EU-steun voor toerisme: behoefte aan een nieuwe strategische oriëntatie en een betere financieringsaanpak
Over het verslag:Het toerisme is een essentiële economische sector voor de EU. De COVID-19-pandemie heeft een ongekend dramatisch effect gehad op de toeristische sector. Het aantal toeristen, en daarmee de inkomsten van bedrijven in de toeristische sector is sterk gedaald. Na deze acute schok wordt de toeristische sector nu geconfronteerd met andere uitdagingen op de langere termijn, die samenhangen met de groene en digitale transformatie, het concurrentievermogen, de duurzaamheid en de veerkracht van de sector.
De Commissie heeft haar huidige EU-toerismestrategie van de Commissie uit 2010 geformuleerd. Tussen 2015 en het begin van de COVID-19-pandemie heeft de Commissie de prioriteiten met betrekking tot de toeristische sector herzien in het kader van bredere beleidsstrategieën, maar heeft zij deze prioriteiten niet vertaald naar een concreet actieplan om de uitvoering ervan te ondersteunen. Naar aanleiding van de dramatische impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector in de EU heeft de Commissie de eerste stappen gezet om een agenda voor de toeristische sector voor 2030 te formuleren. Onze analyse van EFRO-projecten voor de toeristische sector leverde gemengde resultaten op: sommige projecten waren duurzaam en bevorderden de toeristische activiteit in de regio, terwijl andere slechts een beperkte impact hadden. In diverse gevallen hebben tekortkomingen tijdens de initiële projectplanning en behoefteanalyses en bij de selectie van projecten geleid tot beperkingen van het bereik, vertragingen en kostenoverschrijdingen bij de uitvoering van projecten. De Commissie heeft maatregelen gepresenteerd om de gevolgen van de COVID-19-crisis voor de toeristische sector in de EU te beperken.
We bevelen de Commissie aan een nieuwe EU-toerismestrategie te ontwikkelen. Ook moet zij ter ondersteuning van deze nieuwe strategische oriëntatie de lidstaten aanmoedigen om selectieprocedures toe te passen voor uit het EFRO gefinancierde investeringen in toerisme.
Speciaal verslag van de ERK, uitgebracht krachtens artikel 287, lid 4, tweede alinea, VWEU
Samenvatting
I De EU is de meest bezochte regio ter wereld en ontving in 2019 ongeveer 37 % van het totale aantal internationale toeristen. Hierdoor was het toerisme — in 2019 verantwoordelijk voor 9,9 % van het bruto binnenlands product en voor 11,6 % van alle banen — een essentiële economische sector in de EU. De COVID-19-pandemie heeft een ongekend dramatisch effect gehad op de toeristische sector. Het aantal toeristen, en daarmee de inkomsten van bedrijven in de toeristische sector, is sterk gedaald. Na deze acute schok wordt de toeristische sector nu geconfronteerd met andere uitdagingen op de langere termijn, die samenhangen met de groene en digitale transformatie, het concurrentievermogen, de duurzaamheid en de veerkracht van de sector.
II De EU speelt een complementaire rol op het gebied van toerismebeleid door de acties die worden ondernomen door de lidstaten te ondersteunen en coördineren. In de periode 2014‑2020 was er geen specifiek EU-budget voor toerisme. Er kon via diverse EU-programma’s financiële steun aan de toeristische sector worden verstrekt. Dit is ook voor de periode 2021‑2027 weer het geval.
III Met het oog op de relevantie van de toeristische sector in de EU besloten we een controle uit te voeren om te evalueren of de Commissie in de periode 2014‑2020 een doeltreffende bijdrage heeft geleverd aan de ondersteuning van de toeristische sector in de EU en of zij de acties van de lidstaten in deze sector heeft aangevuld. We evalueerden of de toerismestrategie van de Commissie doeltreffend tegemoetkwam aan de behoeften van de sector en of zij regelmatig werd geactualiseerd naar aanleiding van veranderende prioriteiten. We analyseerden of de financiële steun van het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO) voor overheidsinvesteringen in toerisme aansloot op bestaande EU-, nationale en regionale toerismestrategieën en of deze steun duurzaam was en werd gericht op investeringen waarvan de toegevoegde waarde niet beperkt was tot het desbetreffende project. Tot slot hebben we onderzocht of de Commissie maatregelen heeft genomen om de impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector te beperken.
IV Met deze controle wordt beoogd input in de vorm van doelstellingen voor de middellange en lange termijn te leveren voor de alomvattende toerismestrategie voor 2030 die de Commissie zal formuleren. We verwachten met deze controle ook bij te dragen tot een betere vormgeving en uitvoering van de financiële steun van de EU voor investeringen in toerisme in de periode 2021‑2027, zodat doeltreffende en duurzame resultaten kunnen worden behaald.
V In het algemeen constateerden we dat de acties van de Commissie in de periode 2014‑2020 ter ondersteuning van de toeristische sector in de EU deels doeltreffend waren.
- De huidige EU-toerismestrategie van de Commissie dateert uit 2010. Tussen 2015 en het begin van de COVID-19-pandemie heeft de Commissie de prioriteiten met betrekking tot de toeristische sector herzien in het kader van bredere beleidsstrategieën, maar werden deze prioriteiten niet vertaald naar een concreet actieplan om de uitvoering ervan te ondersteunen. Naar aanleiding van de dramatische impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector in de EU heeft de Commissie de eerste stappen gezet om een agenda voor de toeristische sector voor 2030 te formuleren. We zien dit als een stap in de juiste richting, maar een aantal elementen moet nog worden geconcretiseerd.
- In de operationele programma’s van het EFRO zijn de prioriteiten voor investeringen in toerisme geformuleerd onder verwijzing naar de bestaande EU-, nationale en regionale toerismestrategieën. In onze analyse van EFRO-projecten voor de toeristische sector troffen we gemengde resultaten aan: sommige projecten waren duurzaam en bevorderden de toeristische activiteit in de regio, terwijl andere slechts een beperkte impact hadden. In diverse gevallen hebben tekortkomingen tijdens de initiële projectplanning en behoefteanalyse en bij de selectie van projecten geleid tot beperkingen van het bereik, vertragingen en kostenoverschrijdingen bij de uitvoering van projecten. De EFRO-wetgeving voor de periode 2014‑2020 omvatte één gemeenschappelijke outputindicator voor uit het EFRO gefinancierde investeringen in toerisme. Daarnaast konden de lidstaten gebruikmaken van programmaspecifieke indicatoren. In de periode 2014‑2020 werden echter geen gemeenschappelijke resultaatindicatoren gebruikt. Met de gemeenschappelijke outputindicator kunnen de beoogde projectresultaten niet in alle gevallen worden gemeten, zelfs als deze wel werden vermeld in het projectvoorstel. De Commissie moet uiterlijk eind 2024 een ex-postevaluatie uitvoeren van de EFRO-steun in de periode 2014‑2020.
- De toeristische sector in de EU heeft een ongekende schok ondervonden door de COVID-19-pandemie. De Commissie heeft maatregelen en voorstellen gepresenteerd om de gevolgen van deze crisis voor de toeristische sector in de EU te beperken.
VI In dit verslag doen we de volgende aanbevelingen aan de Commissie:
- ontwikkel een nieuwe strategie voor het toerisme-ecosysteem van de EU waarmee uitdrukkelijk wordt ingezet op het bevorderen van investeringen die bijdragen tot een duurzamere vorm van toerisme, en
- moedig de lidstaten aan om ter ondersteuning van deze nieuwe strategische oriëntatie selectieprocedures toe te passen voor uit het EFRO gefinancierde investeringen in toerisme.
Inleiding
Relevantie van de toeristische sector in de EU
01 “Toerisme” verwijst naar de activiteit van personen die naar een bestemming buiten hun gebruikelijke woonplaats reizen om daar gedurende een periode van minder dan een jaar te verblijven. Dit kunnen zij doen voor zakelijke doeleinden of als vrijetijdsbesteding[1]. Tot de toeristische sector behoort een brede groep economische activiteiten in het kader waarvan goederen en diensten worden verstrekt die deze bezoekers nodig hebben en die hen direct of indirect in staat stellen hun toeristische activiteiten uit te voeren. Het kan hierbij onder meer gaan om: vervoersdiensten om mensen te verplaatsen, reisbureaus en touroperators; accommodatie; restaurant- en cateringdiensten; culturele, sport- en recreatieve voorzieningen; en goederen en diensten voor lokaal toerisme[2].
02 De Europese Unie is de meest bezochte regio ter wereld (zie figuur 1). In 2019 ontving de EU‑27 ongeveer 539 miljoen internationale toeristen, bijna 37 % van het wereldwijde totaal. In datzelfde jaar bedroegen de opbrengsten uit internationaal toerisme van de EU‑27 383 miljard EUR, 28,9 % van de totale omzet van de toeristische sector wereldwijd. Vier EU-lidstaten (Frankrijk, Spanje, Italië en Duitsland) behoren individueel tot de internationale top tien van landen die de meeste internationale toeristen ontvangen en de hoogste opbrengsten uit toerisme hebben[3].
Figuur 1 — Aantal internationale toeristen en opbrengsten uit toerisme per regio in 2019
Bron: ERK, op basis van UNWTO, “International Tourism Highlights”, editie 2020.
03 Het directe en indirecte (overloopeffecten) aandeel van de toeristische sector in het bbp van de EU werd in 2019 geraamd op 9,9 %. Daarnaast is 11,6 % van de totale beroepsbevolking van de EU werkzaam in het toerisme (goed voor zo’n 23,5 miljoen banen)[4]. Meer dan 99 % van de bedrijven in de toeristische sector in de EU zijn kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s)[5].
04 Het aandeel van de toeristische sector in de economie varieert aanzienlijk tussen lidstaten, van 4 % tot 6 % van het bbp in Ierland, Polen, België en Litouwen tot meer dan 20 % in Kroatië en Griekenland (zie figuur 2).
Figuur 2 — Bijdrage van de toeristische sector aan het bbp en de werkgelegenheid in 2019
Bron: ERK, op basis van WTTC, “Economic Impact Reports 2021”.
05 De verhouding tussen binnenlandse en buitenlandse bezoekers varieert tussen lidstaten (zie figuur 3). In Zweden, Polen, Roemenië en Duitsland is meer dan 75 % van de toeristen binnenlands. Landen met een kleine bevolking (Luxemburg en Malta) en Kroatië hebben het hoogste percentage buitenlandse bezoekers (alle rond de 90 %). In twee van de belangrijkste toeristische bestemmingen van de EU, Italië en Spanje, is de verdeling gelijkmatiger.
Figuur 3 — Binnenlandse en buitenlandse toeristen per lidstaat — percentages in 2019
Bron: ERK, op basis van Eurostat, “Arrivals at tourist accommodation establishments”.
Juridisch en institutioneel kader
06 Toerismebeleid is de primaire bevoegdheid van de lidstaten; de EU vult de acties van de lidstaten aan en ondersteunt deze. Het optreden van de EU bestaat in grote lijnen uit het bevorderen van het concurrentievermogen en de ontwikkeling van de ondernemingen in de sector en het bevorderen van samenwerking tussen de lidstaten. Het EU-Verdrag staat het de EU ook toe specifieke wetgevingsmaatregelen vast te stellen om de acties van de lidstaten aan te vullen[6].
07 Met haar toerismebeleid beoogt de Commissie de positie van Europa als belangrijke bestemming te behouden en tegelijkertijd de bijdrage van de sector aan groei en werkgelegenheid te maximaliseren en de samenwerking tussen de EU-landen te bevorderen, met name door middel van de uitwisseling van goede praktijken[7]. In 2020 heeft de Commissie de toeristische sector in haar industriebeleid aangemerkt als een van de 14 industriële ecosystemen[8].
08 De belangrijkste institutionele belanghebbenden en organen van de EU zijn:
- de Commissie vervoer en toerisme (TRAN) van het Europees Parlement, en zijn taskforce Toerisme;
- de Raad van de Europese Unie (waar aan toerisme gerelateerde onderwerpen meestal worden besproken door de Raad Concurrentievermogen);
- het Raadgevend Comité inzake toerisme (Tourism Advisory Committee, TAC)[9], dat wordt voorgezeten door de Commissie (DG GROW), een forum voor raadpleging en coördinatie waar vertegenwoordigers van de lidstaten en de Commissie informatie uitwisselen en kwesties met betrekking tot toerismebeleid en de verlening van diensten aan toeristen bespreken.
09 Hoewel de werkzaamheden van tal van diensten van de Commissie onderwerpen betreffen die van rechtstreeks belang zijn voor het toerisme, zijn de twee belangrijkste directoraten-generaal die zich bezighouden met toerismebeleid en EU-financiering voor toerisme:
- het directoraat-generaal Interne Markt, Industrie, Ondernemerschap en Midden- en Kleinbedrijf (DG GROW), de dienst van de Commissie die verantwoordelijk is voor toerismebeleid, en
- het directoraat-generaal Regionaal Beleid en Stadsontwikkeling (DG REGIO), dat samen met de lidstaten het EFRO (waaruit het leeuwendeel van de EU-financiering voor toerisme wordt verstrekt) beheert.
Daarnaast speelt het directoraat-generaal Gezondheid en Voedselveiligheid (DG SANTE) in het kader van de COVID-19-pandemie een specifieke rol door de noodzakelijke voorwaarden te scheppen om het vrije reizen binnen de Unie te kunnen hervatten.
