie aan te moedigen.
Het Fonds omvat al 90 miljoen euro om tussen nu en 2020 te investeren in onderzoek, en 500 miljoen euro in ontwikkeling, en moet daarna op kruissnelheid zijn om 1,5 miljard euro per jaar aan defensie te besteden.
In december hadden 25 lidstaten zich aangesloten bij de permanente gestructureerde samenwerking, een juridisch bindend kader voor intensievere samenwerking op het gebied van veiligheid en defensie. Dit betekende een heuse mijlpaal in de geschiedenis van de Europese Unie.
De EU besteedde een groot deel van haar werkzaamheden dit jaar aan het ondersteunen van de Verenigde Naties en de VN-doelstellingen voor duurzame ontwikkeling voor 2030, en stelde onder andere een nieuwe Europese consensus over ontwikkeling vast. De Commissie presenteerde ook een nieuw Europees plan voor externe investeringen om investeringen in Afrika en de buurlanden van de EU aan te moedigen, de partnerschappen van de EU te versterken en bij te dragen tot de duurzameontwikkelingsdoelstellingen.
De EU heeft humanitaire hulp, voedsel, onderdak, onderwijs en gezondheidszorg verstrekt aan 120 miljoen mensen in 80 landen, en gaf zo uiting aan haar solidariteit met mensen overal ter wereld.
De buurlanden van de EU
Met het Europees nabuurschapsbeleid laat de EU zien dat ze de gedeelde belangen met partnerlanden ten oosten en ten zuiden verder wil uitbouwen en met die landen wil samenwerken aan de kernprioriteiten voor meer stabiliteit, zoals democratie, de rechtsstaat, eerbiediging van de mensenrechten en sociale cohesie.
Sinds dit jaar hebben burgers van Georgië en Oekraïne niet langer een visum nodig om naar de EU te reizen. De belangrijke associatieovereenkomsten met Georgië, Moldavië en Oekraïne zijn dit jaar in werking getreden en zullen hervormingen en de totstandkoming van vrijhandelszones stimuleren. De EU blijft aandringen op een vreedzame oplossing van het conflict in het oosten van Oekraïne door volledige uitvoering van de Akkoorden van Minsk. Deze akkoorden zijn gesloten in september 2014 en februari 2015 en beogen een duurzame politieke oplossing voor het conflict in Oost-Oekraïne waarbij de onafhankelijkheid, soevereiniteit en territoriale integriteit van het land worden geëerbiedigd. De sancties tegen Rusland vanwege de illegale annexatie van de Krim en Sebastopol en zijn rol in de destabilisering van Oekraïne zijn opnieuw verlengd.
Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, Petro Porosjenko, president van Oekraïne, en Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, op de 19e EU-Oekraïne-top, Kiev, Oekraïne, 12 en 13 juli 2017.
Daarnaast heeft de EU steun verleend aan Georgië, Jordanië, Moldavië, Tunesië en Oekraïne in de vorm van programma’s voor macrofinanciële bijstand, die worden aangevuld met financiële steun van het Internationaal Monetair Fonds. Zo worden landen die geografisch, economisch en politiek dicht bij de EU liggen, geholpen een economische of financiële crisis te boven te komen.
Tijdens de vijfde top van het Oostelijk Partnerschap in november werd opnieuw bevestigd dat de EU en haar zes partners — Armenië, Azerbeidzjan, Belarus, Georgië, Moldavië en Oekraïne — zich krachtig willen blijven inzetten voor het partnerschap. In de gezamenlijke verklaring werden de „20 doelstellingen voor 2020” verwelkomd als kader voor de samenwerking om concrete resultaten ten behoeve van de burgers te bewerkstelligen. In de marge van de top werd ook de nieuwe brede en versterkte partnerschapsovereenkomst met Armenië ondertekend.
Rusland
De EU handhaaft de beperkende maatregelen tegen Rusland vanwege zijn rol in de destabilisering van Oekraïne. Deze maatregelen zijn in december 2017 verlengd en blijven gekoppeld aan de volledige uitvoering van de Akkoorden van Minsk. Daarnaast concentreerde de EU zich op overleg met Rusland over specifieke vraagstukken zoals buitenlands beleid en mondiale kwesties. Zij intensiveerde haar steun voor het Russische maatschappelijk middenveld en contacten tussen Europese en Russische burgers. De mensenrechtensituatie in Rusland en de inperking van het maatschappelijk middenveld bleven een aandachtspunt voor de EU.
Het zuidelijke nabuurschap
Gedurende het jaar heeft de EU met verschillende landen onderhandeld over partnerschapsprioriteiten voor economische en politieke samenwerking. Met Algerije en Egypte is overeenstemming bereikt over dergelijke prioriteiten.
De EU verstrekte bijna 170 miljoen euro voor de bescherming van migranten, de uitvoering van migratiestrategieën en vrijwillige repatriëring en re-integratie in Egypte, Libië, Marokko en Tunesië. De EU verstrekte ook extra steun aan Tunesië voor het democratische overgangsproces en economisch herstel.
In juli sloot de EU zich aan bij het partnerschap voor onderzoek en innovatie in het Middellandse Zeegebied en zegde toe de komende jaren 220 miljoen euro te investeren in regionale samenwerking ter verbetering van de water- en voedselvoorziening. Dat is nodig aangezien de sociaal-economische omstandigheden momenteel verslechteren door ernstige watertekorten en afnemende gewasopbrengsten, wat leidt tot politieke instabiliteit en kortetermijnmigratie. De EU is zich ten volle blijven inzetten voor Libië en zijn overgang naar een democratie, en voor de bemiddelingsinspanningen die de VN in dat verband verricht. In april vond een ministeriële bijeenkomst plaats over de samenwerking tussen de EU en Libië op het gebied van onderwijs en gezondheidszorg.
Gedurende het hele jaar bevorderde de EU de regionale samenwerking met de landen in het zuidelijke Middellandse Zeegebied via de Unie voor het Middellandse Zeegebied, de Arabische Liga en de Anna Lindh Foundation.
De Westelijke Balkan en het uitbreidingsproces
De EU blijft steun verlenen aan de landen van de Westelijke Balkan op hun weg naar integratie in de EU. De toetredingsonderhandelingen met Montenegro en Servië zijn voortgezet. Dankzij de intensieve betrokkenheid van de EU en de voortgang die is geboekt met hervormingen en democratie in Albanië en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië, staat de deur open voor verdere stappen op weg naar hun integratie in de EU. Daarnaast verleende de EU steun voor de hervormingen in Bosnië en Herzegovina, en Kosovo (deze benaming laat de standpunten over de status van Kosovo onverlet, en is in overeenstemming met Resolutie 1244 (1999) van de VN-Veiligheidsraad en het advies van het Internationaal Gerechtshof over de onafhankelijkheidsverklaring van Kosovo). Daarnaast ondersteunt de EU processen om verzoening te bewerkstelligen en spanningen weg te nemen tussen de landen in de regio.
Federica Mogherini, hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter van de Commissie (midden), en Goran Rakić, burgemeester van Noord-Mitrovica (rechts), tijdens de opening van een brug in Mitrovica, Kosovo, 4 maart 2017.
Turkije
De betrekkingen tussen de EU en Turkije kwamen onder druk te staan door de ernstige aantasting van de rechtsstaat en de grondrechten in Turkije. De EU maakte duidelijk dat zij de dialoog wil voortzetten met een stabiel, democratisch en inclusief Turkije. De Verklaring EU-Turkije van 2016 blijft vruchten afwerpen, zoals blijkt uit de aanzienlijke daling van het aantal doden en van het aantal irreguliere migranten dat de Egeïsche Zee oversteekt.
West-Europa
De EU onderhoudt uitstekende betrekkingen met de niet-EU-landen in West-Europa. Noorwegen en Zwitserland behoren tot haar belangrijkste handels- en investeringspartners. De betrekkingen met de landen van de Europese Economische Ruimte (IJsland, Liechtenstein en Noorwegen) zijn verder versterkt. Met het Vaticaan wordt nauwer samengewerkt op het gebied van het buitenlands beleid en andere vraagstukken.
Noord- en Latijns-Amerika
De EU stelde zich actief op tegenover de nieuwe regering in de Verenigde Staten, onder andere tijdens een bijeenkomst van de leiders in mei tijdens het eerste buitenlandse bezoek van president Trump. Onze samenwerking op het gebied van veiligheid — onder andere inzake Noord-Korea, Rusland, Syrië en Oekraïne — en terrorismebestrijding blijft intensief en cruciaal.
2017 was een belangrijk jaar voor de betrekkingen tussen de EU en Canada. Alle EU-burgers kunnen nu zonder visum naar Canada reizen en de vrijhandelsovereenkomst met Canada wordt sinds september op voorlopige basis toegepast.
Nu Latijns-Amerika grote veranderingen doormaakt, gaat de EU verder met de modernisering en uitbreiding van de betrekkingen met haar partners, waaronder Chili, Cuba, Mexico, het Mercosur-handelsblok en de landen in het Caribisch gebied. De EU versterkte ook haar betrekkingen met de regio als geheel, via de Gemeenschap van Latijns-Amerikaanse en Caribische Staten, op het gebied van onder andere veiligheid, bedrijfsleven, gender en parlementaire samenwerking. Voortbouwend op jaren van partnerschap en samenwerking blijft de EU de vrede in Colombia ondersteunen.
