24.5.2008   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 128/7


Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 3 april 2008 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Oberlandesgericht Köln — Duitsland) — 01051 Telecom GmbH/Deutsche Telekom AG

(Zaak C-306/06) (1)

(Richtlijn 2000/35/EG - Bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties - Artikel 3, lid 1, sub c-ii - Betalingsachterstand - Bankovermaking - Datum vanaf wanneer betaling moet worden geacht te zijn verricht)

(2008/C 128/10)

Procestaal: Duits

Verwijzende rechter

Oberlandesgericht Köln

Partijen in het hoofdgeding

Verzoekende partij: 01051 Telecom GmbH

Verwerende partij: Deutsche Telekom AG

Voorwerp

Verzoek om een prejudiciële beslissing — Oberlandesgericht Köln — Uitlegging van artikel 3, lid 1, sub c, punt ii, van richtlijn 200/35/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 juni 2000 betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties (PB L 200, blz. 35) — Mogelijkheid voor schuldeiser om interest voor betalingsachterstand te vorderen — Begrip „ontvangst” van het verschuldigde bedrag door de schuldeiser — Nationale wettelijke regeling krachtens welke niet het tijdstip van bijschrijving op de rekening van de schuldeiser, doch het tijdstip van de door de schuldenaar gegeven betaalopdracht als tijdstip van betaling wordt aangemerkt

Dictum

Artikel 3, lid 1, sub c-ii, van richtlijn 2000/35/EG van het Europees Parlement en de Raad van 29 juni 2000 betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties, dient aldus te worden uitgelegd, dat voor het vermijden of het beëindigen van de toepassing van interest voor betalingsachterstand bij een betaling bij wege van bankovermaking, vereist is dat het verschuldigde bedrag op tijd op de rekening van de schuldeiser is bijgeschreven.


(1)  PB C 249 van 14.10.2006.