10 Belangrijke internationale organisaties op het gebied van toerisme zijn onder meer de Wereldorganisatie voor Toerisme van de Verenigde Naties (United Nations World Tourism Organisation, UNWTO), de OESO en het World Travel & Tourism Council (WTTC). De European Travel Commission (ETC), een vereniging van nationale toerismeorganisaties, promoot Europa op derde markten ook als toeristische bestemming.
Impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector in de EU
11 De COVID-19-pandemie heeft wereldwijd een ongekend dramatisch effect gehad op de toeristische sector. Het aantal toeristen, en daarmee de inkomsten van bedrijven in de toeristische sector, is sterk gedaald. In de eerste drie kwartalen van 2020 arriveerden er in de EU 67,5 % minder internationale toeristen dan in dezelfde periode in 2019. Afhankelijk van de lidstaat varieerde deze daling van 46 % tot 84 % (zie figuur 4). Het merendeel van de belanghebbenden in de toeristische sector met wie we spraken, betwijfelde of de vraag naar toeristische diensten vóór 2024 het niveau van voor de crisis weer zou bereiken.
Figuur 4 — Verschil in aantal internationale toeristen in de EU tussen januari en september 2019 in vergelijking met dezelfde periode in 2020
Opmerkingen: Geen gegevens beschikbaar voor Frankrijk, Ierland en Polen.
Bron: ERK, op basis van de UNWTO-barometer, december 2020.
12 Door het wegens de reisbeperkingen gedaalde aantal bezoekers is de bijdrage van de toeristische sector aan de economie ook aanzienlijk gedaald. Tussen 2019 en 2020 gingen in de EU ongeveer twee miljoen banen in de reis- en toeristische sector verloren en halveerde de bijdrage van de sector aan het bbp (van circa 10 % naar 5 % van het bbp)[10]. Traditionele toeristische bestemmingen als Kroatië, Cyprus, Griekenland, Malta en Spanje en ook Ierland vertoonden de grootste daling (meer dan 60 %) (zie figuur 5).
Figuur 5 — Daling van de bijdrage van reizen en toerisme aan het bbp in elke lidstaat tussen 2019 en 2020
Bron: ERK, op basis van WTTC, “Economic Impact Report 2021”.
13 De investeringscapaciteit van de toeristische sector is ook ernstig aangetast. In het kader van het in mei 2020 voorgestelde NextGenerationEU-pakket raamde de Commissie dat het toerisme-ecosysteem in 2020 en 2021 te kampen zou hebben met een daling van de inkomsten in de EU van ongeveer 171 miljard EUR als gevolg van de pandemie en de reisbeperkingen[11]. Van de 14 zakelijke ecosystemen die de Commissie analyseerde, is toerisme de sector waarvan de elementaire investeringsbehoeften volgens de raming het grootst zijn, veel hoger dan in andere ecosystemen. De Commissie raamde de elementaire investeringsbehoeften voor het herstel van het toerisme-ecosysteem op 161 miljard EUR (waarbij de investeringsbehoeften in verband met de groene en digitale transitie niet zijn inbegrepen).
Financiële steun van de EU voor investeringen in toerisme
14 Er is geen specifieke begroting voor toerisme binnen het meerjarig financieel kader (MFK). Diverse EU-initiatieven en -programma’s kunnen financiering verstrekken voor investeringen in deze sector. Voor de periode 2014‑2020 konden twaalf programma’s worden aangewend voor de financiering van acties in de toeristische sector, zowel onder rechtstreeks als onder gedeeld beheer. Voor de periode 2021‑2027 is dit aantal gestegen tot 14 programma’s, met inbegrip van die welke zijn opgezet om de effecten van de COVID-19-pandemie op te vangen. Bijlage I toont de aan toerisme gerelateerde programma’s voor beide perioden en biedt een overzicht van de soorten acties die door elk ervan worden ondersteund. Het juridisch kader voor het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO) voor 2021‑2027 bevat een specifieke beleidsdoelstelling met betrekking tot duurzaam toerisme[12]. Naast deze specifieke doelstelling kan duurzaam toerisme via elke andere beleidsdoelstelling worden ondersteund, mits de investeringen bijdragen tot de verwezenlijking van de overeenkomstige doelstelling en voldoen aan de toepasselijke randvoorwaarden of vereisten.
15 Het EFRO verstrekt het leeuwendeel van de financiële EU-steun voor rechtstreeks aan toerisme gerelateerde investeringen: circa 6,4 miljard EUR in de periode 2007‑2013 (zie tabel 1) en circa 4,3 miljard EUR voor de periode 2014‑2020 tot nu toe (zie tabel 2).
Tabel 1 — Begrotingstoewijzingen uit het EFRO voor toerisme (2007‑2013)
| Interventiecode | Omschrijving | Opgegeven bedrag (in miljoen EUR) |
|---|---|---|
| 55 | Bevordering van de natuurlijke rijkdom | 844 |
| 56 | Bescherming en ontwikkeling van natuurlijk erfgoed | 765 |
| 57 | Andere bijstand ter verbetering van de toeristische dienstverlening | 4 830 |
| TOTAAL | 6 439 |
Bron: ERK, op basis van het opendataplatform van de ESI-fondsen van de Commissie.
Tabel 2 — Begrotingstoewijzingen uit het EFRO voor toerisme (2014‑2020)
| Interventiecode | Omschrijving | Opgegeven bedrag (in miljoen EUR) |
|---|---|---|
| 74 | Ontwikkeling en bevordering van toeristische voorzieningen in kmo’s | 561 |
| 75 | Ontwikkeling en bevordering van toeristische diensten in of voor kmo’s | 1 140 |
| 91 | Ontwikkeling en bevordering van natuurgebieden | 1 180 |
| 92 | Bescherming, ontwikkeling en bevordering van toeristische voorzieningen | 830 |
| 93 | Ontwikkeling en bevordering van openbare toeristische diensten | 546 |
| TOTAAL | 4 257 |
Bron: Opendataplatform van de ESI-fondsen van de Commissie.
16 De overheidsinstanties in de lidstaten selecteren de projecten die via de operationele programma’s (OP’s) worden gefinancierd en geven follow-up aan de uitvoering ervan. De Commissie houdt binnen de grenzen van haar regelgevende bevoegdheden toezicht op de uitvoering van de OP’s teneinde te waarborgen dat de middelen doeltreffend worden gebruikt. Figuur 6 toont de toewijzing in elke lidstaat van EFRO-middelen aan Interventiecodes voor toerisme voor de laatste twee programmeringsperioden.
Figuur 6 — Begrotingstoewijzingen uit het EFRO voor toerisme per lidstaat (in miljoen EUR)
Opmerkingen: In Luxemburg werden geen middelen toegekend aan Interventiecodes voor toerisme; aan toerisme gerelateerde uitgaven voor grensoverschrijdende OP’s zijn niet meegerekend.
Bron: ERK, op basis van het opendataplatform van de ESI-fondsen van de Commissie.
17 De herstel- en veerkrachtfaciliteit (Recovery and Resilience Facility, RRF)[13] biedt de lidstaten de mogelijkheid om investeringen en hervormingen te financieren, onder meer in de toeristische sector, als onderdeel van hun nationale herstel- en veerkrachtplannen (national recovery and resilience plans, NRRP’s). In oktober 2021 waren 26 van de 27 NRRP’s bij de Commissie ingediend en waren er 19 door de Raad aangenomen. De in het kader van de RRF beschikbare financiering moet uiterlijk eind 2023 worden vastgelegd. De Commissie moet uiterlijk in februari 2024 een evaluatieverslag over de uitvoering van de RRF, en uiterlijk in december 2028 een ex-postevaluatieverslag indienen.
18 Wat betreft de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft: ten tijde van de controle was het Spaanse NRRP in juni 2021 door de Commissie goedgekeurd en vervolgens in juli 2021 door de Raad aangenomen en was het Roemeense NRRP in september 2021 door de Commissie goedgekeurd. De NRRP’s van de andere twee lidstaten worden momenteel nog door de Commissie beoordeeld. Drie van die vier lidstaten (Polen, Spanje en Roemenië) namen specifieke steun voor investeringen in toerisme op in hun ontwerp-NRRP’s (zie tabel 3).
Tabel 3 — Steun aan de toeristische sector in de herstel- en veerkrachtplannen van de lidstaten waarop de audit betrekking heeft
| Lidstaat | Steun aan toeristische sector | Financiële middelen (in miljoen EUR) |
|---|---|---|
| Polen | Er wordt steun verleend in het onderdeel “Waarborgen van veerkracht van de economie bij crises, verhoging van de productiviteit en schepping van hoogwaardige banen”. | 500 |
| Spanje | Onder de prioriteit “Modernisering en digitalisering van het ecosysteem van onze bedrijven” is er een plan voor de modernisering en het concurrentievermogen van de toeristische sector. | 3 400 |
| Roemenië | Onder de toeristische en culturele component van de vierde pijler inzake sociale en territoriale cohesie wordt steun verstrekt voor het stimuleren van fietsen, lopen en andere niet-gemotoriseerde vormen van vervoer en toerisme, alsmede voor de uitvoering van de Roemeense strategie voor cultureel toerisme. | 449 |
| Hongarije | Geen specifieke maatregelen met betrekking tot toerisme. | - |
Bron: ERK, op basis van een analyse van de herstel- en veerkrachtplannen van de lidstaten waarop deze audit betrekking heeft.
Toekomstige uitdagingen en patronen
19 De meesten van de deskundigen van internationale organisaties met wie we spraken, verwachten dat er op de korte termijn, zodra de onmiddellijke effecten van de COVID-19-pandemie zijn overwonnen, er op toeristisch gebied met name vraag zal zijn naar binnenlandse en regionale vakanties en korte reizen. Er is echter ook sprake van aanzienlijke uitdagingen voor de ontwikkeling van de toeristische sector in de EU op de middellange en lange termijn, in het bijzonder met betrekking tot de groene transformatie, de digitalisering en de integratie van nieuwe technologieën, het concurrentievermogen en de veerkracht ervan[14].
20 Tegelijkertijd worden er ook nieuwe patronen zichtbaar in het gedrag van toeristen, die een afspiegeling vormen van enkele van de hierboven genoemde uitdagingen. De toekomstige vraag naar toeristische diensten zal waarschijnlijk worden gekenmerkt door een groter milieubewustzijn, meer gebruik van digitale diensten en nieuwe technologieën, een verschuiving naar meer gepersonaliseerde reiservaringen, het welzijn van en betere interacties met lokale gemeenschappen en culturen en toenemende aandacht voor veiligheids- en gezondheidsprotocollen (zie figuur 7).
Bron: ERK, op basis van een analyse van documenten van de UNWTO, OESO en WTTC.
21 In dit opzicht is duurzaam toerisme een van de meest prominente concepten in de ontwikkeling van de sector. Het heeft te maken met het in evenwicht brengen van de ecologische, economische en socioculturele aspecten van toeristische ontwikkelingen om te garanderen dat toerisme op de lange termijn duurzaam is[15]. De benadering van de effecten van toerisme op klimaatverandering speelt hierbij ook een rol. In de EU vormt de Europese Green Deal[16] het overkoepelende beleidskader voor de realisering van duurzaam toerisme.
Reikwijdte en aanpak van de controle
22 In het kader van onze controle werd geëvalueerd of de acties van de Commissie ter ondersteuning van de toeristische sector in de EU in de periode 2014‑2020 doeltreffend waren. Hiertoe onderzochten wij of:
- de toerismestrategie van de Commissie doeltreffend tegemoetkwam aan de behoeften van de sector en of deze regelmatig werd geactualiseerd naar aanleiding van veranderende prioriteiten;
- de financiële steun uit het EFRO voor overheidsinvesteringen in toerisme aansloot op bestaande EU-, nationale en regionale toerismestrategieën en of deze steun duurzaam was en werd gericht op investeringen waarvan de toegevoegde waarde niet was beperkt tot het desbetreffende project;
- de Commissie maatregelen heeft genomen om de impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector te beperken.
23 Om deze vragen te beantwoorden, hebben we de activiteiten geanalyseerd die de Commissie heeft uitgevoerd, alsmede de beschikbare documentatie met betrekking tot haar toerismestrategie, samenwerking met de lidstaten en steun en richtsnoeren voor de financiering van investeringen in toerisme, in het bijzonder via het EFRO. Dit omvatte activiteiten van DG GROW en DG REGIO.
24 We hebben de meest relevante operationele programma’s van het EFRO wat betreft de aan toerisme gerelateerde uitgaven in vier lidstaten (Hongarije, Polen, Roemenië en Spanje) onderzocht teneinde de vormgeving van het OP met betrekking tot investeringen in toerisme te evalueren. Wij hebben deze lidstaten geselecteerd op basis van het bedrag aan EU-financiering dat ze hebben ontvangen ter ondersteuning van investeringen in toerisme, de bijdrage van de toeristische sector aan hun bbp en hun geografische diversiteit.