China
Tijdens de top tussen de EU en China in juni in Brussel werd aanzienlijke vooruitgang geboekt met betrekking tot geografische aanduidingen, douanesamenwerking, staatssteun en de verbintenis tot uitvoering van de Klimaatovereenkomst van Parijs. Er werd intensief overlegd over buitenlands beleid en regionale vraagstukken met betrekking tot Afrika, Centraal-Azië, Afghanistan, Noord-Korea en Syrië, evenals over terrorismebestrijding en defensie. De EU blijft haar bezorgdheid over de mensenrechten centraal stellen in de betrekkingen met China.
Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, Li Keqiang, premier van China, en Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, op de 19e EU-China-top in Brussel, 2 juni 2017.
Azië en de Stille Oceaan
De Associatie van Zuidoost-Aziatische Staten
In 2017 vierden de EU en de Associatie van Zuidoost-Aziatische Staten dat ze veertig jaar officiële betrekkingen onderhouden. Tijdens de top in Manilla, Filipijnen, in augustus werden de samenwerkingsterreinen voor de periode 2018-2022 vastgesteld, waaronder veiligheid, handel, duurzame ontwikkeling en contacten tussen mensen.
Het Midden-Oosten
Iran
Er werd veel vooruitgang geboekt in de betrekkingen met Iran, met name op het gebied van handel en investeringen, energie, milieu, onderwijs, onderzoek, civiele nucleaire samenwerking, humanitaire hulp en mensenrechten. Deze vooruitgang was mogelijk dankzij de opheffing van de sancties die waren opgelegd in verband met de nucleaire activiteiten van Iran. Er is een regelmatige dialoog met Iran ingesteld om constructief te overleggen over regionale vraagstukken en methoden om regionale crisissen op te lossen.
Het vredesproces in het Midden-Oosten, Israël en de bezette Palestijnse gebieden
De tweestatenoplossing komt steeds meer onder druk te staan door de ontwikkelingen in de praktijk, zoals het gebrek aan concrete vooruitgang van de intra-Palestijnse verzoening en de bouw van nederzettingen door de Israëlische regering in de bezette Palestijnse gebieden, inclusief Oost-Jeruzalem. In december herhaalde de Europese Raad evenwel dat de EU voorstander blijft van een tweestatenoplossing. Aan het eind van het jaar werden de eerste stappen naar intra-Palestijnse verzoening gezet. De EU toetst momenteel of haar samenwerkingsinstrumenten ter plaatse bijdragen tot het bereiken van een tweestatenoplossing.
De EU stelde samen met de lidstaten, Noorwegen en Zwitserland een gezamenlijke Europese strategie vast voor financiële steun aan Palestina voor de periode 2017-2020, het eerste gezamenlijke hulpprogramma voor het zuidelijke nabuurschap.
Syrië
De crisis in Syrië hield de EU en de internationale gemeenschap het hele jaar bezig. In april was de EU een van de organisatoren van de conferentie in Brussel over de toekomst van Syrië en de regio. De deelnemers zegden voor 2017 5,6 miljard euro toe voor de aanpak van de crisis. De EU is bereid steun te verlenen voor de wederopbouw zodra de partijen in Syrië een duurzame en inclusieve politieke oplossing voor het conflict bereiken.
De crisis in Syrië

De betrekkingen tussen de EU en Afrika
De EU is de belangrijkste handels- en investeringspartner van Afrika, en ook de grootste donor van hulp. Zij verstrekt de meeste officiële ontwikkelingssteun en humanitaire hulp aan het continent. De vijfde top tussen de Afrikaanse Unie en de Europese Unie vond in november plaats in Abidjan (Ivoorkust) en richtte zich op investeringen in het groeiende aantal jongeren in Afrika. De EU ziet uit naar verdere samenwerking met Afrika in het nieuwe kader na de Overeenkomst van Cotonou.
Migratie: de EU richt zich op de menselijke dimensie
Migratie bleef een belangrijk thema voor de EU, waarbij de menselijke dimensie centraal werd gesteld. Het aantal mensen dat de Middellandse Zee en de Sahara overstak, is dit jaar aanzienlijk gedaald dankzij de toename van de samenwerking en de coördinatie tussen de EU, de Afrikaanse partnerlanden en internationale organisaties, in overleg met de lidstaten. Naast operatie Sophia op zee werd aanhoudend gestreden tegen smokkel en is training gegeven aan de Libische kustwacht. Het EU-noodtrustfonds voor Afrika heeft al bijna 3,2 miljard euro gemobiliseerd voor werkgelegenheid, training in vaardigheden, migratiebeheer en veiligheidsmaatregelen, zodat landen hun economie kunnen opbouwen en kansen creëren waardoor migratie minder aantrekkelijk wordt.
Sinds de start van het partnerschapskader inzake migratie zijn verschillende concrete resultaten geboekt in vijf prioritaire Afrikaanse landen ten zuiden van de Sahara: Ethiopië, Mali, Niger, Nigeria en Senegal. Hierover is een voortgangsverslag gepresenteerd door de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid, vicevoorzitter van de Commissie Federica Mogherini.
Duurzame ontwikkeling
De EU is ’s werelds grootste donor op het gebied van ontwikkelings- en humanitaire hulp. Deze hulp is niet zomaar liefdadigheid; het gaat over concrete investeringen in mensen. Tussen 2014 en 2020 verstrekt alleen al de Commissie 31 miljard euro aan officiële ontwikkelingshulp aan Afrika.
De EU blijft het voortouw nemen bij de uitvoering van de VN-Agenda 2030 voor duurzame ontwikkeling en ondertekende een nieuwe Europese consensus inzake ontwikkeling, die een flinke impuls kreeg dankzij het nieuwe Europees plan voor externe investeringen, waarmee 44 miljard euro aan extra investeringen in Afrika en het Europese nabuurschap moet worden gegenereerd.
Het plan voor externe investeringen: een nieuwe vorm van steun voor landen in Afrika en het nabuurschap
In 2017 is het plan voor externe investeringen ingesteld, een innovatieve aanpak van de EU-ontwikkelingshulp. De belangrijkste component ervan, het Europees Fonds voor duurzame ontwikkeling, is opgericht op 28 september.
Commissaris Neven Mimica bezoekt de Nafasi Art Space in Dar es Salaam, Tanzania, 3 november 2017.
Het plan zal investeringen aanmoedigen in de partnerlanden van de EU in Afrika en de nabuurschapsregio om inclusieve groei, werkgelegenheid en duurzame ontwikkeling te bevorderen en zo enkele achterliggende oorzaken van irreguliere migratie aan te pakken. Voor het plan is 4,1 miljard euro uitgetrokken uit de EU-begroting en het Europees Ontwikkelingsfonds. Naar verwachting kan hiermee tussen nu en 2020 44 miljard euro aan investeringen worden aangetrokken. De Commissie heeft ook de lidstaten en andere partners opgeroepen bij te dragen.
De EU en de VN zetten het Spotlight-initiatief op om een einde te maken aan geweld tegen vrouwen en meisjes.
In 2017 lanceerde de EU in partnerschap met de VN ook een initiatief van 500 miljoen euro om een einde te maken aan alle vormen van geweld tegen vrouwen en meisjes wereldwijd.
De Commissie heeft voorgesteld de EU een mandaat te verlenen om te starten met formele onderhandelingen over een nieuw partnerschap met de landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan na 2020.
Het „hulp voor handel”-beleid van 2007 werd omgezet in een aanpak die zich meer richt op „hulp voor duurzame ontwikkeling” door de economische betrekkingen met partnerlanden beter in te zetten voor ontwikkeling.
De EU als verdediger van de mensenrechten
De EU nam op het wereldtoneel opnieuw het voortouw bij de verdediging van de mensenrechten. In juni werd de tussentijdse evaluatie van het EU-actieplan inzake mensenrechten en democratie (2015-2019) gepubliceerd. Daarin staat onder meer waarop de EU zich tot het einde van het actieplan ten aanzien van niet-EU-landen moet concentreren.
Overeenkomstig de prioriteiten van de integrale strategie voor het buitenlands en veiligheidsbeleid pleit de EU voor een gunstige omgeving voor niet-gouvernementele organisaties en mensenrechtenactivisten via mensenrechtendialogen, financiële steun en multilaterale fora. Op verschillende plaatsen in de wereld ondervond het maatschappelijk middenveld dit jaar tegenwerking. De EU blijft fel gekant tegen ongerechtvaardigde beperkingen van het recht van vrijheid van vereniging en vreedzame vergadering.
Veiligheid en defensie
De EU maakte in 2017 snel werk van de uitvoering van de integrale strategie inzake veiligheid en defensie. Voor het eerst in de geschiedenis is een commandocentrum onder één bevel voor militaire opleidings- en adviesmissies van de EU opgericht. Er is ook een Europees kenniscentrum opgericht om betere analyses te maken en meer capaciteit op te bouwen voor de aanpak van hybride bedreigingen (na de gezamenlijke mededeling van 2016 hierover van de Commissie en de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid), en de samenwerking met de NAVO is geïntensiveerd.
