30.6.2012   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

C 194/25


Beroep ingesteld op 25 april 2012 — Tomana e.a./Raad en Commissie

(Zaak T-190/12)

2012/C 194/42

Procestaal: Engels

Partijen

Verzoekende partijen: Johannes Tomana (Harare, Zimbabwe); Titus Mehliswa Johna Abu Basutu (Harare); Happyton Mabhuya Bonyongwe (Harare); Flora Buka (Harare); Wayne Bvudzijena (Harare); David Chapfika (Harare); George Charamba (Harare); Faber Edmund Chidarikire (Harare); Tinaye Chigudu (Harare); Aeneas Soko Chigwedere (Harare); Phineas Chihota (Harare); Augustine Chihuri (Harare); Patrick Anthony Chinamasa (Harare); Edward Takaruza Chindori-Chininga (Harare); Joseph Chinotimba (Harare); Tongesai Shadreck Chipanga (Harare); Augustine Chipwere (Harare); Constantine Chiwenga (Harare); Ignatius Morgan Chiminya Chombo (Harare); Martin Dinha (Harare); Nicholas Tasunungurwa Goche (Harare); Gideon Gono (Harare); Cephas T. Gurira (Harare); Stephen Gwekwerere (Harare); Newton Kachepa (Harare); Mike Tichafa Karakadzai (Harare); Saviour Kasukuwere (Harare); Jawet Kazangarare (Harare); Sibangumuzi Khumalo (Harare); Nolbert Kunonga (Harare); Martin Kwainona (Harare); R. Kwenda (Harare); Andrew Langa (Harare); Musarashana Mabunda (Harare); Jason Max Kokerai Machaya (Harare); Joseph Mtakwese Made (Harare); Edna Madzongwe (Harare); Shuvai Ben Mahofa (Harare); Titus Maluleke (Harare); Paul Munyaradzi Mangwana (Harare); Reuben Marumahoko (Harare); G. Mashava (Harare); Angeline Masuku (Harare); Cain Ginyilitshe Ndabazekhaya Mathema (Harare); Thokozile Mathuthu (Harare); Innocent Tonderai Matibiri (Harare); Joel Biggie Matiza (Harare); Brighton Matonga (Harare); Cairo Mhandu (Harare); Fidellis Mhonda (Harare); Amos Bernard Midzi (Harare); Emmerson Dambudzo Mnangagwa (Harare); Kembo Campbell Dugishi Mohadi (Harare); Gilbert Moyo (Harare); Jonathan Nathaniel Moyo (Harare); Sibusio Bussie Moyo (Harare); Simon Khaya Moyo (Harare); S. Mpabanga (Harare); Obert Moses Mpofu (Harare); Cephas George Msipa (Harare); Henry Muchena (Harare); Olivia Nyembesi Muchena (Harare); Oppah Chamu Zvipange Muchinguri (Harare); C. Muchono (Harare); Tobaiwa Mudede (Harare); Isack Stanislaus Gorerazvo Mudenge (Harare); Columbus Mudonhi (Harare); Bothwell Mugariri (Harare); Joyce Teurai Ropa Mujuru (Harare); Isaac Mumba (Harare); Simbarashe Simbanenduku Mumbengegwi (Harare); Herbert Muchemwa Murerwa (Harare); Munyaradzi Musariri (Harare); Christopher Chindoti Mushohwe (Harare); Didymus Noel Edwin Mutasa (Harare); Munacho Thomas Alvar Mutezo (Harare); Ambros Mutinhiri (Harare); S. Mutsvunguma (Harare); Walter Mzembi (Harare); Morgan S. Mzilikazi (Harare); Sylvester Nguni (Harare); Francis Chenayimoyo Dunstan Nhema (Harare); John Landa Nkomo (Harare); Michael Reuben Nyambuya (Harare); Magadzire Hubert Nyanhongo (Harare); Douglas Nyikayaramba (Harare); Sithembiso Gile Glad Nyoni (Harare); David Pagwese Parirenyatwa (Harare); Dani Rangwani (Harare); Engelbert Abel Rugeje (Harare); Victor Tapiwe Chashe Rungani (Harare); Richard Ruwodo (Harare); Stanley Urayayi Sakupwanya (Harare); Tendai Savanhu (Harare); Sydney Tigere Sekeramayi (Harare); Lovemore Sekeremayi (Harare); Webster Kotiwani Shamu (Harare); Nathan Marwirakuwa Shamuyarira (Harare); Perence Samson Chikerema Shiri (Harare); Etherton Shungu (Harare); Chris Sibanda (Harare); Jabulani Sibanda (Harare); Misheck Julius Mpande Sibanda (Harare); Phillip Valerio Sibanda (Harare); David Sigauke (Harare); Absolom Sikosana (Harare); Nathaniel Charles Tarumbwa (Harare); Edmore Veterai (Harare); Patrick Zhuwao (Harare); Paradzai Willings Zimondi (Harare); Cold Comfort Farm Cooperative Trust (Harare); Comoil (Private) Ltd (Harare); Divine Homes (Private) Ltd (Harare); Famba Safaris (Private) Ltd (Harare); Jongwe Printing and Publishing Company (Private) Ltd (Harare); M & S Syndicate (Private) Ltd (Harare); Osleg (Private) Ltd (Harare); Swift Investments (Private) Ltd (Harare); Zidco Holdings (Private) Ltd (Harare); Zimbabwe Defence Industries (Private) Ltd (Harare); Zimbabwe Mining Development Corp. (Harare) (vertegenwoordigers: D. Vaughan, QC (Queen’s Counsel), M. Lester en R. Lööf, Barristers, en M. O’Kane, Solicitor)