25 We analyseerden een steekproef van 32 door het EFRO gefinancierde publieke toeristische projecten die door overheidsinstanties in deze vier landen werden uitgevoerd. Wij hebben ons op deze projecten gericht omdat ze het potentieel hadden om de ontwikkeling van de toeristische sector in de regio te bevorderen. De steekproef bestaat uit 17 projecten uit de periode 2014‑2020 waarvan de selectie en uitvoering, en de monitoring van de behaalde resultaten werden geëvalueerd. Om de duurzaamheid van projecten uitgebreider te kunnen beoordelen, hebben we ook 15 in dezelfde landen voltooide projecten uit de periode 2007‑2013 geselecteerd. In bijlage II is een lijst opgenomen van de OP’s die we hebben geselecteerd en het aantal projecten van elk OP dat in de steekproef is opgenomen. Bijlage III bevat kaarten met de namen en locaties van de projecten die in het kader van deze controle werden geëvalueerd.
26 We hebben de belangrijkste maatregelen geïdentificeerd die de Commissie heeft voorgesteld in reactie op de impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector in Europa. Tot slot hebben we aandacht besteed aan de acties van de Commissie met betrekking tot de vormgeving van de financiële EU-steun voor toerisme voor de periode 2021‑2027.
27 We spraken met:
- medewerkers van de Commissie, vertegenwoordigers van de bevoegde autoriteiten (bijv. de voor toerisme verantwoordelijke ministeries), de beheersautoriteiten voor de geselecteerde OP’s en begunstigden van de in de steekproef opgenomen projecten uit de vier lidstaten;
- deskundigen van belangrijke internationale organisaties op het gebied van toerisme: de Wereldorganisatie voor Toerisme van de Verenigde Naties (United Nations World Tourism Organisation, UNWTO), de OESO, de World Travel and Tourism Council (WTTC), de European Travel Commission (ETC), de Vereniging van Europese reisagenten en touroperators (European Travel Agents’ and Tour Operators’ Association (ECTAA) en het Netwerk van Europese regio’s voor concurrerend en duurzaam toerisme (NECSTour).
28 Wegens de tijdens de controle geldende COVID-19-beperkingen konden we geen bezoeken ter plaatse afleggen in de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft. We hebben derhalve geen rechtstreeks bewijs verzameld met betrekking tot de fysieke uitvoering van de geselecteerde projecten. Al onze opmerkingen in dit opzicht zijn gebaseerd op bewijsstukken.
29 Met deze controle wordt beoogd input te leveren voor de werkzaamheden van de Commissie ter formulering van een alomvattende toerismestrategie voor 2030 met doelstellingen voor de middellange en lange termijn. We verwachten met deze controle ook bij te dragen tot een betere vormgeving en uitvoering van de financiële steun van de EU voor investeringen in toerisme in de periode 2021‑2027, zodat doeltreffende en duurzame resultaten kunnen worden behaald.
Opmerkingen
De EU-toerismestrategie is niet berekend op de nieuwe uitdagingen waarmee de sector wordt geconfronteerd
30 De Commissie stelt haar beleidskoers en financieringsprioriteiten vast aan de hand van de doelstellingen die door de wetgevers worden geformuleerd in strategieën en vergelijkbare documenten. In een doeltreffende strategie moeten specifieke prioriteiten worden aangemerkt, ondersteunende EU-acties en tijdschema’s worden vastgesteld en de middelen worden omschreven die nodig zijn voor de uitvoering ervan. Ook moet een dergelijke strategie inspelen op nieuwe behoeften en uitdagingen van de sector en dienovereenkomstig worden geactualiseerd. We hebben de toerismestrategie van de Commissie voor 2014‑2020, evenals de nationale strategieën van de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft, geëvalueerd. Ook vroegen we belanghebbenden naar hun mening over de aanpak van de Commissie op het gebied van toerisme.
De EU-toerismestrategie van de Commissie dateert van 2010
De Commissie heeft haar prioriteiten met betrekking tot toerisme in de periode 2014‑2020 twee keer geactualiseerd, zonder echter haar strategie aan te passen
31 In juni 2010 heeft de Commissie een mededeling gepubliceerd waarin de meest recente EU-toerismestrategie werd opgenomen[17]. Met de mededeling beoogde de Commissie “een gecoördineerde aanpak voor initiatieven met betrekking tot toerisme [te] bevorderen en een nieuw actiekader [te] bepalen om het concurrentievermogen en de capaciteit voor duurzame groei van het toerisme te versterken”. Er werden vier brede prioriteiten ter bevordering van toerisme geïdentificeerd (zie figuur 8), alsmede een reeks aan deze prioriteiten gerelateerde specifieke acties van de Commissie. Voor de uitvoering van deze acties werd echter geen termijn aangegeven. Tot slot werd in de strategie van de Commissie niet gespecificeerd hoe de lidstaten en haar eigen directoraten-generaal de beschikbare EU-financiering moeten gebruiken om deze prioriteiten te verwezenlijken.
Figuur 8 — Ontwikkeling van prioriteiten op het gebied van toerisme
Bron: ERK, op basis van mededeling 2010/352 van de Commissie en notulen van de TAC-bijeenkomsten.
32 Sindsdien zijn de prioriteiten op het gebied van toerisme — niet de strategie zelf — twee keer herzien naar aanleiding van de benoeming van nieuwe Commissies, na raadpleging van het TAC.
- In december 2015 kondigde de Commissie een reeks herziene prioriteiten voor toerisme aan. Deze reeks prioriteiten weerspiegelde nieuwe elementen die relevant zijn voor de ontwikkeling van de toeristische sector en die niet aan bod waren gekomen in de mededeling uit 2010, zoals digitalisering en de verbetering van de vaardigheden en competenties van werknemers in de toeristische sector. De herziene prioriteiten gingen echter niet gepaard met specifieke acties, ook al werd dat in eerste instantie wel voorgesteld in de aan de lidstaten gerichte discussienota van de Commissie[18].
- In november 2019 heeft de Commissie de EU-prioriteiten op het gebied van toerisme afgestemd op de Europese Green Deal, waarbij bijzondere aandacht uitging naar duurzaam en verantwoord toerisme en een verbreding van de focus op de digitale component met slim toerisme en innovatie. Opnieuw werden deze aangepaste prioriteiten niet gekoppeld aan specifieke acties of voorstellen voor een optimaal gebruik van EU-financiering voor hun verwezenlijking.
33 De strategie die in de mededeling uit 2010 werd gedefinieerd, is officieel nog steeds van toepassing. De Commissie heeft haar prioriteiten op het gebied van toerisme in de periode 2014‑2020 wel herzien in het kader van bredere beleidsstrategieën, maar geen actieplan opgesteld tot bevordering van de uitvoering van haar strategie en herziene prioriteiten.
Een aanzienlijke vermindering van het voor toerismebeleid beschikbare personeel bij de Commissie sinds 2014
34 Het gebrek aan ambitie met betrekking tot de formulering van een nieuwe toerismestrategie komt ook tot uiting in de ontwikkeling van het aantal personeelsleden bij de Commissie dat zich rechtstreeks bezighoudt met toerismebeleid. Tot 2014 hielden twee eenheden, met in totaal ongeveer veertig personeelsleden, zich bezig met aan toerisme gerelateerde aangelegenheden[19] (de één met algemene beleidskwesties en de ander met culturele instrumenten voor toerisme). In 2014 werd DG GROW uitgerust met één eenheid die zich bezighoudt met toerisme, gevormd door het personeel van de twee eerdere eenheden, maar deze eenheid kreeg ook de verantwoordelijkheid voor textiel en de creatieve sector. Tussen 2014 en 2018 werd het aantal medewerkers van deze eenheid gehalveerd. Door de reorganisatie van DG GROW in maart 2021 veranderde die situatie nauwelijks; er werd een eenheid voor toerisme en textiel opgezet, maar het aantal medewerkers dat zich rechtstreeks bezighoudt met toerisme (twaalf personen) bleef ongewijzigd.
De lidstaten waarop de controle betrekking heeft, hebben hun eigen toerismestrategieën geformuleerd, met vergelijkbare prioriteiten als die uit de EU-strategie
35 Elke lidstaat formuleert een eigen toerismestrategie. Bijlage IV toont een overzicht van de bestaande nationale toerismestrategieën van alle lidstaten. We zouden verwachten dat de EU- en nationale strategieën verenigbaar zijn en op gecoördineerde wijze tot stand zijn gebracht. Wij evalueerden of bij de toerismestrategieën van de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft (kader 1 biedt een kort overzicht van deze strategieën), rekening wordt gehouden met de strategie van de Commissie.
Kader 1 — Belangrijkste aspecten van de toerismestrategieën van de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft
Hongarije
De huidige nationale toerismestrategie is de Nationale strategie voor de ontwikkeling van de toeristische sector 2030[20]. Deze heeft als langetermijndoelstelling om van toerisme een toonaangevende sector te maken voor de economische groei van het land. De strategie wordt momenteel echter herzien in het licht van de COVID-19-pandemie. De Hongaarse autoriteiten hebben benadrukt dat in de nieuwe strategie duurzaamheid, veiligheid en digitalisering centraal zullen staan.
Polen
De huidige nationale toerismestrategie is het Programma voor de ontwikkeling op het gebied van toerisme tot 2020[21]. De belangrijkste prioriteitsgebieden van de strategie zijn onder meer moderne beheersystemen voor toerisme; competente personele middelen voor toerisme; concurrerend toerisme; en bevordering van regionale en lokale ontwikkeling en een hogere levensstandaard voor burgers. De ontwikkeling van een nieuwe strategie bevindt zich nog in een voorbereidend stadium.
Roemenië
Het land heeft een masterplan voor investeringen in toerisme, evenals twee nationale sectorale strategieën, één voor ecotoerisme en één voor kuuroordtoerisme[22]. De Roemeense overheid werkt ook aan een geïntegreerde nationale toerismestrategie. Met deze strategie wordt met name beoogd om van Roemenië uiterlijk in 2030 een hoogwaardige toeristische bestemming te maken, waarbij een centrale rol is weggelegd voor het unieke culturele en natuurlijke erfgoed van het land. De werkzaamheden aan deze strategie liggen momenteel stil als gevolg van de uitdagingen in het kader van de COVID-19-pandemie.
Spanje
De huidige nationale toerismestrategie is het Spaanse plan voor toerisme Horizon 2020[23], dat in de loop der tijd deels is herzien om er nieuwe elementen aan toe te voegen en diverse acties en strategische lijnen te actualiseren. Er wordt gewerkt aan een nieuwe nationale strategie voor duurzaam toerisme voor 2030. Hierin zal rekening worden gehouden met de COVID-19-pandemie en zullen strategische richtsnoeren worden vastgesteld voor het toerismebeleid in Spanje, op basis van een analyse van de uitdagingen waarmee de toeristische sector in het volgende decennium zal worden geconfronteerd.
36 Uit onze analyse kwam naar voren dat alle vier de nationale strategieën over het algemeen prioriteiten kenden die vergelijkbaar waren met de door de Commissie geïdentificeerde prioriteiten, zoals duurzaamheid en kwaliteit van toerisme, digitalisering en concurrentievermogen. In geen van de plannen wordt verwezen naar de prioriteiten uit de mededeling van de Commissie uit 2010 of de actualiseringen ervan uit 2015 en 2019.
37 De strategieën van deze vier lidstaten worden momenteel herzien, zodat ze relevant blijven voor de periode tot 2030. Omdat deze werkzaamheden door elk van de lidstaten onafhankelijk worden uitgevoerd, bestaat het risico dat de grensoverschrijdende aspecten van toerisme niet adequaat worden aangepakt. Tegelijkertijd werkt de Commissie momenteel aan de EU-agenda voor toerisme voor 2030 (zie paragraaf 41).
Door de impact van de COVID-19-pandemie is er grote behoefte aan een hernieuwde EU-toerismestrategie
Nationale autoriteiten hebben meer waardering voor de strategie van de Commissie voor 2014‑2020 dan de vertegenwoordigers van de toeristische sector
38 De nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor toerismebeleid in de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft, beoordelen de EU-prioriteiten voor toerisme voor de periode 2014‑2020 en de ondersteunende acties in het algemeen positief. Ze wezen er echter ook op dat het, met het oog op de effecten van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector, belangrijk is de EU-toerismestrategie af te stemmen op de veranderende omstandigheden en het pad te effenen voor een in de toekomst veerkrachtigere sector.
39 De vertegenwoordigers van de toeristische sector in de EU en van internationale toerismeorganisaties met wie we in het kader van deze controle spraken, gaven aan dat de EU dan wel een wereldwijd toonaangevende toeristische bestemming is, maar geen gemeenschappelijke toerismestrategie noch een stappenplan voor de toekomst van de sector heeft. Ook merkten zij op dat de Commissie een leidende rol zou moeten spelen bij zowel de ontwikkeling als de uitvoering van een dergelijke strategie.
De Commissie heeft de eerste initiatieven genomen in de richting van een nieuwe toerismestrategie
40 In mei 2020 publiceerde de Commissie in het licht van de enorme impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector een mededeling getiteld “Toerisme en vervoer in en na 2020”[24]. De mededeling bevatte kortetermijnaanbevelingen om de gevolgen van COVID-19 voor het zomerseizoen 2020 aan te pakken (zie paragraaf 66). Met betrekking tot de langere termijn stelde de Commissie voor een Europees toerismecongres te organiseren om na te denken over het toerisme van de toekomst en een begin te maken met de ontwikkeling van een Europese agenda voor toerisme voor 2050.