INVESTEREN IN ONDERZOEK EN ONTWIKKELING VOOR INDUSTRIËLE DEFENSIEPRODUCTEN EN -TECHNOLOGIEËN

HET EUROPEES DEFENSIEFONDS

In juni lanceerde de Commissie het Europees Defensiefonds, dat tussen nu en 2020 90 miljoen euro zal investeren in onderzoek en 500 miljoen in de ontwikkeling van industriële defensieproducten en -technologieën. Via dit Fonds wordt de EU-begroting voor het eerst gebruikt voor defensiegerelateerde projecten. Het moet overlap voorkomen en zorgen voor meer efficiëntie in de defensie-uitgaven van de lidstaten door onderzoek, ontwikkeling en gezamenlijke aankopen te coördineren.
De eerste oproepen tot het indienen van onderzoeksprojecten zijn gepubliceerd en de eerste volledig te financieren onderzoeksprojecten, op het gebied van onbemande en soldaatsystemen, zijn eind 2017 aangekondigd. De Commissie deed ook een voorstel voor een industrieel ontwikkelingsprogramma voor de Europese defensie, met 500 miljoen euro uit de EU-begroting, om bij te dragen aan de ontwikkelingsfase van industriële defensieproducten en technologieën, bijvoorbeeld voor prototypen.
PERMANENTE GESTRUCTUREERDE SAMENWERKING

In december, slechts zes maanden nadat de Commissie het voorstel had ingediend, hechtte de Raad van de Europese Unie zijn goedkeuring aan een algemene aanpak. Het dossier wordt momenteel behandeld door het Europees Parlement en het Europees Defensiefonds zou dan vanaf 2019 volledig operationeel kunnen zijn.
Federica Mogherini, hoge vertegenwoordiger/vicevoorzitter van de Commissie, bezoekt de luchtmachtbasis van Zaragoza, Spanje, 8 juni 2017.
Gezien de noodzaak van meer coördinatie en samenwerking op het gebied van veiligheid en defensie lanceerden de leiders van 25 lidstaten in december de permanente gestructureerde samenwerking inzake defensie. Lidstaten die dat willen en kunnen, zullen gezamenlijke defensiecapaciteit ontwikkelen, investeren in gedeelde projecten en de operationele paraatheid en bijdrage van hun strijdkrachten vergroten. Er zijn 17 samenwerkingsprojecten aangewezen, onder andere op het gebied van snelle responsteams en wederzijdse bijstand op het gebied van cyberbeveiliging, voor militaire hulpverlening bij rampen, verbetering van de maritieme veiligheid, voor de instelling van een geneeskundig commando voor de EU en voor de oprichting van een EU-kenniscentrum voor opleidingsmissies.
Daarnaast delen lidstaten via de gecoördineerde jaarlijkse evaluatie inzake defensie voor het eerst hun plannen voor defensie-uitgaven, om lacunes te voorkomen, meer consistentie te bewerkstelligen en schaalvoordelen te behalen.
Respons op humanitaire crisissen en noodsituaties
In 2017 verstrekte de EU voor meer dan 1,8 miljard euro aan humanitaire hulp en civiele bescherming. Er werd voedsel, onderdak, onderwijs, bescherming en gezondheidszorg verstrekt aan ruim 120 miljoen mensen in meer dan 80 landen. De EU financierde humanitaire hulp bij alle grote conflicten, van Irak en Syrië tot Afghanistan, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Zuid-Sudan en Jemen.
Commissaris Christos Stylianides met Zuid-Sudanese vluchtelingen in Imvepi, Uganda, 22 juni 2017.
HUMANITAIRE HULP VAN DE EU IN 2017

Gedurende het jaar verkeerden meer dan 65,6 miljoen mensen wereldwijd in een situatie van gedwongen ontheemding als gevolg van conflicten en oorlogen. Ongeveer 90 % van het jaarlijkse EU-budget voor humanitaire hulp werd besteed aan projecten ten behoeve van deze vluchtelingen, in 56 landen. De EU heeft ook haar financiële bijstand opgeschroefd in verband met de hongersnood die dreigt voor miljoenen mensen in Nigeria, Somalië, Zuid-Sudan en Jemen, door aan deze landen in 2017 326 miljoen euro toe te wijzen.
De EU hielp vluchtelingen en migranten in Griekenland met een cashprogramma en huurwoningen via het noodhulpprogramma voor integratie en huisvesting. Met het sociale vangnet voor noodgevallen, het grootste programma voor humanitaire hulp in de geschiedenis van de EU, zijn prepaidbetaalkaarten verstrekt aan de meest kwetsbare vluchtelingen in Turkije, zodat zij in hun essentiële behoeften kunnen voorzien.
In 2017 heeft de EU meer dan 6 % van haar budget voor humanitaire hulp besteed aan onderwijsprogramma’s voor kinderen in humanitaire noodsituaties (in 2015 was dit slechts 1%).
Via het mechanisme voor civiele bescherming verstrekt en coördineert de EU hulp aan mensen die worden getroffen door een ramp, in Europa of daarbuiten. Gedurende het jaar werd het mechanisme 32 keer geactiveerd, onder andere bij bosbranden in Europa, overstromingen in Peru en orkanen in het Caribisch gebied.
Multilaterale samenwerking
De EU werkte het hele jaar nauw samen met de Verenigde Naties en ondersteunde de drie prioriteiten van António Guterres, de nieuwe VN-secretaris-generaal: conflictpreventie, duurzame ontwikkeling en hervorming van de VN. Samen leveren de EU en haar lidstaten de grootste financiële bijdrage aan het VN-systeem. Overeenkomstig haar integrale strategie voor het buitenlands en veiligheidsbeleid pleit de EU voor sterker mondiaal bestuur, conflictpreventie en vrede, en de uitvoering van belangrijke overeenkomsten op het gebied van klimaatverandering en duurzame ontwikkeling.
De samenwerking tussen de EU en de NAVO is in 2017 verder geïntensiveerd op basis van de Verklaring van Warschau van 2016 over samenwerking bij gemeenschappelijke bedreigingen. Deze samenwerking is een belangrijke pijler van het streven van de EU naar versterking van de Europese veiligheid en defensie in het kader van de integrale strategie. In het najaar vonden voor het eerst parallelle gecoördineerde oefeningen plaats.
Frans Timmermans, eerste vicevoorzitter van de Commissie, begroet António Guterres, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, op de Veiligheidsraad in München, Duitsland, 18 februari 2017.
HOOFDSTUK 10
Een Unie van democratische verandering
„Onder mijn leiding zal de Europese Commissie ernaar streven het speciale partnerschap met het Europees Parlement [...] nieuw leven in te blazen. [...] Ook wil ik zorgen voor nog meer transparantie inzake de contacten met belanghebbenden en lobbyisten.”
Jean-Claude Juncker, Politieke beleidslijnen, 15 juli 2014
In 2017 is de zestigste verjaardag van de oprichtingsverdragen van de Europese Unie gevierd. Bij deze belangrijke gelegenheid zijn de verwezenlijkingen van de EU erkend en de waarden gevierd die borg blijven staan voor verbondenheid tussen de Europeanen. Ook de mogelijkheden voor verdere verbetering en de toekomstige uitdagingen voor de EU kwamen aan de orde, nu de EU aan een nieuw hoofdstuk begint.
Om het debat over de toekomst op gang te brengen, publiceerde de Europese Commissie in maart het Witboek over de toekomst van Europa. Daarin werden de belangrijkste problemen en kansen voor de komende tien jaar uiteengezet, samen met vijf scenario’s voor de manier waarop Europa in de periode tot 2025 kan evolueren. Volgend op het witboek kwam de Commissie met een reeks discussienota’s over de thema’s die de toekomst van de EU het zwaarst zullen beïnvloeden. Deze discussienota’s hebben bijgedragen tot ruim 2 000 openbare debatten, verspreid over heel Europa.
In zijn Staat van de Unie blikte Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, in september terug op een jaar van herwonnen optimisme en ambitie voor het Europese project, mogelijk gemaakt door het krachtige politieke leiderschap van de EU-instellingen en de lidstaten. Hij beschreef in zijn toespraak zijn visie voor een meer verenigde, sterkere en meer democratische Unie. Daarbij werd ook een routekaart gepresenteerd met belangrijke maatregelen die nodig zijn om de tien beleidsprioriteiten van de Commissie voor het einde van haar mandaat uit te voeren, en een aantal initiatieven die gericht zijn op de toekomst. Op 9 mei 2019 is in Sibiu, Roemenië, een bijzondere bijeenkomst gepland van de leiders van de EU-27 over de koers die de Europese Unie moet volgen.
De Commissie heeft verder werk gemaakt van verbetering van het EU-beleid en de EU-besluitvorming, zodat wetgeving nauwer aansluit bij de belangen van de betrokkenen.
De positieve agenda voor Europa waarmaken
Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, geeft zijn toespraak over de Staat van de Unie in het Europees Parlement, Straatsburg, Frankrijk, 13 september 2017.