Verwerende partijen: Europese Commissie, Raad van de Europese Unie

Conclusies

besluit 2012/97/GBVB van de Raad van 17 februari 2012 houdende wijziging van besluit 2011/101/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Zimbabwe (PB L 47, blz. 50) nietig verklaren voor zover het op verzoekers betrekking heeft;

uitvoeringsverordening (EU) nr. 151/2012 van de Commissie van 21 februari 2012 tot wijziging van verordening (EG) nr. 314/2004 van de Raad inzake bepaalde beperkende maatregelen tegen Zimbabwe (PB L 49, blz. 2) nietig verklaren voor zover zij op verzoekers betrekking heeft;

uitvoeringsbesluit 2012/124/GBVB van de Raad van 27 februari 2012 tot uitvoering van besluit 2011/101/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Zimbabwe (PB L 54, blz. 20) nietig verklaren voor zover het op verzoekers betrekking heeft;

verweerders verwijzen in de kosten van verzoekers.

Middelen en voornaamste argumenten

Ter ondersteuning van hun beroep voeren verzoekers vijf middelen aan.

1)

Verweerders hebben beperkende maatregelen toegepast op personen en entiteiten zonder dat daarvoor een passende rechtsgrondslag bestond. Noch de Raad noch de Commissie heeft de bevoegdheid om beperkende maatregelen ten aanzien van niet-overheidsactoren in Zimbabwe te nemen uitsluitend op grond van niet-gestaafde aantijgingen van crimineel wangedrag in Zimbabwe. De niet-gestaafde aantijgingen zouden in veel gevallen feiten betreffen, die hebben plaatsgevonden nog vóór de vorming van de regering van nationale eenheid. De instellingen hebben hun beperkte bevoegdheid in strafzaken overschreden en de betrokken maatregelen zijn ongeschikt en onevenredig ten opzichte van de legitieme doelstellingen van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid.

2)

Verweerders hebben een kennelijke beoordelingsfout gemaakt door te oordelen dat aan de in de bestreden maatregelen genoemde voorwaarden voor opname op de lijst was voldaan, aangezien:

verweerders niet het recht hadden om beperkende maatregelen op verzoekers toe te passen uitsluitend op grond van beweringen dat zij een ZANU-PF lid van de regering van Zimbabwe zijn of een bondgenoot van een dergelijke persoon zijn;

verweerders niet het recht hadden om beperkende maatregelen op verzoekers toe te passen op grond van vage niet-gestaafde aantijgingen van wangedrag dat in het verleden zou hebben plaatsgevonden, in veel gevallen vóór de vorming van de regering van nationale eenheid.

3)

Verweerders hebben geen gepaste en toereikende motivering gegeven voor de toepassing van de bestreden maatregelen op personen en entiteiten.

4)

Verweerders hebben verzoekers’ recht van verdediging en hun recht op een doeltreffende voorziening in rechte niet geëerbiedigd, aangezien:

verweerders geen feiten of bewijzen hebben aangevoerd ter ondersteuning van hun vage aantijgingen van ernstig wangedrag, en

verweerders verzoekers niet de mogelijkheid hebben gegeven om hun mening te kennen te geven over de zaak en de bewijzen tegen hen.

5)

Verweerders hebben, zonder rechtvaardiging en op evenredige wijze, de fundamentele rechten van verzoekers geschonden, daaronder begrepen hun recht op bescherming van hun eigendom, hun onderneming, hun goede naam en hun privé-leven en familie- en gezinsleven.