41 In mei 2021 kondigde de Commissie de lancering aan van één specifieke actie: “cocreatie van groene en digitale transitietrajecten”[25]. Vervolgens publiceerde zij in juni 2021 het document “Scenarios towards co-creation of transition pathway for tourism for a more resilient, innovative and sustainable ecosystem”[26], dat betrekking had op de periode tot 2030. Ook werd een openbare raadpleging gestart om de meest geschikte acties ter verwezenlijking van die doelstelling in kaart te brengen.
De EU-wetgevers pleiten voor een nieuwe EU-toerismestrategie voor de post-COVID-19-periode
42 Het Europees Parlement heeft de Commissie herhaaldelijk verzocht haar toerismestrategie te actualiseren[27]. In maart 2021 heeft het een resolutie over de ontwikkeling van een EU-strategie voor duurzaam toerisme goedgekeurd[28], waarin de Commissie wordt verzocht in 2021 een actieplan voor duurzaam en strategisch toerisme te presenteren en een geactualiseerde EU-strategie te ontwikkelen ter vervanging van de strategie uit de mededeling van 2010.
43 De Raad Concurrentievermogen van mei 2021[29] verzocht de Commissie en de lidstaten in dezelfde geest een Europese agenda voor toerisme voor 2030/2050 te ontwikkelen. Dit moet gebeuren in samenwerking met relevante belanghebbenden en in de strategie moet worden ingegaan op belangrijke strategische uitdagingen, zodat de groene en digitale transitie van het toerisme-ecosysteem kunnen worden bevorderd en het concurrentievermogen, de veerkracht en de duurzaamheid ervan kunnen worden versterkt.
Met de financiële steun uit het EFRO voor publieke investeringen in toerisme is in 2014‑2020 een bijdrage geleverd aan de nationale en EU-doelstellingen voor toerisme, maar door tekortkomingen bij de selectie van projecten was de doeltreffendheid ervan beperkt
De vormgeving van de EFRO-OP’s was niet in overeenstemming met de EU-, nationale en regionale toerismestrategieën
44 We hebben onderzocht hoe de Commissie beoordeelde of partnerschapsovereenkomsten en OP’s in overeenstemming waren met haar strategie en prioriteiten inzake toerisme. Ook evalueerden we of de investeringsprioriteiten van de OP’s verenigbaar waren met de vigerende nationale en regionale toerismestrategieën, die afzonderlijk van de EU-programmering worden geformuleerd.
45 DG REGIO stuurde, in overleg met andere directoraten-generaal van de Commissie, het proces aan ter beoordeling van de vraag of de thematische doelstellingen en investeringsprioriteiten van de OP's aansloten op de inhoud van de partnerschapsovereenkomsten. Deze beoordeling maakt deel uit van het proces dat voorafgaat aan de vaststelling van de OP’s.
46 Naar aanleiding van de evaluatie van de geselecteerde partnerschapsovereenkomsten en EFRO-OP’s door de Commissie ontvingen de lidstaten in formele brieven opmerkingen inzake hun OP’s. De opmerkingen in deze brieven die verband hielden met toerisme, hadden met name betrekking op de consistentie met de algemene regionale ontwikkelingsstrategieën. De Commissie verzocht om verduidelijking en aanvullende informatie, hetgeen aanleiding gaf tot correcties in de OP’s.
47 Het EFRO-regelgevingskader voor de periode 2014‑2020 bevatte geen enkele specifieke investeringsprioriteit of ex-antevoorwaarde voor investeringen in toerisme. Aangezien er geen sprake was van een wettelijke plicht, heeft de Commissie niet specifiek geëvalueerd of de OP’s in overeenstemming waren met de EU-toerismestrategie of met nationale of regionale toerismestrategieën.
48 Uit onze analyse bleek dat de financiële steun voor investeringen in toerisme via de OP’s van het EFRO die in het kader van deze controle werden onderzocht, over het algemeen werd verstrekt op een manier die aansloot op de ex-ante-evaluatie van de beheersautoriteiten en de bepalingen van de desbetreffende partnerschapsovereenkomst. Voor de geselecteerde OP’s identificeerden we de volgende vier gemeenschappelijke brede prioriteiten:
- ontwikkeling van toeristische infrastructuur en producten;
- bevordering van het concurrentievermogen van bedrijven in de toeristische sector;
- bescherming en bevordering van natuurgebieden en cultureel belangrijke plaatsen als toeristische attracties, en
- bevordering van de ontwikkeling van lokale economieën en banencreatie.
Al deze prioriteiten sloten over het algemeen aan op de doelstellingen in de regionale ontwikkelingsplannen en, in voorkomend geval, op specifieke nationale en regionale toerismestrategieën.
Projecten werden geselecteerd volgens verschillende procedures; tekortkomingen in de initiële planning en behoefteanalyse vormden een risico voor de doeltreffendheid en duurzaamheid van door de EU medegefinancierde investeringen in toerisme
49 We onderzochten hoe een steekproef van door overheidsinstanties in de vier lidstaten ingediende projecten werd geselecteerd en uitgevoerd. Wij letten er met name op of de criteria voor de selectie van projecten in overeenstemming waren met de investeringsprioriteiten van de OP’s en de nationale en regionale toerismestrategieën; of het selectieproces waarborgde dat alleen rijpe en goed geplande projecten werden geselecteerd en of de geselecteerde projecten doeltreffend werden uitgevoerd, duurzaam waren en de impact ervan niet was beperkt was tot het project zelf.
De lidstaten hanteerden verschillende selectieprocedures
50 De lidstaten gebruikten verschillende procedures om de door de overheidsinstanties gepresenteerde toeristische projecten te evalueren en te selecteren: vergelijkende oproepen tot het indienen van voorstellen, blijken van belangstelling, procedures op basis van het beginsel “wie het eerst komt, het eerst maalt” of een vooraf geselecteerde lijst van toeristische locaties die moesten worden gesteund. Al deze procedures kunnen geschikt zijn voor dit soort projecten en de lidstaten mogen zelf kiezen welke procedure ze toepassen. Uit onze analyse blijkt dat de selectieprocedures over het algemeen in overeenstemming waren met de geldende regels, strategische richtsnoeren en selectiecriteria die in het kader van de desbetreffende OP waren vastgesteld.
De initiële planning en behoefteanalyse waren voor diverse projecten ontoereikend
51 Voor meerdere onderzochte projecten constateerden we dat in de projectvoorstellen geen toereikende initiële planning en behoefteanalyse, waaronder een analyse van de vraag, waren opgenomen. Dit leidde in veel gevallen tot vertragingen, kostenoverschrijdingen en aanpassingen van de reikwijdte van projecten tijdens de uitvoering (zie kader 2 voor een voorbeeld).
Kader 2 — Voorbeeld van een Spaans project waarvan het bereik aanzienlijk werd verkleind en dat aanzienlijke vertraging opliep
In 2017 ging een project van start om drie fietspaden van in totaal 368 km, waarvan er één deel uitmaakte van de Eurovelo Route 8, aan te leggen in de Spaanse provincie Cádiz. De oorspronkelijke begroting bedroeg 13,1 miljoen EUR, waarvan de EU 10,5 miljoen EUR zou financieren. Doel van het project was om bij te dragen aan de ontwikkeling van duurzaam toerisme in de regio. In de uitvoeringsfase werd het bereik van het project echter beperkt tot 149 km, een aanzienlijke vermindering, wegens diverse administratieve en technische problemen die in de planningsfase van het project niet waren voorzien. In maart 2021 was nog maar twee kilometer fietspad in gebruik.
Ondanks deze aanzienlijke beperking van het bereik werd de oorspronkelijke begroting met ongeveer 30 % verhoogd tot 17,3 miljoen EUR, waarvan 13,8 miljoen EUR door de EU zou worden bijgedragen. Deze hogere kosten waren het gevolg van wijzigingen in aspecten van het ontwerp en de aanleg, zoals een robuuster wegdek zodat de fietspaden in de toekomst minder onderhoud zouden vergen en de aanleg van langere paden om wegen en waterlichamen te ontwijken. Het project, dat in eerste instantie eind 2020 afgerond zou zijn, zal volgens de huidige planning in juni 2023 worden voltooid.
52 Bij de projecten in de steekproef waren met name vertragingen in de uitvoering een veelvoorkomend probleem. Van de 17 projecten uit de steekproef voor de periode 2014‑2020 zullen er naar verwachting 11 pas op zijn minst zes maanden na de in de oorspronkelijke subsidieovereenkomst overeengekomen einddatum worden afgerond. Het gaat hierbij om vier projecten in Hongarije, één in Polen, twee in Roemenië en vier in Spanje. Tijdens onze werkzaamheden in het veld in het kader van deze controle werd bovendien een project in Hongarije ingetrokken. Vertragingen worden met name veroorzaakt door factoren die verband houden met:
- administratieve problemen: lange of zonder gevolg gebleven aanbestedingsprocedures, vertragingen bij de aanvraag van bouwvergunningen, problemen bij de verwerving van grond, veranderingen in regionale/lokale overheden, en
- problemen bij de uitvoering van werkzaamheden: technische of milieukwesties waardoor het project opnieuw moet worden vormgegeven, tijdelijke opschorting van werkzaamheden als gevolg van weersomstandigheden, beperkende maatregelen in verband met de COVID-19-pandemie.
53 Een andere specifieke tekortkoming in de projectplanning die een gevaar vormt voor de doeltreffendheid en duurzaamheid van projecten is de financiering van vergelijkbare projecten op nabijgelegen locaties (zie kader 3 voor een voorbeeld).
Kader 3 — Voorbeeld van een Pools project dat EU-financiering ontving terwijl voor een soortgelijk project in de buurt al EU-financiering was ontvangen
In Polen werd een project voor de renovatie van de historische openbare ruimte in het centrum van een kuuroord medegefinancierd. Het project sloot goed aan op de strategie van de stad om toeristische, recreatieve en wellness-infrastructuur en -voorzieningen te ontwikkelen, in het kader waarvan nog enkele projecten werden medegefinancierd.
We ontdekten echter dat er een ander ontwikkelingsplan was in een ander, nabijgelegen kuuroord (op slechts 10 km afstand), dat dezelfde natuurlijke hulpbronnen benutte. Dit plan omvatte door de EU medegefinancierde projecten met vergelijkbare resultaten. In plaats van een gezamenlijk ontwikkelingsplan op te stellen voor een gemeenschappelijk, complementair toeristisch aanbod, hadden de twee steden hun eigen individuele plannen en gerelateerde projecten geformuleerd. Aangezien vergelijkbare infrastructuur op nabijgelegen locaties werd gefinancierd, bestond het risico dat de steun minder doeltreffend en duurzaam zou zijn.
Niet alle voltooide projecten hadden een positief effect op de toeristische activiteit in de regio
54 We evalueerden ook een steekproef van 15 afgeronde projecten waarvan de meeste waren gefinancierd in de periode 2007‑2013 — met bijzondere aandacht voor projecten die al een aantal jaar eerder waren afgerond — om de duurzaamheid en de impact ervan op de algehele toeristische activiteit in de regio te analyseren.
55 Onze analyse leverde een gemengd beeld op. We constateerden dat van diverse projecten de doelstellingen waren bereikt (of zelfs overtroffen) en dat deze succesvol hadden bijgedragen aan de bevordering van de toeristische activiteit in de regio in kwestie (zie voorbeelden in kader 4). Al deze projecten hebben met elkaar gemeen dat hun bijdrage aan de kwaliteit van en de vraag naar toeristische diensten in de sector niet beperkt was tot het project zelf en dat ze voor potentiële overloopeffecten voor de lokale economieën hebben gezorgd.
Kader 4 — Voorbeelden van afgeronde projecten die het toerisme in de regio doeltreffend hebben bevorderd
- Een van de projecten had betrekking op de ontwikkeling van een cultureel complex en andere toeristische voorzieningen in een kasteel in het noordoosten van Hongarije. Na afronding heeft het project de geplande doelstelling — een hoger aantal bezoekers — verwezenlijkt. Het kasteel ontving twee erkenningen als gezinsvriendelijke bestemming en een “Travellers’ Choice”-prijs in 2020. Dankzij de toegenomen vraag naar toeristische diensten heeft de begunstigde ook samenwerkingsovereenkomsten gesloten met lokale partners, zoals aanbieders van accommodatie en restaurants, voor voorlichtings- en promotieactiviteiten.
- Een ander project had betrekking op de aanleg van een deel van een fietspad rondom een pittoresk meer in bergachtig gebied in Zuid-Polen. Het meer werd voorheen weinig bezocht door toeristen wegens een gebrek aan toeristische infrastructuur. Het project werd succesvol afgerond en is operationeel. Volgens de gemeente wordt intensief gebruikgemaakt van het fietspad en krijgt het zeer positieve beoordelingen van fietsers, wat een extra toeristenstroom heeft opgeleverd. Daarnaast kan het pad buiten het seizoen ook worden gebruikt voor andere doeleinden, bijvoorbeeld om te langlaufen in de winter. Het fietspad heeft onlangs een wedstrijd voor unieke regionale toeristische trekpleisters gewonnen en wordt beschouwd als een van de mooiste fietspaden in Polen.
- Een ander project betrof de renovatie van een oud gebouw op een archeologische site in Andalusië (Spanje) die werelderfgoed is. Het project is afgerond en het gerenoveerde gebouw wordt gebruikt als bezoekerscentrum en museum met permanente en tijdelijke tentoonstellingen over de relevantie van de archeologische site. Er is een bestuurs- en beheersmodel opgezet om de operationele en financiële duurzaamheid van de site te waarborgen. Zodra de nieuwe voorzieningen na afschaffing van de COVID-19-beperkingen volledig in gebruik worden genomen, wordt een aanzienlijk hoger aantal bezoekers verwacht.