Voorzitter Juncker presenteerde in zijn Staat van de Unie in 2016 een positieve agenda voor een „Europa dat ons beschermt, sterker maakt en verdedigt”. Deze agenda werd positief onthaald door het Europees Parlement en de leiders van de EU-27 op de top van Bratislava, Slowakije, in september 2016.
Met de publicatie op 1 maart van het Witboek over de toekomst van Europa, waarin de Commissie haar visie voor de EU met 27 lidstaten beschrijft, is in 2017 verder werk gemaakt van de uitvoering van die positieve agenda. In het witboek worden de belangrijkste problemen en kansen voor de Europese Unie voor de komende tien jaar uiteengezet, samen met vijf scenario’s voor de manier waarop de EU in de periode tot 2025 kan evolueren, naargelang de weg die zij kiest. Na het witboek volgden vijf discussienota’s die het debat hebben geopend over de thema’s die de toekomst van Europa het sterkst zullen beïnvloeden:
- de sociale dimensie van Europa,
- de mondialisering in goede banen leiden,
- het verdiepen van de Economische en Monetaire Unie,
- de toekomst van de Europese defensie,
- de toekomst van de EU-financiën.
Op 25 maart vierden de leiders van de EU-27 in Rome de zestigste verjaardag van de Verdragen van Rome, die de basis hebben gevormd voor de Europese Economische Gemeenschap, de voorloper van de huidige EU. De leiders hebben bij deze gelegenheid ook hun geloften aan de Unie hernieuwd. In de Verklaring van Rome die aan het eind van de feestelijkheden is aangenomen, hebben de leiders hun gemeenschappelijke visie benadrukt om de Unie „sterker en weerbaarder” te maken, „met nog meer onderlinge eenheid”.
Op 1 maart 2017 publiceert de Commissie het Witboek over de toekomst van Europa.
Commissaris Günther Oettinger presenteert tijdens een persconferentie het eindverslag over vereenvoudigde regels voor EU-fondsen voor het volgende begrotingskader na 2020, Brussel, 11 juli 2017.
Nu doet zich een gelegenheid voor om de Europese Unie breder te hervormen. De Europese Commissie is samen met het Europees Parlement en de lidstaten een reeks debatten over de toekomst van Europa gestart, die in de hele EU plaatsvinden. Het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Europees Comité van de Regio’s zijn actief betrokken bij de organisatie van nationale en regionale debatten in de lidstaten. In de parlementen, steden en regio’s zullen verdere discussies plaatsvinden in de aanloop naar de bijzondere top van de leiders van de EU-27 op 9 mei 2019 in Sibiu, Roemenië.
Een routekaart voor een hechtere, sterkere en democratischere Unie
In zijn Staat van de Unie van september 2017 heeft voorzitter Juncker geschetst hoe de EU in de periode tot 2025 kan evolueren. Om richting te geven aan de hervormingsagenda die hij in zijn toespraak aankondigde, presenteerde hij een routekaart voor een meer verenigde, sterkere en meer democratische Unie. De Commissie keurde concrete initiatieven goed op gebieden als handel, doorlichting van investeringen, cyberbeveiliging, industrie, gegevens en democratie. Voorzitter Juncker en eerste vicevoorzitter Frans Timmermans stelden ook nieuwe regels voor inzake de financiering van politieke partijen en politieke stichtingen. Die moeten via meer transparantie, betere democratische legitimiteit en sterkere handhaving ervoor zorgen dat de financiering beter aansluit bij de democratische keuzes van de burgers bij de verkiezingen voor het Europees Parlement.
De bovengenoemde routekaart bouwt voort op het herwonnen optimisme en de hernieuwde ambitie en omvat maatregelen die de Commissie tegen het einde van haar vijfjarige mandaat moet nemen, evenals meer toekomstgerichte initiatieven om de EU in de periode tot 2025 vorm te geven. Tot de belangrijke mijlpalen behoren een geloofwaardige uitbreidingsstrategie voor de verst gevorderde kandidaat-lidstaten in de Westelijke Balkan, een EU-begroting die is afgestemd op de ambities van de EU en de EU in staat stelt haar verbintenissen na te komen, en een voorstel voor een Europese minister van Economische Zaken en Financiën.
Met het oog op de uitvoering van de tien politieke prioriteiten van voorzitter Juncker en om de toekomst van de EU mede vorm te geven, heeft de Commissie in haar werkprogramma voor 2018 de belangrijkste initiatieven voor het komende jaar geformuleerd. In het kader van het Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven werd het werkprogramma samengesteld in overleg met het Parlement en de Raad van de Europese Unie. Voorts werd door de EU-leiders een nieuwe Leidersagenda overeengekomen, die de richting aangeeft van het werk van de Europese Raad tot het einde van de huidige wetgevingscyclus in 2019.
Het werkprogramma van de Commissie omvat concrete voorstellen om resultaten te boeken op het gebied van het actieplan voor de circulaire economie ter bevordering van banen en groei, en om de digitale eengemaakte markt, de energie-unie, de kapitaalmarktenunie, de Economische en Monetaire Unie, de bankenunie en de veiligheidsunie tot stand te brengen.
Nog voor het eind van het jaar werden vorderingen gemaakt met een aantal maatregelen van de routekaart. In september kwamen de lidstaten op de digitale top in Tallinn, Estland, overeen dat de digitale eengemaakte markt uiterlijk in 2018 moet zijn voltooid. Over de Europese pijler van sociale rechten, die eerlijke en goed werkende arbeidsmarkten en socialezekerheidsstelsels bevordert, kwam het tot een akkoord op de top van Göteborg, Zweden, in november. In december presenteerde de Commissie een routekaart voor de verdieping van de Europese Economische en Monetaire Unie, die concrete stappen omvat die de komende 18 maanden moeten worden genomen. Voorts presenteerde zij voor de periode tot juni 2018 een politiek stappenplan met het oog op een overeenkomst over een integraal migratiepakket. Op de „One Planet”-top in Parijs, Frankrijk, twee jaar na de Overeenkomst van Parijs inzake klimaatverandering van december, boog de EU zich over de kwestie van klimaatfinanciering.
Het Europees Parlement
Op 17 januari 2017 werd Antonio Tajani verkozen tot nieuwe voorzitter van het Europees Parlement. Het Parlement behandelde het afgelopen jaar een brede waaier van beleidskwesties, zoals het vernieuwde en verlengde Europees Fonds voor strategische investeringen, de toegankelijkheidseisen voor producten en diensten, de controle op vuurwapens en terrorismebestrijding, de hervorming van de stelsels voor asiel en legale migratie, slimme grenzen en het inreis-uitreissysteem, de hervorming van het auteursrechtstelsel en de telecommunicatiemarkt, het voorkomen van geoblocking, de hervorming van het EU-emissiehandelssysteem en de ontwikkeling van voorschriften voor energie-efficiëntie, en de elektriciteitsmarkt.
Verschillende vooraanstaande bezoekers hebben in 2017 het Parlement toegesproken, onder wie António Guterres, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, evenals Alexander Van der Bellen, president van Oostenrijk, en Frank-Walter Steinmeier, president van Duitsland, die allebei voor een van hun eerste officiële bezoeken voor het Parlement kozen. Ook Justin Trudeau, premier van Canada, en Moussa Faki Mahamat, voorzitter van de Commissie van de Afrikaanse Unie, spraken het Parlement toe.
Antonio Tajani wordt op 17 januari 2017 tot voorzitter van het Europees Parlement verkozen en volgt daarmee Martin Schulz op.
Vertegenwoordigers van de democratische oppositie in Venezuela ontvangen de Sacharovprijs voor de vrijheid van denken van het Europees Parlement tijdens een ceremonie in Straatsburg, Frankrijk, 13 december 2017.
Het Onderzoekscentrum van het Europees Parlement publiceert regelmatig een verslag over de stand van zaken met betrekking tot de tien prioriteiten van de Commissie-Juncker.
De Europese Raad
Donald Tusk werd opnieuw verkozen tot voorzitter van de Europese Raad, voor een nieuwe ambtstermijn die loopt van 1 juni 2017 tot en met 30 november 2019.
De Europese Raad organiseerde in februari in Valletta, Malta, een informele vergadering over de externe aspecten van migratie en de route door het centrale Middellandse Zeegebied. De voorjaarsbijeenkomst van de Europese Raad werd gewijd aan de economie, in het bijzonder de eengemaakte markt en handel.
Op 9 maart 2017 wordt Donald Tusk door de Europese Raad herverkozen tot voorzitter voor een tweede termijn van 2,5 jaar, van 1 juni 2017 tot en met 30 november 2019.
Op 29 maart liet het Verenigd Koninkrijk op grond van artikel 50 van het Verdrag van de Europese Unie officieel weten dat het de intentie heeft om uit de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie te stappen. Een maand later stelde de Europese Raad op een bijzondere vergadering met de EU-27 de politieke richtsnoeren vast die de EU bij de brexitonderhandelingen moet volgen. Volgens deze richtsnoeren moet in de eerste fase van de onderhandelingen een akkoord worden bereikt over regelingen voor een ordelijke terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk, en moet vervolgens in de tweede fase het kader voor de toekomstige betrekkingen worden overeengekomen. In mei nam de Raad Algemene Zaken een besluit aan waarbij de richtsnoeren in precieze onderhandelingsstandpunten zijn omgezet en de Commissie machtiging is verleend om namens de EU met het Verenigd Koninkrijk te onderhandelen. De onderhandelingen gingen in juni van start, onder leiding van hoofdonderhandelaar Michel Barnier, voorzitter van de taskforce voor de artikel 50-onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk.
