8.4.2004   

NL

Publicatieblad van de Europese Unie

CE 88/256


(2004/C 88 E/0261)

SCHRIFTELIJKE VRAAG P-0958/04

van Manuel dos Santos (PSE) aan de Commissie

(23 maart 2004)

Betreft:   Overdracht van risico bij het hypothekeren van kredieten door de Portugese regering

De media melden dat, na onderzoek van de overheidsfinanciën door Eurostat, de Commissie het door de Portugese regering voor 2003 voorgestelde begrotingstekort van 2,8 % van het BBP heeft gevalideerd.

Dit percentage gaat echter alleen op indien hierbij rekening wordt gehouden met het resultaat van het hypothekeren van overheidskredieten, vastgesteld in overeenkomst met Citigroup.

Het is niet duidelijk of volgens die overeenkomst bij deze hypothekering het risico van de Staat geheel overgaat op de investeerders. In dat geval relativeert dit het tekort.

Kan de Commissie mij antwoorden op de volgende vragen:

1.

Kan de Commissie bevestigen dat het hypothekeren van de kredieten geen enkel risico inhoudt voor de Portugese Staat en dat alle buitengewone ontvangsten die in 2003 in rekening zijn gebracht effectief zullen worden gerealiseerd?

2.

Is de Commissie op de hoogte van het advies van IDEFE (een orgaan dat verbonden is aan het Hoger Instituut voor Economie en Management), waarin staat dat 19 % van de thans overgedragen kredieten kunnen komen te vervallen?

3.

Is de Commissie geïnformeerd, en zo ja, hoe betrouwbaar is deze informatie, over het bestaan van andere overheidskredieten die eventueel in de plaats kunnen komen van die welke zouden komen te vervallen?

Antwoord van de heer Solbes Mira namens de Commissie

(19 april 2004)

Volgens de gedragscode voor de opstelling en kennisgeving van gegevens in het kader van de procedure bij buitensporige tekorten die de Ecofin-Raad op 18 februari 2003 heeft goedgekeurd, moeten de lidstaten Eurostat raadplegen bij twijfel over de correcte boeking van specifieke of complexe transacties.

Op 6 oktober 2003 vroegen de Portugese autoriteiten Eurostat om advies over de boeking van een mogelijke verkoop van dubieuze belastingvorderingen.

Eurostat vergaderde hierover op 13 oktober 2003 in Luxemburg met een Portugese delegatie.

Op basis van de door Portugal gegeven informatie oordeelde Eurostat op 4 november 2003 dat de verkoop van vorderingen wegens niet-geïnde belastingen en sociale premies om de onderstaande redenen als inkomsten, dat wil zeggen als niet-financiële transactie, kan worden beschouwd:

a)

In de rekeningen van de Portugese overheid worden belastingen en sociale premies geboekt op kasbasis, eventueel met een correctie in de tijd, in overeenstemming met Verordening (EG) nr. 2516/2000 (1). De verkochte belastingvorderingen waren dus nog niet als inkomsten geboekt.

b)

De Portugese overheid gaf de tegenpartij geen uitdrukkelijke of stilzwijgende garantie voor het inningspercentage van de belastingvorderingen of de financieringsbehoeften in verband met de transactie.

c)

Het verschil tussen de initiële betaling en de geschatte marktwaarde bedroeg minder dan 15 %, wat erop wijst dat het risico werkelijk aan de koper is overgedragen. Dit is in overeenstemming met het kaderbesluit van Eurostat van 3 juli 2002 over securisatie.

Op 16 februari 2004 gaf Portugal Eurostat een kopie van het contract en de gerelateerde documenten, waaronder het door het geachte parlementslid genoemde onafhankelijke verslag van IDEFE.

De Commissie weet dat de verkoop betrekking heeft op een aantal vorderingen die worden betwist. Als (en alleen als) een belastingvordering geheel of gedeeltelijk als onbestaand wordt beschouwd, vervangt de Portugese overheid deze door een andere. Dit houdt echter geen garantie voor het geïnde bedrag of de kredietwaardigheid van de belastingbetalers in, maar dient slechts als garantie voor de materiële integriteit van de verkochte portefeuille vorderingen.


(1)  Verordening (EG) nr. 2516/2000 van het Europees Parlement en de Raad van 7 november 2000 tot wijziging van de gemeenschappelijke beginselen van het Europees Systeem van nationale en regionale rekeningen in de Gemeenschap (ESR 95) ten aanzien van belastingen en sociale premies en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 2223/96 van de Raad, PB L 290 van 17.11.2000.