56 Andere projecten hadden slechts een beperkte (of helemaal geen) impact qua stimulans voor toerisme. De belangrijkste redenen voor deze beperkte impact op het toerisme waren de volgende:
- de investeringen waren geïsoleerd omdat ze niet waren gekoppeld aan andere toeristische infrastructuur of omdat de complementaire projecten niet werden uitgevoerd;
- de marketing en informatieverstrekking aan toeristen was onvoldoende doeltreffend; of
- de ondersteunde infrastructuur wordt primair gebruikt door de lokale gemeenschap (hiervan wordt een voorbeeld beschreven in kader 5).
Kader 5 — Voorbeeld van een afgerond Pools project dat het toerisme in de regio niet doeltreffend bevorderde doordat het primair door de lokale gemeenschap wordt gebruikt
Dit project had betrekking op de bouw van een recreatie- en vrijetijdscentrum in een dorp nabij een onlangs aangelegd stuwmeer in Polen. Het centrum werd aangelegd rondom een bestaand voetbalstadion en de werkzaamheden omvatten de aanleg van een aantal voorzieningen voor buitensport en recreatie, alsmede de renovatie en uitbreiding — met een recreatieruimte, leeszaal, toeristisch informatiepunt en kleedkamers voor de gebruikers van de sportvoorzieningen — van een bestaand gebouw.
Het project vormt een eenmalige, op zichzelf staande investering. Het werd opgenomen in het ontwikkelingsplan voor het nabijgelegen meer, maar van de andere projecten die in het plan worden beschreven, is bijna geen enkel uitgevoerd; daarnaast is er nauwelijks toeristische infrastructuur rondom het meer. Het project wordt met name benut door de lokale gemeenschap en heeft slechts een beperkte impact op de toeristische ontwikkeling. De enige duidelijk toeristische component — een toeristisch informatiepunt — wordt niet actief beheerd: het heeft geen website en publiceert geen online-informatie.
In de richtsnoeren van de Commissie werd aandacht besteed aan de doeltreffendheid en duurzaamheid van investeringen in toerisme, maar verschillende aspecten kwamen niet aan bod
57 We onderzochten of de Commissie richtsnoeren had gepubliceerd inzake de voorwaarden voor het verstrekken van EFRO-steun voor investeringen in toerisme en om de lidstaten te helpen bij de selectie voor medefinanciering en uitvoering van doeltreffende en duurzame toeristische projecten.
58 In 2014 publiceerde DG REGIO specifieke thematische richtsnoeren[30] inzake de voorwaarden voor de beoordeling van EFRO-investeringen in toerisme voor de periode 2014‑2020. Deze richtsnoeren werden beschikbaar gesteld aan de beheersautoriteiten in de lidstaten. In de richtsnoeren wordt met name ingegaan op:
- voorbeelden van relevante investeringen in de toeristische sector op het gebied van: diversifiëring van het toeristische aanbod en verlenging van het toeristische seizoen; ontwikkeling van toeristische producten met een hoge toegevoegde waarde of die zijn gericht op specifieke groepen; innovatieve diensten en digitalisering;
- negatieve voorbeelden van toeristische projecten waarvoor het risico aanzienlijk is dat zij niet doeltreffend zullen zijn, zoals eenmalige, op zichzelf staande projecten; investeringen in toerisme die kunnen leiden tot de duplicatie van voorzieningen of een verplaatsingseffect; medefinanciering van vijfsterrenhotels of professionele sportverenigingen;
- de noodzaak om rekening te houden met de financiële duurzaamheid van de projecten, evenals met de overloopeffecten van de investeringen, met name in termen van werkgelegenheid, en de economische activiteit buiten het toeristische seizoen.
59 In de thematische richtsnoeren van de Commissie wordt aangegeven dat door de EU gefinancierde infrastructuurprojecten voor toerisme in relevante groei- en/of ontwikkelingsstrategieën moeten worden opgenomen, en duurzaam en kosteneffectief moeten zijn. In de richtsnoeren werd echter onvoldoende aandacht besteed aan de risico's dat aangrenzende gebieden met hetzelfde (of een vergelijkbaar) toeristisch potentieel geen verenigbare strategieën hebben en dat projecten die voor EU-steun zijn geselecteerd andere door de EU gefinancierde projecten in de buurt overlappen (wat vervolgens de duurzaamheid ervan vermindert). Er werd ook in vermeld dat de projecten in de jaren na afronding ervan adequaat moeten worden voortgezet. Uit onze controle bleek dat sommige van deze risico’s zich in een aantal gevallen hebben voorgedaan (zie het voorbeeld in kader 3).
Monitoring van resultaten: beperkt gebruik van de gemeenschappelijke indicator voor toerisme en geen alomvattende monitoring van alle soorten projectresultaten
60 De resultaten van door de EU medegefinancierde projecten moeten worden gemonitord aan de hand van relevante indicatoren. We hebben het monitoringkader voor toerisme, en in het bijzonder de in de EFRO-verordening opgenomen indicatoren voor interventies in de toeristische sector, geëvalueerd. Ook hebben we de monitoringregelingen geanalyseerd die van toepassing waren op de projecten in de steekproef.
Slechts één gemeenschappelijke outputindicator voor toerisme voor de periode 2014‑2020
61 De EFRO-wetgeving voor de periode 2014‑2020 omvatte één gemeenschappelijke outputindicator voor toerisme[31]: “Stijging van het verwachte aantal bezoeken aan plaatsen van cultureel en natuurlijk erfgoed en attracties die steun ontvangen” (eenheid: bezoeken/jaar). De Commissie heeft aanvullende details verschaft over de definitie en meting van deze indicator, die kunnen worden geraadpleegd in kader 6.
Kader 6 — Gemeenschappelijke indicator voor toerisme (periode 2014‑2020)
Stijging van het verwachte aantal bezoeken aan cultureel en natuurlijk erfgoedlocaties die steun ontvangen (eenheid: bezoeken/jaar)
De indicator meet de ex ante geraamde stijging van het aantal bezoekers van een plaats in het jaar na afronding van het project. De indicator kan worden toegepast bij verbeteringen van plaatsen waarmee wordt beoogd bezoekers aan te trekken en toe te laten voor duurzaam toerisme, met inbegrip van plaatsen waar nog niet eerder toeristische activiteit heeft plaatsgevonden (bijv. natuurparken of gebouwen waarvan een museum wordt gemaakt).
Bron: Richtsnoeren van DG REGIO inzake monitoring en evaluatie. Indicator 9 op blz. 22.
62 De Commissie verzamelt informatie over het gebruik van de gemeenschappelijke outputindicator voor toerisme op OP-niveau. Deze informatie omvat het streefcijfer dat wordt gedefinieerd in de OP’s en de cumulatieve waarden die zijn bereikt volgens de jaarlijkse uitvoeringsverslagen die door de beheersautoriteiten worden ingediend. Volgens de Commissie gebruiken 16 van de 27 lidstaten deze gemeenschappelijke indicator voor ten minste één van hun EFRO-OP’s. Daarnaast konden de lidstaten gebruikmaken van programmaspecifieke indicatoren. In de periode 2014‑2020 werden echter geen gemeenschappelijke resultaatindicatoren gebruikt.
63 Voor de periode 2021‑2027 omvat het wetgevingskader voor EFRO twee gemeenschappelijke indicatoren die verband houden met toerisme[32]: “Ondersteunde culturele en toeristische locaties” (als resultaatindicator) en “bezoekers van ondersteunde culturele en toeristische locaties” (als resultaatindicator). De laatste indicator is vergelijkbaar met die welke in de eerdere programmeringsperiode werd gebruikt, maar is nu terecht aangemerkt als resultaatindicator.
Met de gemeenschappelijke indicator voor de periode 2014‑2020 konden niet alle soorten projectresultaten worden gemeten
64 Met de gemeenschappelijke outputindicator, die op de toename van het aantal bezoekers is gericht, kunnen de beoogde projectresultaten niet in alle gevallen worden gemeten, zelfs als deze wel werden vermeld in het projectvoorstel. Zo kan met toeristische projecten worden beoogd de seizoensafhankelijkheid te verminderen, de toeristische uitgaven te verhogen, de oprichting van nieuwe toeristische ondernemingen te stimuleren of de milieueffecten van toeristische locaties en voorzieningen te verminderen. Derhalve kunnen de resultaten van de EFRO-financiering van toeristische investeringen alleen aan de hand van de monitoringinformatie niet integraal worden beoordeeld. De ex-postevaluatie van de EFRO-steun voor de periode 2014‑2020, die eind 2024 voltooid moet zijn[33], moet de Commissie in staat stellen de impact van haar financiering op de toeristische sector in de EU in die periode te evalueren. Daarnaast staat voor eind 2024 een tussentijdse evaluatie gepland voor de periode 2021‑2027[34].
De Commissie heeft acties ondernomen om de impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector in de EU te beperken
65 We analyseerden of de Commissie maatregelen en voorstellen heeft gepresenteerd om de impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector in de EU te beperken en het herstel van de sector op tijd voor het zomerseizoen van 2021 te bevorderen.
66 In mei 2020 heeft de Commissie een reeks richtsnoeren en aanbevelingen voorgesteld met een specifieke impact op de toeristische sector[35] (zie ook paragraaf 40). Daarbij ging het onder meer om:
- een gemeenschappelijke benadering voor de hervatting van het vrije verkeer en de opheffing van de beperkingen aan de binnengrenzen van de EU;
- een kader voor de ondersteuning van een geleidelijke hervatting van vervoersdiensten, waarbij de veiligheid van passagiers en personeel wordt gewaarborgd;
- criteria voor het veilige en geleidelijke herstel van toeristische activiteiten en voor de ontwikkeling van gezondheidsprotocollen voor horecagelegenheden, zoals hotels.
67 Daarnaast heeft de Commissie in juni 2020 de website “Re-open EU” gelanceerd, met informatie over de reisbeperkingen en gezondheidsvoorschriften die in elke lidstaat gelden.
68 De Commissie steunt al sinds november 2020 de werkzaamheden van de lidstaten op het gebied van certificaten in het e-gezondheidsnetwerk, een vrijwillig netwerk van nationale autoriteiten die verantwoordelijk zijn voor e-gezondheid. De eerste richtsnoeren werden in januari 2021 gepubliceerd. Eind mei 2021 stelde de Commissie voor[36] de aanbeveling van de Raad[37] betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in de EU te actualiseren teneinde er duidelijke regels in op te nemen inzake de voorwaarden voor de afschaffing van reisbeperkingen voor personen die in het bezit zijn van een digitaal EU-COVID-certificaat.
69 In juni 2021 hebben het Europees Parlement en de Raad overeenstemming bereikt over dit certificaat, dat vanaf 1 juli 2021 zal worden ingevoerd onder de naam “digitaal EU-COVID-certificaat”. De verordening zal twaalf maanden gelden, maar de looptijd ervan kan worden verlengd (zie kader 7).
Kader 7 — Het digitaal EU-COVID-certificaat — achtergrondinformatie
Het stelsel van digitale EU-COVID-certificaten bestaat uit drie verschillende soorten COVID-19-certificaten: een vaccinatiecertificaat, een testcertificaat en een herstelcertificaat. Alle EU-burgers en hun gezinsleden, evenals niet-EU-onderdanen die legaal in de lidstaten verblijven of wonen en het recht hebben om naar andere lidstaten te reizen, kunnen deze certificaten kosteloos ontvangen. Het EU-certificaat bevat alleen de minimale informatie die nodig is om de vaccinatie-, test- of herstelstatus van de houder te bevestigen en verifiëren. Samen met de lidstaten is een gemeenschappelijk ontwerpsjabloon[38] ontwikkeld om de erkenning van papieren EU-COVID-certificaten te vergemakkelijken. Het certificaat wordt afgegeven door en kan worden gebruikt in alle EU-lidstaten, alsmede in IJsland, Zwitserland, Liechtenstein en Noorwegen.
70 Door deze verordening aan te nemen, hebben de lidstaten zich ertoe verbonden geen aanvullende reisbeperkingen op te leggen aan houders van een digitaal EU-COVID-certificaat, tenzij deze evenredig en noodzakelijk zijn om de volksgezondheid te beschermen. In een dergelijk geval moeten de lidstaten de Commissie en alle andere lidstaten tijdig op de hoogte brengen en dergelijke nieuwe maatregelen onderbouwen.
71 Tijdens de zomer van 2021 is dit certificaat door EU-burgers gebruikt als bewijsstuk voor vrij verkeer en toegang tot onder meer culturele en sportevenementen, restaurants en recreatieve voorzieningen. Tot midden oktober 2021 waren er naar schatting 591 miljoen[39] certificaten afgegeven.
72 Deze initiatieven van de Commissie waren essentieel om reizen binnen de EU en toeristische activiteiten in de zomer van 2021 weer mogelijk te maken. Vertegenwoordigers van de nationale autoriteiten van de vier lidstaten waarop deze controle betrekking heeft, van de internationale organisaties voor toerisme en van de toeristische sector met wie we in het kader van deze controle spraken, waren ook positief over de voorstellen van de Commissie en de maatregelen die zij heeft getroffen om de impact van de COVID-19-pandemie op de toeristische sector te beperken.