In juni werd de toezegging om de EU-samenwerking inzake veiligheid en defensie te versterken, herhaald, en kwamen de leiders overeen dat er behoefte is aan een inclusieve en ambitieuze permanente gestructureerde samenwerking.
Op de gewone bijeenkomst van de Europese Raad in oktober werden migratie, de digitale economie, veiligheid en defensie en externe betrekkingen besproken. De leiders maakten er ook een stand van zaken op van de vorderingen bij de uitvoering van de agenda van Bratislava, en hechtten hun goedkeuring aan de Leidersagenda, de leidraad voor het werk van de Europese Raad tot het einde van de huidige wetgevingscyclus in 2019. Op de Europese Raad van oktober, bijeen in EU-27-samenstelling, werden de onderhandelingen over de uittreding van het Verenigd Koninkrijk besproken en werd geconcludeerd dat er nog onvoldoende vooruitgang was geboekt. De Europese Raad verzocht er de 27 lidstaten om samen met de EU-onderhandelaar interne voorbereidende besprekingen te beginnen over mogelijke overgangsregelingen en het kader voor de toekomstige betrekkingen met het Verenigd Koninkrijk.
In november vond in Göteborg, Zweden, nog een informele bijeenkomst van staatshoofden en regeringsleiders plaats, gewijd aan onderwijs en cultuur. Voorafgaand aan deze bijeenkomst presenteerde de Commissie de mededeling „De Europese identiteit versterken via onderwijs en cultuur”, waarin zij haar visie beschrijft om tot een Europese onderwijsruimte te komen. Op deze sociale top — de eerste in twintig jaar — herhaalden de EU-leiders hun streven naar een sterkere sociale dimensie van de EU en bespraken zij de toekomst van onderwijs en cultuur. Het Parlement, de Raad en de Commissie hebben op de top de Europese pijler van sociale rechten afgekondigd en ondertekend, met het oog op betere regels en wetgeving met betrekking tot het sociaal beleid van de EU, doeltreffendere rechten voor de burgers en eerlijkere en beter werkende arbeidsmarkten en socialezekerheidsstelsels.
In december, op zijn laatste vergadering van 2017, behandelde de Europese Raad opnieuw de thema’s defensie, de sociale agenda, onderwijs en cultuur. De Europese Raad verwelkomde de start van de permanente gestructureerde samenwerking en stelde prioriteiten vast om aan de slag te gaan met de resultaten van de sociale top van Göteborg. In het kader van de Leidersagenda pleegden de staatshoofden en regeringsleiders overleg over de externe en de interne dimensie van migratie. Tijdens een Eurotop in EU-27-samenstelling bespraken de leiders ook kwesties in verband met de Economische en Monetaire Unie en de bankenunie. De Europese Raad kwam ook in deze vorm bijeen om richtsnoeren goed te keuren die de conclusie van de Commissie bevestigden, namelijk dat er in de eerste fase van de onderhandelingen over de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk voldoende vooruitgang was geboekt om over te gaan tot de tweede onderhandelingsfase, waarin het om overgangsregelingen en de toekomstige betrekkingen gaat.
De Raad van de Europese Unie
Malta en Estland waren voor het eerst voorzitter van de Raad van de Europese Unie. In de eerste helft van het jaar richtte Malta zich op migratie, veiligheid, sociale inclusie, de eengemaakte markt en het nabuurschaps- en maritiem beleid van de EU. In de tweede helft van het jaar besteedde Estland bijzondere aandacht aan digitaal Europa en innovatie.
Het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Europees Comité van de Regio’s
In 2017 was het Europees Economisch en Sociaal Comité actief betrokken bij het debat over de toekomst van Europa. Het nam een resolutie aan over het witboek van de Commissie en organiseerde nationale debatten in de lidstaten. Voorts organiseerde het Comité in juni de Dagen van het Maatschappelijk Middenveld, waarbij de nadruk lag op een sterke input van het maatschappelijk veld voor de denkoefening over de toekomst van Europa.
Georges Dassis, voorzitter van het Europees Economisch en Sociaal Comité, aan het woord op het stakeholdersforum over het Europees Solidariteitskorps, Brussel, 12 april 2017.
In juli 2017 werd Karl-Heinz Lambertz verkozen tot voorzitter van het Europees Comité van de Regio’s. Het Comité organiseerde in 2017 een reeks openbare bijeenkomsten met burgers over de toekomst van Europa, met als hoogtepunt 29 evenementen in de hele EU in de Europese Week van Regio’s en Steden in oktober. Voorts organiseerde het de achtste Europese Conferentie inzake overheidscommunicatie, die was gewijd aan een betere communicatie van overheden met de burgers en betere voorlichting over het EU-beleid.
Karl-Heinz Lambertz, voorzitter van het Europees Comité van de Regio’s, bij de ondertekening van de gezamenlijke verklaring waarbij 21 mei wordt uitgeroepen tot Europese Natura 2000-dag, Brussel, 15 mei 2017.
Voltooiing van de agenda voor betere regelgeving
Toen de Commissie-Juncker in 2014 aantrad, besloot zij zich vooral te richten op zaken die het best op EU-niveau kunnen worden geregeld en waarvoor nationale of lokale oplossingen niet effectief zijn. Dit had tot gevolg dat het aantal initiatieven in de jaarlijkse werkprogramma’s met meer dan 80 % werd gereduceerd ten opzichte van de voorgaande Commissies. Om betere resultaten te behalen en beter in te spelen op de behoeften van de burgers, heeft de Commissie de beleidsvorming en het wetgevingsproces transparanter gemaakt en luistert zij beter naar het publiek. Zij maakt daarbij in elk stadium van de beleidsvorming en het wetgevingsproces gebruik van openbare raadplegingen en speciale feedback-instrumenten.
Bij de agenda voor betere regelgeving gaat het erom dat het beleid en de wetgeving van de EU transparant tot stand komen en worden geëvalueerd, op basis van feiten en na raadpleging van burgers en belanghebbenden.
Betere regelgeving zorgt ervoor dat de EU alleen het nodige doet en dat goed doet. Al het werk van de Commissie is er dus bij gebaat. Dit houdt in dat niet alleen elk jaar een aantal initiatieven prioriteit krijgt, maar ook dat er voortdurend aandacht is voor de al geldende EU-wetgeving, waarbij ervoor wordt gezorgd dat die geschikt is voor het beoogde doel en zo nodig wordt herzien, ingetrokken of vereenvoudigd. Iedereen kan aan dit proces bijdragen door online zijn mening te geven over mogelijke verbeteringen van bestaande EU-wetgeving.
Het programma voor gezonde en resultaatgerichte regelgeving is bedoeld om te bezien waar wetgeving vereenvoudigd kan worden en overbodige kosten kunnen worden voorkomen. Telkens wanneer de Commissie een herziening van bestaande wetgeving voorstelt, gaat zij dat ook na. Via het Refit-scorebord kan worden gevolgd wat de resultaten in het kader van de tien beleidsprioriteiten van de Commissie-Juncker zijn, en ook hoe de Commissie met de aanbevelingen van deskundigen en belanghebbenden rekening heeft gehouden. Tot nu toe zijn 69 adviezen vastgesteld, gebaseerd op meer dan 280 suggesties van de burgers voor het effectiever en efficiënter maken van EU-wetgeving.
De Raad voor regelgevingstoetsing is een onafhankelijk orgaan dat verantwoordelijk is voor de controle van de kwaliteit van effectbeoordelingen en evaluaties. In 2017 zorgde hij voor beter toezicht, betere kwantificering en begeleiding in een vroeg stadium, en zette hij met andere instellingen en toezichtinstanties op het gebied van regelgeving periodieke voorlichtingsactiviteiten op.
Het werkprogramma van de Commissie voor 2018 ging vergezeld van de mededeling „Voltooiing van de agenda voor betere regelgeving: betere oplossingen voor betere resultaten”. Daarin wordt de balans opgemaakt van de vorderingen tot nu toe en worden aanvullende stappen beschreven die de Commissie wil gaan nemen. Uitgebreidere contacten met de burgers, systematische evaluatie, effectbeoordelingen van hoge kwaliteit en een betere toepassing van de geschiktheidscontrole hebben de beoordeling van nieuwe voorstellen en bestaande wetgeving verbeterd. Dit heeft ertoe bijgedragen dat zowel beleidsmakers als belanghebbenden hun argumenten op feiten en verwachte gevolgen kunnen baseren.