Conclusies en aanbevelingen
73 In het algemeen kwam uit onze controle naar voren dat de acties van de Commissie in de periode 2014‑2020 ter ondersteuning van de toeristische sector in de EU deels doeltreffend waren.
74 De huidige EU-toerismestrategie van de Commissie dateert van 2010. Tussen 2015 en het begin van de COVID-19-pandemie heeft de Commissie de prioriteiten met betrekking tot de toeristische sector in de EU herzien in het kader van bredere beleidsstrategieën, zonder echter een actieplan te formuleren om de uitvoering ervan te ondersteunen. Bovendien werd in de strategie van de Commissie niet gespecificeerd hoe de lidstaten en haar eigen directoraten-generaal de beschikbare EU-financiering moeten gebruiken om deze prioriteiten te verwezenlijken. De Commissie heeft toekomstgerichte acties ondernomen om de formulering van een agenda voor toerisme voor 2030 mogelijk te maken, wat een stap in de goede richting is. Dit moet echter nog concreet resulteren in een post-COVID-19-strategie en een actieplan met doelstellingen voor de middellange en lange termijn, doeltreffende governanceregelingen en toereikende middelen (zie de paragrafen 30- 43).
Aanbeveling 1 — Ontwikkel een nieuwe strategie voor het toerisme-ecosysteem van de EU waarmee uitdrukkelijk wordt ingezet op het ondersteunen van investeringen die bijdragen tot een duurzamere vorm van toerisme
Teneinde een doeltreffende agenda voor toerisme voor 2030 te ontwikkelen, moet de Commissie een nieuwe geconsolideerde strategie voor het toerisme-ecosysteem van de EU opstellen. In deze strategie, die moet worden ontwikkeld in samenwerking met de lidstaten, moet aandacht worden besteed aan de EU-doelstelling van groener en duurzamer toerisme en manieren om de gevolgen van de COVID-19-pandemie het hoofd te bieden. In de strategie moeten ook de noodzakelijke acties en tijdschema’s worden gespecificeerd en moet rekening worden gehouden met de wijze waarop de beschikbare EU-financiering (onder meer in het kader van de herstel- en veerkrachtfaciliteit) wordt gebruikt voor investeringen in toerisme die bijdragen tot de verwezenlijking van deze doelstellingen.
Tijdpad: tegen medio 2022.
75 In de operationele programma’s van het EFRO werd bij de vormgeving en gerichtheid van investeringsprioriteiten voor toerisme rekening gehouden met de bestaande EU-, nationale en regionale toerismestrategieën (zie de paragrafen 44- 48).
76 Onze analyse van EFRO-projecten voor de toeristische sector leverdegemengde resultaten op: sommige projecten waren duurzaam en droegen bij aan de bevordering van de toeristische activiteit in de regio, terwijl andere slechts een beperkte impact hadden. In diverse gevallen hebben tekortkomingen tijdens de initiële projectplanning en behoefteanalyse en in de fase van projectselectie geleid tot beperkingen van het bereik en vertragingen van projecten, en kostenoverschrijdingen bij de uitvoering ervan. De richtsnoeren van de Commissie over het gebruik van EFRO-middelen voor toerisme waren nuttig, maar sommige relevante aspecten waren onvoldoende aangepakt (zie de paragrafen 49- 59).
Aanbeveling 2 — Moedig de lidstaten aan om ter ondersteuning van deze nieuwe strategische oriëntatie selectieprocedures toe te passen voor uit het EFRO gefinancierde investeringen in toerisme
De Commissie moet de lidstaten aanmoedigen procedures voor de selectie van projecten toe te passen die helpen de financiële steun uit het EFRO te richten op toeristische projecten die:
- berusten op een toereikende analyse van de vraag en behoefteanalyse, waardoor het risico van ondoeltreffendheid tot een minimum wordt beperkt;
- zijn afgestemd met projecten in nabijgelegen gebieden, zodat overlapping en concurrentie worden vermeden;
- een impact op de bevordering van de toeristische activiteit in de regio hebben die niet beperkt is tot het project zelf, en
- duurzaam zijn en in de jaren na afronding ervan adequaat zullen worden voortgezet.
Tijdpad: op tijd voor de uitvoering van programma’s in de periode 2021‑2027 en uiterlijk eind 2022, zodra de strategie beschikbaar is.
77 De EFRO-wetgeving voor de periode 2014‑2020 omvatte één gemeenschappelijke outputindicator voor uit het EFRO gefinancierde investeringen in toerisme. Daarnaast konden de lidstaten gebruikmaken van programmaspecifieke indicatoren. In de periode 2014‑2020 werden echter geen gemeenschappelijke resultaatindicatoren gebruikt. Met de gemeenschappelijke outputindicator kunnen de beoogde projectresultaten niet in alle gevallen worden gemeten, zelfs als deze wel werden vermeld in het projectvoorstel. De Commissie moet uiterlijk eind 2024 een ex-postevaluatie uitvoeren van de EFRO-steun in de periode 2014‑2020 (zie de paragrafen 60- 64).
78 De toeristische sector in de EU heeft een ongekende schok ondervonden van de COVID-19-pandemie. De Commissie heeft maatregelen en voorstellen gepresenteerd om de gevolgen van deze crisis voor de toeristische sector in de EU te beperken. Met name het digitaal EU-COVID-certificaat is essentieel geweest voor de hervatting van reizen binnen de EU in de zomer van 2021 (zie de paragrafen 65- 72).
Dit verslag werd door kamer II onder leiding van mevrouw Iliana Ivanova, lid van de Rekenkamer, te Luxemburg vastgesteld op 10 november 2021.
Voor de Rekenkamer
Klaus-Heiner LEHNE
President
Bijlagen
Bijlage I — EU-financieringsbronnen voor toerisme
Overzicht van EU-financieringsbronnen voor toerisme in de perioden 2014‑2020 en 2021‑2027 en soorten ondersteunde acties
| Periode 2014‑2020 | Periode 2021‑2027 |
|---|---|
| 1) Europees Fonds voor strategische investeringen (EFSI) | 1) Herstel- en veerkrachtfaciliteit (Recovery and Resilience Facility, RFF) |
| Reisinfrastructuur (regionale luchthavens, havens …); energie-efficiëntie van hotels en toeristencentra; revitalisering van brownfields voor recreatieve doeleinden; overeenkomsten voor de financiering van kmo’s in de toeristische sector; investeringsplatforms voor toerisme | Zoals gedefinieerd in de nationale herstel- en veerkrachtplannen |
| 2) Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en Cohesiefonds (EFRO/CF) | 2) Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en Cohesiefonds (EFRO/CF) |
| EFRO: aan toerisme gerelateerde OTO&I- en ICT-producten; innovatieve toeristische diensten; bescherming, bevordering en ontwikkeling van natuurlijke en culturele toeristische activa en daarmee verband houdende diensten; infrastructuur voor kleinschalig cultureel en duurzaam toerisme; beroepsopleiding, bijscholing.
CF: afhankelijk van de behoeften van elke subsidiabele lidstaat, overeenkomstig hun OP’s |
EFRO: investeringen om de milieu- en sociaal-economische duurzaamheid en de veerkracht van de toeristische sector op de lange termijn te verbeteren door middel van een transformatie van de sector door te leren van innovatieve oplossingen;
CF: aan toerisme gerelateerde investeringen op het gebied van milieu en in trans-Europese vervoersnetwerken, in het bijzonder in regio’s met een economie die sterk afhankelijk is van toerisme |
| 3) Europees Sociaal Fonds (ESF) | 3) Europees Sociaal Fonds Plus (ESF+) |
| Opleiding van werknemers ten behoeve van ondernemingen die geconfronteerd worden met herstructurering of een gebrek aan gekwalificeerde werknemers; opleiding van personen in moeilijkheden en personen uit achtergestelde groepen om hun vaardigheden te verbeteren en hun meer kansen te geven om een goede baan te vinden; bevordering van wederzijds leren, oprichting van netwerken en verspreiding en bevordering van goede praktijken en methoden op het gebied van sociale innovatie | Acties ter ondersteuning van maatregelen voor jongerenwerkgelegenheid; de groene en digitale transities begeleiden door investeringen in werkgelegenheid en mogelijkheden voor bijscholing te bevorderen |
| 4) Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) | 4) Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) |
| Beroepsopleiding en verwerving van vaardigheden, demonstratieactiviteiten en voorlichtingsacties; adviesdiensten om landbouwers, bosbezitters en andere grondbeheerders en kmo’s in plattelandsgebieden te helpen hun economische prestaties te verbeteren; startende ondernemingen en investeringen in niet-landbouwactiviteiten in plattelandsgebieden; formuleren en actualiseren van plannen voor de ontwikkeling van gemeenten en dorpen in plattelandsgebieden; investeringen voor publiek gebruik in recreatieve infrastructuur, toeristische informatie en kleinschalige toeristische infrastructuur; studies en investeringen die verband houden met het onderhoud, het herstel en de opwaardering van het cultureel en natuurlijk erfgoed van dorpen, rurale landschappen en gebieden met een hoge natuurwaarde, en acties om het milieubewustzijn te vergroten; totstandbrenging van clusters en netwerken | Aan toerisme gerelateerde investeringen die zijn opgenomen in de nationale strategische plannen uit hoofde van het gemeenschappelijk landbouwbeleid |
| 5) Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij (EFMZV) | 5) Europees Fonds voor maritieme zaken en visserij (EFMZV) |
| Studies; projecten, waaronder testprojecten en samenwerkingsprojecten; congressen, seminars, workshops; voorlichting van het publiek en uitwisseling van beste praktijken, voorlichtingscampagnes en gerelateerde communicatie- en verspreidingsactiviteiten; beroepsopleiding, een leven lang leren en de verwerving van nieuwe beroepsvaardigheden die beroepsbeoefenaren in de visserijsector en hun levenspartners in staat stellen toeristische activiteiten te ontplooien of aanvullende activiteiten op het gebied van toerisme uit te voeren | Aan toerisme gerelateerde projecten zoals ecotoerisme, visserijtoerisme, lokale gastronomie (vis- en schaaldierrestaurants), accommodatie, toeristische routes, duiken, alsmede de bevordering van lokale partnerschappen op het gebied van kusttoerisme |
| 6) LIFE-programma | 6) LIFE-programma |
| Subsidies voor “traditionele projecten”: proefprojecten, demonstratieprojecten, projecten om beste praktijken vast te stellen en informatie-, bewustmakings- en verspreidingsprojecten
Faciliteit voor de financiering van natuurlijk kapitaal — leningen en/of bankgaranties voor groene infrastructuur en andere soorten voorafgaande investeringen waarin wordt voorzien in het kader van proefprojecten die omzet genereren of kosten besparen, bijv. betalingen voor ecosysteemdiensten of innovatieve ondernemingen die bijdragen aan biodiversiteit en aanpassing Instrument voor particuliere financiering voor energie-efficiëntie — leningen en/of bankgaranties voor kleine investeringen in energie-efficiëntie |
Aan toerisme gerelateerde ecologisch duurzame projecten, met name projecten voor de vermindering van CO2-emissies door middel van energie-efficiëntie of hernieuwbare energie; projecten waarin maatregelen voor de aanpassing aan klimaatverandering worden gecombineerd met toerisme |
| 7) Horizon 2020 | 7) Horizon Europa |
| Marie Curiebeurs — individuele beurzen; innovatieve opleidingsnetwerken; uitwisseling van personeel op het gebied van onderzoek en innovatie
Leiderschap op het gebied van ontsluitende en industriële technologieën — innovatie-acties — innovatieve ICT-producten, -hulpmiddelen, -toepassingen en -diensten voor de culturele en creatieve sectoren; coördinatie- en ondersteuningsacties — niet-onderzoeksactiviteiten zoals de verspreiding van resultaten en bevordering van het gebruik van door ICT gedreven innovatie dankzij een duurzaam netwerk van 'multiplicatoren ’ Reflective — acties op het gebied van onderzoek en innovatie, innovatie-acties, coördinatie- en ondersteuningsacties voor de overdracht van Europees cultureel erfgoed, de instandhouding van Europese kust- en maritieme culturele landschappen, digitale culturele activa en virtuele musea, 3D-modellen van cultureel erfgoed en innovatieve modellen voor hergebruik van cultureel erfgoed Kmo-instrument — evaluatie van de technische en commerciële haalbaarheid van een innovatief concept en ontwikkeling van een ondernemingsplan; steun voor de ontwikkelings- en demonstratiefasen; faciliteren van toegang tot risicofinanciering |
De ontwikkeling van nieuwe benaderingen, concepten en praktijken voor duurzaam, toegankelijk en inclusief cultureel toerisme (cluster 2 — onderzoeksactiviteiten) |
| 8) Programma Creatief Europa | 8) Programma Creatief Europa |
| Transnationale activiteiten binnen en buiten de EU, gericht op de ontwikkeling, totstandbrenging, productie, verspreiding en instandhouding van goederen en diensten die culturele, artistieke of andersoortige creatieve uitingen vormen | Regeling Culturele Hoofdstad van Europa; samenwerkingsprojecten of -platforms, met inbegrip van culturele evenementen in de vorm van muziek- of podiumkunstfestivals; filmfestivals en -markten; branding van steden via cultuur; ontwikkeling van de creatieve aspecten van duurzaam cultureel toerisme, de ontwerp- en modebranches en de bevordering en vertegenwoordiging van deze sectoren buiten de EU |
| 9) Erasmus+ | 9) Erasmus+ |
| Leermogelijkheden voor personen via mobiliteitsprojecten voor hogeronderwijsstudenten en -personeel; leninggarantieregeling om masterstudenten te helpen hun studie in het buitenland te financieren; mobiliteitsprojecten voor studenten en personeel van beroepsonderwijs en -opleiding
Samenwerking tussen onderwijsinstellingen, bedrijven, lokale en regionale overheden en ngo’s, met name in de vorm van gezamenlijke masteropleidingen Strategische partnerschappen/kennisallianties/allianties voor sectorale vaardigheden; Europese sportevenementen zonder winstoogmerk om sporten en lichaamsbeweging aan te moedigen |
Projecten op het gebied van mobiliteit, de ontwikkeling van competenties en inzetbaarheid van jongeren in de toeristische sector, digitale vaardigheden met betrekking tot cultureel erfgoed, verwerving van horeca-vaardigheden en onderzoeksinnovatie op het gebied van toerisme |
| 10) Concurrentievermogen van kleine en middelgrote ondernemingen (Cosme) | 10) Fonds voor een rechtvaardige transitie |
| Toegang — transacties of investeringen voor de ontwikkeling van legitieme kmo-activiteiten
Toerisme — ontwikkeling en/of bevordering van duurzame transnationale thematische toeristische producten; ontwikkeling en/of bevordering van nicheproducten die op Europees niveau de synergieën tussen toerisme en de creatieve sector benutten; transnationale publieke en particuliere partnerschappen voor de ontwikkeling van toeristische producten die zijn gericht op specifieke leeftijdsgroepen om de toeristenstromen tussen Europese landen in het laag- en middenseizoen te vergroten; regelingen voor capaciteitsopbouw voor “toegankelijk toerisme” Uitwisselingsregeling voor jonge ondernemers |
Kmo’s in de toeristische sector: investeringen in vast kapitaal of immateriële activa. Ondersteuning van de diversifiëring van economische activiteit, creëren van nieuwe zakelijke kansen en mensen helpen zich aan te passen aan een veranderende arbeidsmarkt |
| 11) Werkgelegenheid en sociale innovatie (EaSI) | 11) Programma Digitaal Europa |
| Vooruitgang — analytische werkzaamheden die nuttig zijn voor beleidsvorming, sociale innovatie en experimenteel sociaal beleid
Eures — ondersteunt de mobiliteit van werknemers en helpt bedrijven met de aanwerving van personeel in andere Europese landen via gerichte mobiliteitsregelingen Financiële steun voor de oprichting of ontwikkeling van kleine bedrijven/sociale ondernemingen |
Totstandbrenging van dataruimten: de gemeenschappelijke Europese dataruimte voor cultureel erfgoed — ondersteuning van de digitale transformatie van de culturele erfgoedsector van Europa; totstandbrenging van dataruimten: mobiliteit — ondersteuning van interoperabiliteit; netwerk van Europese digitale innovatiehubs — ondersteuning van de digitale transformatie van kmo’s in de toeristische sector |
| 12) Ondersteuning van React-EU in het kader van het EFRO en het ESF | 12) Programma voor de interne markt |
| Afhankelijk van het steunbereik in het EU-land of de EU-regio in kwestie. Voorbeelden zijn investeringen in werkkapitaal en productieve investeringen in kmo’s, investeringen in de groene en digitale transitie en in opleidingen voor werknemers. | De concurrentiepositie van ondernemingen in de toeristische sector, en met name kmo’s, verbeteren en hun toegang tot de markt ondersteunen. |
| 13) InvestEU | |
| Investeringen om het concurrentievermogen, de duurzaamheid en de waardeketen van de toeristische sector te versterken; duurzame, innovatieve en digitale maatregelen die helpen de klimaat- en ecologische voetafdruk van de sector te verminderen | |
| 14) Steun van de Europese Bank voor Wederopbouw en Ontwikkeling (EBWO) | |
| Kader voor inclusief toerisme — investeringen in hotels en toeristische operators; Kader voor geïntegreerd cultureel erfgoed — projecten in de nabijheid van of op een cultureel erfgoedlocatie, verbeterde commercialisering, duurzaam beheer en duurzame exploitatie, connectiviteit en toegankelijkheid, kwaliteit en beschikbaarheid van voorzieningen, van gemeentelijke infrastructuur, alsmede projecten die toeleveringsketens tot stand brengen; programma Advies voor kleine bedrijven — ondersteuning van kmo’s in de toeristische sector via het EBWO-netwerk van adviseurs en consultants |
Bron: ERK, op basis van de gids over EU-financiering voor de toeristische sector (2014‑2020) van de Commissie en de gids voor EU-financiering voor toerisme voor 2021‑2027 van de Commissie.
Bijlage II — Geselecteerde OP’s en aantal projecten in steekproef per OP
| Lidstaat | Operationeel programma van het EFRO
MFK 2014‑2020 |
Aantal geselecteerde projecten in steekproef |
|---|---|---|
| Hongarije | Economische ontwikkeling en innovatie | 5 |
| Polen | Woiwodschap Małopolskie | 4 |
| Spanje | Andalucía | 4 |
| Roemenië | Geïntegreerd regionaal programma | 4 |
| Lidstaat | Operationeel programma van het EFRO
MFK 2007‑2013 |
Aantal geselecteerde voltooide projecten in steekproef |
|---|---|---|
| Hongarije | Noord-Hongarije | 3 |
| Polen | Innovatieve economie | 4 |
| Spanje | Andalucía | 4 |
| Roemenië | Regionaal operationeel programma | 4 |
Bijlage III — Voor deze controle geëvalueerde projecten
Bijlage IV — Inventaris van nationale toerismestrategieën
| Nr. | Lidstaat | Nationale toerismestrategieën | Tijdpad |
|---|---|---|---|
| 1 | Oostenrijk | Plan T — Masterplan voor toerisme | 2019-n.v.t.1 |
| 2 | België | Geen nationale strategie. Toerisme is een regionale bevoegdheid (Vlaanderen, Wallonië en Brussel) | n.v.t. |
| 3 | Bulgarije | Nationale strategie voor duurzame ontwikkeling van toerisme in de Republiek Bulgarije tot 2030 | 2018‑2030 |
| 4 | Kroatië | Ontwikkelingsstrategie voor toerisme 2020 | 2013‑2020 |
| 5 | Cyprus | Nationale toerismestrategie 2030 | 2020‑2030 |
| 6 | Tsjechische Rep. | Nationaal toerismebeleid 2014‑2020 | 2014‑2020 |
| 7 | Denemarken | Nationale toerismestrategie | 2016‑2025 |
| 8 | Estland | Nationaal ontwikkelingsplan voor toerisme 2014‑2020 | 2014‑2020 |
| 9 | Finland | Toerismestrategie 2019‑2028 | 2019‑2028 |
| 10 | Frankrijk | De Interministeriële Raad voor toerisme, opgericht in 2017, formuleerde een stappenplan voor toeristische ontwikkeling, gebaseerd op zes prioriteitsgebieden. Er bestaat geen formeel strategisch document | n.v.t. |
| 11 | Duitsland | In 2019 werden beginselen voor een nationale toerismestrategie vastgesteld. Op 23 juni 2021 is een actieplan goedgekeurd | n.v.t. |
| 12 | Griekenland | Nationaal strategisch referentiekader voor de toeristische sector | 2014‑2020 |
| 13 | Hongarije | Nationale ontwikkelingsstrategie voor toerisme 2030 | 2016‑2030 |
| 14 | Ierland | People, Place and Policy: Growing Tourism to 2025 | 2015‑2025 |
| 15 | Italië | Nationaal strategisch plan voor toerisme 2017‑2022 | 2017‑2022 |
| 16 | Litouwen | Ontwikkelingsplan voor toerisme 2014‑2020 | 2014‑2020 |
| 17 | Letland | Richtsnoeren voor de ontwikkeling van toerisme 2014‑2020 | 2014‑2020 |
| 18 | Luxemburg | Strategisch kader voor de ontwikkeling van de toeristische sector 2018‑2022 | 2018‑2022 |
| 19 | Malta | Nationaal toerismebeleid voor 2015‑2020 | 2015‑2020 |
| 20 | Nederland | Perspectief Bestemming Nederland 2030 | 2019‑2030 |
| 21 | Polen | Ontwikkelingsprogramma voor toerisme tot 2020 | 2015‑2020 |
| 22 | Portugal | Toerismestrategie 2027 | 2017‑2027 |
| 23 | Roemenië | Masterplan voor investeringen in toerisme en twee sectorale strategieën: de Nationale strategie voor ecotoerisme en de Nationale strategie voor kuuroordtoerisme. Momenteel wordt gewerkt aan een nationale toerismestrategie. | n.v.t. |
| 24 | Slowakije | Ontwikkelingsstrategie voor toerisme tot 2020 | 2013‑2020 |
| 25 | Slovenië | Strategie voor een duurzame groei van het Sloveense toerisme 2017‑2021 | 2017‑2021 |
| 26 | Spanje | Plan del Turismo Español Horizonte 2020 | 2008‑2020 |
| 27 | Zweden | Momenteel wordt gewerkt aan een nationale toerismestrategie | n.v.t. |
1 Aangenomen in 2019. Geen tijdpad gespecificeerd in het document.
Bron: ERK, op basis van “Tourism Trends and Policies 2020” van de OESO en eigen onderzoek.
Acroniemen en afkortingen
Bbp: bruto binnenlands product
CF: Cohesiefonds
DG GROW: directoraat-generaal Interne Markt, Industrie, Ondernemerschap en Midden- en Kleinbedrijf
DG REGIO: directoraat-generaal Regionaal Beleid en Stadsontwikkeling
ECTAA: vereniging van Europese reisagenten en touroperators (European Travel Agents’ and Tour Operators’ Associations)
EFRO: Europees Fonds voor regionale ontwikkeling
ERK: Europese Rekenkamer
ESI-fondsen: Europese structuur- en investeringsfondsen
ETS: European Travel Commission
Kmo’s (of mkb): kleine en middelgrote ondernemingen (ofwel midden- en kleinbedrijf)
MFK: meerjarig financieel kader
NECSTour: Netwerk van Europese regio’s voor concurrerend en duurzaam toerisme
NRRP: nationaal herstel- en veerkrachtplan (Recovery and Resilience Plan)
OESO: Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
OP: operationeel programma
RRF: herstel- en veerkrachtfaciliteit (Recovery and Resilience Facility)
TAC: Raadgevend Comité inzake toerisme (Tourism Advisory Committee)
UNWTO: Wereldorganisatie voor Toerisme van de Verenigde Naties (United Nations World Tourism Organisation)
VWEU: Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie
WTTC: World Travel & Tourism Council
Woordenlijst
Beheersautoriteit: de nationale, regionale of plaatselijke (overheids- of particuliere) autoriteit die door een lidstaat is aangewezen voor het beheer van een door de EU gefinancierd programma.
Cohesiefonds (CF): een EU-fonds voor het verminderen van economische en sociale ongelijkheden in de EU door de financiering van investeringen in lidstaten waar het bruto nationaal inkomen per inwoner minder dan 90 % van het EU-gemiddelde bedraagt.
Europees Fonds voor regionale ontwikkeling (EFRO): een EU-fonds dat de economische en sociale cohesie in de EU versterkt door de financiering van investeringen die ongelijkheden tussen regio’s verkleinen.
Herstel- en veerkrachtfaciliteit (Recovery and Resilience Facility, RRF): het mechanisme voor financiële steun van de EU om de economische en sociale gevolgen van de COVID-19-pandemie te temperen en het herstel op middellange termijn te stimuleren, en tegelijkertijd de groene en digitale transformatie te bevorderen. De RRF wordt uitgevoerd via de nationale herstel- en veerkrachtplannen.
Interventiecode: de brede categorieën interventies die zijn opgenomen in de EFRO-wetgeving en worden gebruikt door de beheersautoriteiten van de operationele programma’s om de inhoud te identificeren van acties die moeten worden gefinancierd om de thematische doelstellingen ervan te verwezenlijken.
Meerjarig financieel kader (MFK): het uitgavenplan van de EU waarin in zes hoofdrubrieken prioriteiten (op basis van beleidsdoelstellingen) en plafonds worden vastgelegd, in het algemeen voor zeven jaar. Het biedt de structuur waarbinnen jaarlijkse EU-begrotingen worden vastgelegd en beperkt de uitgaven voor elke uitgavencategorie. Het huidige MFK bestrijkt de periode 2021‑2027.
Operationeel programma (OP): het basiskader voor de uitvoering van door de EU gefinancierde cohesieprojecten in een bepaalde periode, waarin de prioriteiten en doelstellingen worden weergegeven die zijn vastgesteld in partnerschapsovereenkomsten tussen de Commissie en afzonderlijke lidstaten.
Partnerschapsovereenkomst (PO): een overeenkomst tussen de Commissie en een lidstaat in het kader van een EU-uitgavenprogramma, waarin bijvoorbeeld strategische plannen, investeringsprioriteiten of de handelsvoorwaarden of voorwaarden waaronder ontwikkelingshulp wordt verleend, worden uiteengezet.
Thematische doelstelling (TD): het beoogde algehele resultaat van een investeringsprioriteit, uitgesplitst in specifieke doelstellingen voor de uitvoering.