De taskforce inzake subsidiariteit, evenredigheid en „minder en efficiënter optreden”
Om de werkzaamheden inzake de agenda voor betere regelgeving af te ronden, heeft voorzitter Juncker op 14 november 2017 officieel een taskforce inzake subsidiariteit, evenredigheid en „minder en efficiënter optreden” opgericht. Eerste vicevoorzitter van de Commissie Frans Timmermans is de voorzitter van de taskforce, die aanbevelingen zal doen voor een betere toepassing van het subsidiariteits- en het evenredigheidsbeginsel, zodat de EU alleen optreedt wanneer dat toegevoegde waarde biedt. Dit houdt in dat besluiten zo dicht mogelijk bij de burger moeten worden genomen — op nationaal, regionaal of lokaal niveau — tenzij maatregelen op EU-niveau doeltreffender zijn. Zo gaat regelgeving nooit verder dan nodig is. De taskforce stelt vast op welke beleidsterreinen resultaten effectiever door de lidstaten zouden kunnen worden bereikt, en hoe regionale en lokale autoriteiten beter bij de vorming en uitvoering van EU-beleid kunnen worden betrokken.
Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven
In 2017 hebben het Parlement, de Raad en de Commissie het nieuwe Interinstitutioneel Akkoord over beter wetgeven ten uitvoer gelegd. Sinds de goedkeuring in 2016 bereikten de drie instellingen voor de allereerste keer overeenstemming over een gemeenschappelijke verklaring waarbij een lijst van 58 wetgevingsprioriteiten voor 2017 werd vastgesteld. De initiatieven waren toegespitst op banen, groei en investeringen, de sociale dimensie van de EU, het veiligheids- en migratiebeleid van de EU, de digitale eengemaakte markt en ambitieuze oplossingen op het gebied van energie- en klimaatbeleid.
Van de 58 initiatieven die de Commissie voorstelde, waren er aan het eind van het jaar, nadat het Parlement en de Raad tot overeenstemming waren gekomen, 28 uitgevoerd. Daarbij gaat het onder meer om de vernieuwing en uitbreiding van het Europees Fonds voor strategische investeringen en nieuwe regels ter voorkoming van het witwassen van geld. Dit totaal omvat initiatieven waarover een politiek akkoord is bereikt en waarvan de uiteindelijke formele stappen van het wetgevingsproces begin 2018 worden afgerond.
In december hebben de voorzitters van de 3 instellingen de vorderingen geëvalueerd en overeenstemming bereikt over nog eens 31 prioriteiten die om nauwere samenwerking vragen, wil de EU de belangrijkste uitdagingen in de toekomst kunnen aangaan. Met nog 18 maanden te gaan tot de volgende verkiezingen voor het Europees Parlement toont deze doortastende prioritering aan dat de EU haar burgers resultaten kan laten zien waar en wanneer dat van belang is.
In de loop van het jaar heeft de Commissie een begin gemaakt met de formele onderhandelingen met het Parlement en de Raad over een belangrijk wetgevingsvoorstel om meer dan 160 bestaande onderdelen van de EU-wetgeving in overeenstemming met het Verdrag van Lissabon te brengen. Daarbij gaat het onder meer om oude wettelijke bepalingen die geactualiseerd moeten worden om voor uniforme tenuitvoerlegging in de lidstaten te zorgen. Verder moet rekening worden gehouden met de technologische en wetenschappelijke vooruitgang.
DE GEMEENSCHAPPELIJKE VERKLARING 2017

Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie (rechts), met Antonio Tajani, voorzitter van het Europees Parlement (links), en Jüri Ratas, premier van Estland (midden), bij de ondertekening van de gezamenlijke verklaring over de wetgevingsprioriteiten van de EU voor 2018-2019, Brussel, 14 december 2017.
Bovendien zijn de drie instellingen onderhandelingen begonnen over criteria die, indien akkoord bevonden, een duidelijker onderscheid helpen maken tussen gedelegeerde handelingen en uitvoeringshandelingen, de twee vormen van bevoegdheid die het Verdrag van Lissabon biedt. Samen ontwikkelden ze het interinstitutioneel register voor gedelegeerde handelingen, dat formeel op 12 december van start ging. Het zal over alle stadia in de levenscyclus van een gedelegeerde handeling volledige informatie en duidelijkheid bieden.
Toezicht op de toepassing van het EU-recht
Willen burgers en ondernemingen optimaal de voordelen van de EU-wetgeving kunnen genieten, dan is het cruciaal dat de lidstaten EU-richtlijnen binnen de afgesproken termijnen in hun nationale wetgeving omzetten en dat zij de EU-wetgeving correct toepassen.
In juli stelde de Commissie haar jaarverslag vast over de controle op de toepassing van het EU-recht, waarin de voornaamste ontwikkelingen in 2016 voor het voetlicht werden gebracht. In dit verslag werd melding gemaakt van een totale toename van het aantal aanhangige inbreukzaken met 21 % ten opzichte van het voorgaande jaar. Eind 2017 waren er tegen de 28 lidstaten in totaal meer dan 1 500 inbreukprocedures aanhangig. Eind 2013 waren dit er nog maar 1 300.
DOOR DE COMMISSIE INGELEIDE INBREUKPROCEDURES

In overeenstemming met haar mededeling „EU-wetgeving: betere resultaten door middel van een betere toepassing”, die in december 2016 werd vastgesteld, zet de Commissie zich nog krachtiger in om EU-wetgeving toe te passen, uit te voeren en te handhaven. Met name zal zij optimaal gebruikmaken van het systeem van financiële sancties wanneer lidstaten nalaten een richtlijn binnen de overeengekomen termijn in nationaal recht om te zetten.
Burgers een stem geven bij de totstandkoming van EU-wetgeving
In het kader van de agenda voor betere regelgeving hebben burgers nu meer mogelijkheden om een bijdrage te leveren aan het wetgevingsproces van de EU. In februari 2017 is een nieuw webportaal geopend voor burgers en belanghebbenden. Via dit webportaal kunnen zij tijdens de hele beleidsvormingscyclus hun stem laten horen. Vanaf het moment dat nieuwe ideeën in routekaarten uiteen worden gezet tot het moment dat er een wetgevingsvoorstel op tafel ligt, kan iedereen feedback geven, die onmiddellijk online wordt gepubliceerd. Dit vergroot de transparantie. Gedurende het jaar werd de feedbacksectie van de portaalsite bijna een half miljoen keer bezocht.
Transparantie en verantwoordingsplicht
Comitéprocedure
Om de transparantie en verantwoordingsplicht te versterken, heeft de Europese Commissie voorgesteld het comitologiesysteem te hervormen. Via dit systeem houden de lidstaten van de EU toezicht op de wijze waarop de Commissie EU-wetgeving implementeert. Door deze hervorming zullen ze ertoe worden verplicht om duidelijk stelling te nemen en dus meer politieke verantwoordelijkheid op zich te nemen wanneer hun advies over gevoelige besluiten wordt verlangd.
Het gezamenlijk transparantieregister
In het huidige Transparantieregister zijn meer dan 11 500 entiteiten opgenomen en meer dan 7 000 daarvan hebben zich laten inschrijven, nadat de Commissie in november 2014 nieuwe regels vaststelde waarbij registratie een voorwaarde werd voor een ontmoeting met haar belangrijkste besluitvormers.
In 2016 heeft de Commissie voorgesteld om een verplicht gezamenlijk transparantieregister in te stellen dat op zowel het Parlement en de Commissie als, voor het eerst, de Raad van toepassing is. Met dit voorstel wordt gestreefd naar een robuust systeem en strenge normen op het gebied van transparantie binnen de drie instellingen. Het Parlement en de Raad stelden in 2017 hun onderhandelingsmandaten vast en begin 2018 zullen de onderhandelingen van start gaan.
Een nieuwe gedragscode voor de leden van de Commissie
In februari 2018, na raadpleging van het Parlement, zal een nieuwe gedragscode in werking treden, met nieuwe normen en strengere ethische regels voor de leden van de Europese Commissie.
Toegang tot documenten
In september werd het jaarverslag van de Commissie over toegang tot documenten 2016 vastgesteld, waaruit bleek dat burgers en organisaties actief gebruikmaken van dit recht, een belangrijk instrument voor meer transparantie. Er werden meer dan 6 000 initiële verzoeken om toegang tot documenten ontvangen. In meer dan 81 % van de gevallen werden de gevraagde documenten geheel of gedeeltelijk vrijgegeven.
Controle van de EU-begroting
Na een positieve aanbeveling van de Raad heeft het Parlement in april 2017 zijn definitieve goedkeuring gegeven voor de manier waarop de Commissie in 2015 de EU-begroting heeft uitgevoerd.
In juli presenteerde de Commissie haar geïntegreerd pakket financiële verslaglegging over de EU-begroting 2016, waarin alle beschikbare informatie te vinden is over de inkomsten, de uitgaven, het financieel beheer en de prestaties van de EU. De verslagen lieten zien dat de EU-begroting resultaten opleverde die in overeenstemming waren met de prioriteiten van de Commissie, en naar behoren werd uitgevoerd. In september heeft de Europese Rekenkamer de jaarrekeningen van de EU voor het tiende jaar op rij goedgekeurd, omdat deze een getrouw beeld gaven. Bovendien trof de Rekenkamer op de verschillende uitgaventerreinen minder fouten aan dan in de voorgaande drie jaar en bracht zij voor het eerst een gekwalificeerd (in plaats van een afkeurend) oordeel uit over het definitieve algemene geschatte foutenniveau. Voor ongeveer de helft van de uitgaven van de EU bleef het foutenpercentage zelfs onder het niveau dat de Rekenkamer materieel acht. Aan de inkomstenzijde van de begroting werden geen fouten aangetroffen.