Toerisme-ecosysteem: een geglobaliseerde en onderling verbonden waardeketen die bestaat uit offline en online informatiediensten en dienstverleners (toeristische diensten, digitale platforms, aanbieders van reistechnologie), reisagenten en touroperators, accommodatieaanbieders, bestemmingsbeheerorganisaties, attracties en passagiersvervoer.
Toeristische sector: omvat een brede categorie economische activiteiten: vervoersdiensten om mensen te verplaatsen, reisbureaus en touroperators; accommodatie; restaurant- en cateringdiensten; culturele, sport- en recreatieve voorzieningen; goederen en diensten voor lokaal toerisme.
Antwoorden van de Commissie
Controleteam
In de speciale verslagen van de ERK worden de resultaten van haar controles van EU-beleid en -programma’s of beheersthema’s met betrekking tot specifieke begrotingsterreinen uiteengezet. Bij haar selectie en opzet van deze controletaken zorgt de ERK ervoor dat deze een maximale impact hebben door rekening te houden met de risico’s voor de prestaties of de naleving, de omvang van de betrokken inkomsten of uitgaven, de verwachte ontwikkelingen en de politieke en publieke belangstelling.
Deze doelmatigheidscontrole werd verricht door controlekamer II “Investeringen ten behoeve van cohesie, groei en inclusie”, die onder leiding staat van ERK-lid Iliana Ivanova. De controle werd geleid door ERK-lid Pietro Russo, met ondersteuning van Chiara Cipriani, kabinetschef; Benjamin Jakob, kabinetsattaché; Pietro Puricella, hoofdmanager; Luis de la Fuente Layos, projectleider; Luc T´Joen, Janka Nagy-Babos, Katarzyna Solarek, Andras Augustin Feher en Francisco Carretero, auditors.
Achterste rij (van links naar rechts): Luc T’Joen, Chiara Cipriani, Francisco Carretero en Benjamin Jakob
Voorste rij (van links naar rechts): Pietro Puricella, Pietro Russo, Luis de la Fuente Layos en Katarzyna Solarek
Voetnoten
[1] Eurostat, Tourism — Overview.
[2] UNWTO, “Methodological notes to the Tourism Statistics Database”.
[3] UNWTO, “International Tourism Highlights”, editie 2020. Dia’s 8 en 17. Gegevens per november 2020.
[4] WTTC, “Economic Impact Report 2021”. Europese Unie.
[5] Europese Commissie, Jaarverslag over de eengemaakte markt 2021, SWD(2021) 351 final.
[6] Artikel 195 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. Bovendien heeft sommige wetgeving die van belang is voor het toerisme een andere rechtsgrondslag, bijvoorbeeld consumentenbescherming, interne markt of cohesiebeleid.
[7] Europese Commissie, DG GROW, Overview of EU Tourism Policy.
[8] Mededeling van de Commissie “Een nieuwe industriestrategie voor Europa”, COM(2020) 102 final van 10 maart 2020.
[9] Besluit 86/664/EEG van de Raad van 22 december 1986 houdende instelling van een overleg- en coördinatieprocedure op het gebied van het toerisme.
[10] WTTC, “Economic Impact Report 2021”. Europese Unie.
[11] Werkdocument van de diensten van de Commissie “Identifying Europe’s recovery needs”, bij de mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “Het moment van Europa: herstel en voorbereiding voor de volgende generatie”, SWD(2020) 98 final van 27 mei 2020.
[12] Artikel 3, lid 1, punt d), vi) van Verordening (EU) 2021/1058 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Cohesiefonds.
[13] Verordening (EU) nr. 2021/241 van het Europees Parlement en de Raad van 12 februari 2021 tot instelling van de herstel- en veerkrachtfaciliteit.
[14] Werkdocument van de diensten van de Commissie, “Scenarios towards co-creation of transition pathway for tourism for a more resilient, innovative and sustainable ecosystem”, SWD(2021) 164 final van 21 juni 2021.
[15] UNWTO, Sustainable development.
[16] Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “De Europese Green Deal”, COM(2019) 640 final van 11 december 2019.
[17] Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “Europa, toeristische topbestemming in de wereld – een nieuw beleidskader voor het toerisme in Europa” COM(2010)0352 final.
[18] Uitwisseling van standpunten met de COMPCRO-werkgroep van de Raad, 21 april 2015.
[19] De twee eenheden maakten deel uit van het directoraat-generaal Ondernemingen (DG ENTR). Dit DG werd in 2014 met het directoraat-generaal Interne Markt (DG MARKT) samengevoegd in een nieuw directoraat-generaal, DG GROW.
[20] Hongaars toerismeagentschap, Nationale strategie voor de ontwikkeling van de toeristische sector 2030, oktober 2017.
[21] Ministerie van Sport en Toerisme, Programma voor de ontwikkeling op het gebied van toerisme tot 2020, september 2015.
[22] Roemeense overheid: Nationaal masterplan voor investeringen in toerisme, besluit 558 van 4 augustus 2017; Nationale strategie voor kuuroordtoerisme, besluit 572 van 8 augustus 2019; Nationale strategie voor ecotoerisme, besluit 358 van 30 mei 2019.
[23] Ministerie van Industrie, Toerisme en Handel, Spaans plan voor toerisme Horizon 2020, november 2007.
[24] Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s “Toerisme en vervoer in en na 2020”, COM(2020) 550 final van 13 mei 2020.
[25] Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s, “Actualisering van de nieuwe industriestrategie van 2020: een sterkere eengemaakte markt tot stand brengen voor het herstel van Europa”, COM(2021) 350 final van 5 mei 2021.
[26] Werkdocument van de diensten van de Commissie, “Scenarios towards co-creation of transition pathway for tourism for a more resilient, innovative and sustainable ecosystem”, SWD(2021) 164 final van 21 juni 2021.
[27] Resolutie van het Europees Parlement van 29 oktober 2015 “Nieuwe uitdagingen en concepten voor de bevordering van toerisme in Europa” (2014/2241(INI)) en resolutie van het Europees Parlement van 19 juni 2020 “Toerisme en vervoer in en na 2020” (2020/2649(RSP)).
[28] P9_TA(2021)0109 — Resolutie van het Europees Parlement van 25 maart 2021 over de ontwikkeling van een EU-strategie voor duurzaam toerisme (2020/2038(INI)).
[29] “Tourism in Europe for the next decade: sustainable, resilient, digital, global and social” — Conclusies van de Raad (aangenomen op 27 mei 2021).
[30] Thematic Guidance Fiche for Desk Officers on Tourism, versie 2, 19 maart 2014.
[31] Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 1301/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 betreffende het Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling en specifieke bepalingen met betrekking tot de doelstelling “Investeren in groei en werkgelegenheid”, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1080/2006.
[32] Bijlage I, tabel 1, van Verordening (EU) 2021/1058 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling en het Cohesiefonds.
[33] Artikel 57 van Verordening (EU) nr. 1303/2013 van het Europees Parlement en de Raad van 17 december 2013 houdende gemeenschappelijke bepalingen voor de Europese structuur- en investeringsfondsen.
[34] Artikel 45 van Verordening (EU) 2021/1060 van het Europees Parlement en de Raad van 24 juni 2021 houdende gemeenschappelijke bepalingen inzake het Europees Fonds voor regionale ontwikkeling, het Europees Sociaal Fonds Plus, het Cohesiefonds, het Fonds voor een rechtvaardige transitie en het Europees Fonds voor maritieme zaken, visserij en aquacultuur en de financiële regels voor die fondsen en voor het Fonds voor asiel, migratie en integratie, het Fonds voor interne veiligheid en het Instrument voor financiële steun voor grensbeheer en visumbeleid.
[35] Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad, het Europees Economisch en Sociaal Comité en het Comité van de Regio’s — “Toerisme en vervoer in en na 2020”, COM(2020) 550 final van 13 mei 2020.
[36] Voorstel voor een aanbeveling van de Raad tot wijziging van Aanbeveling (EU) 2020/1475 van de Raad van 13 oktober 2020 betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in reactie op de COVID-19-pandemie. COM(2021) 294 final.
[37] Aanbeveling (EU) 2020/1475 van de Raad van 13 oktober 2020 betreffende een gecoördineerde aanpak van de beperking van het vrije verkeer in reactie op de COVID-19-pandemie.
[38] https://ec.europa.eu/health/sites/default/files/ehealth/docs/covid-certificate_paper_guidelines_en.pdf
[39] Verslag van de Commissie aan het Europees Parlement en de Raad krachtens artikel 16, lid 1, van Verordening (EU) 2021/953 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2021 betreffende een kader voor de afgifte, verificatie en aanvaarding van interoperabele COVID-19-vaccinatie-, test- en herstelcertificaten (digitaal EU-COVID-certificaat) teneinde het vrije verkeer tijdens de COVID-19-pandemie te faciliteren, COM(2021) 649 final van 18.10.2021.
Contact
EUROPESE REKENKAMER
12, rue Alcide De Gasperi
L-1615 Luxemburg
LUXEMBURG
Tel. +352 4398-1
Inlichtingen: eca.europa.eu/nl/Pages/ContactForm.aspx
Website: eca.europa.eu
Twitter: @EUAuditors
Meer gegevens over de Europese Unie vindt u op internet via de Europaserver (https://europa.eu).
Luxemburg: Bureau voor publicaties van de Europese Unie, 2021
| ISBN 978-92-847-7154-7 | ISSN 1977-575X | doi:10.2865/675732 | QJ-AB-21-027-NL-N | |
| HTML | ISBN 978-92-847-7169-1 | ISSN 1977-575X | doi:10.2865/647 | QJ-AB-21-027-NL-Q |
AUTEURSRECHT
© Europese Unie, 2021.
Het beleid van de Europese Rekenkamer (ERK) inzake hergebruik is geregeld bij Besluit nr. 6-2019 van de Europese Rekenkamer over het opendatabeleid en het hergebruik van documenten.
Tenzij anders aangegeven (bijv. in afzonderlijke auteursrechtelijke mededelingen), wordt voor inhoud van de ERK die eigendom is van de EU een licentie verleend in het kader van de Creative Commons Attribution 4.0 International (CC BY 4.0)-licentie. Dit betekent dat hergebruik is toegestaan mits de bron correct wordt vermeld en wijzigingen worden aangegeven. De hergebruiker mag de oorspronkelijke betekenis of boodschap van de documenten niet wijzigen. De ERK is niet aansprakelijk voor mogelijke gevolgen van hergebruik.
U dient aanvullende rechten te verwerven indien specifieke inhoud personen herkenbaar in beeld brengt, bijvoorbeeld op foto’s van personeelsleden van de ERK, of werken van derden bevat. Indien toestemming wordt verkregen, wordt hiermee de bovengenoemde algemene toestemming opgeheven en zullen beperkingen van het gebruik daarin duidelijk worden aangegeven.
Wilt u inhoud gebruiken of reproduceren die geen eigendom van de EU is, dan dient u de houders van het auteursrecht mogelijk rechtstreeks om toestemming te vragen:
- de figuren 2, 3 en 7: iconen gemaakt door Pixel perfect van https://flaticon.com.
Software of documenten waarop industriële-eigendomsrechten rusten, zoals octrooien, handelsmerken, geregistreerde ontwerpen, logo’s en namen, zijn uitgesloten van het beleid van de ERK inzake hergebruik; hiervoor wordt u geen licentie verleend.
De groep institutionele websites van de Europese Unie met de domeinnaam “europa.eu” bevat links naar sites van derden. Aangezien de ERK geen controle heeft over deze sites, wordt u aangeraden kennis te nemen van hun privacy- en auteursrechtbeleid.
Gebruik van het logo van de Europese Rekenkamer
Het logo van de Europese Rekenkamer mag niet worden gebruikt zonder voorafgaande toestemming van de Europese Rekenkamer.
Hoe neemt u contact op met de EU?
Kom langs
Er zijn honderden Europe Direct-informatiecentra overal in de Europese Unie. U vindt het adres van het dichtstbijzijnde informatiecentrum op: https://europa.eu/european-union/contact_nl
Bel of mail
Europe Direct is een dienst die uw vragen over de Europese Unie beantwoordt. U kunt met deze dienst contact opnemen door:
- te bellen naar het gratis nummer: 00 800 6 7 8 9 10 11 (bepaalde telecomaanbieders kunnen wel kosten in rekening brengen),
- te bellen naar het gewone nummer: +32 22999696, of
- een e-mail te sturen via: https://europa.eu/european-union/contact_nl
Waar vindt u informatie over de EU?
Online
Informatie over de Europese Unie in alle officiële talen van de EU is beschikbaar op de Europa-website op: https://europa.eu/european-union/index_nl
EU-publicaties
U kunt publicaties van de EU downloaden of bestellen op: https://op.europa.eu/nl/publications (sommige zijn gratis, andere niet). Als u meerdere exemplaren van gratis publicaties wenst, neem dan contact op met Europe Direct of uw plaatselijke informatiecentrum (zie https://europa.eu/european-union/contact_nl).
EU-wetgeving en aanverwante documenten
Toegang tot juridische informatie van de EU, waaronder alle EU-wetgeving sinds 1951 in alle officiële talen, krijgt u op EUR-Lex op: https://eur-lex.europa.eu
Open data van de EU
Het opendataportaal van de EU (https://data.europa.eu/euodp/nl) biedt toegang tot datasets uit de EU. Deze gegevens kunnen gratis worden gedownload en hergebruikt, zowel voor commerciële als voor niet-commerciële doeleinden.