Klaus-Heiner Lehne, president van de Europese Rekenkamer, presenteert het jaarlijkse activiteitenverslag 2016 van de Europese Rekenkamer, Luxemburg, 24 april 2017.
DE AGENDA VOOR BETERE REGELGEVING

BEZOEKEN AAN EN DOOR NATIONALE PARLEMENTEN

Nationale parlementen
In juni werden twee jaarverslagen gepubliceerd: het jaarverslag 2016 over subsidiariteit en evenredigheid en het jaarverslag 2014 over de betrekkingen tussen de Europese Commissie en de nationale parlementen.
In 2017 werden in totaal 576 adviezen van nationale parlementen ontvangen, waaronder 53 gemotiveerde adviezen in het kader van het subsidiariteitscontrolemechanisme. In deze adviezen werd betoogd dat de door de Commissie voorgestelde wetgevingshandelingen niet voldeden aan het subsidiariteitsbeginsel. De Commissie is haar politieke dialoog met de nationale parlementen blijven versterken. Zo vond er gedurende het jaar 217 keer een ontmoeting plaats tussen commissarissen en nationale parlementen, hetzij bij bezoeken aan lidstaten, hetzij bij bezoeken van parlementsleden in Brussel. Ook woonden leden van de Commissie een reeks van interparlementaire bijeenkomsten en andere evenementen bij, waarbij zij het gesprek met nationale parlementsleden aangingen.
De Europese Ombudsman
In 2017 had het onderzoek van de Europese Ombudsman inzake vermeend wanbeheer bij de instellingen en organen van de Europese Unie betrekking op horizontale onderwerpen als de gedragscode voor de leden van de Commissie, de ad-hoccommissie Ethiek, de benoeming van bijzondere adviseurs van de Commissie, de transparantie en samenstelling van de deskundigengroepen van de Commissie en de afhandeling van klachten over inbreuken in het kader van de EU Pilot-regeling. Ook werden specifieke kwesties met betrekking tot aanbestedingen, overeenkomsten, te late betalingen, individuele personeelsaangelegenheden en de toegang tot documenten aangepakt.
Emily O’Reilly, de Europese Ombudsman, reikt de Prijs voor goed bestuur van de Europese Ombudsman uit, Brussel, 30 maart 2017.
Het Europees burgerinitiatief
De Commissie registreerde in de loop van het jaar acht nieuwe initiatieven en stelde ten aanzien van één initiatief vast dat er voldoende handtekeningen waren verzameld. In september werd als onderdeel van het pakket maatregelen bij de Staat van de Unie een voorstel ingediend om het Europees burgerinitiatief toegankelijker en gebruiksvriendelijker te maken. Deze hervorming moet het volledige potentieel realiseren van het burgerinitiatief als instrument ter bevordering van het democratisch debat en burgers in staat stellen een bijdrage te leveren aan de agenda van de EU.
Naar aanleiding van het Europees burgerinitiatief „Verbied glyfosaat en bescherm mens en milieu tegen giftige gewasbeschermingsmiddelen” beloofde de Commissie op 12 december om in 2018 met een wetgevingsvoorstel te komen ter verbetering van de transparantie en kwaliteit van studies die worden gebruikt bij de wetenschappelijke beoordeling van stoffen door de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid. Wat het verzoek om glyfosaat te verbieden betreft, was de EU van mening dat er voor een dergelijk verbod geen wetenschappelijke of juridische gronden zijn.
Burgerdialogen
Het hele jaar door is de Commissie via de burgerdialogen in gesprek gebleven met de EU-burgers. De voorzitter en vicevoorzitters van de Commissie en alle andere EU-commissarissen, alsook een aantal leden van het Europees Parlement en nationale politici hebben in de loop van het jaar aan 156 dialogen deelgenomen. Deze werden aangevuld met nog eens 161 burgerdialogen met hoge ambtenaren van de Commissie.
Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, woont een burgerdialoog bij in het Nationaal Kunstmuseum, Boekarest, Roemenië, 11 mei 2017.
IN 2017 VONDEN BURGERDIALOGEN PLAATS OP 160 LOCATIES, VERSPREID OVER DE HELE EU

BURGERDIALOGEN IN 2017: BEREIK

Hoogtepunten waren onder andere de burgerdialogen met voorzitter Juncker en Miro Cerar, minister-president van Slovenië, in maart in Ljubljana, Slovenië, op de dag na de vaststelling van het Witboek over de toekomst van Europa, met eerste vicevoorzitter van de Commissie Timmermans in mei in Stockholm, Zweden, ter gelegenheid van de Dag van Europa, en met de hoge vertegenwoordiger van de Unie voor buitenlandse zaken en veiligheidsbeleid en vicevoorzitter van de Commissie Federica Mogherini, en Joseph Muscat, minister-president van Malta, in Rome, Italië, aan de vooravond van de zestigste verjaardag van de ondertekening van de Verdragen van Rome.
In september nam Antonio Tajani, voorzitter van het Europees Parlement, deel aan een burgerdialoog in het Italiaanse Norcia, samen met commissaris Tibor Navracsics, terwijl commissaris Corina Crețu en Karl-Heinz Lambertz, voorzitter van het Europees Comité van de Regio’s, deelnamen aan een dialoog in Boekarest, Roemenië.
De 317 burgerdialogen die in de loop van het jaar plaatsvonden, boden burgers en besluitvormers de mogelijkheid om rechtstreeks met elkaar te praten, waarbij met name voorrang werd gegeven aan de bespreking van de reacties van burgers op het Witboek over de toekomst van Europa en de kwesties die burgers het belangrijkst vinden, zoals een sociaal Europa, de betrokkenheid van jongeren en de bezorgdheid over de uitdagingen waarvoor populisten de democratie en eenheid in Europa stellen. De dialogen vonden plaats in 160 steden en kleinere gemeenten in 27 lidstaten en werden door meer dan 50 000 mensen bijgewoond. Negen burgerdialogen werden door nog eens 193 000 mensen via Facebook Live gevolgd.
De terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie
Op 23 juni 2016 heeft een meerderheid van de burgers van het Verenigd Koninkrijk er in een referendum voor gekozen de EU te verlaten. Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk de Europese Raad formeel in kennis gesteld van zijn voornemen de EU en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie (Euratom) te verlaten. Hierdoor is artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie in werking getreden. Daarin wordt de procedure voor terugtrekking van een lidstaat uit de Unie uiteengezet.
Het onderhandelingsproces
Tijdens een bijzondere bijeenkomst van de Europese Raad op 29 april keurden de leiders van de 27 andere lidstaten politieke richtsnoeren voor een ordelijke terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU goed. Deze bevatten het onderhandelingskader en de algemene standpunten en principes van de EU. Vier dagen later deed de Commissie de Raad een aanbeveling, met daarin ontwerponderhandelingsrichtsnoeren, om de artikel 50-onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk op te starten.
Op 22 mei keurde de Raad een besluit goed om onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk te beginnen, en benoemde hij de Commissie tot EU-onderhandelaar. De Raad keurde ook de eerste reeks onderhandelingsrichtsnoeren goed. Deze zorgden voor een duidelijke structuur en een gezamenlijke EU-aanpak tijdens de onderhandelingen.
De EU wordt vertegenwoordigd door Michel Barnier, die door de Europese Commissie is aangewezen als hoofdonderhandelaar. Onder zijn leiding coördineert een taskforce alle strategische, operationele, juridische en financiële aangelegenheden in het kader van de onderhandelingen. De Commissie brengt tijdens de onderhandelingen voortdurend verslag uit aan de leiders en aan de Raad, en houdt ook het Europees Parlement nauwgezet en regelmatig op de hoogte.
De eerste fase van de onderhandelingen
De eerste fase van de gesprekken ging op 19 juni van start, kort na de parlementsverkiezingen in het Verenigd Koninkrijk. In deze fase werd ernaar gestreefd zo veel mogelijk duidelijkheid en rechtszekerheid te bieden, en regelingen te treffen om het Verenigd Koninkrijk los te maken van de EU.
In 2017 werden zes onderhandelingsronden gehouden. De nadruk lag daarbij op drie prioritaire terreinen: de bescherming van de rechten van de burgers; de unieke situatie in Ierland en Noord-Ierland, en de regeling die ervoor moet zorgen dat de EU en het Verenigd Koninkrijk zich houden aan alle financiële verplichtingen die zij vóór de terugtrekking zijn aangegaan. Tijdens de onderhandelingen werden ook andere aspecten van de uittreding besproken.
Tijdens de Europese Raad van 20 oktober kwamen de leiders van de EU-27 overeen dat de interne voorbereidingen voor de tweede fase van de onderhandelingen konden beginnen, maar ze drongen tegelijk aan op meer vooruitgang op de drie prioritaire terreinen. Ze spraken ook af dat ze op de top in december de situatie opnieuw zouden beoordelen.
Op 8 december deed de Europese Commissie de Europese Raad een aanbeveling te concluderen dat er voldoende vooruitgang was geboekt in de eerste fase van de artikel 50-onderhandelingen met het Verenigd Koninkrijk. De Commissie baseerde zich hiervoor op een gezamenlijk verslag van de onderhandelaars van de Commissie en de regering van het Verenigd Koninkrijk, dat door Theresa May, premier van het Verenigd Koninkrijk, tijdens een ontmoeting met Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, werd bekrachtigd.
Op 15 december bevestigde de Europese Raad dat er voldoende vooruitgang was geboekt, en keurden de leiders richtsnoeren goed om over te gaan tot de tweede fase van de onderhandelingen, over mogelijke overgangsregelingen en de toekomstige betrekkingen tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk.
De volgende fase van de onderhandelingen
Op 20 december deed de Europese Commissie de Raad een aanbeveling, met daarin ontwerponderhandelingsrichtsnoeren, om de tweede fase van de onderhandelingen op te starten. Deze richtsnoeren vormen een aanvulling op de onderhandelingsrichtsnoeren van mei 2017 en bevatten extra details over mogelijke overgangsregelingen.
In de aanbeveling wordt er nogmaals op gewezen dat de in de eerste fase van de onderhandelingen bereikte resultaten in een juridische vorm moeten worden gegoten, zoals uiteengezet in de mededeling van de Commissie en het gezamenlijk verslag. Benadrukt wordt dat alle aspecten van de terugtrekking moeten worden afgewerkt, ook de aspecten die tijdens de eerste fase niet aan de orde zijn gekomen, zoals de algemene governance van het terugtrekkingsakkoord en inhoudelijke kwesties, waaronder overheidsopdrachten, intellectuele-eigendomsrechten, gegevensbescherming en goederen die in de handel worden gebracht vóór de terugtrekking van het Verenigd Koninkrijk uit de EU. Volgens de richtsnoeren van de Europese Raad van 15 december moeten de aanvullende onderhandelingsrichtsnoeren voor de overgangsregelingen in januari 2018 worden goedgekeurd.
De onderhandelingen moeten in het najaar van 2018 zijn afgerond, zodat de Raad, na instemming van het Europees Parlement, voldoende tijd heeft om het terugtrekkingsakkoord vóór 29 maart 2019 te sluiten, en ook het Verenigd Koninkrijk het binnen die termijn volgens zijn eigen procedures kan goedkeuren.
In het terugtrekkingsakkoord moet rekening worden gehouden met het kader voor de toekomstige betrekkingen tussen de EU en het Verenigd Koninkrijk. Het eigenlijke akkoord over die betrekkingen kan pas worden gesloten nadat het Verenigd Koninkrijk de EU heeft verlaten. De EU-leiders hebben zich bereid verklaard om in de tweede fase van de artikel 50-onderhandelingen inleidende en voorbereidende gesprekken over het kader voor die toekomstige betrekkingen te starten.
Bijzondere momenten in 2017
Europese afscheidsceremonie voor Helmut Kohl (1930-2017), voormalig Bondskanselier van Duitsland, in het Europees Parlement, Straatsburg, Frankrijk, 1 juli 2017.
Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, Antonio Tajani, voorzitter van het Europees Parlement, en Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, ontvangen namens de Europese Unie de Prinses van Asturiëprijs 2017 voor vrede en harmonie van koning Felipe VI van Spanje, Oviedo, 20 oktober 2017.
Contact opnemen met de EU
ONLINE
Informatie in alle officiële talen van de Europese Unie is beschikbaar op de website van Europa:https://europa.eu/european-union/index_nl
KOM LANGS
In heel Europa zijn er honderden lokale EU-informatiecentra.
U vindt het adres van het dichtstbijzijnde centrum via https://europa.eu/european-union/contact_nl
BELLEN OF MAILEN
Europe Direct is een dienst die uw vragen over de Europese Unie beantwoordt.
U kunt deze dienst bereiken via het gratis telefoonnummer 00 800 6 7 8 9 10 11 (sommige telecomaanbieders bieden geen toegang tot 00 800-nummers of brengen verbindingen met deze nummers in rekening) of, vanuit een land buiten de EU, tegen betaling op het nummer +32 22999696, of door een e-mail te sturen viahttps://europa.eu/european-union/contact_nl
LEZEN OVER EUROPA
Publicaties over de EU zijn online te vinden op de website: https://op.europa.eu/nl/publications
VERTEGENWOORDIGINGEN VAN DE EUROPESE COMMISSIE
De Europese Commissie heeft kantoren (vertegenwoordigingen) in alle lidstaten van de Europese Unie:https://ec.europa.eu/info/contact/local-offices-eu-member-countries_nl
INFORMATIEBUREAUS VAN HET EUROPEES PARLEMENT
Het Europees Parlement heeft een voorlichtingsbureau in elke lidstaat van Europese Unie:http://www.europarl.europa.eu/atyourservice/nl/information_offices.html
DELEGATIES VAN DE EUROPESE UNIE
De Europese Unie heeft ook delegaties in andere delen van de wereld:https://eeas.europa.eu/headquarters/headquarters-homepage/area/geo_nl
Meer informatie
De EU in 2017 — Algemeen Verslag over de werkzaamheden van de Europese Unie
Europese Commissie
Directoraat-generaal Communicatie
Publieksvoorlichting
1049 Brussel
BELGIË
De EU in 2017 — Algemeen Verslag over de werkzaamheden van de Europese Unie is op 28 februari 2018 door de Europese Commissie goedgekeurd onder nummer C(2018) 1280.
Identificatiegegevens
Algemeen Verslag over de werkzaamheden van de Europese Unie
| ISBN 978-92-79-71266-1 | ISSN 1608-7291 | doi:10.2775/605758 | |
| ISBN 978-92-79-71251-7 | ISSN 1977-351X | doi:10.2775/266425 | |
| EPUB | ISBN 978-92-79-71252-4 | ISSN 1977-351X | doi:10.2775/626014 |
| HTML | ISSN 1977-351X | doi:10.2775/930224 |
Belangrijkste punten
| ISBN 978-92-79-71151-0 | ISSN 2443-9185 | doi:10.2775/16442 | |
| ISBN 978-92-79-71150-3 | ISSN 2443-941X | doi:10.2775/22523 | |
| EPUB | ISBN 978-92-79-71154-1 | ISSN 2443-941X | doi:10.2775/642656 |
Luxemburg: Bureau voor publicaties van de Europese Unie, 2018
© Europese Unie, 2018
Verveelvoudiging met bronvermelding is toegestaan. Voor gebruik of overname van afzonderlijke foto’s dient rechtstreeks aan de auteursrechthouders toestemming te worden gevraagd.
FOTO’S
Alle foto’s © Europese Unie, tenzij anders aangegeven.
Op de omslag
- Meer dan 900 werknemers van de Europese Unie vormen samen het getal 60 om het zestigjarig bestaan van de Verdragen van Rome te vieren. (© Europese Unie)
- Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie. (© Europese Unie)
- Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, Narendra Modi, premier van India, en Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, tijdens de EU-India-top in New Delhi, India, 6 oktober 2017. (© Europese Unie)
- Op 9 maart 2017 werd Donald Tusk door de Europese Raad herverkozen tot voorzitter voor een tweede termijn van 2,5 jaar, van 1 juni 2017 tot en met 30 november 2019. (© Europese Unie)
- EU-leiders poseren voor een groepsfoto bij de lancering van de permanente gestructureerde samenwerking, die lidstaten die dat wensen, de mogelijkheid biedt om nauwer samen te werken op het gebied van defensie en veiligheid, EU-top, Brussel, 14 december 2017. (© Europese Unie)
- Antonio Tajani werd op 17 januari 2017 tot voorzitter van het Europees Parlement verkozen en volgde daarmee Martin Schulz op. (© Europese Unie)
- Op 15 juni 2017 kwam een einde aan de roamingkosten in de EU. EU-burgers die binnen de EU reizen, kunnen „roamen tegen thuistarief” en betalen dus voor roaminggesprekken, -sms’en en -dataverkeer hetzelfde tarief als in hun eigen land. (© Europese Unie)
- EU-leiders proclameren de Europese pijler van sociale rechten tijdens de sociale top voor eerlijke banen en groei in Göteborg, Zweden, 17 november 2017. (© Europese Unie)
- Een vrouw stelt een vraag tijdens een van de 317 burgerdialogen die in 2017 in de hele EU werden gehouden, Toruń, Polen, 29 mei 2017. (© Europese Unie)
- De Europese Unie herdenkt Helmut Kohl, de voormalige bondskanselier van Duitsland, die op 16 juni 2017 op 87-jarige leeftijd overleed. (© Europese Unie)
- Joseph Muscat, premier van Malta, Donald Tusk, voorzitter van de Europese Raad, en Jean-Claude Juncker, voorzitter van de Europese Commissie, tijdens een persconferentie in het kader van de informele bijeenkomst van de EU-staatshoofden en -regeringsleiders, Malta, 3 februari 2017. (© Europese Unie)
De EU in 2017



